Woensdag 23/06/2021

'Als we het kwaad ontkennen, kan er ook geen goedheid komen'

Acteur Frank Focketyn kan ze nog moeiteloos opdreunen, Els Dottermans heeft haar geheugen even moeten opfrissen. Bij NTGent spelen ze samen met de jonge acteursploeg Wunderbaum Tien geboden, Johan Simons regisseert.

Door Liv Laveyne

GENT l Het publiek krijgt dit seizoen wel maar vijf geboden te zien. 'Tien geboden samen zou al gauw een voorstelling van acht uur opleveren', zegt Els Dottermans, 'dus brengen we nu de eerste vijf geboden. Volgend seizoen komen de andere vijf aan bod en volgt er ook een marathonvoorstelling.'

De Poolse cineast Krzysztof Kieslowski, bekend van de filmtrilogie Trois couleurs: bleu, blanc, rouge en La double vie de Véronique, brak eind jaren tachtig door met de tv-reeks Dekalog ('Tien geboden'). In tien kortfilms linkte hij telkens een gebod aan het wel en wee van de bewoners in een appartementsblok.

Johan Simons is geïntrigeerd door deze verhalen, waarin lot en menselijke verantwoordelijkheid hand in hand gaan. Twee jaar geleden regisseerde hij in Duitsland Die zehn Gebote bij de Münchner Kammerspiele, nu brengt hij een tweede versie in eigen huis, bij NTGent. Dat had zijn praktische redenen: de geplande operette, Land van de glimlach van Franz Lehar, werd afgelast toen bleek dat Lehars erfgenamen niet wilden dat er ook maar iets veranderd werd aan het oorspronkelijke werk. Tien geboden kwam in de plaats.

De voorstelling is geen remake van Simons' Duitse regie, maar volledig nieuw. "In tegenstelling tot de Duitse versie, die veel rationeler was, spelen wij meer op het gevoel", vindt Dottermans. Enkel het decor is hetzelfde als dat van Die zehn Gebote, dus met tl-lampen boven de scène en bijeengesprokkeld meubilair op het podium.

Temidden daarvan ontwikkelen zich de verhalen van de bewoners van een grauw flatgebouw in Warschau. Een vader berekent met de computer dat het ijs dik genoeg is voor zijn zoon om te schaatsen ('Gij zult geen afgoden vereren, maar mij alleen aanbidden en boven alles beminnen). Een vrouw, zwanger maar niet van haar doodzieke man, vraagt de dokter te beslissen tussen haar man of kind ('Gij zult de naam van de Heer, uw God, niet zonder eerbied gebruiken'). Op kerstavond smeekt een vrouw haar vroegere minnaar om de nacht bij haar door te brengen ('Wees gedachtig dat gij de dag des Heren heiligt'). Een dochter en vader houden er na de dood van de moeder een intieme relatie op na ('Eer uw vader en uw moeder'). En een taxichauffeur wordt vermoord en de dader ter dood veroordeeld ('Gij zult niet doden').

Elk gebod wordt in vraag gesteld. Bijvoorbeeld: is de vader schuldig aan de dood van zijn zoon (die door het ijs zakt)? Of: hoe tegenstrijdig is het om iemand die moordt te veroordelen tot de dood? Op het einde haalt een acteur telkens de spons over het gebod dat in krijt op de achterste scènewand geschreven staat. Letterlijk 'de spons erover'?

"Het is geen uiting van vergiffenis maar van mededogen", vindt Dottermans. "We zitten allemaal in hetzelfde schuitje: de tragedies die de personages meemaken kunnen iedereen overkomen. Een dronken man heeft een kind overreden? Ik heb ook al eens met pinten op achter het stuur gezeten. We staan zo vlug klaar met een oordeel om het kwaad in onszelf niet te moeten zien. Daarnet was ik in zo'n truttenboekske aan het bladeren waarin mensen trots vertellen over hun fantastische interieur. Het zijn bezweringen om het kwaad buiten te houden."

Het is Johan Simons' drijfveer om deze productie te maken: de morele dilemma's waarvoor een mens geplaatst wordt in een maatschappij die zichzelf inkapselt, waarin het ieder voor zich is, waar niemand de barricades opgaat behalve voor zijn eigen belang.

"Het is de mentaliteit die je ziet tijdens de avondspits". zegt Focketyn. "Iedereen handelt volgens het idee 'ík rij naar huis', terwijl het eigenlijk 'we rijden allemáál naar huis' is. Die klik zou al veel verkeersagressie verhelpen."

Dottermans: "Onlangs werd in onze straat een buurtfeest georganiseerd. Eerst was ik argwanend - weer zo'n initiatief om de verzuring tegen te gaan - maar op dat feest verdween mijn cynisme als sneeuw voor de zon. Het is zo simpel. Door goeiedag te zeggen, door te weten wie achter het-dametje-met-het-hondje schuilgaat, gaan de deuren plots open. Dat zijn we verleerd. Ik ben geen geboren optimist, maar heb wel het misschien naïeve geloof dat er evenveel goed is op de wereld als kwaad. Na een tsunami volgt een geldstroom aan hulp. Twee jaar geleden was er de 'bruine vloed' in Antwerpen, maar ik heb nog nooit zo intens in die stad geleefd als vorig jaar met de verkiezingen en de 0110-concerten. Als we het kwaad ontkennen, kan er ook geen goedheid komen."

