Dinsdag 20/04/2021

GetuigenissenCoronapandemie

‘Alsof er oorlog was’: wintersporters in Oostenrijkse brandhaard over die eerste uitbraak

Sankt Anton am Arlberg een jaar geleden, kort voordat de maker van de foto Jorrit Weerman en alle andere bezoekers moesten maken dat ze weg kwamen. Beeld Jorrit Weerman
Sankt Anton am Arlberg een jaar geleden, kort voordat de maker van de foto Jorrit Weerman en alle andere bezoekers moesten maken dat ze weg kwamen.Beeld Jorrit Weerman

Halsoverkop moesten wintersporters een jaar geleden skigebieden in Oostenrijk verlaten, toen de autoriteiten de coronabrandhaarden op slot deden. Drie Nederlandse vakantiegangers vertellen hoe ze thuis alsnog ziek werden en nog steeds met de gevolgen worstelen.

‘Wat ik nooit zal vergeten, is dat de kerkklokken de hele tijd aan het luiden waren’, vertelt Remy Kwakernaat (31). ‘Een soort alarm was dat, zoals je normaal op de eerste maandag van de maand hebt, of voor een bombardement, of wanneer er een ramp gebeurt.’

‘Ineens was er die omslag, van een vrolijk vakantiegevoel naar een paniekgebeuren’, herinnert Malou van Breevoort (47) zich. ‘Kinderen werden door hun moeders voortgetrokken. Koffers vielen om. Mensen gingen met elkaar op de vuist om een taxi te krijgen. En ook wij kregen het gevoel: we moeten hier weg, zo snel mogelijk.’

‘Mijn vrienden en ik zaten aan de andere kant van de berg te lunchen’, zegt Jorrit Weerman (46). ‘In het restaurant ging ineens de muziek uit en werd er omgeroepen: iedereen moet nu afrekenen en vertrekken. Het dorp gaat op slot. Het werd één grote chaos. Sommige mensen renden gewoon weg, die hebben niet eens betaald. Bij de skiverhuur waren er mensen die de ski’s zomaar neergooiden. Wij wisten een taxi te regelen via ons hotel, dat was ons geluk. Vanuit die taxi zagen we overal mensen rennen, met hun kinderen en hun koffers. Net of er oorlog uitgebroken was.’

Het is vrijdag 13 maart 2020 als Oostenrijk ineens een quarantaine afkondigt voor een aantal bekende wintersportplaatsen, waaronder Sankt Anton am Arlberg. In een persconferentie, kort na twee uur ’s middags, maakt premier Sebastian Kurz de maatregel bekend. Niet veel later verspert de politie de toegangswegen.

In St. Anton, waar veel Nederlanders op wintersport zijn, slaat de paniek toe. In alle haast proppen vakantiegangers hun spullen in hun koffers. Wat ze niet weten, is dat velen van hen ook het coronavirus mee naar huis nemen – en dat ze de gevolgen daarvan soms nog lang zullen merken.

Voor vertrek

In het weekend voordat de skiërs vertrekken, loopt het aantal coronadoden in Italië al in de honderden. Maar voor Oostenrijk is het reisadvies ‘groen’: geen bijzondere veiligheidsrisico’s. In Nederland is de sfeer ontspannen. Op maandag 9 maart houdt premier Rutte de persconferentie waarin hij het handen schudden verbiedt, om vervolgens lacherig alsnog de hand van infectioloog Jaap van Dissel te drukken.

Remy: ‘Ik herinner me dat corona me toen iets van ver weg leek, van China.’

Malou: ‘We hebben gebeld met ons hotel en gemaild met het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken, en met het Oostenrijkse toeristenbureau, om te vragen: kunnen we überhaupt gaan? Maar iedereen zei: het is geen probleem.’

Jorrit: ‘In de dagen ervoor zaten mijn vrienden en ik erg te twijfelen: zullen we gaan, zullen we niet gaan? Ik zei: luister, als het reisadvies groen is, dan kunnen we gaan.’

Malou van Breevoort: 'Toen we aan ­kwamen, voelde ik meteen: er klopt iets niet. Maar iedereen zei: nee hoor, hier is geen corona .' Beeld
Malou van Breevoort: 'Toen we aan ­kwamen, voelde ik meteen: er klopt iets niet. Maar iedereen zei: nee hoor, hier is geen corona .'

Tijdens het wintersporten

De Oostenrijkse autoriteiten wisten begin maart al dat het coronavirus rondwaarde in de skigebieden. Ze werden op 5 maart gewaarschuwd vanuit IJsland, dat had ontdekt dat 14 wintersporters positief testten toen ze op 29 februari terugkwamen van een vakantie in Ischgl. Oostenrijk doet niets met die waarschuwing.

Maar de aanwijzingen dat er iets mis is, met name in Ischgl, worden met de dag sterker. Op 9 maart moet daar de eerste après-skibar dicht: er is een ober besmet met corona. Hij wordt aangewezen als bron van talloze andere besmettingen. Ondertussen blijven de meeste andere bars open, en ook de skiliften draaien onverminderd door, in Ischgl en in Sankt Anton, dat hemelsbreed op minder dan 15 kilometer ligt.

Het heeft veel te lang geduurd voordat Oostenrijk maatregelen nam, stelde een onderzoekscommissie achteraf vast. De Oostenrijkse consumentenbond is inmiddels bezig met een civiel proces, waarin de republiek Oostenrijk, hotels en toeristenbureaus aansprakelijk worden gesteld. Ruim 6.000 reizigers hebben zich bij die zaak aangesloten, onder wie 800 Nederlanders.

Malou: ‘Toen we in St. Anton aankwamen, voelde ik meteen: er klopt iets niet. Iedereen zei: nee hoor, hier is geen corona. Maar ondertussen hielden de hotelmedewerkers afstand. Alles werd opvallend goed schoongehouden en gedesinfecteerd.’

Remy: ‘Al aan het begin van de week ging de Mooserwirt, een van de grote après-skibars, dicht. Iedereen ging dus bij de Basecamp staan. Maar die bar kon dat helemaal niet aan. Mensen gingen bij de Spar bier en wijn halen, en stonden dan gewoon buiten. Er was een hek geplaatst, daar mocht een maximumaantal personen binnen komen. Maar je zag dat mensen onder het hek door kropen, of over het hek heen gingen, omdat ze bij hun vrienden wilden staan.’

Jorrit: ‘Tijdens de lunch deden gedurende die week voortdurend verhalen de ronde; over mensen die daar de week ervoor waren geweest en die ziek waren geworden.’

Toeristen verlaten St. Anton am Arlberg, maart 2020.	 Beeld HH
Toeristen verlaten St. Anton am Arlberg, maart 2020.Beeld HH

De terugtocht

In de loop van de week wordt het steeds moeilijker te ontkennen dat het virus in de dampende après-skibars in Ischgl en St. Anton welig tiert. En dus besluit de Oostenrijkse regering op 13 maart: de skigebieden gaan dicht, buitenlandse gasten moeten naar huis.

Het gevolg is dat er een massale uittocht op gang komt en dat is verkeerd geweest, stelt de commissie die de gebeurtenissen onderzocht. ‘Het ongecontroleerde vertrek heeft een zinvolle epidemiologische controle belemmerd’, luidt het oordeel. ‘Personen bij wie op z’n minst de verdenking van een infectie bestond, werden in auto’s en bussen bij elkaar gepropt.’

Remy Kwakernaat: 'We werden ineens gebeld door de gastvrouw van het hotel. Toen zijn we als een dolle gaan rennen.'  Beeld
Remy Kwakernaat: 'We werden ineens gebeld door de gastvrouw van het hotel. Toen zijn we als een dolle gaan rennen.'

Jorrit: ‘Toen werd het vrijdag de 13de, en dat zegt meteen alles. Wij gingen die ochtend opnieuw skiën. Maar als je dan in de gondel staat, hoor je hier een kuchje, daar een nies. Eén van mijn vrienden was er helemaal niet lekker onder. Hij zei: ik ga niet meer skiën, ik wil weg hier. We zeiden tegen elkaar: we moeten er nog maar van genieten, want er zal vast iets gaan veranderen. Dus we hebben tijdens de lunch een mooie fles wijn besteld, plus Chateaubriand, een groot stuk vlees is dat. Niet goedkoop allemaal. Maar net toen de wijn op tafel stond, werd omgeroepen dat we binnen een uur of anderhalf uur het dorp moesten verlaten. We hebben betaald, voor iets wat we dus nooit hebben gekregen, en zijn zo snel mogelijk naar ons hotel terug geskied.’

Remy: ‘We werden ineens gebeld door de gastvrouw van het hotel. Jullie moeten Sankt Anton nu verlaten, zei ze. Dus wij, shit shit shit, nu betalen. We hebben het eten gewoon laten staan. Toen zijn we als een dolle gaan rennen naar het hotel.’

Een après-skibar in Ischgl, de wintersportplaats waar op 9 maart de eerste bar dicht ging. Beeld HH
Een après-skibar in Ischgl, de wintersportplaats waar op 9 maart de eerste bar dicht ging.Beeld HH

Malou: ‘We deelden een taxi met een groepje jongens met wie we optrokken. Met z’n allen propten we ons in dat busje. Die chauffeur zei: jullie hebben nog vijf minuten om weg te komen, maar ik ga mijn best doen. Die is toen als een gek gaan rijden. Uiteindelijk zijn we op tijd weg gekomen.’

De ziekte

De Nederlandse regering kondigt op 15 maart 2020 aan dat de scholen, cafés en restaurants dichtgaan. Er zijn op dat moment in Nederland 1.135 besmettingen gemeld en 20 personen overleden. Coronatests zijn nog nauwelijks beschikbaar, de werkelijke aantallen zullen dus hoger hebben gelegen.

Remy: ‘Toen we thuiskwamen, zijn we allemaal ziek geworden. Ik was vooral moe.’

Malou: ‘Bij mij werd het erger in de vierde nacht na thuiskomst. Ik werd wakker en het was alsof er een olifant op mijn longen drukte. Ik heb toen het ziekenhuis gebeld. Op afstand hebben ze naar mijn ademhaling geluisterd, en toen zeiden ze: het is ernstig, maar niet levensbedreigend. Dat stelde mij gerust. Ik ben in de tuin gaan liggen en ben heel bewust gaan ademhalen, zoals bij yoga. Ik kan dit, zei ik tegen mezelf, als in een mantra. Daardoor raakte ik niet in paniek en ging het beter. Na een dag of tien kreeg ik weer meer energie.’

Jorrit Weerman: 'Ik had hoge koorts en ver­schrikkelijke pijn ’s nachts. Alsof er twee dolken in mijn rug werden gestoken.'  Beeld
Jorrit Weerman: 'Ik had hoge koorts en ver­schrikkelijke pijn ’s nachts. Alsof er twee dolken in mijn rug werden gestoken.'

Jorrit: ‘Ik kwam op zaterdag thuis en maandag kreeg ik hoge koorts. In een van mijn webshops verkopen we van die saturatiemeters, waarmee je de zuurstofwaarde in je bloed kunt meten. Dat ben ik gaan meten. In het begin was dat goed, maar het werd slechter en slechter.

‘Ik had ’s nachts verschrikkelijke pijn in mijn rug. Alsof er twee dolken in mijn rug werden gestoken, en die heen en weer bleven draaien. Ik lag echt te janken beneden op de bank. Ik werd ook steeds benauwder.

‘Na tien dagen met hoge koorts zat mijn saturatie op 88 procent, dat is echt heel laag. Toen heb ik een ambulance gebeld. Maar er was een wachttijd van vier uur, zo druk was het in Maastricht. Mijn vrouw heeft me toen naar het ziekenhuis gereden. Het duurde wel twintig minuten voordat ik van mijn bed op de eerste verdieping naar de auto was gelopen. Net of ik een steile berg op moest. Steeds moest ik na 5 meter lopen weer gaan zitten.

