Dinsdag 07/12/2021

Anti-Amerikaanse as van Castro, Chávez en Morales kan spoedig versterking krijgen uit Peru

De breuk met Washington kan misschien leiden tot de regionale integratie waar het Latijns-Amerika zo pijnlijk aan ontbreekt

Bush kijkt aan tegen 'drie ruiters van de Apocalyps'

De neoliberale schoktherapieën hebben Latijns-Amerika meer kwaad dan goed gedaan. De recepten uit Washington hebben er de jongste jaren voor zoveel ontgoocheling gezorgd dat de kiezers er massaal voor antineoliberale, maar vaak ook populistische kandidaten kiezen. Na Hugo Chávez in Venezuela en Evo Morales in Bolivia zou ook Peru weleens voor een niet-klassieke president kunnen kiezen. 'De vierde ruiter van de Apocalyps' noemt een waarnemer voormalig putschist Ollanta Humala.

Brussel

Eigen berichtgeving

Lode Delputte

De rel die zich vorige week tussen Peru en Venezuela ontspon, laat aan duidelijkheid weinig te wensen over: de regering in Lima, en bij uitbreiding de bijna complete politieke klasse, is als de dood voor de mogelijke verkiezing van de voormalige couppleger Ollanta Humala tot president. Van zijn grote voorbeeld Hugo Chávez, een van vergelijkbaar links-populistisch hout gesneden militair die ooit ook een coup pleegde, kreeg Humala vorige week uitgesproken steun en lof toegezwaaid.

Meer nog, de Peruaan dook zelfs op in Caracas. Er zijn nog enkele maanden te gaan voor de Peruaanse presidentsverkiezingen van april. Maar als hij blijft klimmen in de peilingen, wordt de ultranationalist Ollanta Humala, wiens broer Antauro vorig jaar nog een opstand probeerde te organiseren in Zuid-Peru, mogelijk "de vierde ruiter van de Apocalyps", zoals Omero Ciai van de Italiaanse, linkse krant La Repubblica vorige week schreef. De krant doelde daarmee op de versterking die het anti-imperialistische, en dus anti-Amerikaanse, driemanschap Castro-Chávez-Morales op de westflank zou krijgen als Humala zich bij hen zou voegen.

Wordt zulks het geval, dan 'valt' met Lima het voorlaatste neoliberale, of toch pro-Amerikaanse, bastion in Zuid-Amerika. Alleen Colombia zou dan nog min of meer Washingtongetrouw zijn, maar ook daar vindt later dit jaar een stembusgang plaats en is de herverkiezing van president Alvaro Uribe misschien minder vanzelfsprekend dan ze op dit moment uit de peilingen lijkt.

Ook in het 'Noord-Amerikaanse' Mexico, waar ze straks ook naar de stembus moeten en de woede tomeloos is over Washingtons recente besluit om een heuse anti-immigratiemuur tussen zichzelf en Latijns-Amerika op te trekken, ligt de linkse kandidaat López Obrador tot nader order nog steeds op kop.

Latijns-Amerika kleurt rood. En hoewel zowel de regering-Lula in Brazilië als de regering-Lagos (bijna -Bachelet) in Chili zich uitdrukkelijk distantiëren van de anti-imperialistische retoriek die elders op het continent heerst, en met name bij de drie voornoemde leiders, kunnen ook zij er niet omheen dat de olie-inkomsten het Venezuela van Hugo Chávez, alias 'de Rode Emir', tot een heus regionaal potentaat gemaakt hebben.

Washington staat erbij en kijkt ernaar. Hoewel de chavistische retoriek over een mogelijke aanval door het imperium er bij velen als gesneden koek ingaat, doen de neoconservatieven in het Noorden alsof de evolutie in het zuiden hen geen ene barst kan schelen. Zolang Venezuela de oliekraan naar de VS niet dichtdraait, is er geen vuiltje aan de lucht en kan de democratische regressie waar sommige (maar lang niet alle) waarnemers voor waarschuwen, hun gestolen worden.

