Maandag 22/07/2019

'Als kind wilde ik ridder worden'

Drie jaar geleden kreeg Hilary Mantel de Man Booker Prize voor haar historische roman 'Wolf Hall'. Volgende week kan ze dat feestje nog eens overdoen met het vervolg, 'Het boek Henry'. 'Ik wou weten wie de neuroot achter de macho Hendrik VIII was.'

Een deurstopper van een roman over de venijnige opgang die Thomas Cromwell maakte aan het hof van Hendrik VIII en die ermee eindigt dat Thomas More, de auteur van Utopia terechtgesteld wordt. U gelooft het niet, maar dat is de meest verkochte Booker Prize-winnaar aller tijden. Wolf Hall heet het boek, geschreven door Hilary Mantel, en als u het gelezen hebt, zal het u niet verbazen dat net deze roman een bestseller werd, zo fijn weet Mantel het gekonkel achter de rug van de koning te beschrijven. Het boek Henry (oorspronkelijke titel: Bring Up the Bodies) is haar tweede roman over Cromwell in wat ooit een trilogie moet worden en daarin volgen we de man, inmiddels de vertrouweling van de koning, bij zijn slinkse manoeuvres die Hendrik in de armen van Jane Seymour drijven, Anna Boleyn het hoofd kosten en hem nog meer macht bezorgen.

Waarom, vroegen we ons af, offert iemand tien levensjaren op aan het beschrijven van de avonturen van een lepe vos actief aan het hof van het grootste varken uit de Engelse geschiedenis? "Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in de keerzijde van verhalen", zegt Mantel. "Het feit dat Cromwell overal afgeschilderd werd als een misdadiger maakte mij automatisch nieuwsgierig. Bovendien vond ik het raar dat er massa's academische boeken over hem geschreven waren en dat de man bij het grote publiek toch geen enkele interesse kon opwekken. En dat terwijl hij een van de fascinerendste figuren uit de Engelse geschiedenis is. Hij werd geboren als zoon van een smid en klom op tot de vertrouwensman en de belangrijkste minister van Hendrik VIII. Wie is in staat tot zoiets en slaagt erin tien jaar aan de top te blijven? Wie is überhaupt in staat om dag in dag uit Hendrik te verdragen? Waar kwamen zijn uiterst moderne ideeën vandaan? En dan zijn er de verdwenen jaren natuurlijk, tussen zijn jeugd en zijn eenenveertigste, waarover we niets weten. Mensen die hem kenden beschreven hem als een sociaal iemand, een vlotte prater met gevoel voor humor. En toch kun je je afvragen of hij hen ooit wel iets belangrijks heeft toevertrouwd. Er werd van alles over hem verteld, dat hij Iers was, of Joods, en dat hij een tovenaar was, en hij heeft daar nooit op gereageerd. Hoe meer er over hem gefabuleerd werd en hoe meer hij achter die fabels kon verdwijnen, hoe aangenamer hij dat vond."

Maar wie was hij echt, een samenzweerder of een idealist?

"Misschien gaat het wat ver om hem een idealist te noemen, maar hij hield vast aan een paar nastrevenswaardige ideeën en had maar één doel voor ogen: het welzijn van zijn land en koning. Zo bedacht hij de Poor Law, die ervan uitging dat armoede geen straf van God was of de schuld van de arme zelf, maar wel het gevolg van ziekte of ongeluk. Hij zag in dat veel armoede veroorzaakt werd door het economisch systeem dat Engeland rijk maakte: de wolhandel die veel minder arbeidskrachten nodig had dan de landbouw. Werkloosheid was daardoor een groot probleem in Tudor Engeland. Om daar iets aan te doen stelde Cromwell de retorische vraag of het niet de taak van de overheid was om meer werkgelegenheid te creëren en zo werd zijn Poor Law een eerste, flauwe schim van wat later de verzorgingsstaat zou worden. Hendrik was helemaal voor, wellicht omdat hij geliefd wilde zijn bij het volk. Cromwell bracht zijn voorstel voor het Lagerhuis en Hendrik ging er zelfs een pleidooi houden ter ondersteuning ervan, maar het werd afgewezen omdat het te veel zou kosten. Cromwell gaf echter niet op, en zelfs tijdens zijn laatste levensjaren hoopte hij nog steeds dat hij zijn voorstel er via een achterpoortje toch door zou krijgen. Wij zien het toenmalige Lagerhuis graag als de wieg van de jonge democratie, maar de leden van die instelling beoogden alleen hun eigen gewin. Cromwell heeft doorheen de geschiedenis heel wat kritiek gekregen omdat hij dit Lagerhuis aan zijn wil trachtte te onderwerpen. Ik kan hem echter geen ongelijk geven."

