Dinsdag 18/05/2021

'Als kind zag ik films met mijn oren'

Arno graaft in zijn geheugen voor het eerste Oostendse Filmfestival

Voor de eerste editie van het Filmfestival van Oostende, nog tot 11 september, mag Arno Hintjens als thuisspeler bijna vanzelfsprekend zijn persoonlijke filmselectie maken. Elke film linkt hij aan een Oostendse plek.

DOOR KURT VANDEMAELE

OOSTENDE l We volgden Arno langs oude scholen, cafés met tapsters met dikke borsten en leerden een deftige tomate crevette à l'ostendaise maken.

"Intussen is mijn muziek toch al voor 32 films gebruikt", aldus Arno. "Dat is veel, hé, maar ik ben ook al een oude mens. Ik ben oud geboren, maar ik ga jong sterven. Film heeft mij altijd geïntegreerd, van kindsbeen af. Oostende was vroeger een cinemastad. Mijn grootmoeder zong ook in de cinema. Zo heeft ze mijn grootvader leren kennen. Zonder de cinema was ik hier wellicht nooit geweest. Er waren twintig bioscopen in Oostende. Mijn ouders waren cinefielen. Iedere week gingen mijn vader en moeder twee keer naar de cinema en toen ze thuiskwamen vertelde mijn moeder me van a tot z wat er gebeurd was. Ik zag de films met mijn oren. Ik heb ook films uit mijn jeugd gekozen. Zoals La Strada. Die film plakt nog altijd aan mij als een nat laken aan een bezweet lichaam. Het leven is cinema, hé. "The Pictures", zei mijn vader, "we're going to the pictures."

Het gezin Hintjens was tijdens de Tweede Wereldoorlog uitgeweken naar Engeland en ook al was hij balling, de vader van Arno moest daar zijn legerdienst afleggen.

"Weet je dat de vader van Jane Birkin bij de RAF was toen mijn vader daar ook bij zat? Ze hebben mekaar gekend. Jane is een zus voor mij. Fantastische madam."

Blijkbaar voelt ze zich ook een zus. Want een telefoontje van Arno volstond om haar naar Oostende te lokken, waar ze op maandag de film Boxes zal presenteren, die ze zelf geregisseerd heeft. Een film die ook Arno nog niet gezien heeft. "Nee, maar ik heb het scenario gelezen, want Jane wilde dat ik in de film speelde. Ze had me daarvoor gevraagd, maar ik had geen tijd."

Zelfde scenario met de Franse veteraan Michel Piccoli. "Allo, Michel, c'est moi, Arno. Dis, j'ai quelque chose à te demander..." Zo eenvoudig ging dat. Piccoli brengt een film van twee jaar geleden mee die in België nooit vertoond is: C'est pas tout à fait la vie dont j'avais rêvé. "Ik heb de filmmuziek daarvoor gemaakt", legt Hintjens uit. "Voor Michel heb ik al twee scores gecreëerd. En de vorige keer speelde ik ook mee in zijn film. Michel is een goeie vriend. En zijn film is niet alleen goed, maar ook speciaal. Een beetje Jacques Tati-achtig. Het is grappiger. Er zit veel humor in."

Al even eenvoudig was het om films te selecteren. Het enige probleem was dat Arno slechts twaalf titels mocht kiezen. Waardoor sommige interessante keuzes sneuvelden, zoals Poor Cow, High Noon, Don't Look Back en This is Spinal Tap. Voor de films die wel getoond worden, zal er iedere keer een filmpje zitten waarin Arno zijn keuze toelicht vanop een Oostendse plek die hij met de gekozen film associeert. Zo ging hij voor zijn verhaal bij La Strada terug naar de Van Glabbekeschool - "ik ben hier al meer dan 40 jaar niet geweest". Voor Paris, Texas trok hij naar wat er overbleef van Café La Chèvre Folle, waar hij terugdenkt aan Roland, "die ik hier leerde kennen, en aan de dikke borsten van de madame die achter de toog stond", een dame die hem de blues leerde ontdekken. Voor The Birds keerde hij terug naar de school bij het station waar hij voor kok studeerde. Het was toen hij leerde koken dat hij de film van Hitchcock leerde kennen, "de eerste film die van elektronische muziek gebruik maakte. Techno en Kraftwerk avant la lettre. Toen ik hier op school zat, besefte ik dat ik nooit wilde werken. En sindsdien héb ik nooit meer gewerkt. Ik heb me alleen nog geamuseerd." En hij heeft er natuurlijk leren koken. In het huis van Ensor, waar hij in de living over de film van Henri Storck Idylle à la Plage, vertelt, geeft hij dan ook wat kooktips mee: "In de film zie je twee mensen die dansen op het strand. Voor mij is het een beetje erotisch getint. Het ruikt hier trouwens naar garnalen. Leve de garnalen! Een tomaat met dode beestjes in, weet je wat dat is? Dat is een tomate crevette à l'ostendaise. De garnalen voor een echte tomate crevette à l'ostendaise moeten gepeld zijn door de oude wijvetjes van Oostende. Je legt ze in een bokaaltje, je voegt daar wat fijn gesneden ajuintjes of sjalotten aan toe, je doet er olie bij - geen olijfolie, maar olie van hier - ook nog een traantje citroen, je laat het geheel een nacht in de frigo liggen, 's anderdaags snij je een tomaat in twee, niet gepeld, en je vult ze op met die dode beestjes. En dat is een echte tomate crevette à l'ostendaise. Zonder mayonaise! Smakelijk!'

Op andere plekken, weer andere verhalen. Zo stelt hij Deliverance voor van op de piste in het Maria Hendrika-park. Het was in die piste dat hij in 1970 zijn eerste concert gaf. Er waren toen vaker optredens in de piste. Deliverance is hem om verschillende redenen bijgebleven. "Ik heb die film gezien op de dag van de begrafenis van mijn moeder, in Cinema Capitole. Ik nam mijn broer mee om eens onze gedachten te verzetten, maar het bleek een heel heavy film te zijn. Ik herinner me ook nog altijd dat banjoduel. Door die film heb ik banjo's leren appreciëren." Nog een andere figuur waar hij in de introfilmpjes over terugmijmert is Etienne Elias, de schilder met wie hij jaren goed bevriend was. Over hem vertelt hij bij de voorstelling van Tales of an Ordinary Madness: "Die film dateert van 1981. Als ik aan die film denk, denk ik aan Tienne. Ze zijn van dezelfde familie. 1981 was ook het jaar dat ik Tienne uit het oog ben verloren."

Maar dé film die hij helemaal bovenaan zijn lijstje plaatst is Nil by Mouth, tien jaar oud en nooit uitgebracht in België, hoewel de enige film die Gary Oldman ooit regisseerde in eigen land uitbundige kritieken kreeg. En ook Arno is er dol op, zo vertelt hij in café 'Jean Bart' in de Vuurtorenwijk, de Opex:

"Ik vind dat een van de beste films die ik gezien heb in mijn leven. Het heeft iets te maken met mijn jeugd, met de Opex, waar we hier zitten. Ik ben opgegroeid tussen zulke figuren. Ik ben zot van Engelse films. Van Britain. De beste acteurs ter wereld zijn Engelse acteurs. Ik vind de casting van Nil by Mouth geweldig. De figuren die je in de film ziet, zijn de mensen die ik hier in de Opex zag. En ze spreken Cockney in de film. Dat lijkt eigenlijk op Oostends. Die mensen spreken niet, ze roepen. Het is alsof ze altijd van hun kloten maken tegen mekaar. Mijn grootmoeder zei: het zijn allemaal hoeren, zjuste mémé niet (lacht)"

En zo heeft Arno bij alles een verhaal. Zo kent hij ook Anton Corbijn, de man die het festival mag openen met zijn film Control. "Corbijn was eigenlijk fan van Danny Willems, een goeie vriend van mij. Hij nam ook foto's voor Front 242. En Control gaat eigenlijk over Joy Division en er is daar een Brusselse madam die ik ken die nog met Ian Curtis geweest is. Ik was daar bij. Ik heb Joy Division in hun beginperiode gekend. Die kwamen toen in de Plan K. spelen, een oude fabriek. Er waren toen hooguit veertig, vijftig aanwezigen. Er hingen toen veel Engelse groepen in Brussel rond. Zoals bijvoorbeeld ook de mannen van Gang of Four, de grote voorlopers van al die groepen als Franz Ferdinand en Arctic Monkeys. Het begin van de jaren 80 was een rijke periode op muzikaal gebied. Geen afkooksel van wat de jaren 60 of 70 hadden voortgebracht."

Alle introfilmpjes met Arno zijn te zien tijdens het Filmfestival van Oostende. Ze zitten voor de films die hij voor 'The Master Selection' heeft gekozen. Hij zal er natuurlijk verschillende keren live bij zijn, zo ook op 8 september tijdens de Soundtrack of Our Lives. www.filmfestivaloostende.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234