Woensdag 28/07/2021

ANAÏS VAN ERTVELDE

"Een wagen is een vrouw haar vrijheid." Dat zegt mijn moeder me vaak. Ze vindt het niet kunnen dat ik mezelf feminist noem en me verplaats met afgeschafte treinen, dankzij bevriende chauffeurs, en met blabla-cars die verdachte tussenstops maken ter hoogte van Rotterdam. Afhankelijk van anderen, van het systeem. "Je moet op elk moment je boeltje kunnen pakken, in een tweedehandse bak springen en wegrijden." Van een man, bedoelt ze, denk ik.

Ze herinnert me graag aan oudtante Berry. Die zoefde al rond in een witte Lancia met beige lederen zetels lang voor dat bon ton was voor vrouwen. "Ze reed nogal sportief, maar ze raakte tenminste overal waar ze wilde."

Het is vast een vrouwenrechtengeneratiekloof. Mijn moeder zag haar moeder een territorium navigeren dat reikte van de koelkast tot de kruidenier. Wilde ze verder weg, dan had ze toestemming nodig. En die kreeg ze zelden. Ik zag mijn moeder zich in een grijze Opel Corsa van stad naar stad haasten, uren in de file staan, steevast door oranje lichten rijdend om de kinderen op school te krijgen én de middagrepetitie te halen.

Het is ook meer dan een generationele verschuiving. Er zit een voorlopig rijbewijs in mijn portefeuille, al een jaar of twee. Die paarse plastic kaart verliest daar langzaam alle waarde. Binnenkort vervalt ze en word ik administratief gestraft. Het is niet dat ik geen geld opzij had gezet voor rijlessen, het is dat iemand met één hand daar een aangepaste wagen voor nodig heeft.

Wie zo'n wagen niet kan kopen, moet er eentje bij de overheid aanvragen. En dat gaat gepaard met een bureaucratisch kluwen: medische keuringen om vast te stellen dat je nog steeds dezelfde handicap hebt waarvoor je eerder al medische keuringen onderging bij iedere betrokken overheidsdienst. Oogtests omdat je lenzen draagt. Wachtlijsten van maanden. Afspraken op autokeuringsterreinen waar je niet met het openbaar vervoer geraakt. Een proces van bijna een jaar.

Tegen dat ik het telefoontje krijg dat ik een auto mag, hebben de vrienden met wie ik samen voor het theoretische examen blokte allang een rijbewijs. En dat telefoontje geeft weinig hoop. Twee weken, zo lang kan ik een auto krijgen. Om te oefenen én om examen af te leggen. En het zullen de laatste twee weken van oktober zijn of ik verdwijn weer op de wachtlijst. Een onmogelijk druk moment op mijn werk, wanneer elke avond tot laat overuren geklopt worden.

Of het niet zinloos is dat je maar twee weken krijgt om te leren rijden? "Ja, kijk mevrouw, we hebben maar een paar auto's en die moeten voor iedereen aangepast worden, ook voor dwergen en zo." Of het echt niet op een ander moment kan? "Daar houden wij geen rekening mee, mevrouw, de meeste gehandicapten zitten toch thuis."

Tegen een dame wier job het is om gewoon de telefoon op te nemen, probeer ik de onrechtvaardigheid van de situatie uit te leggen: met de gelijke kansen van het VN-verdrag, met de aanbeveling van de commissie diversiteit van de SERV die juist de slechte mobiliteitsondersteuning aanwijst als een van de belangrijke redenen voor de hoge werkloosheidscijfers onder personen met een beperking.

Wanneer ik m'n gsm opleg, moet ik tranen van onmacht inslikken. Zo afhankelijk van anderen, van het systeem wil ik me niet voelen. Ik heb de luxe om te denken: dan maar met de trein.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234