Zaterdag 31/07/2021

‘Als mijn muziek eens modern klinkt, is dat altijd per ongeluk’

Mocht de wereld rechtvaardig zijn, dan behoorde het Noord-Ierse The Divine Comedy tot de grootste groepen ter wereld. Neil Hannon, die achter de naam schuil gaat, leverde de voorbije twintig jaar de ene superieure popplaat na de andere af, maakte vorig jaar bij wijze van grap een conceptplaat over cricket, én schrijft tussendoor songs voor Air en Charlotte Gainsbourg. ‘Mijn grootste overwinning is dat ik er na twintig jaar nog steeds ben.’

Neil Hannon is een dandy. Keurig in het pak, hemd tot aan het bovenste knoopje dicht, en het haar even warrig als ouderwets. Hij praat met de eloquentie van een universiteitsprofessor, houdt er een Saheldroog gevoel voor humor op na, en beheerst de kunst van de zelfrelativering op de manier dat een trapezeloper zijn evenwicht in de gaten houdt. Met Bang Goes the Knighthood - een warm aanbevolen vijfsterrenplaat - bracht Hannon onlangs zijn tiende cd uit, en vanavond staat hij solo in een al maanden van tevoren uitverkochte Botanique. Spannend, niet in het minst omdat Victory For The Comic Muse - de vorige cd van The Divine Comedy - flink wat prijzen in de wacht sleepte, en als de beste tot nog toe wordt beschouwd. “Ik werk in mijn dooie eentje, dus er is nooit iemand in de buurt om me erop te wijzen dat de lat nog hoger ligt dan de vorige keer. Ik leef in een vacuüm als ik muziek maak. Heel af en toe belt mijn manager weleens met de aarzelend geformuleerde vraag of ik misschien met een nieuwe cd in de weer ben. Maar meestal stuur ik hem dan meteen weg. (lacht) Als ik bezig ben wil ik gerust gelaten worden. Ik denk dus niet in termen van ‘met dit nummer zal ik ze eens van hun sokken blazen’ of ‘dit is niet zo goed als de vorige keer’. Ik schrijf gewoon songs, en als ze klaar zijn merk ik het wel. Het enige verschil met vroeger is dat ik intussen beter weet hoe ik tot resultaat kom.”

Ik begrijp dat je tussen deze cd en de vorige een musical hebt geschreven, die volgende maand in première gaat. Heb je je eigen ‘Mamma Mia’ gemaakt?

“Toen ik van The National Theatre het voorstel kreeg was dat alleszins wat het moest worden: de songs van The Divine Comedy bij elkaar gehouden door een flinterdun verhaaltje. Daar heb ik njet tegen gezegd. Ik wilde iets doen in de stijl van mijn helden Cole Porter, Irving Berlin en Rodgers/Hammerstein, eerder dan de richting waarin Andrew Lloyd Webber werkt. Dat klinkt weinig bescheiden, besef ik, maar je moet hoog mikken. Ik liep al langer met de ambitie rond om een musical te maken, en nu heb ik het gedaan. Tussendoor bleef ik ook popsongs schrijven, en er was uiteraard ook het gelegenheidsproject met The Duckworth Lewis Method.”

Daar heb je vorig jaar inderdaad een conceptplaat over cricket mee opgenomen. Wie verzint zoiets?

“Moi. Zoals altijd bij dit soort projecten was het een uit de hand gelopen grap: ik zat met een vriend in de pub, we hadden een glas te veel op, en fantaseerden over hoe grappig het wel zou zijn om een hele songcyclus over cricket te schrijven. En het wás grappig. Al hebben we ons tijdens de opnamen van de cd wel een paar keer afgevraagd waar we in godsnaam mee bezig waren. En telkens ik in Dublin muzikanten tegenkwam die me vroegen wat ik aan het doen was, dachten ze dat ik hen in het ootje nam. Het was zo’n absurd idee dat zelfs mijn beste vrienden het pas geloofden toen de cd klaar was. Op de koop toe is het nog een succes geworden ook.”

Ik kan niet zeggen dat ik een sportman in je zie. Zelfs niet als het om een dandysport als cricket gaat.

“Dat is waar. Ik heb het één keer geprobeerd, en daar is het bij gebleven. Ik hou van sport zolang ik er vanuit mijn luie zetel naar kan kijken. Cricket. Rugby. Voetbal. Formule 1. Ik volg het allemaal op televisie. Vroeger was het nog erger. Dan volgde ik ook nog golf, snooker en tennis, maar dat heb ik inmiddels een beetje afgebouwd. Een mens moet niet overdrijven. Verder ben ik geobsedeerd door Frasier op televisie. En ik kijk graag naar documentaires over kernfysica. Surfen op het internet doe ik nooit, omdat ik er toch nooit in slaag om er iets interessants te vinden. Ik heb zelfs nog nooit mijn eigen website gezien. Eigenlijk gaat al mijn vrije tijd op aan muziek maken. Dat is geen nine-to-fivejob, hé. En verder ga ik graag met de hond wandelen. Of lees ik een goed boek. Call me old fashioned. (denkt na) Verder zou ik graag nog eens leren koken. Zoals het er nu voorstaat kan ik ternauwernood een ei bakken.”

Je nummers focussen heel vaak op mensen waar zelden songs over geschreven worden. Bankiers, zakenlui, politici die met de broek op de enkels worden betrapt. Wat trekt je aan in die figuren?

“Wat je zegt: dat ze zelden worden opgevoerd. En Belgian Businessmen, dat békt gewoon lekker. Ik vond het ook raar dat er niemand eerder op het idee was gekomen om een nummer over de financiële crisis te schrijven, want die heeft de hele wereld in een wurggreep gehouden. Het kapitalisme is helemaal over de schreef gegaan, en kennelijk kon het niemand wat schelen. Alsof iedereen dacht: we zijn nu toch genaaid, laat ons dan maar naar een lieftallig plaatje van Lady Gaga of Rihanna luisteren. Niet dat ik hier een lans wil breken om met zijn allen politieke songs te bedenken, maar ik was alleszins blij dat ik op die manier mijn ei kwijt kon. Ik schrijf nooit uit razernij - de overtuigde pacifist in mij is daar tegen - maar ‘The Complete Banker’ was een uitzondering. Ik vond het surrealistisch dat een handjevol mensen zo’n enorme impact heeft op de hele wereldeconomie. Niet alleen krijgen ze goed betaald om de boel te bedonderen, maar achteraf vangen ze ook nog eens een royale bonus om op te krassen. Jammer genoeg is een satirisch nummer schrijven mijn enige manier om daar tegen in te gaan.”

Satire is een stijlvorm die je wel vaker bezigt. Niet alleen in de muziek, ook in de gewone omgang. Vormen je nummers een verlengstuk van je eigen persoonlijkheid?

“Ik wil in de eerste plaats het leven schetsen van een Ier die stilaan tegen de veertig aanloopt, en beschrijven hoe die tegen de wereld aankijkt. Natuurlijk wil ik, zoals elke muzikant, entertainen, maar entertainment zonder emotie erin is klinisch dood. En bovendien vind ik dat zelf niet erg entertainend. Om kort te gaan: als ik vermaakt wil worden zal ik niet meteen naar X-Factor kijken, want dat is wat mij betreft revolterende televisie. Lady Gaga: nog zoiets. Ik zou niet eens een probleem hebben met die protserige kostuums en belachelijke shows, mocht haar muziek niet zo onnoemelijk saai zijn. Lady Gaga maakt platte eurodisco. Plastic. Ik snap niet waarom ze zo groot is geworden. Het kan niet anders dan de look zijn. Maar dat maakt haar er niet minder alarmerend op.”

Zelf hou je in je muziek een stijl en esthetiek aan die weemoedig maakt naar een vervlogen tijd. Ben je in het verkeerde decennium geboren?

“Mja. Ik verlang naar veel verschillende vervlogen tijden, en nog het liefst allemaal tegelijk. En heel af en toe maak ik zelfs iets dat een beetje actueel klinkt. Maar dat is altijd per ongeluk, en ik wens er me ook uitdrukkelijk voor te verontschuldigen. Mijn enige criterium blijft: tijdloze muziek maken. Dat heeft de platenfirma intussen ook begrepen. Ze verwachten niet meer dat ik in de hitparade sta. Zelf wil ik vooral songs die op de duur hun weg naar het collectieve geheugen vinden. Mijn grootste overwinning is dat ik nog steeds meedraai, terwijl iedereen die vandaag de charts binnenhuppelt over zes maanden alweer in de vergetelheid zal gesukkeld zijn. Ik ben dus niet triest. Ik droom ervan om ooit een nummer te schrijven als ‘Somewhere Over The Rainbow’ of ‘White Christmas’. Songs die groter worden dan de componist. En toevallig heb ik net een nummer geschreven dat zo’n potentieel in zich draagt: ‘Have You Ever Been In Love’. Alleen: een liedje evolueert pas tot een evergreen als het vaak gecoverd wordt. Dus als er muzikanten zijn die dit lezen: aan de slag!”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234