Woensdag 20/10/2021

Als Maria niet helpt, dan troost ze toch

Zeker 140 processies gaan voor haar uit, met de maand mei als hoogtepunt. Hele dorpen lopen dan achter het beeld van de moeder van Jezus aan. Nee, als iemand in Vlaanderen nog geloofd wordt, dan wel Maria. 'Onze-Lieve-Vrouw heeft geen politieke kleur.' Foto's Jelle Vermeersch

Het is 17 mei 2012 en door Lebbeke slingert de Bid- en Boeteprocessie Ons Heer Hemelvaart door de straten. Geopend door twaalf banieren, middeleeuws aandoende dragers, iets later (eigenlijk iets te laat) wandelt voor hen nog een Brabants trekpaard. Maar meer dan dat valt de stem van de voorganger door de luidsprekers op. Zeer krachtig. Tientjes biddend, en vooral de 'vijf glorievolle momenten' opzeggend. Van Jezus Christus die verrezen is, tot de kroning van Maria in de hemel.

En soms vraag je je af of je het goed gehoord hebt: "Wij bidden voor de vele christenen van onze parochies die randkerkelijk zijn geworden en de aanwezigheid in de wekelijkse eucharistieviering verwaarlozen; dat zij beseffen dat zij los van de Heer veel missen en ook als christen geen stand kunnen houden." Het is de 141ste processie, "op rij", zegt Jozef Dauwe, gedeputeerde in Oost-Vlaanderen en in habijt achter de 'Troosteres der Bedrukten' meestappend.

Groot is de stoet niet. Vroeger liepen ze hier met zeker 4.000, nu schat Dauwe het op 1.500. Lijkt ruim, maar toch: de devotie is er nog. Volgens Carl Deckers, initiatiefnemer van 'Maria door Vlaanderen Gedragen', kun je twee soorten stoeten onderscheiden. De gebedstochten en de grote geschiedenis- en folkloreprocessies. Met één constante: het Mariabeeld. Toen Deckers een paar jaar geleden zijn werk bij Dexia kwijtraakte stortte hij zich op zijn passie. "Als kind van elf had ik meegelopen in de Mariastoet van Boom", herinnert hij zich. "Die bestaat niet meer, maar toen was dat een massagebeuren. En érgens is er die dag iets gebeurd." Iets wat hem zes jaar geleden dus nog meer greep. Deckers begon te bellen, te informeren, te turven. Kernvraag: hoeveel Mariabeelden (en dus stoeten) heeft Vlaanderen nog? "Ik kwam aan zeventien. Overheid noch het instituut kerk had een idee. Uiteindelijk ben ik zelf op stap gegaan. In 2009 kwamen we aan 133 beelden en 148 plechtigheden." De oudste is de Brugse Belofte, op 15 augustus.

Waar men gaat langs Vlaamse wegen,

komt men U, Maria, tegen.

Op het Koningin Astridplein in Lebbeke doet het trekpaard zijn behoefte, niemand trapt erin. Van buitenaf is het zicht vreemd, passerend langs de schoen- en slotenmakerij die "ook de moeilijkste jobkes met de glimlach" doet, langs restaurant De Eetkamer en langs de wasserij. Tegelijk wordt het 'Tantum Ergo' gezongen: "Genitori, Genitoque, laus et iubilatio." Jozef Dauwe schreef ooit het boek Geschiedenis van de verering tot O.-L.-Vrouwvan Lebbeke en is nog altijd deken van de Confrérie van Onze-Lieve-Vrouw. Hij kent de geschiedenis van de bouw van de kerk op een vlasakker van een arme weduwe, weet hoe de Maagd Maria uit de hemel kwam en met een rode draad de plek omcirkelde waar die kerk moest komen. Die rode draad hangt aan de scepter van het meegedragen Mariabeeld. Vlasbewerkers zijn er nu niet meer. Wel Gerard Moens, 74-jarige landbouwer, hij loopt mee sinds hij kan stappen. "Natuurlijk is het leven niet altijd gemakkelijk. Maar dit... Kijk, hélpt het niet, dan troost het toch." Dat klinkt eenvoudig, en volgens deken Eduard Janssens is dat wat hier leeft. "Op haar sterfbed heeft iemand me eens gezegd: 'Ik heb nog nooit iets aan Maria gevraagd wat ik niet gekregen heb.' Elke zaterdagmorgen om 8 uur hebben we een Mariamis. Elke week. Sinds 1512." Jozef Dauwe schudt nog de hand van de socialistische schepen. "Dat telt allemaal niet. Onze-Lieve-Vrouw heeft geen politieke kleur."

Houvast

Ze zeiden nog iets in Lebbeke: "Ons bedevaartsoord is ouder dan dat van Halle en Scherpenheuvel." Die zijn wel bekender, en wanneer tien dagen later in Halle om 15 uur de Mariaprocessie uitgaat, dan zie je dat ook: groter, langer, meer. Met makkelijk 750 figuranten, in huiskamers verkleed als bisschoppen en Jezus en engelen. Regisseur is Carl Deckers. 20.000 mensen in de straten van Halle. "Het blijft me verrassen", zegt hij, en dan verwijst hij niet eens naar het zware weer waarin de kerk de voorbije jaren verzeild raakte. "We hebben een boek uitgebracht over de ommegangen, zangeres Ingeborg was er de meter van. Wel, zij heeft dat goed beschreven. 'Mijn hoop is dat Maria door Vlaanderen gedragen kan worden op een manier die veel verder reikt dan men kan zien, want het uiterlijk vertoon is maar de schaduw van wat er innerlijk gebeurt.'" Hij legt uit: "Ik ben eigenlijk blij dat ik het in De Morgen eens kan zeggen. Want welke ideologie of godsdienst je ook volgt, iedereen heeft een houvast nodig. En dan komt de moederfiguur toch altijd terug. Maria dus. Op tweede pinksterdag gaat de Kampenhoutommegang om half acht 's morgens uit. Daar zag ik een moeder met haar vijf kinderen stappen, hand in hand. Dat doet ze niet omdat het een gezondheidswandelingetje is, hè. Dertien kilometer, dat betékent iets. In Vlaanderen en in de hele katholieke wereld neigen mensen meer naar Maria dan naar Jezus, denk ik. Dat is anders dan in de kerk zelf."

Carl Deckers regisseert de stoet van Halle en die van Lede. Alweer goed voor 600 figuranten, 8.000 toeschouwers, het is de verbeelding van het verhaal van Onze-Lieve-Vrouw van 7 Weeën. "In 2014 vieren we 600 jaar Mariaverering. Natuurlijk is er veel veranderd. We kijken ook geen zwart-wit-tv meer. Het verhaal van Maria kun je niet herschrijven, maar de verpakking wel. Kinderen lopen in die stoet in jeansbroek. En pas op, ik droom mijn processies. Ik durf het te zeggen: ik heb een verbinding met Onze-Lieve-Vrouw. 's Nachts krijg ik beelden. Ik moet ze wel meteen opschrijven of ik vergeet ze."

Te Lubbeek is een plaats zo schoon, een plaats die 't hart bekoort.

Zondag 3 juni. Zelfs op de snelste stand hebben de ruitenwissers zwaar werk op weg naar Lubbeek. Heerlijk was het in mei, maar juni... Moet in dit doornatte en verregende dorp, waar Mariabanieren en beeldjes gevels en woonkamerramen sieren, straks het pelgrimslied klinken? Zelfs fanfare Sint-Cecilia zoekt in het portaal van de Sint-Martinuskerk beschutting tegen de weergoden. Neen, de openingszondag van het Octaaf van Lubbeek wordt niet zoals gedroomd. Pastoor Luc Thiry draagt de mis op, achteraan wacht het beeld van Maria, op het einde draagt hij het naar voor. Er worden bloemblaadjes gestrooid, mensen raken vooraan een relikwie aan, Sint-Cecilia speelt 'Lieve Vrouwe van ons Land', er is applaus. Dan worden de met plastic bedekte en met bloemen versierde wagens binnen gereden, de negentien ruiters van de lokale manege maken rechtsomkeert, al voor de mis heeft de pastoor met de parochieploeg beslist dat in dit weer geen processie mogelijk is.

Wat was het plan? Van aan de Sint-Martinuskerk naar de kapel van Onze-Lieve-Vrouw in de Binkomstraat stappen. Allemaal omdat in 1341 de twee dochters van Joannes van Crewinckel in de boerderij aan de Gempemolen overleden en hij onderweg om hen te begraven getroffen werd door een verschrikkelijk noodweer. Van Crewinckel moest schuilen onder twee eiken. Toen het onweer voorbij was, lukte het niet meer om die twee lichamen te verroeren. Maar 's nachts verscheen Maria. Ze droeg hem op op die plaats, bij die twee eiken, een kapel voor haar te bouwen.

"Na Scherpenheuvel en Halle is dit het derde bedevaartsoord van Vlaams-Brabant", zegt Marc Bracquiné, beheerder van de parochie. "Dat octaaf is eigenlijk een periode van acht dagen. Sinds 1816 wordt die gehouden van de eerste tot de tweede zondag van juni. Dat is nog altijd gestoeld op geloof, maar het is meer dan dat geworden. Eigenlijk is het een dorpsfeest, waarin een gemeenschap gevormd wordt. Die ruiters die je net zag, zien waarschijnlijk nooit de binnenkant van een kerk. Maar aan dat octaaf houden ze vast."

Bij het, inmiddels nieuwe, kapelletje in Binkom staat een bankje met daarbij een draaikraampje met de geschiedenis van Onze-Lieve-Vrouw van Lubbeek. Binnen branden wel wat kaarsen, glasramen vertellen de geschiedenis van de ridder en zijn twee dochters. Aan de gevel alom: veel dank. Uit 1912, voor eene bekome geneezing, een bordje van Françoise en Madeleine.

En dan, in email, nog één les: "Je wordt rijker naarmate je meer aan anderen geeft."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234