Was het niet moeilijk om te schrijven binnen die historische setting? Die perkt je vrijheid toch sterk in?

"Zeker, en dat vond ik er ook zo leuk aan. Absolute vrijheid werkt negatief. Pas wanneer je je aan bepaalde regels moet houden, wordt het spannend om te kijken hoe ver je die op kunt rekken. Mijn vrijheid begon waar de historische feiten stopten. Het grootste plezier beleef ik wanneer ik feit en speculatie door elkaar kan halen. Heel vaak lees je bijvoorbeeld in historische documenten: 'De koning zei' en dan volgt een citaat. Wat mij interesseert is waarom hij dat zei. Dat weten we natuurlijk niet, dus daar maak ik als schrijfster mijn opwachting. Ik kan de conversatie beschrijven die in de kamer ernaast plaatsvond, wat iemand uit het raam zag en de koning niet, of wat de koning werkelijk dacht terwijl hij zijn uitspraak deed. De schrijver heeft dan het privilege die zaken in te vullen en ambiguïteit te creëren."

Ieder schrijven is tot op zekere hoogte autobiografisch. Hoe kunt u iets van uzelf kwijt in een historische roman?

"Ik studeerde rechten en had ooit de droom om de politiek in te gaan. Dat zijn enkele overeenkomsten tussen Cromwell en mij. Nog voor ik kon lezen was ik al gek op de verhalen over koning Arthur en zijn ridders. Ik wist toen al zeker wat ik later zou worden: ridder natuurlijk, en kijk, op mijn zestigste schrijf ik een boek over een koning. Het is de taak van de schrijver om nooit geleefde levens te leiden of om zich een leven in te beelden als man of als zeventiende-eeuwse vrouw.

"Mijn eerste boek ging over de Franse Revolutie, en ook toen al vond ik het veel belangrijker om mijn lezers met hun eigen vooroordelen te confronteren dan met die van mij. Compromissen waren uitgesloten; nooit zou ik schrijven wat het publiek wilde lezen. Is die slechterik wel zo slecht? Was Robespierre echt wel zo'n beest? Wat ik onderschatte was hoe weinig de Britten wisten over de Franse Revolutie en hoe weinig die hen kon schelen. Veel meer dan Dickens' A Tale of Two Cities hadden ze er niet over gelezen, en ze sympathiseerden allemaal met de Scarlet Pimpernel, die de royalistische kant van de zaak had gesteund. En dat is toch een beetje gek aangezien het de Engelsen zijn die als eersten hun koningen onthoofdden (lacht)."

Dat ligt wel even anders met Hendrik en co. Waarom zijn de Tudors zo populair bij de Britten?

"Dat komt allemaal door die gruwelijke koning die zes vrouwen had en er twee liet terechtstellen. We weten dat hij afgrijselijk was, maar heel diep vanbinnen houden we ook van hem. 'Hij is een monster,' weet je wel, 'maar hij is wel ons monster.' Kijk naar zijn portret geschilderd door Holbein. Dat is zo overdreven macho dat je meteen wilt weten wat het echte verhaal van Hendrik is. Wie is de neuroot achter de macho? Wanneer je alle politiek wegschraapt, blijft er bovendien een menselijk verhaal over: één man, zes vrouwen en een midlifecrisis. Dat spreekt ons allemaal aan, zeker wanneer er kinderen in zicht komen: al die keren dat hij hoop koesterde en al die keren dat hij teleurgesteld werd. En dan die arme vrouwen, met hun doodgeboren baby's of de baby's die al na een paar dagen stierven. Iedereen kan de psychologische wortels van Hendriks gedrag begrijpen. Hij groeide van een knappe jongeman uit tot een gedrocht. Zijn lichaam kende een opvallend vlug en verregaand verval. Op het einde van zijn leven leed hij constant pijn. Op zijn vierenveertigste raakte hij bij een steekspel gewond aan zijn been en die wonde is nooit genezen. Ze bleef schrijnen en etteren tot zijn dood. Hij had nog andere kwalen, constipatie bijvoorbeeld, maar die chronische pijn heeft ongetwijfeld zijn karakter veranderd. Je vroeg me net naar mijn persoonlijke band met mijn boeken over Hendrik VIII en misschien heeft dit er wel mee te maken. Ik ben al heel mijn leven ziek. Ik heb endometriose, waarbij het baarmoederslijmvlies zich buiten mijn baarmoeder aan mijn organen hecht, wat tot bloedingen leidt. Ik heb al veel pijn geleden en was door interne vergroeiingen niet in staat kinderen te krijgen. Daardoor heb ik vaak nagedacht over Hendriks lot, het verlangen naar een kind en de gruwel je eigen lichaam tegen je wil in te zien veranderen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden