Donderdag 26/05/2022

altijd een uitwedstrijd

Jean-Marc Guillou, algemeen directeur: 'Ik probeer goed op te schieten met de mensen met wie ik moet werken. Meer niet. Een mens moet zijn beperkingen aanvaarden. Er zijn duizenden vrouwen met wie ik wel eens naar bed zou willen gaan. Maar ik ben al blij wanneer ik nu en dan eens bij ��n vrouw mag blijven slapen'

Veertien Ivoriaanse voetballers in het land van het Vlaams Blok

Het Vlaams Blok behaalde er vorig jaar een vierde van de stemmen. Dat belette ze in Beveren niet om afgelopen zondag na de bekerfinale massaal af te zakken naar de Grote Markt om er hun Ivoriaanse helden te vieren. Maken de 'tien kleine negerkes' op 13 juni het verschil?

Lode Desmet / Foto's Stephan Vanfleteren

Zondag 9 mei. Arme mensen in de streek van Beveren kwamen in het begin van de vorige eeuw aan de kost door kikkers of puiten te vangen langs een van de vele waterkanten. Ze sloegen de diertjes met een lange wilgentak dood en kookten soep van hun achterpoten. In de Middeleeuwen hadden kasteelheren 'puitenslagers' in dienst om de slotgracht te vrijwaren van hinderlijk gekwaak. Beveren is inmiddels een gegoede gemeente geworden. Maar ieder jaar nog trekt een reus die Sefke de Puitenslager wordt genoemd er door de straten om voor vertier te zorgen. Door de wijk rond het gemeentelijke voetbalstadion van Beveren marcheert een folkloristische stoet van tachtig reuzen. Langs het parcours zitten grootouders, kinderen en kleinkinderen samen op de stoep te gapen. Een paar verlaten oude mensen staan alleen in hun deurgat. Tussen twee huizen in staat een bord met affiches voor de Europese en Vlaamse parlementsverkiezingen. Het Vlaams Blok is als eerste partij begonnen met plakken.

Halverwege passeert de parade het gemeentelijke voetbalstadion. De poorten zijn dicht. De organisatoren van de optocht hadden enkele spelers uitgenodigd van het team dat binnenkort de Belgische bekerfinale speelt, maar geen van de veertien Ivoriaanse vedetten is komen opdagen. Op twee donkere meisjes in een fanfare en een volksdansgroep na - en twee Afrikaanse peuters tussen het publiek - ziet het centrum van Beveren er unisono blank uit. De honneurs voor KSK Beveren worden waargenomen door een boerin in een geel-blauw voetbalshirt die op een vijfenveertig jaar oude tractor een kar met parafernalia van de club voorttrekt. Supporters met dikke buiken staan op de boerenkar bier te drinken, omringd door foto's uit de tijd dat de club met allemaal plaatselijke jongens kampioen speelde. Slechts één poster op de kar verwijst naar de ploeg van nu. 'Lang leve onze tien kleine negerkes', staat er in hanenpoten op geschreven.

Een week later, op zaterdag 15 mei, speelt KSK Beveren zijn laatste competitiewedstrijd van het seizoen tegen de buren van Antwerp FC. Als Antwerp verliest, degradeert het naar tweede klasse. Het leedvermaak bij de 'boeren' van Beveren is intens. Maar de Ivorianen schudden bezorgd hun benen. Ze willen zo kort bij de bekerfinale niet gekwetst raken. De kleine, technisch verfijnde voetballers hebben dit seizoen al hun deel van de schoppen gekregen, vertelt coach Herman Helleputte. "Onze tegenstanders weten hoe bedreven mijn spelers zijn en willen zich niet belachelijk laten maken. Dus gaan ze er van in het begin van de wedstrijd fysiek fors tegenaan. De scheidsrechters zouden onze spelers in bescherming moeten nemen, maar een aantal van hen vindt het blijkbaar niet zo erg als Afrikanen hard worden aangepakt."