"Bij de vraag 'Geloof je?' denken mensen aan een brave man met een baard in de hemel", zegt Focketyn. "Ik geloof in goddelijke gevoelens, positieve én negatieve. Daar waar mensen in liefde of in haat samenzijn, daar is God. Je kunt maar stroom maken met positieve en negatieve energie, anders vonkt het niet."

Dottermans is christelijk opgevoed, maar niet gelovig. "In het eerste gebod vraagt de zoon aan zijn vader: 'Geloof je in God?' De vader antwoordt: 'Ik heb een god maar die is voor mezelf. Het is een privégod.' Dat geldt ook voor mij. Er is iets dat me stimuleert om naar andere mensen te kijken en het niet alleen over mezelf te hebben. Dat noem ik een religieus gevoel, je aandacht verleggen van jezelf naar anderen. Kieslowski zei dat zijn Dekalog eigenlijk terug te brengen was tot één gebod: 'Heb uw naaste lief als uzelf'. Waarbij je natuurlijk meteen kan bedenken: er zijn zoveel mensen die zichzelf niet graag zien, wat dan? Dat probeer ik dan ook aan mijn kinderen mee te geven: zelfrespect en vertrouwen. Zodat ze later in staat zijn om autonoom met datzelfde respect en vertrouwen naar andere mensen te kijken."

Volgens Simons mogen weinigen zich nog geroepen voelen om op de barricaden te klimmen, de 'Vlaamse' NTGent-acteurs deden het enkele maanden geleden wél. In een open brief klaagden ze het "moddergooien" naar hun Nederlandse collega-acteurs aan (DM 27/6). Ook Dottermans en Focketyn ondertekenden de brief.

"De Vlaamse kortzichtigheid waarmee gesproken werd over die 'Hollandse invasie' bij NTGent heeft me erg geraakt", zegt Focketyn. "Ik vind het beschamend hoe mensen die hun hart en ziel in dit huis leggen door sommigen zo 'dankbaar' onthaald worden", sneert hij.

Dottermans: "Je kunt niet genoeg benadrukken wat nationalistische oprispingen aanrichten. Hoe fout het is om als Bart De Wever in hokjes te denken. Het is vreemd hoe Vlaanderen op twee stromen drijft: groot-Europees denken en tegelijk dat lapje Vlaanderen afschermen. Die discussie toont zich ook in het theater, maar op die energie van twee stromen moet je leven. Frank zei het al: het positieve heeft het negatieve nodig. Dus laat de criticasters maar komen."

Tijdens de doorloop van het tweede gebod staat Dottermans met een skistok als micro te shaken op 'Dag vreemde man' van Ann Christy. Voor haar ogen ontrolt zich intussen de drama van de vrouw (actrice Marleen Scholten) die zwanger is van haar minnaar. Haar man (Focketyn) zit spastisch in een stoel.

Hevige emoties gaan hand in hand met afstand in deze enscenering van Tien geboden. Net als in zijn toneelbewerking van Houellebecqs roman Platform past Simons een mix van spreekstijlen toe. Er wordt geschakeld tussen directe en indirecte rede, en tussen spelen en vertellen. Daarbij vloeien rollen over van de ene acteur naar de andere.

Focketyn en Dottermans spelen voor het eerst samen met het jonge collectief Wunderbaum (Walter Bart, Wine Dierickx, Matijs Jansen, Marleen Scholten en Maartje Remmers) en de jonge acteur Oscar Van Rompay. Plots zijn zij de 'oudere acteurs'.

"Dat voelt heerlijk, echt waar!" lacht Dottermans. "Het ontroert me ook omdat ik zie hoe die jonge acteurs dezelfde gevechten leveren als ik vroeger. Zo moet Maartje als ex-minnares in het derde gebod een enorme emotionaliteit aan de dag leggen. Dan zie ik haar zwoegend alle kanten van zichzelf opzoeken, tot ze rood ziet. Bij mij ligt de uitdaging niet zozeer meer in het spelen - de emoties liggen klaar onder mijn huid - maar in het zoeken van de juiste concentratie. Het 'openzetten van de poriën' noemt Johan dat, waarbij je naar de essentie gaat zonder er zichtbaar naar te streven. Diep gaan zonder dat iedereen denkt: 'Amai, die is aan het acteren zie!', dat is de nieuwe sport die ik wil beoefenen. (lacht) Eigenlijk ben ik lui."

"Wunderbaum geeft ons energie, ik voel me soms net afgestudeerd en zo heb ik het graag", voegt Focketyn er aan toe. "Die gasten zijn ijzersterke acteurs die zichzelf in vraag stellen met een open geest. Kritisch maar constructief, dat is een zeldzaamheid. ik heb genoeg producties meegemaakt waar veel geblaat bij te pas kwam en weinig wol. Wunderbaum heeft veel wol."

Morgen, overmorgen en van 5 tot 15 maart 2008 in schouwburg NTGent. Ook op tournee, surf naar www.ntgent.be

Els Dottermans:

De tragedies die de personages meemaken kunnen iedereen overkomen. Een dronken man heeft een kind overreden? Ik heb ook al eens met pinten op achter het stuur gezeten

Frank Focketyn:

De jonge, ijzersterke acteurs van Wunderbaum geven ons energie. Ik voel me soms net afgestudeerd en zo heb ik het graag

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234