Maandag 23/09/2019

'Amerika is een zwakke kolos'

de britse historicus Niall Ferguson pleit voor een amerikaans imperium

Niall Ferguson behoort tot het keurkorps van de Bekende Historici die hun wetenschappelijke bagage zo goed weten te verpakken dat hun tv- reeksen hoge kijkcijfers halen. Ferguson veroverde die status met zijn even succesvolle als omstreden reeks over het Britse rijk, waar tijdens het bewind van koningin Victoria de zon nooit onderging. En hij gaat door op zijn elan, want nu volgt alweer een analyse van een wereldrijk. Het Amerikaanse deze keer, waarvan de intussen naar Harvard University verkaste historicus een wel heel enthousiast pleitbezorger is. Door Hans Muys

Niall Ferguson

Colossus, opkomst en ondergang van het Amerikaanse rijk

Oorspronkelijke titel: The Price of America's Empire

Vertaald door Frans Reusink

Contact, Amsterdam, 382 p., 29,90 euro.

In uw laatste boeken, The Cash Nexus, Empire en nu Colossus spelen imperiums een hoofdrol. Voor iemand die geboren is in de jaren zestig, toen het anti-imperialisme op straat werd uitgeschreeuwd, een verrassende keuze. Vanwaar die imperiale passie?

"Ik ben van oorsprong gespecialiseerd in financiële en Europese geschiedenis, maar toen ik mijn boeken over de Rothschilds en over de Eerste Wereldoorlog schreef, begon ik te ontdekken dat wereldrijken als instellingen in de geschiedschrijving niet naar behoren werden behandeld, mede door de negatieve bijsmaak die het woord Empire in de jaren zestig aan de meeste universiteiten kreeg. 'Racistisch' en 'repressief', waren woorden die toen automatisch aan het begrip imperium werden gekoppeld. Maar ik kwam geleidelijk aan tot de conclusie dat imperiums, geschiedkundig gezien, interessanter waren dan natiestaten. Sterker nog, de zogenaamde natiestaten die centraal stonden in de Europese geschiedschrijving, Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland, waren natuurlijk zelf imperiums. En toen ik in de The Cash Nexus over economische globalisering schreef, ontdekte ik ook dat niemand doorhad dat de eerste globaliseringsstroming, in de zeventiende, achttiende en negentiende eeuw, het werk was van wereldrijken omdat die de markten integreerden. Je kunt geen economische globalisering tot stand brengen zonder politieke globalisering en zo kwam ik ook langs economische weg terecht bij het belang van wereldrijken. Voor mij speelden die een cruciale rol in de West-Europese geschiedenis, al waren de meeste historici dat vergeten."

In uw boek geeft u heel wat definities van het begrip 'imperium'. Kies er zelf eens een uit.

"Een imperium exporteert zijn beschaving, zijn cultuur, zijn mensen en zijn politieke instellingen om andere volken te overheersen en doet dat meestal met militaire middelen. Elk imperium is anders, maar het gaat altijd om het uitoefenen en uitdragen van macht."

U pleit in uw boek voor wat u een 'liberaal imperium' noemt. Wat verstaat u daar precies onder?

"Ik weet dat dit in de ogen van veel mensen een paradoxale term is, maar honderd jaar geleden was het in Groot-Brittannië een algemeen aanvaard begrip. Liberaal imperialisme ging ervan uit dat Britse instellingen zoals vrijhandel, wetgeving en een politiek systeem dat steunt op vertegenwoordiging van het volk goed zijn en dat die dus moesten worden opgelegd aan zoveel mogelijk andere landen, uit eigenbelang maar ook om altruïstische redenen."

U schrijft dat er sinds het begin van de geschiedenis zo'n 70 imperiums zijn geweest, waaronder ook het Belgische. Mag ik ervan uitgaan dat u dat Belgische rijk niet rangschikt in de categorie 'liberale imperiums'?

"Nee! Integendeel zelfs, je zou kunnen zeggen dat dit een voorbeeld is van het slechte imperialisme dat natuurlijk ook wel degelijk heeft bestaan. Wat er gebeurde in Belgisch Congo, die slavenplantage van de koning, was in veel opzichten het ergste voorbeeld daarvan. Voor alle duidelijkheid: ik zeg niet dat liberale imperiums perfect zijn, verre van, maar er zitten veel positieve ideeën achter waar de beleidvoerders echt in geloofden. Dat kun je over Congo moeilijk zeggen."

De twee liberale wereldrijken die in uw laatste twee boeken onder de loep worden genomen zijn allebei Angelsaksisch. Wat zijn de verschillen tussen het Britse wereldrijk en het Amerikaanse?

"Het liberale imperialisme was een Britse uitvinding, die in grote trekken door de Amerikanen is overgenomen. Want als zij praten over de wereld democratiseren of het 'bevrijden' in plaats van het 'veroveren' van landen, dan spreken ze de taal van het Britse imperium. En dat gaat ook op wanneer de Amerikanen het hebben over vrijhandel. Maar er is een groot verschil: de Amerikanen hebben voor hun imperiale interventies veel minder tijd over dan de Britten in de negentiende eeuw. Een Britse bezetting duurde tientallen jaren, de Amerikanen vinden een jaar al lang voor een aanwezigheid in het buitenland. Een tweede verschil is dat het Amerikaanse wereldrijk er niet naar streeft om gebieden te koloniseren, er is niet bepaald een toeloop van Amerikanen die zich in Irak willen vestigen, of in Afghanistan. En dan is er nog het feit dat Groot-Brittannië op het hoogtepunt van zijn imperiale macht de bankier van de wereld was, terwijl het hedendaagse Amerika bij de rest van de wereld in het rood staat. Dat zijn grote verschillen, ook al is het Amerikaanse imperium in opzet en qua taalgebruik duidelijk een afstammeling van het Britse liberale imperium. En volgens mij maken die verschillen het Amerikaanse imperium minder doeltreffend dan het Britse."

Maar de ene generatie Amerikaanse leiders na de andere ontkent met klem dat Amerika een wereldrijk is. Ook George Bush en Donald Rumsfeld zeggen steeds weer dat hun land geen imperium is. Zelfs na 11/9.

"De Verenigde Staten zijn een product van 'binnenlandse' kolonisatie, het land is uitgegroeid tot een continentaal imperium. En over de rol die de VS mondiaal gezien spelen hoeven we ook niet veel uitleg te geven. Maar inderdaad, ze doen daar nogal gegeneerd over. Volgens mij begonnen die twijfels na de faliekant mislukte annexatie van de Filippijnen, een episode die een anti-imperialistische reactie uitlokte. Het politieke antwoord was heel origineel: de macht van Amerika was anders, Amerikaanse interventies waren nooit imperialistisch omdat ze alleen goede bedoelingen hadden. Dat gevoel van 'dit kan geen imperialisme zijn, simpelweg omdat we Amerikanen zijn' is vandaag de dag nog lang niet verdwenen. Neem Afghanistan en Irak, twee klassieke voorbeelden van koloniale grenslanden die nu door de Amerikanen zijn bezet. Maar omdat Washington zegt daar niet te zullen blijven, is dat voor veel Amerikanen geen voorbeeld van imperialisme."

Dat ruikt heel sterk naar hypocrisie?

"In alle imperialistische experimenten zit een sterke dosis hypocrisie, al was het maar omdat het 'opleggen van democratie' op zichzelf nogal tegenstrijdig is. Maar in dit hele debat overheerst dat Amerikaanse 'exceptionalisme', de diepgewortelde overtuiging dat de Verenigde Staten nu eenmaal anders zijn dan andere landen. Ten onrechte, want als je de Amerikaanse ervaring vergelijkt met die van wereldrijken zoals het Britse of het Franse, zijn de overeenkomsten maar al te duidelijk."

U zelf toont heel wat minder schroom als u het over imperialisme hebt, want u schrijft dat het 'voor sommige landen beter is om tien jaar of langer onder imperialistisch bestuur te staan'. Dat is een straffe uitspraak.