‘In het ziekenhuis kreeg ik 5 liter zuurstof per uur en later ook hydroxychloroquine. Ze zeggen dat het niet werkt, ik heb het gevoel dat het mij wel degelijk heeft geholpen. Iedere patiënt kreeg in die tijd andere medicatie, omdat de artsen ook nog niet precies wisten wat wel en niet werkte.

‘Ik belde iedere dag met mijn familie, maar na drie dagen in het ziekenhuis lukte het me niet meer mijn telefoon te pakken, dat was al te intensief. Toen ik uiteindelijk toch met mijn vrouw sprak, heb ik gezegd: laat mij maar gaan. Daar kan ik zelfs nu nog emotioneel van worden. Wat is dat raar geweest, hoe dicht ben ik geweest bij dat dieptepunt.

‘De dag erna werd ik wakker en voelde ik voor het eerst iets van kracht terugkomen. Ik ben weer gaan eten en ik voelde me langzaam sterker worden. Uiteindelijk mocht ik na vier dagen naar huis.

‘Ik ben toen veel gaan wandelen. De eerste dag 100 meter, de tweede dag 200 meter, de derde dag 500 meter, en ga zo maar door. Op het laatst liep ik weer 15 kilometer. Na drie weken wandelen voelde ik me weer helemaal fit.’

De nasleep

Een jaar na de eerste coronabesmettingen is duidelijk geworden dat sommige mensen er langdurig last van kunnen houden, ook als ze niet doodziek waren. Volgens een schatting van het Britse bureau voor statistiek heeft ongeveer 1 op de 10 mensen na 12 weken nog ziekteverschijnselen. In Nederland hebben meer dan 18.000 personen zich aangesloten bij een Facebook-groep voor langdurige klachten na corona.

Malou: ‘Ik ben soms nog steeds kortademig. Voor mijn werk als fotograaf ben ik in Indonesië. Laatst gingen we een vulkaan beklimmen. Ik was helemaal buiten adem, dat was niet normaal. Traplopen vind ik ook heftig. Als ik terug in Nederland ben, wil ik dat toch eens laten onderzoeken.’

Remy: ‘Ik ben helemaal hersteld, maar ik had ook mijn vriend aangestoken en hij heeft zijn reuk en smaak nog steeds niet terug. We proberen nu dus allemaal middeltjes die kunnen helpen. Sinds hij elke dag sinaasappelsap drinkt, gaat het beter. Hij proeft weer íéts, maar hij zegt dat alles naar truffel smaakt.’

Jorrit: ‘Ik dacht dat ik weer helemaal fit was, maar onlangs heb ik een full-bodycheck gedaan. Zodra ik op die band ging staan, werden die mensen zo zenuwachtig als ik weet niet wat. Normaal zie je een regelmatige hartslag, maar bij mij ging het alle kanten op. Ik mocht niet meer bewegen, niets intensiefs meer doen. Ze zeiden tegen me: je speelt met je leven.

‘Waarschijnlijk heb ik littekenweefsel op het hart. Dat is een gevolg van corona, want twee jaar geleden heb ik ook een full-bodycheck gedaan en was er nog niets aan de hand. Het is voor mij een reden om mijn verhaal te vertellen. Ik ben een sportief figuur, ik doe drie keer per week personal training, ik loop af en toe hard, ik doe aan wielrennen. En toch heb ik dit overgehouden aan covid.’

Malou: ‘Of deze ervaring me heeft veranderd? Ja. Ik heb toen niet geluisterd naar dat kleine stemmetje voordat we gingen. Dat zou me nu niet meer gebeuren.’

Jorrit: ‘Ik besef nu dat de wereld ineens anders kan zijn. Daardoor heeft tijd besteden met je gezin, familie en vrienden – iets wat normaal was voor corona – een heel andere betekenis gekregen. Het gesprek, de knuffel, de aandacht van een familielid, vriend of vriendin: het is belangrijker dan ooit. En materialisme is naar de achtergrond gedrongen. Ik zie dat als een positieve verandering.’

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234