Toch is middenvelder Marco Né (20), de rankste van de veertien Ivorianen in de huidige spelerskern van Beveren, blij dat hij hier voetbalt. "Ik was tien jaar toen mijn vrienden in Abidjan me kwamen zeggen dat er een grote, blanke man in de wijk rondliep die op zoek was naar voetballers om mee te nemen naar Europa. Zijn naam was Jean-Marc Guillou en hij organiseerde wedstrijdjes om te zien hoe goed we waren. Ik speelde in die tijd veel van die petits matches, soms twee of drie per dag. In Abidjan was er iedere dag wel ergens een toernooi waar ik samen met mijn broer Arsène naartoe trok. We speelden voor premies van minder dan een halve euro. Mijn vader was werkloos en mijn moeder moest het huishouden draaiende houden met haar winkeltje. Met onze premies vermeden we dat we bij haar moesten gaan zeuren om zakgeld dat ze ons toch niet kon geven. Ik was timide en durfde eerst niet aan de wedstrijdjes van die blanke man deel te nemen. Uiteindelijk deed ik het toch en werd ik samen met zeven andere jongens uitgekozen om les te gaan volgen op zijn voetbalacademie. Er waren meer dan duizend kandidaten."

Marco lacht onzeker en bekent dat het verhaal hem nog altijd een beetje ontroert. "Achteraf bekeken ben ik wel trots. Op het moment zelf besefte ik niet goed wat er met mij gebeurde. Ik droomde van Ruud Gullit, van Marco van Basten en van AC Milaan. Vanaf het begin kregen we van Guillou een klein salaris. Dat betekende voor mijn ouders zeer veel. Straks wil mijn broer Arsène een huis voor hen kopen."

Marco Né verbleef acht jaar op de voetbalacademie. Twee seizoenen geleden werd hij door Guillou naar Beveren gebracht. Hij is pas twintig en fragiel. De voetballers van Antwerp waar hij tegenover staat, zijn soms dubbel zo breed. Maar Né is slim, kijkt goed om zich heen en zet op het middenveld van KSK Beveren mee de lijnen uit. Antwerp krijgt het naarmate de wedstrijd vordert steeds moeilijker met de vinnige Ivorianen. Uiteindelijk wordt de uitslag 5-2 voor Beveren. Het laatste kwartier is een veldslag. Gefrustreerde Antwerp-spelers maken geen onderscheid meer tussen de bal en de benen van hun tegenstrevers.

Coach Helleputte van Beveren scheldt de scheidsrechter van dienst nog eens de huid vol. "Het zijn maar Afrikanen zeker?" Iedereen komt evenwel ongedeerd uit de strijd, niemand zal de bekerfinale van volgende week moeten missen.

De Beverse schepen van Sport Marc Van de Vijver loopt tevreden glimlachend naar de receptie. De voormalige varkenskweker weet wat het is om de underdog te zijn. Hij vraagt ons op de man af: "Hebben ze u al verteld dat ik slechts een diploma van het lager middelbaar onderwijs heb?". Het weerhoudt hem niet van de ambitie om binnen een paar jaar burgemeester van zijn gemeente te worden.

Marc Van de Vijver: "KSK Beveren stond op het punt te worden opgedoekt toen de Fransman Jean-Marc Guillou kwam aankloppen. Samen met de Engelse voetbalclub Arsenal was hij bereid de schulden te vereffenen. In ruil moest Guillou voor vijf jaar de controle over de club krijgen. Natuurlijk deed Guillou dat niet voor onze schone ogen alleen. Hij kocht zichzelf een vitrine om de zwartjes van zijn voetbalacademie in te zetten en er kopers voor te lokken. Wat konden de club en wij anders doen dan met zijn plannen instemmen? Zonder Guillou bestond Beveren niet meer, en daar zou het gemeentebestuur een financiële kater van zo'n 40 miljoen oude Belgische frank aan hebben overgehouden. De club had van ons een renteloze lening gekregen om business seats te bouwen, en die was bij lange nog niet afbetaald. Bovendien is de gemeente eigenaar van het stadion. Wat hadden we ermee moeten doen zonder ploeg om erin te spelen? Het is de discussie van de kip en het ei. De voetbalclub heeft ons op de Europese kaart gezet. Maar ik geef toe dat het moeilijke beslissingen zijn. Het onderhoud en de herstellingswerken aan het stadion kosten ons jaarlijks een kwart miljoen euro. Binnenkort moeten er grote renovatiewerken gebeuren, die op 3.750.000 euro worden geschat. Het feit dat KSK de bekerfinale speelt, maakt het gelukkig een stuk gemakkelijker om dat aan de Beveraars te verkopen."

In de gang naar de kleedkamers - met uitzicht op de tribunes, die er intussen verlaten bij liggen - preciseert oud-voetballer Guillou de cijfers van de schepen. Zijn knieën zijn kapot en zijn haar is grijs, maar zijn ogen hebben altijd alles gezien. Ze zeggen ook dat het hem worst zal wezen wat je van hem denkt. "Mijn inbreng in het reddingsplan voor KSK Beveren bestond vooral uit spelers van mijn academie. De meeste cash kwam van een groep Engelse investeerders onder de naam Goal. Niet van Arsenal zelf, want Arsenal mag volgens de reglementen daar geen aandelen hebben in twee clubs tegelijk. Laat ons zeggen dat het gaat om een groep zakenlui die behalve met ons ook zakendoen met Arsenal. De verkoop van Yapi en Touré heeft 2 miljoen euro opgeleverd. Daarmee is terugbetaald wat Goal en ik in Beveren hadden geïnvesteerd. Ongeveer een vierde is naar de clubkas gegaan. De transfers van onze twee beste spelers in het midden van het voetbalseizoen hebben het elftal verzwakt. Maar we moesten het doen, omdat het voor Beveren de enige manier is om te overleven."

In de douches achter Guillou is luid gelach te horen. De transfers dienen natuurlijk eveneens om zijn voetbalschool in Abidjan - en de tweede academie die hij intussen in Madagaskar heeft opgericht - te bekostigen. En niet alleen om de investeerders terug te betalen, maar ook om hen de nodige winst te bezorgen. "Is daar iets mis mee?", vraagt hij. "De academie kost mij jaarlijks 200.000 tot 250.000 euro. Die middelen moeten toch ergens vandaan komen? Ik ben geen Amerikaanse bedrijfsleider die mensen ontslaat om de winstmarges te verhogen. Ik ben een artiest die zijn passie voor het spelletje voetbal probeert te delen met andere mensen, en daar heb ik nu eenmaal geld voor nodig. Zo geef ik zin aan mijn bestaan. Voetbal prediken, dat wil ik. Dat móét ik doen."

Een Messias dus. Buiten heffen de laatste supporters een lied over hun boerenbestaan aan. Na drie jaar in Beveren begrijpt Guillou nog altijd geen Nederlands en moet hij van ons vernemen dat de fans van zijn ploeg zichzelf de 'boeren' noemen. Ah bon? Guillou: "Ik heb weinig met de samenleving hier te maken. Het Vlaams Blok? Dat is niet mijn probleem. Ik probeer goed op te schieten met de mensen met wie ik hier moet werken. Meer niet. Een mens moet zijn beperkingen aanvaarden. Er zijn duizenden vrouwen met wie ik wel eens naar bed zou willen gaan. Maar ik ben al blij wanneer ik nu en dan eens bij één vrouw mag blijven slapen. Als een groep Afrikaanse spelers de mensen kan doen nadenken over het feit dat er uiteindelijk geen verschil is tussen iemand die zwart is en iemand die blank is, dan is dat mooi meegenomen. Maar het is niet mijn eerste betrachting. Al zou ik er mezelf wel een pluim voor geven, want racisme is passé. Het is domheid in zijn puurste staat."

Buiten, op de parking van het voetbalstadion, liggen in het stof tussen de wagens verkiezingsfolders van het Vlaams Blok. Ze hebben de vorm van een geel-blauwe voetbal. 'Op 13 juni spelen we nog één thuismatch', lezen we. De uitdelers ervan moesten van het clubbestuur buiten de poort gaan staan. Toch waren ze tevreden. "Er kwamen veel kinderen naar vragen."

In de folders is een foto te zien van de plaatselijke Blok-leider in een shirt van KSK Beveren. Hij zit gehurkt in de middencirkel van het gemeentelijke stadion, met een bal met handtekeningen van alle spelers in zijn handen.

Tien Ivorianen hebben in de kleedkamer intussen het onderhemd van hun jongste Belgische ploegmakker verstopt. Ze wijzen allemaal naar elkaar wanneer hij smeekt en bidt om het terug te krijgen. Ze lachen... terwijl tranen in zijn ogen springen.

Zondag 16 mei. Een week voor de bekerfinale en een maand voor de Vlaamse en Europese parlementsverkiezingen lijkt niemand in Beveren zich nog veel vragen te stellen bij de constructie die door de voetbalclub is opgezet. Ook Jos Stassen niet, uittredend Vlaams parlementslid voor Groen! en toevallig de enige nationale politicus die het kleine Beveren rijk is. Stassen hield zich als parlementslid bezig met mensenhandel in de sport. Over een pint gebogen in café Sirius zegt hij: "Guillou is iemand die de vrijemarkteconomie toepast, hé. Ik denk niet dat de rekker nog verder kan worden uitgerekt. Maar net als iedereen hier bedek ik mijn vragen met de mantel der liefde, vanwege de resultaten die de club op dit moment behaalt."

Zelfs de Blok-afdeling van Beveren laat na om tegen de reorganisatie van de plaatselijke voetbalclub te fulmineren. Fractieleider Bruno Stevenheydens weet op zijn website met enige trots te melden dat niet alleen het "wereldberoemde tijdschrift Time" maar ook Le Monde en Der Spiegel hem de vraag al hebben gesteld: hoe kan een aanhanger van het Vlaams Blok supporter zijn van KSK Beveren? Hij schrijft: "Tijdens de interviews hebben wij erop gewezen dat het Vlaams Blok geen racistische partij is. (...) De voetbalspelers zijn verbonden aan een contract, geraken blijkbaar snel ingeburgerd en volgen Nederlandse les. (...) Vanuit de oppositie heeft het Vlaams Blok in Beveren de noodzakelijke investeringen aan het stadion waar KSK Beveren speelt steeds goedgekeurd. Wij scharen ons eensgezind achter het behoud van een eersteklasseploeg die een belangrijke voorbeeldfunctie heeft voor de jeugdsporters. Maar op termijn hopen wij dat de eigen jeugdwerking en jeugdopleiding verder ondersteund worden en er opnieuw eigen talent mag doorstromen naar de eerste ploeg."

Stevenheydens - groot en sterk en donkerblond en relatief jong - is de hele namiddag bezig geweest met het plaatsen van propagandaborden, en zijn shirt is besmeurd met lijm. "In totaal willen we honderd reclamepanelen zetten. We moeten overal in Beveren te zien zijn. Tijdens de vorige verkiezingen waren we zo zichtbaar dat een krant schreef dat we zeker tweehonderd borden hadden geplaatst. Dat was overdreven, maar we hebben er niet tegen geprotesteerd", lacht hij. "Laat me snel een rekensommetje maken. Wij kunnen rekenen op gemiddeld 25 procent van de kiezers hier. Bij mannen scoren we traditioneel hoger dan bij vrouwen, en de supporters van KSK zijn vooral mannen. Van de supporters stemt dus misschien wel 40 procent op het Vlaams Blok."

Wanneer we Stevenheydens vragen of zijn partij racistisch is, antwoordt hij pas na lang aandringen. "Iedere vogel zingt zoals hij gebekt is. Ikzelf ben in elk geval geen racist. In mijn verkiezingsfolder staat een foto van een trektocht die ik maakte in het Atlasgebergte. Mensen vragen mij hoe dat kan, een Vlaams Blokker die op reis gaat naar Marokko. Het kan dus wel degelijk. In de supermarkten is eten te vinden uit de hele wereld. Dat is toch een verrijking? De Ivorianen van Beveren zijn onze vijanden niet. Meer Vlaanderen betekent vooral: minder Wallonië en minder België. Ik kan me voorstellen dat sommige van onze kiezers racistisch zijn, maar daar kunnen wij ons als partij toch niet schuldig over voelen?"

Het Vlaams Blok bezet in de gemeenteraad van Beveren zeven van de vijfendertig zetels en is daarmee de grootste oppositiepartij. Stevenheydens beweert dat hij goed overweg kan met zijn tegenstanders. "Het cordon sanitaire zou hier bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen wel eens kunnen sneuvelen."

