Maandag 26/07/2021

Opinie

Alsof een gemiddeld politicus niet in staat zou zijn op eigen kracht een inhoudelijk debat te voeren

Vlaams Minister van Onderwijs Hilde Crevits. Beeld Bas Bogaerts
Vlaams Minister van Onderwijs Hilde Crevits.Beeld Bas Bogaerts

Hilde Crevits (CD&V) is Vlaams viceminister-president en Vlaams minister van Onderwijs.

In de nasleep van de publicatie van de PISA-resultaten eerder deze week brak er een boeiend en veelkleurig debat uit over de interpretatie van de resultaten. Logisch en terecht. Het PISA-rapport zelf telt twee boekdelen, samen goed voor zowat 1.000 pagina's aan tabellen en vaststellingen die op alle domeinen meerdere diagnoses toelaten. Het betreft bovendien een rapport dat focust op het grootste kapitaal dat Vlaanderen rijk is: ons menselijk kapitaal, onze brains.

Dat de Europese toppositie van onze leerlingen voor wiskunde, wetenschappen en leesvaardigheid onze aandacht niet mag afleiden van minder positieve vaststellingen zoals de dalende trends en de groeiende groep laagpresteerders, spreekt dus voor zich. De komende maanden en jaren zullen de data van dit rapport dan ook uitgebreid herkauwd worden door specialisten om er de meest efficiënte conclusies uit te trekken voor ons onderwijsbeleid. Ook een onderbouwd publiek debat waaraan alle experten, analisten en opiniemakers deelnemen is dan een zegen voor het beleid.

Toch beet ik van verontwaardiging haast een stuk uit de krant toen ik gisterenochtend uit twee verschillende academische bronnen hetzelfde denigrerende verwijt te verwerken kreeg. "Kabinet Crevits moest de debatfiches van hun minister eens aanpassen, want thuistaal was niet de zaligmakende verklaring voor zwakke schoolresultaten." Het gaat mij daarbij niet zozeer over het inhoudelijke discussiepunt, namelijk de correlatie tussen thuistaal en schoolprestaties. Moge het hier volstaan te verwijzen naar de TIMMS- en de PISA-resultaten (internationaal vergelijkend onderwijsonderzoek bij respectievelijk leerlingen uit het vierde leerjaar en vijftienjarigen) die dit feitelijke verband deze week nogmaals duidelijk aantoonden. Daarom ook is het stimuleren van de onderwijstaal bij leerlingen en taalgericht vakonderwijs bij leerkrachten een van de aandachtspunten van mijn beleid. Ook al is dit uiteraard geen absoluut tovermiddel.

Afhankelijke dilettant

Het gaat me veeleer over de ongenuanceerde en ronduit beledigende manier waarop deze academici meegaan in een urban legend die de laatste jaren gretig afzet vindt op sociale en andere media, alsof een gemiddeld politicus niet in staat zou zijn op eigen kracht een inhoudelijk debat te voeren en daarom niet veel verder komt dan het aflezen van de door zijn raadgevers voorgekauwde fiches.

Een journalist die met een waslijst vragen naar een interview komt is 'goed voorbereid'. Een advocaat die zijn aantekeningen gebruikt om de nodige structuur en samenhang in zijn betoog te steken is een 'toppleiter'. Een leraar die naar een klassenraad komt met uitgebreide leerlingendossiers is 'een professional'. Een minister die aantekeningen meeneemt, die doorgaans tot stand zijn gekomen door de vruchtbare wisselwerking tussen raadgevers, studiedienst en de minister zelf, als munitie voor een stevig debat, is een dilettant die niet in staat is onafhankelijk te denken.

In onze vloeibare tijden waarin problemen vaak niet meer de tijd krijgen om te kristalliseren alvorens ze weer een andere vorm krijgen en waarin de media verwachten dat een politicus op elk moment van de dag een gefundeerd antwoord heeft op alle problemen van de wereld, is een uitgebreide backoffice nochtans onontbeerlijk. Het is niet alleen onontbeerlijk, het is ook de beste garantie tegen goedkope oppervlakkigheid, post-truth en populisme, stuk voor stuk demonen waar elk publiek debat momenteel mee worstelt. Ik nodig beide heren dan ook graag uit om inhoudelijk de degens te kruisen (met of zonder debatfiches) en om zo samen te bouwen aan hetgeen uiteindelijk het doel van elke onderwijsexpert is: het best mogelijke onderwijs voor élke leerling op basis van zijn talenten, interesses en mogelijkheden.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234