Zaterdag 19/10/2019

'Als ik kon, koos ik voor het jodendom'

Gesprek met Ludo Abicht

aarom doken er pas in de dertiende eeuw joden in de lage landen op? Waarom was Baruch Spinoza een filosoof van wereldformaat? Hoe ontwikkelden de joodse gemeenschappen zich tijdens de Verlichting? Hoe verliep hun emancipatie in de negentiende eeuw? Waarom was er tijdens de Tweede Wereldoorlog meer joods verzet in België dan in Nederland? Zullen de joden in deze eeuw uit onze contreien verdwijnen? Op deze en ontelbare andere vragen antwoordt Ludo Abicht (°1936) in zijn boeiende Geschiedenis van de joden in de lage landen. Een boek waarin alles staat wat u altijd over de aanwezigheid van de joden in België en Nederland hebt willen weten. Door Joseph Pearce

Ludo Abicht

Geschiedenis van de joden in de lage landen

Meulenhoff/Manteau, Antwerpen/Amsterdam, 488 p., 19,95 euro.

Wist u dat de eerste joodse parlementsleden ter wereld Nederlanders waren? Of dat Aletta Jacobs de eerste vrouwelijke arts van Nederland was? Dat de Rotschilds zich mengden in de politiek van koning Leopold I? En dat Maarten Rudelsheim in 1920 in een Antwerpse gevangenis stierf als radicale flamingant? Maar Abicht beperkt zich niet tot een historisch overzicht noch tot een analyse van de talloze aspecten van het jodendom bij ons. Omdat hij hartstochtelijk begaan is met mens en maatschappij, neemt hij ook stelling in de vele twistpunten en kwesties van vandaag. Een indringend en uitdagend appel.

U schrijft al twintig jaar over de joden. Eerst over die van Antwerpen, dan die van België, nu die van de lage landen. Is uw perceptie van de joden in die twintig jaar veranderd?

"Vroeger was alles minder controversieel. Nu krijg ik meer kritiek. Uiteraard is de toestand in het Midden-Oosten daarvan de oorzaak. Daarom probeer ik een zo duidelijk en genuanceerd mogelijk beeld te krijgen van wat er zich ginds afspeelt, zowel in Israël als bij de Palestijnen. Blijkbaar is dat niet genoeg. Ik zou me te veel door de Arabische propaganda laten inkapselen, hoor ik in Antwerpen. Vreemd, want voor Solidair, het blad van de PvdA, ben ik een zionist. Het is onvermijdelijk dat je van twee kanten klappen krijgt. Het weerspiegelt de kloof tussen de standpunten in het Midden-Oosten zelf."

Bent u bang om de joden te ergeren?

"Misschien ben ik onbewust vriendelijk voor hen. Wellicht omdat in het Belgisch Israëlitisch Weekblad van Louis Davids mensen die kritiek op Israël uiten, bijna gelijkgeschakeld worden met antisemieten. Dat is onzin, natuurlijk. Je kunt antizionist zijn zonder anti-joods te zijn. