Zaterdag 26/09/2020

InterviewVictor Campenaerts & Fanny Lecluyse

‘Als je doping neemt, ben je een onderkruiper en verdien je een levenslange schorsing’

Beeld Geert Van de Velde Humo 2019

2019 was op sportief vlak weer een echte grand cru: er werd een wereldrecord verpulverd, er waren gouden medailles en de beste basketbalspeelster ter wereld bleek een bescheiden meisje uit Ieper. Als kers op de taart zagen we in een jongen genaamd Remco Evenepoel een glimp van de nieuwe Eddy Merckx. Wie durft er nog te beweren dat België geen sportland is?

Dat er in topsport wel degelijk plaats is voor liefde, bewijzen Fanny Lecluyse en Victor Campenaerts, respectievelijk finaliste op de 200 meter schoolslag op het WK langebaan in Zuid-Korea en de man die wielericoon Bradley Wiggins onttroonde en het werelduurrecord terug naar België bracht. Campenaerts’ vermogen om te focussen op een doel is intussen legendarisch, maar als hij het daarover heeft, strooit hij vooral met lof over zijn vriendin. “Als andere vrouwen me bezig zagen, ze zouden zeggen: ‘Wat een asociale vent!’ Maar Fanny begrijpt mij.” Als het even meezit, hangen er vanaf volgende zomer twee olympische medailles aan de muur bij dit charmante koppel. Maar eerst blikken we terug op het wonderjaar 2019.

Januari

Victor, we beginnen ons overzicht bij jou. Begin 2019 vertrek jij meteen op hoogtestage naar Namibië, om je aanval op het werelduurrecord voor te bereiden. Is dat de avonturier in jou die voor zo’n ongewone plaats kiest?

Campenaerts: “Was het maar zo romantisch.”

Er liepen toch giraffen naast je mee op training?

Campenaerts: “Akkoord, dat zorgde even voor het perfecte plaatje. Maar die stage voelde eigenlijk heel westers aan. Ik had het avontuurlijker verwacht. Ik logeerde in een wijk met kasten van huizen, waar uitsluitend blanken woonden, terwijl de zwarten verderop in sloppenwijken leefden. Toen ik onze poetsvrouw 50 euro gaf, sprak de huisbaas me daarop aan: ‘Victor, zo verziek je het systeem.’ Het klassenverschil daar heeft me echt aangegrepen. Nu, los daarvan was Windhoek een fijne stageplaats.”

Ook in januari: ex-motorcrosser Stefan Everts spreekt voor het eerst na zijn malaria-aanval, die hem bijna het leven kostte. Intussen zijn bij hem al zeven tenen geamputeerd.

Campenaerts: “De ploeg was ongerust, maar de kans dat ik daar malaria opliep, was even groot als de kans dat er nu een vliegtuig op ons hoofd valt. Onze poetsvrouw heeft wel een slang ontdekt onder een matras. Dat maakte me dan weer wél bijzonder ongerust. (lacht)

Weten jullie nog wie in januari de Gouden Schoen won?

Campenaerts: “Jij mag antwoorden, Fanny. (lacht)

Lecluyse: “Goh, ik heb veel respect voor voetballers, maar ik volg het niet.”

Campenaerts: “Wacht! Eden Hazard?”

Hans Vanaken, van Club Brugge.

Lecluyse: “Nog nooit van gehoord. Vorige zomer heb ik wel de Rode Duivels gevolgd tijdens het WK. Al dacht ik na de wedstrijd tegen Frankrijk: ik had beter niet gekeken. Wat een teleurstelling!”

Campenaerts: “Heel plezant, die sfeer, als je met vrienden de match volgt op een groot scherm. Maar vraag me niet wat offside is.”

Voetbal is de populairste sport van het land. Waarom volgen jullie het niet?

Campenaerts: “Het spreekt me niet aan. En ja, iedereen vindt dat raar. Toen ik het uurrecord brak, heb ik een mailtje met felicitaties gekregen van de trainer van de Rode Duivels. Ik ben zijn naam al vergeten.”

Hans Vanaken wint de Gouden Schoen.

Roberto Martínez.

Campenaerts: “Ja, dat was hem. Ik hoor daar dan enorm vereerd door te zijn. Maar beeld u eens in dat de Rode Duivels winnen dankzij een geweldige goal van Kevin De Bruyne – of is dat een verdediger?”

Een middenvelder.

Campenaerts: “(onverstoorbaar) Wel, stel dat Rik Verbrugghe, als wielerbondscoach, Kevin De Bruyne een mailtje stuurt om hem proficiat te wensen. Zal die dan achterover vallen van verbazing? Nee toch, hè?”

Februari

Kan veldrijden meer op je interesse rekenen, Fanny?

Lecluyse: “Ja. Mijn ouders keken altijd naar het veldrijden, en ik keek mee.”

Campenaerts: “(stoot haar aan) Als Mathieu van der Poel meerijdt, is ze geïnteresseerd, hoor.”

Lecluyse: “(bloost) We hebben een tijdje geleden samen naar zijn comeback in het veld gekeken. Ik heb meteen gezegd: ‘Je zal zien, hij zal goed zijn.’”

Mathieu van der Poel.

Waarom kijk je zo graag naar Van der Poel?

Campenaerts: “Fanny is gewoon een ongelooflijke fan! Mijn idool was Sven Nys. Ik vond het fantastisch hoe hij iedereen op een minuut reed. Alleen jammer dat Mathieu de sport een beetje doodknijpt. Hij is té goed.”

Hij wordt begin februari wereldkampioen, nadat hij in een heel seizoen amper twee crossen heeft verloren.

Lecluyse: “Verdiend. De jaren voordien had hij telkens het WK verloren. Dat was herkenbaar voor mij: op momenten dat je er echt moet staan, kan het tegenzitten.”

Campenaerts: “Ik heb vroeger aan competitiezwemmen gedaan, weliswaar niet op het niveau van Fanny. Op het BK lukte het bij mij nooit. Terwijl ik een week nadien, op een onbelangrijke wedstrijd, wel won. Toen ben ik naar een sportpsycholoog gestapt.”

Al op zo’n jonge leeftijd?

Campenaerts: “Ik was 16 jaar, en wilde de beste worden. Die mentaliteit moet je dán al hebben, wil je het maken als topsporter.”

Vinden jullie het onterecht als er schamper wordt gedaan over veldrijden?

Lecluyse: “Ja, want het is geen simpele sport: ze vereist veel techniek en je moet een uur lang in het rood kunnen gaan.”

Campenaerts: “Ik heb zelf nog gecrost. Na lang zagen had ik van mijn ouders een crossfiets gekregen. Ik zocht op in Humo waar er ’s weekends een veldrit plaatsvond, en trok ernaartoe. De eerste keer werd ik gedubbeld, de tweede keer viel ik in de eerste bocht. Ik was toen nog zwemmer, en mijn trainer vond het geen goed idee dat ik op mijn rustdag mijn zwaarste inspanning van de week deed. (lacht)

Maart

Operatie Aderlass komt naar buiten. Verscheidene atleten, vooral wielrenners en langlaufers, blijken nog steeds bloeddoping te gebruiken. Kan een dopingzondaar anno 2019 nog op jullie begrip rekenen?

Lecluyse: “Mijn grootste concurrente is de Russin Yuliya Efimova. Ze is al twee keer betrapt op doping en reageert telkens laconiek, alsof ze een verkeersboete heeft gekregen. Toen ik in Rio mijn plaats in de halve finale nipt aan haar verloor, dacht ik: zij hoort hier niet.”

De Estse langlaufer Algo Kärp wordt op heterdaad betrapt op bloeddoping.

Moet ze langer worden geschorst?

Lecluyse: “Absoluut. Was ze Belgische, ze zou nooit meer mogen zwemmen. Maar Rusland verdedigt zulke atleten. Of ze positief zijn of niet: het maakt hen niets uit.”

Is er nog veel doping in het zwemmen?

Lecluyse: “Bij de Russen hebben we nog altijd onze twijfels. En je hebt de Chinese zwemmer Sun Yang, die altijd moeilijk doet bij controles. Hij heeft zelfs al eens zijn bloedstalen kapotgeslagen.”

Campenaerts: “Ik vind het spijtig dat er zoveel uitzonderingen worden toegelaten. Zoals bij Froome, die de toegelaten hoeveelheid Ventolin voor zijn astma had overschreden. Het moet zwart of wit zijn, niets ertussen. Ik ben heel radicaal: als je positief bent, moet je levenslang geschorst worden.”

Lecluyse: “Vind ik ook. Maar er was een Nederlandse zwemster die positief was, en beweerde dat ze van niets wist. Stel dat ze de waarheid spreekt, denk ik dan. Victor zegt dat ik zulke verhaaltjes niet mag geloven.”

Campenaerts: “Ik zie het als broodroof. Als je pakt, ben je een vuile onderkruiper en een onverbeterlijke valsspeler. Ik geloof in tweede kansen in het leven, maar in de sport ligt dat anders.”

Er was dit jaar veel te doen rond ketonen. Bij Lotto-Soudal deelden ze tijdens de Tour mee dat hun renners dat wondermiddel gebruiken.

Campenaerts: “Ketonen zijn geen doping, ze helpen me gewoon sneller te herstellen. Ik heb er al een redelijk kapitaal in geïnvesteerd. Enkele ploegmaten en ik lachten zuur toen de ploeg dat nieuws op die manier verkondigde. Wij betalen alles uit eigen zak, maar nu liet de ploeg het overkomen alsof zij ervoor zorgt. Het gaat over 10.000 euro, wat ik heel veel geld vind. Een zwemmer kan zo’n bedrag onmogelijk betalen.”

April

Was 16 april, de dag waarop je het uurrecord brak, de mooiste dag van je leven?

Campenaerts: “Sportief wel, maar persoonlijk… (aarzelt en wijst naar Fanny)

Lecluyse: “Ik begrijp het, hoor. Ik zag onlangs de beelden terug en ik kreeg opnieuw kippenvel.”

Campenaerts: “Ik hoop van niet, maar het zou kunnen dat dit het hoogtepunt van mijn carrière zal blijken te zijn. Het laatste kwartier keken er 750.000 mensen. Dat Sporza het heeft uitgezonden, maakte het record nog grootser.”

Het leverde surrealistische beelden op van een renner die in een lege velodroom rondjes aan het draaien was.

Campenaerts: “Bestaat er iets saaiers om naar te kijken? (lacht)

Lecluyse: “Ik ging kapot van de stress. Ik wist wel dat hij in orde was, maar ik was bevreesd voor pech.”

Campenaerts: “Zoals mijn moeder: ‘Stel dat je was gevallen!’ (lacht) Dat is echt onmogelijk als je alleen op een piste rijdt. Dát zou pas legendarisch geweest zijn.”

Victor Campenaerts: ‘Ik hoop van niet, maar het zou kunnen dat mijn werelduurrecord het hoogtepunt van mijn carrière zal blijken te zijn.’

Jouw vader en Kevin De Weert huilden, maar jij bleef stoïcijns.

Campenaerts: “Ik ben nooit emotioneel na een prestatie. Ik was ook zeker dat ik het record ging verbreken. Ik had eerder al een test van een halfuur gedaan, en had het record toen al kunnen breken als ik had voortgereden. Ik koester vooral de weg ernaartoe, met mijn team rond mij.”

Lecluyse: “Ik vond het mooi dat je na je prestatie meteen over Stig Broeckx begon, en dat je beloofde om samen met hem pannenkoeken te gaan eten.”

Campenaerts: “Daarvan kreeg ik wél tranen in de ogen. We hebben toen snel afgesproken. Stig heeft nochtans een drukke agenda, volgens mij de reden dat hij zoveel progressie maakt. Hij rijdt zelf overal naartoe, met zo’n tractortje. En hij helpt ook mee op de boerderij van zijn ouders.”

Jouw ploegmaat Maxime Monfort zei over jou: ‘Victor, c’est un fou.’ Waar iedereen stopt met zijn voorbereiding, ga jij nog maniakaal door. Is hij raar, Fanny?

Lecluyse: “Raar? Neen.”

Campenaerts: “Fou, is dat niet gewoon gek? (lacht)

Lecluyse: “Hij is extreem bezig met alles: hij weegt zijn eten af tot op de gram. Niemand is in staat dat zo lang vol te houden als Victor.”

Campenaerts: “Ik ben een man van extremen. Nu het seizoen gedaan is, eet ik veel rommel. Ik probeer Fanny ook bij te brengen dat je pieken en dalen moet hebben.”

Lecluyse: “Ik kan het niet loslaten. Hij zegt: ‘Geniet, en denk aan niets anders meer.’ Maar ik zit al snel met een schuldgevoel.”

Het gaat wel ver: voor een tijdrit zet je een lavement. Doe je zo’n darmspoeling dan zelf?

Campenaerts: “Ik gebruik Microlax. Als er nog iets van stoelgang in je dikke darm zit, krijg je dat er op die manier uit. In sommige wedstrijden telt elke gram. En aangezien stoelgang er niet voor zorgt dat je harder op je pedalen duwt, kan die er beter uit.”

Lecluyse: “Voor alle duidelijkheid: ik doe dat niet.”

Nog in april wint Alberto Bettiol de Ronde van Vlaanderen, na een solo van 10 kilometer.

Campenaerts: “Toen Bettiol demarreerde, wist ik dat er maar één prof hem kon terughalen, en die zat op dat moment in Mexico: ik. (lacht) Ik had hem net in Tirreno-Adriatico verslagen in een tijdrit van, jawel, 10 kilometer.”

Mei

Op 19 mei kondigt Vincent Kompany aan dat hij Manchester City verlaat en dat hij speler-manager wordt bij Anderlecht.

Campenaerts: “Ik ken weinig voetballers, maar hij komt sympathiek over. Als hij een interview geeft, blijf ik langer luisteren dan anders.”

Hij zet de lijnen uit als manager én staat zelf op het veld. Aangezien het vierkant draait bij Anderlecht, vindt iedereen dat hij te ambitieus is, en eigenlijk ook arrogant.

Lecluyse: “Te ambitieus? Als je niet ambitieus bent, kun je niet slagen. Kompany heeft al zoveel bereikt, dan is ambitie toch niet misplaatst? Sommige mensen hebben altijd kritiek.

“Vroeger sprak ik mijn ambities niet uit, nu wel: ik wil een olympische medaille halen. Mijn grote doel zijn de Spelen, daar moet het gebeuren. Het motiveert als de mensen erover praten, heb ik van Victor geleerd.”

Campenaerts: “Als je in jezelf gelooft, maakt dat veel los. En zullen ook andere mensen in je beginnen te geloven. Al moet je ook geen onrealistische uitspraken doen, want dan maak je je belachelijk.”

Kompany introduceerde ‘The Process’ – een ander woord voor langetermijndenken en trouw blijven aan een cultuur die je wilt installeren. Er wordt nogal lacherig over gedaan.

Campenaerts: “Toen ik bij Jumbo-Visma reed, waren ze ook met ‘The Process’ bezig. Ze waren toen het kneusje van het peloton, maar nu zijn ze één van de beste ploegen. Bij Lotto-Soudal heeft het me ook veel moeite gekost om een tijdritcultuur te installeren. Ik hoor ze nog roddelen achter mijn rug. Toen de resultaten volgden, sprongen ze maar al te graag mee op de kar.”

Lecluyse: “In het zwemmen is het niet anders. Om je techniek te verbeteren, moeten ze je filmen en analyseren, om te zien waar je kracht verliest. Daar ben ik voor naar Ierland moeten gaan. In België is er op het gebied van omkadering nog veel progressie mogelijk.”

Juni

Delfine Persoon vecht op 1 juni in New York tegen de Ierse Katie Taylor om vier wereldtitels bij de lichtgewichten. Ze is de sterkste, maar verliest op punten.

Lecluyse: “Een schande! Het was overduidelijk dat Delfine de beste was. Taylor leek me zelfs verrast toen ze hoorde dat ze gewonnen had.

“Ik had het Delfine zo gegund. Ze heeft al eens onterecht naast de titel van Sportvrouw van het Jaar gegrepen, en nu dit. Ik heb veel respect voor hoe ze haar sport combineert met een job als politieagente. Een loodzware sport dan nog, vooral mentaal: je moet bereid zijn om op je gezicht te krijgen.”

Ze werd onophoudelijk getreiterd: ze moest van hotel veranderen, er was gedoe met de weging, extra dopingcontroles...

Campenaerts: “In het wielrennen gebeurt dat ook weleens. Ik heb met Topsport-Vlaanderen vaak in Frankrijk gereden, en daar viel op dat de Franse ploegen altijd werden bevoordeeld. Wij kregen de sjofelste hotels, die ver van de start lagen, en onze pasta was altijd platgekookt. De saus bleek meer dan eens de fles ketchup die op tafel stond.”

Rafael Nadal wint voor de twaalfde keer Roland Garros. Eén maand later verliest Roger Federer Wimbledon in vijf sets na een epische finale.

Lecluyse: “Bewonderenswaardig hoe lang die twee al aan de top staan. In het zwemmen zie je dat niet, hoewel de leeftijdsgrens wel al is opgeschoven richting 30 jaar. Sinds kort hebben we een soort Champions League, waarmee geld te verdienen valt. Dat heeft er veel mee te maken.”

Delfine Persoon.

Campenaerts: “Ik ben met Lotto-Soudal dikwijls op stage geweest in het Rafael Nadal Center op Mallorca. Hij komt dan een praatje met me slaan, terwijl hij geen idee heeft wie ik ben. Wat een uitstraling heeft die kerel.”

In de Ronde van België ontluikt het onwaarschijnlijke talent van Remco Evenepoel. Victor Campenaerts die in zijn wiel onderuitgaat, is hét beeld dat zijn suprematie illustreert.

Campenaerts: “(lacht) Oei, Fanny vindt het vervelend dat Remco mij belachelijk heeft gemaakt.”

Lecluyse: “Nee hoor, maar het stoort me wel dat de commentatoren het enkel nog over hem hebben. Nu, alle respect voor Remco. Victor vertelde me: ‘Ik zat in zijn wiel, en ik heb nog nooit iemand zo snel weten rijden.’”

Campenaerts: “Hij is heel respectvol en verkoopt geen grootspraak, wat niet eens abnormaal zou zijn. Mocht ik zo goed rijden, ik zou het moeilijk hebben om zo bescheiden te blijven als Remco. (lacht)

Jij bent dan ook van Antwerpen.

Campenaerts: “Dat speelt misschien mee. Maar als je opschepperig doet, kan het hele peloton zich in geen tijd tegen jou keren. Remco rijdt de absolute wereldtop gewoon uit het wiel. Zelfs al verbetert hij nog slechts een half procentje, dan nog zal hij een fenomeen zijn. Hij is het grootste talent sinds Eddy Merckx.”

Fanny Lecluyse: ‘Op het WK zwom ik naar de finale van de 200 meter schoolslag met een nieuw Belgisch record, maar toch was ik ontgoocheld, in plaats van blij te zijn met een unieke prestatie.’

Juli

De Colombiaan Egan Bernal wint de Tour, maar Julian Alaphilippe is de ster. Alaphilippe is, net als jij Victor, de zoon van een professionele drummer.

Campenaerts: “Met dat verschil dat Julian ook echt kan drummen. Ik heb geen muzikaal talent. We zijn elkaars tegenpolen: ik ben een absolute neuroot, terwijl hij de avond voor een belangrijke prestatie drie pinten durft te drinken. Ik durf dat zelfs niet tijdens een stage.

“Hij doet me denken aan Tom Boonen, die kon ook de mensen charmeren. De eerste keer dat ik naast Tom reed, kwam die meteen een praatje slaan. Zo van: ‘Wat zijn dat hier weer slechte wegen, godverdomme, het is elke dag hetzelfde.’ (lacht) En hoe Alaphilippe zijn gele trui gaf aan dat jongetje dat kou had, dat toont echt hoe die mens in elkaar zit. Ik hoopte dat hij de Tour zou winnen.”

Het was eindelijk nog eens een Tour om duimen en vingers af te likken, een die niet gedomineerd werd door de robotten van Team Ineos.

Campenaerts: “Wij vragen ons allemaal af of Chris Froome al eens een pintje heeft gedronken. Hij heeft nul komma nul rockstergehalte, maar hij kan wel héél hard met de fiets rijden. Iemand als Gerraint Thomas is eigenlijk veel toffer. Maar zelf vergelijk ik me liever met Bradley Wiggins, die er ook lange tijd alles kon voor doen en laten, om het na het behalen van een doel helemaal los te laten.”

En dan 20 pinten te drinken?

Campenaerts: “Iets minder, misschien. (lacht)

Opvallend ook: één dag voor de tijdrit in de Tour stapt de grote favoriet Rohan Dennis uit de Tour. Hij is niet tevreden over zijn fiets en gaat in de clinch met zijn ploeg. Jullie kunnen naar het schijnt niet zo goed met elkaar opschieten.

Campenaerts: “Hij heeft nogal een speciaal karakter. Vorig jaar in de Vuelta wilde ik tijdens zo’n lange rit eens praten met hem. Toen ik hem vroeg of hij klaar was voor het WK, bleef hij voor zich uitkijken en zei hij geen woord. Zijn ploegmaat Richie Porte, die naast hem reed, snauwde me dan toe: ‘He is going to fucking smash you.’

“Voor de korte tijdrit in Tirreno-Adriatico is Tim Wellens hem nog een beetje gaan koeioneren. Ik had hem nog gewaarschuwd: ‘Tim, doe dat niet, Dennis is een eikel, die kan daar niet mee lachen.’ Maar het was te laat: Dennis en ik kregen het aan de stok. Ik wilde niet overpakken, hij werd gigantisch kwaad en bleef ostentatief in mijn wiel zitten, terwijl we mijlenver achter het peloton reden. Ten slotte kwam Kevin De Weert de boel nog meer opstoken, in zijn Engels met zwaar Antwerps accent: ‘If you want to play mindgames, it’s okay for us, hè.’ Zwijg alsjeblief, dacht ik. Maar gelukkig versloeg ik Dennis de volgende dag: ik won de tijdrit.”

Fanny, hoe stond jij aan de start van het WK langebaan in Zuid-Korea?

Lecluyse: “Redelijk ontspannen, ondanks een kuitblessure. Het waren moeilijke omstandigheden: warm en vochtig. En omdat we zo laat zwommen, raakte ik soms pas om half 6 in slaap. Tijdens de halve finale van de 200 meter schoolslag werd ik tweede, in een Belgisch record. Maar toch was ik ontgoocheld, in plaats van blij te zijn dat ik voor de eerste keer een finaleplaats op een WK beet had – een unieke prestatie. Er volgde wéér een moeilijke nacht, en in de finale ben ik nooit in mijn ritme geraakt: ik voelde de adrenaline niet pompen.”

Je vond van jezelf dat je op het podium had moeten staan.

Lecluyse: “(knikt) In de reeksen had ik met veel overschot gezwommen. In de finale was dat anders, ik voelde me stikkapot. Had het te maken met mijn slechte nachtrust? Ik weet het niet.”

Zwemmen is door de muur gaan, zeggen ze.

Campenaerts: “Ik ben altijd onder de indruk als ik Fanny zie trainen. Ze ziet iedere dag ongelooflijk af, en achteraf is ze volledig van de kaart. Ik heb haar zelfs eens zien hyperventileren op training. Haar coach is een Roemeen (Horatiu Droc, red.) uit het voormalige Oostblok, dat zegt genoeg.”

Augustus

Op 5 augustus sterft Bjorg Lambrecht na een val in de Ronde van Polen. Hij werd amper 23 jaar. Hoe heb je het nieuws van jouw ploegmaat vernomen, Victor?

Campenaerts: “Ik kreeg het bericht van een soigneur dat Bjorg zwaar gevallen was, en dat het niet goed met hem ging. Al snel volgde het nieuws dat hij overleden was, en dat kwam heel zwaar binnen. (stil)

Lecluyse: “De dag van Bjorgs begrafenis heb ik de hele tijd zitten huilen. Die momenten in de kerk blijven in mijn hoofd hangen.”

Bjorg Lambrecht.

Campenaerts: “Het was heel aangrijpend om in de ogen van zijn familie en zijn lief te kijken. Het is zwaar om een ploegmaat te verliezen, maar je zoon of je partner nooit meer terugzien is nog van een heel andere orde.

“Bjorg was een geweldige gast. In juli waren we samen op stage in Livigno. Ik zat er fysiek en mentaal volledig door, de eerste helft van mijn seizoen was te zwaar geweest. Ik kon niet volgen op training, maar hij liet zich speciaal uitzakken en praatte op me in. Het deed me iets dat hij zich om mij bekommerde.

“Weet je, de avond voordien hadden we het er nog met vrienden over dat er, ondanks het gevaar, weinig dodelijke ongelukken zijn in de koers. Maar dan realiseer je je plots dat we véél kwetsbaarder zijn dan we denken.”

Lecluyse: “Ik leef sindsdien met een bepaalde angst. Als ze zeggen dat er iemand van Lotto-Soudal gevallen is, dan staat mijn hart stil. Maar het is niet zo dat ik hem bij elk vertrek vraag om voorzichtig te zijn: Victor mag het niet in zijn hoofd steken.”

Op 24 augustus worden de Red Lions Europees kampioen hockey. Eerder werden ze al wereldkampioen en behaalden ze zilver op de Olympische Spelen in Rio. Deelden jullie het enthousiasme dat losbrak rond het toernooi?

Campenaerts: “Ja. En ik kijk al vooruit: ze hebben de beste kaarten voor de Olympische Spelen.”

Lecluyse: “De hockeyers maken veel los. Vorig jaar werden ze op de luchthaven als echte helden ontvangen.”

Campenaerts: “Het waren net de Rode Duivels. Sport verenigt mensen, dat is mooi om zien. Bij mijn werelduurrecord zat de Mombasa, mijn supporterscafé in Borgerhout, ook bomvol.”

September

Op 12 september opent het VRT-journaal met de comeback van Kim Clijsters.

Campenaerts: “Ik denk met nostalgische gevoelens terug aan de tijd van Clijsters en Henin, hun matchen waren echte familieaangelegenheden. Wij waren fan van Kim.”

Lecluyse: “Het is toch wel opvallend nieuws. Volgens mij spiegelt Kim zich aan Serena Williams – die nog steeds finales speelt – en denkt ze: dat kan ik ook.”

Campenaerts: “Ik heb er mijn vragen bij. Misschien doet ze het om haar tennisschool leven in te blazen? Het lijkt me moeilijk, zelfs onmogelijk, om opnieuw haar allerhoogste niveau te bereiken. En met alle respect: hoe lang duurt het voor ze op gewicht is? Als ze er toch in slaagt, is dat nog eens een bevestiging van wat een natuurtalent ze is.”

Kim Clijsters.

Begrijpen jullie dat ze verlangt naar haar oude leven?

Lecluyse: “Als topsporter denk je weleens dat je een loodzwaar leven hebt, maar je realiseert je nauwelijks dat het eigenlijk een luxeleven is. Je doet iets wat je graag doet, én er is ook veel tijd om te rusten. Als je dan stopt, kom je in een heel ander leven terecht. Ik kan me inbeelden dat ze de euforie en de kick van het winnen mist.”

Victor, op het WK tijdrijden val je eerst en krijg je daarna mechanische pech. Je eindigt buiten de top 8, waardoor je niet automatisch geplaatst bent voor de Olympische Spelen. Remco Evenepoel wordt vicewereldkampioen.

Lecluyse: “Die dag had je alle mogelijke pech van de wereld.”

Campenaerts: “Ik was echt goed. Ik wilde winnen en nam risico’s, maar ik viel en misliep een ticket voor de Spelen.”

Staat daarmee jullie droom, samen een medaille halen in Tokio, op de helling?

Lecluyse: “Het zou de kers op de taart zijn, maar het zou al fijn zijn om er samen te staan.”

De selectie ligt niet meer in jouw handen. Voor die ene plaats hebben zich ook Wout van Aert, Thomas De Gendt, Laurens De Plus en Yves Lampaert gemeld.

Campenaerts: “Ik zou het doodjammer vinden. Maar het stelt me gerust dat het geen krabbers zullen zijn die naar Tokio gaan. Het grote probleem is dat de tijdrijders ook aan de wegrit moeten deelnemen. Als ze mij meepakken, ben ik van plan daar hooguit 100 kilometer mee te rijden. Ze kunnen er niets met mij doen. Maar ik zal dicht bij een medaille zijn in de tijdrit, want ze weten: il est fou. (lacht) Nu, voor hetzelfde geld pakt Remco goud in zowel de tijdrit als de wegrit, en zijn de Spelen geslaagd voor België.”

Oktober

Op 12 oktober verlengt Nina Derwael haar wereldtitel aan de brug met ongelijke leggers. Ze is samen met profvoetballer Siemen Voet van KSV Roeselare. Op de dag van haar gouden medaille scoort hij zijn eerste goal. Ook Derwael haalt gemiddeld meer punten sinds hun relatie. Het is bewezen dat het gelukshormoon oxytocine mensen die verliefd zijn beter doet presteren. Zijn jullie daar ook een bewijs van?

Lecluyse: “Ik denk het wel. Voor het WK wist ik: als het niet lukt, kan ik altijd op Victor terugvallen. Het geeft een gerust gevoel om zo gelukkig te zijn.”

Campenaerts: “Sorry Fanny, dat ik de romantiek doorbreek, maar ik geloof niet in the power of love. Neem nu het verhaal van Frank Vandenbroucke en zijn Sarah in de Vuelta van 1999: ik denk dat vooral andere stoffen in zijn lichaam ervoor zorgden dat hij zulke hoge toppen scheerde. Misschien dat iemand als Alaphilippe wél op liefde kan drijven, maar ik bezit eerder de nuchterheid van een Johan Museeuw. (lacht)

Basketbalster Emma Meesseman wint de WBNA met de Washington Mystics en wordt uitgeroepen tot Most Valuable Player. Ze blijft nuchter: als ze thuiskomt bij haar familie in Ieper, maakt ze witloof in kaassaus, terwijl iedereen aan het werk is.

Lecluyse: “Als je ziet hoe groot basket in de Verenigde Staten is, dan weet je dat ze een ongelooflijke prestatie heeft geleverd. Ik volg haar op Instagram, ze lijkt me heel sympathiek en bescheiden.”

Campenaerts: “Ik heb nog met Hanne Mestdagh, Emma’s collega bij de nationale ploeg, op de topsportschool gezeten. Ik was onder de indruk van de basketbaltrainingen, met veel gewichtheffen. Het is een ruige sport. Als je ziet hoe ze daar tegen elkaar opspringen: een coureur zou niet weten wat hij meemaakt.”

De Keniaan Eliud Kipchoge loopt als eerste een marathon onder de twee uur. Hij doet dat op de nieuwe en revolutionaire loopschoenen van Nike, de Vaporfly. Een soort verende springplankschoen die voor enorme winst zou zorgen.

Campenaerts: “Een mythisch record. Een vriend met wie ik op de topsportschool zat – en met wie ik nadien aan de opleiding industrieel ingenieur ben begonnen– heeft de schoen mee ontwikkeld. Hij minimaliseert het effect ervan een beetje, want op den duur riskeer je dat ze zulke schoenen verbieden. Hij zegt dat je technisch een goeie loper moet zijn om er voordeel uit te halen. Er is geen demping met die carbon zolen, en ze zijn zo licht dat ongetrainde knieën na 10 kilometer kapot zouden springen. En ik maar denken dat een schoen een schoen is.”

Nafi Thiam haalt zilver op het WK, ondanks een blessure aan haar elleboog, die haar opnieuw parten speelt. Moet ze met die chronische kwetsuur een overstap overwegen naar het hoogspringen?

Campenaerts: “Als titelverdediger op de zevenkamp lijkt dat me een moeilijke keuze.”

Lecluyse: “Mij ook, maar ze heeft nog heel veel progressiemarge in het hoogspringen. Tijd zal raad brengen.”

November

Lewis Hamilton wordt voor de zesde keer wereldkampioen Formule 1. Tegelijkertijd is hij een voorvechter van het klimaat, en om die reden een overtuigd veganist. Hebben auto- en motorsporten überhaupt nog een toekomst?

Campenaerts: “Je hebt wel al de Formule E – misschien heeft die de toekomst? Al is er natuurlijk de discussie of elektrische wagens niet even vervuilend zijn als benzinewagens.”

Fanny Lecluyse: ‘Ik kies voor Nina Derwael als Sportvrouw van het Jaar: wereldkampioene is het allerhoogste.’

Merken jullie in je eigen sporten een vorm van ecologisch bewustzijn?

Lecluyse: “Als zwemmer kun je niet veel doen voor het milieu, of we zouden in een koud zwembad moeten trainen – verre van aangenaam. Ik neem wel zoveel mogelijk de trein, om toch een beetje te compenseren.”

Campenaerts: “Wij rijden over de hele wereld door prachtige natuur. Ik vind het belangrijk dat we daar geen papiertjes of bidons wegsmijten. En ik merk dat ik vooral de jongere renners daarop attent moet maken.”

Het racisme op de voetbaltribunes overal in Europa wordt veel zwarte voetballers te veel. Romelu Lukaku maakt als eerste zijn beklag. Hoe zit dat in het wielrennen?

Campenaerts: “Er zijn maar weinig zwarte renners, de bekendste is de Fransman Kévin Reza. Jammer genoeg gebeurt het nog dat er goedkope opmerkingen over hem worden gemaakt. De wielerwereld blinkt niet uit qua intellectueel niveau, wat dat betreft.”

Zwemmen en wielrennen zijn witte sporten. Komt daar ooit verandering in?

Lecluyse: “In Afrika is er een gebrek aan drinkwater, waarom zouden ze er dan een zwembad mee vullen? Los daarvan heeft het ook met een bepaalde cultuur te maken. In Afrika zijn er meer langeafstandlopers. Ze lopen naar school, vanaf jonge leeftijd, weliswaar omdat ze niet anders kunnen. Ze hebben ook meer aanleg, hun onderbenen hebben minder massa.”

Romelu Lukaku.

Campenaerts: “Mijn nieuwe ploeg, NTT Pro Cycling, is een Afrikaans team. Onze missie is: zoveel mogelijk kinderen een fiets schenken zodat ze naar school kunnen rijden. Dikwijls zijn de afstanden onoverbrugbaar, waardoor ze geen onderwijs krijgen.”

December

Aan het einde worden de prijzen uitgereikt. Laten we beginnen met Sportvrouw van het Jaar.

Lecluyse: “Ik kies voor Nina Derwael: wereldkampioene is het allerhoogste. Nafi Thiam verdient de titel ook. Met een blessure toch nog zilver halen, is heel bijzonder. Ze is al zo lang absolute wereldtop en straalt zoveel persoonlijkheid uit. Ik kijk enorm naar haar op.”

Campenaerts: “Derwael staat voor mij op het hoogste trapje. Mijn vader zei altijd: ‘De beste worden is heel moeilijk, maar de beste blíjven is nog veel moeilijker.’ Ik ondervind zelf dat de druk sinds mijn werelduurrecord groter wordt.”

Ploeg van het Jaar?

Lecluyse: “De Red Lions, zonder twijfel.”

Campenaerts: “Akkoord, zij steken er bovenuit. Enkel goud op de Spelen ontbreekt nog.”

Tot slot: wie wordt Sportman van het Jaar? Op jezelf stemmen is niet verboden.

Lecluyse: “Mijn schatje, natuurlijk! Hij heeft een wereldrecord verbroken – dat is uitzonderlijk. Victor verdient het echt.”

Campenaerts: “Uitstekende keuze Fanny, ik ben het daar volledig mee eens. (lacht) Serieus, ik ben op dit moment de beste van de wereld – niet iedereen kan dat zeggen.

“De titel moet sowieso naar een wielrenner gaan, er is dit jaar op uitzonderlijk niveau gepresteerd. Philippe Gilbert die Roubaix wint, de ritzeges van Dylan Teuns en Thomas De Gendt in de Tour, over Remco hebben we het al uitgebreid gehad. Maar mijn sympathie gaat uit naar Wout van Aert, hij heeft fantastisch gepresteerd, maar ook veel pech gehad met die zware blessure. Geef die trofee maar aan Wout!”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234