"Heel veel mensen hebben een bijna instinctieve overtuiging dat onderdrukking altijd groter is binnen een imperiale structuur dan in een onafhankelijke staat. Maar dat is bij mijn weten nog nooit degelijk onderzocht. Wat ik in Colossus probeer te zeggen is: ga er niet zonder meer vanuit dat staten met onafhankelijke eigen regeringen noodzakelijkerwijs het beste voor hebben met hun bevolking. Kijk maar wat er sinds de jaren zestig in zwart Afrika is gebeurd. Een inwoner van Sierra Leone is er momenteel veel slechter aan toe dan 50 jaar geleden wat zijn levensstandaard betreft. Nu de wereldgemeenschap de juridische basis voor humanitaire interventie heeft gelegd, is de vraag hoe die kan worden toegepast. Want er zijn volgens mij inderdaad landen die nu zo slecht worden bestuurd, dat ze beter onder gezag van buitenaf zouden worden gebracht. De opvatting dat soevereiniteit en niet-inmenging onaantastbaar zijn, is niet langer te handhaven."

Maar wie beslist of een land tegen zijn eigen leiders in bescherming moet worden genomen? Kan één land, hoe kolossaal en supermachtig ook, dat recht opeisen?

"Ideaal gesproken zouden de wil van de internationale gemeenschap en de militaire macht van de VN hand in hand moeten gaan. Maar in de praktijk functioneert de VN niet goed. Denk maar aan wat er in de jaren negentig in ex-Joegoslavië is gebeurd. Of kijk naar Soedan, ook daar bewijst de Verenigde Naties niet de instelling te zijn die soortgelijke drama's kan aanpakken."

Net zomin als Europa.

"Ik ben inderdaad sceptisch over wat de Europese Unie kan doen buiten de eigen grenzen. Helaas. Maar als de Europeanen echt een internationale politieke rol willen spelen, moeten ze militair sterker worden. Ze kunnen niet blijven klagen over de Amerikanen en ondertussen wel gebruikmaken van de Amerikaanse globale hegemonie."

De VN kan de wereld niet beter maken. De Europeanen kunnen dat ook niet. Dus is er slechts één optie over: de Colossus moet het doen.

"Dat is inderdaad de zorgwekkende conclusie van mijn boek. Ik kan alleen maar concluderen dat er slechts één imperiale macht is die daartoe in staat is. Maar als je goed kijkt, is Amerika ook maar een zwakke kolos en dat vind ik verontrustend."

Waarom zwak?

"Volgens mij heeft Amerika als imperiale macht drie zwakke plekken. In de eerste plaats is er een tekort aan mankracht. Het Amerikaanse leger is te klein voor zijn taak en het aantal Amerikanen dat bereid is om in het buitenland te dienen eveneens, zie Irak en Afghanistan. En je kunt moeilijk een imperium in stand te houden als je daar geen mensen naartoe kunt sturen. Het tweede zwakke punt is het economische deficit. Ik zei daarstraks al dat Amerika diep in de schulden zit. Niet zozeer als gevolg van de militaire uitgaven, of de prijs van de oorlog in Irak, want dat kan het land best dragen. Het probleem ligt in eigen land, in het prijskaartje van de gezondheidszorg en sociale zekerheid, daar ligt de economische 'overspanning'."

Dat klinkt ons Europeanen nogal vreemd in de oren, want in vergelijking met West- Europa weten de Amerikanen niet eens wat een verzorgingsstaat is.

"Juist, maar het probleem is dat het bestaande Amerikaanse sociale systeem zowel peperduur als kwalitatief slecht is. Het is onbetaalbaar geworden en zal binnen een jaar of zeven een reusachtige fiscale crisis veroorzaken als er niet wordt ingegrepen. Want als het begrotingstekort nog verder uit de hand loopt en groeit tot 8 procent van het BNP, dan wordt er meteen gesnoeid op defensie en zonder militair apparaat is er geen wereldrijk."

Minder tastbaar is uw derde zwakte: het ongeduld van de Amerikanen.

"De Amerikanen zijn ongeduldig. Sinds 9/11 hebben zij eindelijk de moed gevonden om in te grijpen, maar ze missen nog altijd volharding. Ze willen van hun leiders horen dat ze bij een interventie na een jaar of twee weer naar huis kunnen. En zo werkt een imperium niet."

Maar dat ongeduld is toch onvermijdelijk in een samenleving waar de mensen alles niet vandaag maar gisteren willen en alles zeer snel beu worden.

"Je hebt gelijk. Het is niet zo moeilijk om een oplossing te bedenken voor het mankrachtprobleem waarover we het hadden of, als de politieke wil er is, voor het fiscale deficit. Maar wat je moet doen aan dit 'psychologische deficit', dat kan ik ook niet zeggen. Want hoe vertel je aan de Amerikanen dat ze eigenlijk over twintig jaar nog altijd in Bagdad moeten zitten, als ze Irak echt een nieuwe kans willen geven?"

Die drie breekpunten vormen een, vanuit uw optiek, sombere conclusie, juist omdat u schrijft dat de behoefte aan een liberaal imperium in de eenentwintigste eeuw groter is dan ooit. Welke gevaren lopen wij als uw prognose uitkomt en de Amerikanen de rol die u hen wilt laten spelen niet aankunnen?

"Ik ben maar een historicus, dus ik word niet verondersteld iets af te weten van de toekomst, alleen van het verleden. Maar in dat verleden werd een ingestort imperium bijna altijd opgevolgd door een ander, en ik zie momenteel geen ander land dat in de nabije toekomst zo'n rol aankan."

Ook China niet?

"Nee, ik denk dat China op weg is naar een financiële crisis en daar politiek weleens gevaarlijk op kan gaan reageren, bijvoorbeeld door een crisis uit te lokken over Taiwan. En dat is slechts een van de doemscenario's die waarschijnlijker worden naarmate Amerika weigert een liberaal imperium te leiden. We hebben de keus tussen de Amerikaanse macht en een gevaarlijk machtsvacuüm, en dat wordt in Europa niet altijd beseft."

Uw pleidooi voor een Amerikaans wereldrijk heeft van u een held gemaakt voor Amerika's neoconservatieven. U prees de bereidheid van George W. Bush om in Afghanistan een regimewissel door te drukken. Dan weten we wel voor wie u duimt bij de komende presidentsverkiezingen, zou je zo denken. Niet dus, want in een geruchtmakend artikel dat onlangs in The Wall Street Journal verscheen, hoopt u openlijk op een Kerry-victorie. Wat is hier aan de hand?

"Ik heb inderdaad een stuk geschreven waarin ik de Amerikanen waarschuw voor de gevaren van een tweede ambtstermijn van de huidige conservatieve leider. Maar dat mag niet worden beschouwd als een enthousiaste steunverklaring voor Kerry, want wie is er nu echt enthousiast over Kerry? Het ging mij erom dat de herverkiezing van Bush op middellange termijn juist conservatief Amerika schade zou berokkenen en de Democraten in de kaart zou spelen. Ik lanceerde eigenlijk een wat ondeugende waarschuwing: nog eens vier jaar Bush kan de populariteit van het conservatieve gedachtegoed voor vele jaren schaden en kan zo de aanzet vormen tot vele jaren Democratisch bestuur. Want er is veel mis met deze president, vooral met zijn fiscale beleid. En begrotingstekorten zijn wel degelijk belangrijk, wat deze regering daar ook over zegt."

Hans Muys

'Groot-Brittannië was op het hoogtepunt van zijn imperiale macht de bankier van de wereld, terwijl het hedendaagse Amerika bij de rest van de wereld in het rood staat''Ik denk dat China op weg is naar een financiële crisis en daar politiek weleens gevaarlijk op kan reageren. We hebben de keus tussen de Amerikaanse macht en een gevaarlijk machtsvacuüm'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234