Zaterdag 18/01/2020

amateurkringen krijgen professionele ondersteuning om kwaliteit op te trekken

'Als we niet verder willen vergrijzen, moet je jongeren niet het gevoel geven dat je ze betutteld'

Liefhebbers zijn niet meer bang van de profs

De tijd dat het amateurtoneel wat in parochiezalen aanklungelde, ligt ver achter ons. Steeds meer is de norm de kwaliteit eigen aan de buren in het beroepstheater. Directeur Bernard Soenens van vzw Opendoek, die de liefhebbers op de planken ondersteunt, legt uit hoe zijn officiële instantie die ambitie dit seizoen wil realiseren.

Antwerpen

Van onze medewerker

Jan de Smet

Opendoek telde in maart 790 van dit aangesloten toneelverenigingen en goed 25.000 leden, 10 procent meer dan het jaar voordien. De meeste kringen spelen teksttheater, een kleine minderheid houdt het bij figuren- en bewegingstheater. Komedies zijn het meest in trek. Alles bij elkaar is de amateursector goed voor 1.128 producties. Ruim 400.000 toeschouwers bekijken jaarlijks de 3.800 voorstellingen.

There's safety in numbers, als dat ook maar een beetje waar is, zit het amateurtoneel in elk geval gebeiteld. Maar omdat niets zo snel tot verstarring aanzet als zelfgenoegzaamheid, houdt de sector de vinger aan de pols. Er wordt niet alleen aan de kwantitatieve uitbouw van het amateurtheater gewerkt, ook de kwaliteit is voorwerp van niet-aflatende zorg.

Lange tijd was het water tussen amateurs en professionelen heel erg diep. Het lag grotendeels aan het amateurtoneel zelf dat het zo lang geduurd heeft voor die professionele ondersteuning een feit was, zegt Soenens: "Naast de vele vrijwilligers heeft Opendoek tien vaste medewerkers, al bij al weinig om een werking over heel Vlaanderen uit te bouwen, zeker als je het vergelijkt met andere grote sociaal-culturele organisaties zoals het Davidsfonds, KWB, Vooruitziende Vrouwen.. De omkadering met beroepskrachten ligt daar zeven- à achtmaal hoger. Als er decreten opgesteld werden, hebben zij daar altijd sterk de nadruk op gelegd.

"Bij ons is het een beetje de schuld van de sector zelf dat zo'n professionalisering er in mindere mate gekomen is. De schrik dat die beroepsmensen van de amateurs vreemden in eigen huis zou maken, zat er lange tijd te diep in. Men dacht daarbij te veel aan professionele spelers en regisseurs, terwijl er ook veel ander werk moet gebeuren. In het vorige decreet stond zelfs een plafond: maximaal drie personeelsleden. Ik herinner me dat het Nationaal Vlaams Kristelijk Toneelverbond (NVKT) voor een vacature van directeur een diploma humaniora vroeg, uit schrik dat een universitair zou solliciteren."

In beide velden heerst momenteel grote spanning. Met het einde van de huidige subsidieronde nadert ook voor de amateurs het uur van de waarheid. Over zes maanden is bekend hoeveel er in de enveloppe steekt waarmee men de volgende vijf jaar moet doorkomen. Behalve de vele honderden producties die talloze kringen overal te lande brengen, zijn er een aantal projecten opgestart die hoe dan ook een vervolg krijgen.

De achterliggende gedachte is daarbij vaak de barrière met het professionele theater te doorbreken. Niet langer ligt de focus op de knowhow overnemen van die ene professionele begeleider die een groep eenmalig assisteert. Als in september 2005 naast de Warande in Turnhout een tweede plateau opengaat, zal het product van zo'n verregaande samenwerking te zien zijn. Een professioneel regisseur, Marnix Verduyn, zal er met een tiental amateurgroepen uit de regio, studenten en afgestudeerden van het Rits en professionele spelers de megaproductie Festen opvoeren.

Wie geregeld een voorstelling meepikt, weet dat het professionele theater de zuiverheid van de moerstaal uit zijn geloofsbrieven heeft geschrapt. Meestal zijn het acteurs van de oude school die nog als taalmodel kunnen doorgaan. Bij de jonge garde is steeds vaker verkavelingsvlaams of soapspeak te horen. Al speelt meer dan de helft van de amateurgezelschappen in het dialect, toch heeft een deel van hen tot op heden een punt gemaakt van een correcte uitspraak van het algemeen Nederlands. Wie op het Landjuweel dialect over de tong liet rollen, kon het wel schudden. Wijst een nieuw initiatief, waarbij dialectisch taalgebruik niet a priori in een negatief daglicht gesteld wordt, erop dat ook de amateurs zich op dat punt in de toekomst minder principieel zullen opstellen? Met Arne Sierens, schrijver bij uitstek van volks geïnspireerde stukken, wordt een samenwerking rond taal en dialect op de scène opgezet.

Die masterclass moet uitmonden in zelfstandige amateurproducties. De banden met de Vlaamse auteurswereld worden ook nog nauwer aangehaald in het afstudeerproject van de driejarige cursus regie. In samenwerking met de Vereniging van Vlaamse Toneel- en Scenarioschrijvers hebben twintig Vlaamse auteurs teksten afgeleverd in uiteenlopende genres als commedia dell' arte, absurd theater... In mei is er een toonmoment met al die voorstellingen.

Het amateurcircuit onderkent dat een van zijn zwakke punten de vormgeving is. Soenens: "In het beste geval wordt aan tekstanalyse gedaan, maar voor de rest valt men meestal terug op een zeer traditionele aankleding. Om dat te doorbreken loopt een sensibiliseringsproject met cursussen die tonen hoe je kostumering kunt integreren in een heel regieconcept. We werken samen met drie naaiateliers uit Brussel, Antwerpen en Menen die sociale tewerkstellingsprojecten doen. Zo'n naaiatelier wordt dan bijgestaan door een professioneel kostuumontwerpster die de link legt met de specifieke eisen voor theater."

Wat het sociaal-artistieke luik betreft, is er opvolging voorzien van biculturele initiatieven als de Turks-Vlaamse coproductie die op het wereldfestival in Cuba stond en het Vlaams-Marokkaanse Le voyage au bout du rêve, dat te zien was op Spots op West in Westouter-Watou. Er zal nagegaan worden of de opgeleverde methodiek bruikbaar is voor complexere multicultele samenwerkingen, wanneer er geen gemeenschappelijke taal meer is. Er zijn nu al contacten met Estland en El Salvador.

Onder de sociaal-artistieke noemer valt eveneens het Leuvense project met time-outjongeren, jongeren die schoolplichtig zijn maar niet meer naar school willen. Ze zullen gecoacht worden door Rits-docent Hein Mortier om samen met leeftijdgenoten die wel in het reguliere schoolcircuit zitten, een productie op te zetten. Die promotievoorstellingen zijn speciaal bestemd voor scholen en zullen in de vijf provincies toeren.

Het amateurtheater is wat vergrijsd. Gespreid over 365 groepen telt Opendoek slechts 3.419 jongeren (tot 18 jaar) onder zijn leden. Soenens: "Heel vaak stoelt de werkwijze op een sterk hiërarchische verhouding tussen acteurs en een alwetende regisseur. Dat is niet het soort cultuur waarin jongeren zomaar willen in meestappen. Ook leeft bij hen veel meer de behoefte om multidisciplinair te werken. Als je hen voor amateurtheater wilt warmmaken, moet je niet met puur teksttheater afkomen. In Self Made wordt in samenwerking met vzw Kalos op zoek gegaan naar een methodiek die vertrekt vanuit de zelfwerkzaamheid van jongeren, die met een coach een eigen productie maken zonder dat ze het gevoel hebben betutteld te worden."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234