Schepen Van de Vijver bevestigt dat. "Vroeger durfde niemand ervoor uit te komen dat hij of zij op het Vlaams Blok stemde. Die drempel is er allang niet meer. Veel mensen die bij de gemeenteraadsverkiezingen op mij stemmen, omdat ze me kennen, zijn me al komen vertellen dat ze nationaal voor het Blok kiezen. Het is de partij van de malcontenten. Alles wat verkeerd gaat in de gemeente wordt door het Vlaams Blok uitvergroot en een beetje gekruid. Die mannen moeten nooit een antwoord geven. Ze brengen de problemen aan en wij moeten ze oplossen. Daarom ben ik ook niet gelukkig met dat cordon sanitaire, omdat de Blokkers zo nooit moeten bewijzen dat ze het beter kunnen."

Stevenheydens doet er zelf alles aan om geen outcast te blijven. Wanneer we hem vragen of hij van plan is om met bussen van het Vlaams Blok naar de bekerfinale te trekken bekijkt hij ons meewarig. Hebben we nu nog niet begrepen hoe het spelletje moet worden gespeeld? "Met eigen bussen naar de finale? Dat zou de verkeerde strategie zijn. We willen ons niet afsluiten, we willen ons juist mengen onder het publiek. Naar de mensen toegaan, dat deed Jezus toch ook?"

Ah, zo zit dat. "Dat laatste niet opschrijven, hé."

Intussen zijn voor het stadion van KSK Beveren driehonderd vaders en kinderen en moeders samengestroomd. Een week voor de bekerfinale willen ze de goede zorgen gaan afsmeken van Onze-Lieve-Vrouw van Gaverland. Zingend trekt de colonne bedevaarders door de straten, aangevoerd door vijf spichtige majorettes en twee vertegenwoordigers van de Ivoriaanse voetballers die zich zichtbaar amuseren. Marco Né filmt met een handcamera de supporters die zijn naam scanderen. Daarna is het de beurt aan Arthur Boka. Een grote familie lijkt het wel. Het clubbestuur heeft T-shirts laten drukken waarop te lezen staat: 'Voor een verdraagzaam en kleurrijk Beveren'.

Een optimistische reporter van Le Monde noteerde in februari uit de mond van KSK-supporters al de kreet: 'We zijn allemaal zwart in Beveren'. Maar behalve een paar jonge meisjes tussen de bedevaarders komt niemand met Né en Boka praten. Zelfs de organisator van de stoet spreekt geen gebenedijd woord Frans.

Marco Né kan onderhand wel een paar van de supportersliedjes meezingen. "Nee, de mensen zijn niet racistisch", zegt hij. "Maar wat ons wel is opgevallen, is dat de verslagen van onze wedstrijden op televisie altijd bijzonder kort zijn. Alsof ze ons willen verbergen. Alsof we niet mogen worden gezien." Racisme? "Nee", schudt coach Herman Helleputte het hoofd, de man die anders wél vindt dat de scheidsrechters zijn spelers beter moeten beschermen. "Ik denk niet dat de mensen iets hebben tegen onze Ivorianen. Ze voelen zich niet bedreigd door buitenlanders die hier werken. Ze zijn kwaad op degenen die níét werken en voor wie zij dan moeten gaan werken." Een lachje speelt om zijn lippen. "Ik wil geen politieke uitspraken doen, maar ik denk niet dat de mensen enkel en alleen voor het Vlaams Blok kiezen omdat ze tegen buitenlanders zijn. Ze zijn ook tegen de mensen die hier nu regeren. Er zijn genoeg dingen die fout lopen in onze samenleving. Bijvoorbeeld de misdaad, die niet hard genoeg wordt aangepakt. Fraude wordt soms zwaarder gestraft dan moord. Politieagenten vertellen dat de inbrekers die ze oppakken dikwijls sneller thuis zijn dan dat zij hun verslag hebben opgemaakt."

Het Vlaams Blok? "Ik stem niet op het Vlaams Blok, meneer", zegt een supporter. "Er zijn hier in Beveren geen buitenlanders. Als ze goed voetballen, kan het mij niet schelen wie hier speelt. Het enige verschil met vroeger is dat we toen in kleur speelden en tegenwoordig in zwart-wit. Maar ik ken andere gemeenten waar ik de mensen wel kan begrijpen wanneer ze voor Philip Dewinter kiezen. Te veel is te veel."