Chávez heeft de voorbije jaren veel krasse woorden uitgesproken, maar de voor Washington belangrijke elites in Venezuela heeft hij tot nu toe geen haar gekrenkt (pikant detail overigens: stond Venezuela in 1998 nog op de 46ste plaats op de VN-ontwikkelingsindex, dan stond het in 2005 op de 75ste plaats). Ook bij Evo Morales zal de retoriek geduld worden zolang achter de schermen de Amerikaanse belangen maar intact blijven.

Maar hebben de VS wel nog zoveel belang bij Latijns-Amerika? Het is een andere vraag die steeds vaker opgeld doet. En alweer snoeven de neocons van neen. Wie er sommige meningen op na leest, moet wel denken dat Washington zijn achtertuin niet interessant meer vindt. De regionale economieën groeien wel, maar de Aziatische ondernemingsgeest is ver te zoeken. De economieën doen het niet slecht, maar dan wel vooral omdat de prijzen van de grondstoffen zo hoog liggen. Structureel is er in Latijns-Amerika te weinig veranderd om het subcontinent uit de economische periferie te tillen.

Amerikaanse investeerders, schrijft ook Miami Herald-columnist Andrés Oppenheimer, kijken veel en veel liever naar Oost-Europa en Azië dan naar het gebied tussen Mexico-stad en Buenos Aires. Ze houden meer van regio's die resoluut en complexloos het kapitalisme omarmen dan van landen waar in hun ogen negentiende-eeuwse ideologieën de dienst blijven uitmaken.

Zelf kijken de Latijns-Amerikanen dan weer steeds gretiger naar China, een land dat overigens niet voortdurend zedenpreken afsteekt over democratie. De Chinezen geven met name Fidel Castro voldoende economische ademruimte om zich weinig of niets meer van Amerikaanse of Europese druk aan te hoeven trekken (terzijde: dit terwijl ondanks het economische embargo de VS de grootste voedselimporteur zijn op Cuba, en Washington en Havana ver van de politieke retoriek op tal van vlakken best ernstig met elkaar blijken te kunnen samenwerken).

Maar het Latijns-Amerikaanse verhaal van de jongste jaren kan ook op een positievere wijze gelezen worden: de breuk met Washington is ook de breuk met een cyclus die het continent in zijn hart heeft doen bloeden: die van de brutale, vaak meedogenloze overheersing door heren als Nixon, Kissinger en Reagan. De breuk ook met een cyclus van onophoudelijke neoliberale hakbijloperaties die aan het lot van honderden miljoenen armen geen jota hebben veranderd. De breuk met een jarenlang beleid van niets uithalende beloftes, dus.

Misschien laat Latijns-Amerika's massale njet Washington inderdaad koud. Maar juist daarom zou Latijns-Amerika van de situatie kunnen profiteren door eindelijk eens werk te maken van een regionale integratie die naam waardig - een optie die zowel Chávez als de Mercosur-landen in het zuiden na aan het hart ligt.

Wie er de begrotingsdebatten van de jongste jaren in het Amerikaanse Congres op napluist, moet wel vaststellen dat de VS vooral één vitaal belang hebben in Zuid-Amerika: de strijd tegen de drugs.

Het eerste onderhoud tussen de VS-ambassadeur in Bolivia en de zich immer in jeans en jekker vertonende Evo Morales ging dan ook minder over nationaliseringen en ongeruste investeerders dan over dat ene pijnpunt: de strijd tegen drugs en de transnationale misdaad die daar groot mee wordt. Als Zuid-Amerika nog iets losmaakt bij de 'Kolos van het Noorden', dan wel met de cocateelt, waarvan de opbrengst godbetert weleens in handen van terroristen zou kunnen belanden. Al de rest zijn words, words and words, zo lijkt het.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234