Woensdag 18/09/2019

Wonen

Als we in de toekomst niet oververhit willen geraken in steden, zullen we compacter moeten wonen

Hittegolf in Brussel. Beeld Photo News

Als we in de toekomst niet oververhit willen geraken in steden, zullen we compacter moeten wonen en voldoende groene ruimte tussen appartementsblokken moeten laten. Nu kan het ’s nachts in steden soms 8 graden warmer zijn dan enkele kilometers buiten het centrum. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit Gent.

Vreest u komend weekend slapeloze en zweterige nachten tegemoet te gaan? Als u pakweg in het hart van pakweg Antwerpen, Brussel of Gent woont, is die vrees zeker niet ongegrond. Doordat het heet, helder en windstil weer wordt, kan de temperatuur in de stad ’s nachts zo’n 8 graden hoger liggen dan op het platteland. De zogenaamde hitte-eilanden die steden vormen zijn geen nieuw fenomeen, maar worden de jongste jaren wel intensiever bestudeerd. Gemiddeld is het in de stad 3 graden warmer, maar ’s nachts kunnen die verschillen oplopen. 

"Veel heeft te maken met het feit dat alles volgebouwd is en er nauwelijks ruimte is voor groen", zegt onderzoekster Marie-Leen Verdonck (UGent) die zich in de hitte-eilanden verdiept. "Een plant neemt water uit de grond op en zet die om naar waterdamp. Maar voor die omzetting heeft de plant energie nodig. En die energie komt van de zon. Net zoals je fornuis energie levert om water te doen koken. In de stad zijn er minder planten en minder water, dus nemen de bouwmaterialen van gebouwen en straten die warmte op. ’s Nachts komt die weer vrij, met als gevolg dat het nauwelijks afkoelt. Waardoor je op een zomeravond langer in T-shirt op een stedelijk terrasje kunt zitten dan onder de kerktoren."

Meer doden

Tot zover het leuke nieuws. De overige gevolgen zijn iets minder vrolijk. "Bij de zware hittegolf van 2003 zijn in heel Europa veel mensen bezweken aan de warmte. Dat gebeurde buitensporig vaak in de steden. Door de verwachte temperatuurstijgingen kunnen zulke hittegolven in de toekomst de norm worden, met alle gevolgen van dien. We zien af van die warmte, slapen minder goed, zijn vermoeider en minder productief… Om te voorkomen dat de stad ondraaglijk heet wordt, moeten we de stad anders opbouwen."

De Universiteit Gent onderzocht in samenwerking met de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) hoe een stad er dan wel moet uitzien. De stratenlange aaneenschakeling van rijhuizen van twee of drie verdiepingen hoog zijn een voorbeeld van hoe het niet moet. "Eigenlijk moet je streven naar hogere gebouwen, van negen à tien hoog", zegt Verdonck. "Die mag je dan niet aan elkaar plakken: je moet er voldoende open ruimte tussen laten, met voldoende water en groen. Liefst genoeg bomen en planten, die de zonne-energie opnemen."

Compacter wonen

Meer open ruimte staat volgens Verdonck niet gelijk aan minder inwoners. "Volgens onze simulaties kun je evenveel mensen op dezelfde oppervlakte laten wonen, maar ze zullen iets compacter moeten leven – dat klopt."

Een idee waarvoor ook de Vlaamse bouwmeester al geruime tijd pleit. "Hele steden platgooien en ze helemaal anders heropbouwen is utopisch, maar deze resultaten kunnen beleidsmakers en stadsplanners helpen bij de ruimtelijke planning van de toekomst. 

We moeten out of the box durven te denken: breek energie-inefficiënte gebouwen af in plaats van in renovaties te investeren. Dan kunnen we de temperatuur pas echt doen dalen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234