Zaterdag 24/08/2019

Als regenboogelftal naar EK

Nummer 1 op de FIFA-ranking: het eerste succes is binnen. Volgend jaar willen de Rode Duivels op het EK hun grootste prestatie neerzetten. En dat met een smeltkroes van culturen, zoals Frankrijk hen in 1998 voordeed op het WK. Waarom moesten wij twee decennia langer wachten tot diversiteit zegevierde?

De Rode Duivels dromen nu al van 16 juli 2016. Dan moet Vincent Kompany in het Stade de France de Coupe Henri Delaunay in de lucht steken. Een triomf van het multiculturele elftal dat de Belgische nationale ploeg is. Recht in de voetsporen van Les Bleus in 1998. Het WK van de black, blanc, beur; de ietwat denigrerende bijnaam van de nationale ploeg.

De aanwezigheid van al die spelers uit de voormalige Franse kolonies viel aanvankelijk niet bij iedereen in de smaak. Dat beeld veranderde definitief toen Frankrijk in de finale Brazilië klopte. Zinédine Zidane werd verafgood. Algerijnse vlaggen werden gehesen naast de Franse driekleur. Frankrijk omarmde zijn migrantenzonen. La Nouvelle France verenigd.

Het is een opvallend gegeven. De Rode Duivels van Georges Leekens trokken amper met spelers van buitenlandse komaf naar datzelfde WK. Vijf, om precies te zijn en drie als je de genaturaliseerden Luis Oliveira en Gordan Vidovic even vergeet: de broertjes Mpenza en natuurlijk Enzo Scifo.

Dimitri Mbuyu

Nu liggen de kaarten compleet anders. Van de jongens die kans maken op een EK-selectie heeft liefst twee derde (deels) een buitenlandse stamboom. Van Congo over Spanje, Indonesië tot zelfs Martinique; de Rode Duivels zijn een wereldploeg, in meer dan één opzicht. "Onze nationale ploeg ziet er nu uit als onze samenleving", vertelt professor Bart Vanreusel, sportsocioloog aan de KU Leuven. "Dat werd hoog tijd." De laatste jaren veranderde het beeld van onze nationale ploeg danig. Niet langer hebben de Belgen diepe wortels in Vlaanderen of Wallonië.

Nieuw is het multiculturele gegeven nochtans niet. De navelstreng met Congo, een voormalige kolonie, is nooit helemaal doorgeknipt. En dan waren er nog de gastarbeiders die in de jaren 60 en 70 massaal naar ons land afzakten.

Toch duurde het lang voor ze de weg naar de voetbalclubs vonden en de nationale ploeg haar voordeel deed met die nieuwe Belgen. Pas in 1987 kregen we met Dimitri Mbuyu de eerste gekleurde Rode Duivel. Een rassenkwestie wil de ex-speler van Lokeren uitsluiten. "Ik ben ervan overtuigd dat het niet zo is dat anderen meer kansen kregen", zegt Mbuyu. "Na mij zat er wel nog een generatie tussen tot er nog kleurlingen Rode Duivel werden. Maar kwaliteit primeert."

Kleur is bijzaak

Professor Vanreusel wijt het lange wachten op nieuwe Belgen bij de nationale ploeg aan de verschillende geschiedenis van Frankrijk en België. "Frankrijk had kolonies overal ter wereld, bij ons bleef het beperkt tot Congo. En niet vergeten dat zij eerder dan ons een immigratiegolf kenden."

België ligt alvast geen twintig jaar achter op Frankrijk. "Daar zijn ze toen bewust gaan selecteren en scouten in hun voormalige kolonies", vertelt Marc Van Geersom, die er een jarenlange carrière in de jeugdwerking van de Belgische Voetbalbond (KBVB) heeft opzitten. "Wij hadden alleen Congo. Op andere inwijkelingen was het wachten. Daarnaast: wij hebben nooit veel aandacht besteed aan dat naturalisatieproces."

Integratie vergt natuurlijk tijd, afhankelijk van factoren als taal, opleiding en gezinssituatie. Toch gingen de voetbalclubs ook hier gaandeweg beseffen dat er in de steden, waar de meeste immigranten zich settelden, talent voor het rapen lag. Op de Brusselse pleintjes vond Anderlecht zo Vincent Kompany en Anthony Vanden Borre.

"Door de jaren heen is ons scoutingsysteem sterk uitgebreid. Toernooien, scouts en tipgevers die op de pleintjes een kijkje nemen", vertelt Jean Kindermans. Een geldkwestie is het volgens de technisch directeur van Anderlecht nooit geweest. "Onze opleiding is goedkoop: 250 euro per jaar."

Kleur heeft nooit een verschil gemaakt. Het was gewoon wachten tot de nieuwe Belgen de juiste weg vonden. Al heeft ook het inzetten van de KBVB en de profclubs op de jeugd veel in gang gezet rond de eeuwwisseling. Van Geersom: "Toen maakte ik me al de bedenking dat de nieuwe Belgen wel eens ons voetbal zouden redden."

De mix aan culturen zorgt alvast voor beter voetbal, daarover is iedereen het eens. Maar of die mengeling nu net de sterkte is van de Rode Duivels? "Genieten van de hoogconjunctuur waar we nu inzitten", luidt het. "Generaties verschillen nu eenmaal."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden