Zaterdag 06/03/2021

Antwerpse chemiebedrijven sluiten ogen voor massaal misbruik Poolse arbeiders

De petrochemische bedrijven aan de Antwerpse Scheldelaan maken massaal gebruik van Poolse arbeidskrachten. Ze huren de werkkrachten in via onderaannemers. De arbeidsinspectie is hiervan op de hoogte, maar kan weinig doen omdat de bedrijven zichzelf achter allerlei juridische constructies verschuilen.

Antwerpen, Scheldelaan, maandagochtend om halfzes. Wie zich ter hoogte van de Kruisschansbrug opstelt, kan de auto's met vreemde nummerborden van ver zien komen aanrijden. Er zitten een paar Franse wagens tussen, maar vooral het aantal Duitse auto's valt op. Ze rijden allemaal richting de terreinen van het petrochemische bedrijf TotalFina. De meesten parkeren hun wagen bij de noordelijkste productievestigingen van het bedrijf. Anderen rijden verder door en volgen de bordjes 'parking shutdown' of 'parking contractors'.

Op de 'parking shutdown' staan twee campers met Duitse nummerborden waarin een viertal mannen de nacht hebben doorgebracht. TotalFina heeft speciaal voor hen een chemisch toilet op het terrein laten plaatsen. Als de parking volstroomt, komen de bewoners van de camper slaperig uit hun overnachtingsplaats gekropen. Ze worden samen met de mannen die uit de auto's stappen opgepikt door busjes. Die brengen hen naar de overkant van de straat en loodsen hen langs een van de officiële ingangen het terrein van TotalFina op. Het is een afstand van nauwelijks honderd meter.

De meeste Duitse auto's zijn van Polen, weet Ivan Grootaers van de algemene centrale Antwerpen Waasland van de socialistische vakbond ABVV. Het gaat om Poolse Duitsers die een dubbele nationaliteit hebben. Ze komen uit Poolse gebieden die aan Duitsland grenzen en pas na de Tweede Wereldoorlog (toen de grens is opgeschoven) Pools grondgebied zijn geworden. De Polen zijn gewilde arbeidskrachten aan de Scheldelaan. Ze werken keihard en maken zonder problemen lange dagen. De petrochemische bedrijven kunnen hen goed gebruiken als een gedeelte van de fabriek voor een revisie wordt stilgelegd. Het werk moet dan snel vooruit gaan, want elk uur dat de productie langer stil ligt, verliest het bedrijf geld. Bij TotalFina hebben ze tijdens zo'n 'shutdown' minstens vierduizend man nodig.

Een ander groot voordeel van de Polen is dat ze vaak een stuk goedkoper zijn dan Belgische werkkrachten. TotalFina en andere collega bedrijven aan de Scheldelaan besteden het onderhoudswerk aan de productie-eenheden vaak uit aan meerdere onderaannemers tegelijk. Die huren voor de opdracht Polen of andere werknemers uit de nieuwe EU-lidstaten in. Officieel moeten zij betaald worden volgens de Belgische loon- en arbeidsvoorwaarden. Maar uit de bedragen die er voor de opdrachten betaald worden, kun je afleiden dat dit zelden gebeurt, zegt Grootaers. "Als iemand voor 15 of 20 euro per uur aan de slag is, weet je dat er iets niet klopt."

"De opdrachtgevers wassen hun handen in onschuld. Ze weten dat het zaakje stinkt, maar verbergen zich achter formaliteiten. Soms sluiten ze zelfs een of meerdere productie-eenheden af van de rest van het bedrijf en creëren daarmee een aparte juridische entiteit, zodat de bedrijven aan de Scheldelaan zeker niet aansprakelijk gesteld kunnen worden. Dit gebeurt niet alleen bij TotalFina, maar komt zonder uitzondering bij alle chemische of petrochemische bedrijven aan de Scheldelaan voor."

Behalve dat de Polen niet volgens de Belgische loon- en arbeidsvoorwaarden betaald worden, dragen ze meestal ook geen sociale premies af in eigen land. Schatten om hoeveel mensen het gaat, is moeilijk volgens Grootaers. Maar volgens de socialistische vakbondsman werken er minstens 10.000 mensen in onderaanneming aan de Scheldelaan. "Ik denk niet dat veel van hen volgens de regels werken."

Het misbruik is een aantal jaar geleden begonnen, weet Grootaers. "Vroeger deden de Belgische onderaannemers het werk. Zij hadden vaak langlopende contracten en waren kind aan huis bij de bedrijven. Op een bepaald moment werden de bedrijven onder druk gezet om meer competitief te worden. Er kwamen nieuwe bedrijfsleiders die wilden scoren en naar manieren gingen zoeken om het werk steeds goedkoper te laten doen. Daar kregen ze ook een flinke bonus voor."

In de bouw is er altijd veel arbeidsmigratie geweest, vult collega Ronny Matthysen, secretaris van ACV bouw en industrie, aan. Maar het laatste half jaar ontwikkelt het fenomeen zich steeds sneller. Het gevolg is niet alleen dat door communicatieproblemen en de hoge werkdruk de veiligheid op het spel komt te staan. Er ontstaat ook een neerwaartse druk op de lonen, weet Matthysen. "Voor de echte vakmensen als de klassieke loodgieter, de schrijnwerker of de dakdekker geldt dit minder. Maar de lagergeschoolden die in de ruwbouw, de steigerbouw of de asbestverwijdering werken, ondervinden wel degelijk concurrentie. De zwaksten op de arbeidsmarkt zijn hier de dupe van. Er zijn nog veel vacatures voor laaggeschoolden, maar die worden steeds vaker opgevuld met werknemers uit de nieuwe lidstaten."

Om de deloyale concurrentie tegen te gaan, hebben de sociale partners een samenwerkingsovereenkomst afgesloten met de federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg. Ook de registratiecommissie Antwerpen probeert het misbruik aan te pakken. Maar al deze initiatieven zijn niet genoeg om de fraude tegen te gaan.

De vakbonden proberen contacten te leggen met de buitenlandse werkkrachten, maar dit is niet makkelijk. Matthysen: "Wat kunnen we voor die werknemers betekenen? De grote meerderheid kiest er zelfstandig voor om lange dagen te werken. Ze zijn hier om in korte tijd zoveel mogelijk geld te verdienen. Alleen als het echt misgaat, zoeken ze contact met ons."

Matthysen is kritisch over de rol van de overheid. "De bezetting bij de inspectiediensten is te laag en de overheid heeft onvoldoende aandacht voor het probleem. Vroeger waren buitenlandse bedrijven verplicht om de sociale documenten van hun werknemers die hier werken, ook in het Nederlands op te stellen. Maar deze regel is onder druk van de confederatie bouw afgeschaft. Op die manier wordt het heel moeilijk om te controleren of de ondernemingen de regels volgen. De overheid heeft de werking van de inspectiediensten gewoon laten uithollen. Ik hoop dat we samen met de confederatie bouw naar de overheid kunnen stappen om nieuwe maatregelen af te spreken."

"We zijn hard bezig om de controlemethodieken te verbeteren en efficiënter samen te werken met de fiscus. Maar eenvoudig is dit niet", zegt Didier Verbeke, coördinator van het federaal coördinatiecomité voor de strijd tegen de illegale arbeid en sociale fraude. "Ook aan de Scheldelaan zijn we actief. Maar soms zijn we al een paar maanden bezig om uit te zoeken welke bedrijven er actief zijn en wie daarvan de verantwoordelijke is. Het controleren of en waar de sociale premies betaald worden, is helemaal onbegonnen werk."

De wettelijke mogelijkheden om dit misbruik aan te pakken zijn beperkt, zegt Verbeke. "De grote bedrijven aan de Scheldelaan weten heel goed dat ze meewerken aan fraude binnen hun bedrijf. Maar ze zijn slim genoeg om zichzelf met juridische constructies af te schermen. Er zou een regeling moeten komen die bepaalt dat opdrachtgevers verantwoordelijk zijn voor de fraude die onderaannemers in hun bedrijf plegen."

Wanneer mag de Poolse arbeider hier werken?

De Polen die in België actief zijn in de bouw kunnen onderverdeeld worden in drie groepen. Een eerste groep werkt hier illegaal en zonder enige vorm van contract of bescherming. Zij zijn vaak actief in de renovatie en afbraak. De laatste vijf jaar is deze groep enorm in aantal toegenomen. Polen zijn in veel gevallen al te duur geworden en hebben concurrentie gekregen van Bulgaren, Roemenen en Litouwers.

Een tweede groep Polen heeft werk gevonden bij een Belgisch bedrijf en werkt hier op legale basis met een arbeidskaart. Eigenlijk is deze groep te verwaarlozen. Vorig jaar zijn er in totaal slechts 43 arbeidskaarten uitgedeeld. De administratieve procedure om zo'n kaart te verkrijgen, is zo traag dat hier zelden gebruik van wordt gemaakt.

De grootste groep Polen heeft een arbeidscontract met een Pools bouwbedrijf en wordt tijdelijk naar België gedetacheerd. Hiervoor moeten ze in het bezit zijn van een E101-formulier, maar dit kan zonder enig probleem van het internet gedownload worden. Officieel gaat het bij detachering om tijdelijke arbeid en mogen ze alleen 'specalistenwerk' doen. In de praktijk zitten de bouwvakkers hier soms jaren en wordt er gewoon een andere naam op het formulier ingevuld of wisselt de arbeider van firma. Ze zouden zich de moeite kunnen besparen, want volgens Ronny Matthysen van het ACV controleert niemand op het ministerie de documenten. De gedetacheerde Polen moeten officieel betaald worden volgens de loon- en arbeidsvoorwaarden van België. Maar omdat de salarissen in Polen worden uitbetaald, is dit moeilijk te controleren. Hetzelfde geldt voor de sociale premies die in Polen afgedragen moeten worden.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234