Marco Né filmt nog een beetje - in kleur - voor zijn vader Bernabe en zijn moeder Veronique en zijn broers en zussen Didier, Achilles, Louis, Fidel, Eric, Blondine, Julie en Lamie. Hij vraagt: "Wat is dat Vlaams Blok eigenlijk? Meer dan dat ze een wet willen stemmen dat de buitenlanders weg moeten heb ik er nog niet van begrepen." Voorzichtig proberen we hem iets over de Vlaamse ontvoogdingsstrijd in België te vertellen, over de Tweede Wereldoorlog en het fascisme en het nationalisme. We maken de vergelijking met Ivoorkust, waar de slogan 'Eigen volk eerst' vandaag ook de politieke debatten beheerst. 'Ivoorkust voor les vrais Ivoriens.' Marco knikt. "Ik snap het. Maar wat ik niet snap, is dat de mensen hier zich daardoor laten meeslepen. Ze hebben toch allemaal televisie? Ze zien de hele wereld als ze willen. In Ivoorkust kun je nog begrijpen dat zo'n beweging succes heeft. In de meeste dorpen weten de mensen niets van wat er in de rest van de wereld gebeurt. Maar hier..." De bedevaart eindigt op een weide in een park waar pastoor De Kezel de truitjes zal wijden waarmee KSK Beveren volgende week de finale speelt. Na een korte toespraak gaat hij er met de wijwaterkwast over. Een truitje met de handtekeningen van alle spelers erop wordt bij hem achtergelaten. Of hij het tijdens de finale in de kapel wil leggen? Marco Né kijkt zijn ogen uit. Hij is zelf ongelovig, maar de drukte heeft zijn zenuwen geen goed gedaan. "Ik wil absoluut die bekerfinale winnen", zegt hij. "Van in het begin van het voetbalseizoen was dat de grootste wens van alle spelers. Als we verliezen, zal het een heel lange, triestige zomer worden."

Zondag 23 mei. De bekerfinale tegen Club Brugge blijkt voor de tien Ivorianen en de Let van KSK Beveren een te harde noot om te kraken. Ze laten het stadion kraaien van de pret met hun overstapjes en schijnbewegingen, maar hun tegenstander is veel efficiënter.

In de tribune maken de Brugse supporters gefrustreerde oerwoudgeluiden en op het veld zijn er voortdurend opstootjes. De spelers van Brugge zijn niet alleen fysiek maar ook verbaal agressief. "Ze zeiden voortdurend dingen als: 'Zeg, jullie zijn niet normaal hoor'", vertelt Marco Né achteraf. "Al kwamen ze ons na afloop wel gelukwensen." Na negentig minuten verliest Beveren met 4-2 en zijgen de Ivorianen teleurgesteld neer. Dat de wedstrijd vanavond nog integraal op de Ivoriaanse televisie zal worden uitgezonden is een schrale troost, of zelfs helemaal geen troost. Marco ziet ze in zijn vaderland al denken: och, ze hebben het toch niet gekund!

De ontvangst op de met supporters volgelopen Grote Markt van Beveren maakt later op de avond veel goed. Glunderend laten de spelers zich het gejuich welgevallen. Zullen al die duizenden supporters over drie weken toch weer op het Vlaams Blok stemmen? Nog voor het feest begon, liepen we op de markt Bruno Stevenheydens tegen het lijf. Hij vertrok om in het stamcafé van zijn partij een pint te gaan drinken. Op de receptie voor de spelers wilde hij zich kennelijk niet vertonen, ook al kan hij naar eigen zeggen goed overweg met de andere gemeenteraadsleden. Was hij weer eens de slimste, werkend aan zijn imago van rebel tegen de pluchen autoriteiten?

Op 13 juni zullen we het antwoord weten. Vanavond is de kwestie nog even niet aan de orde. Hoewel. Tot diep in de nacht blijven rond de bierkramen op de markt de supporters discussiëren over het harde lot dat hen van boven - ondanks alle smeekbeden - is beschoren. De beste ploeg zijn en toch verliezen, het zou niet mogen. "Weet ge wat? Ik zal het u zeggen. Er is hier al heel veel gezeverd over racisme. Maar volgens mij was hier maar één racist vandaag, en dat was God!"

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234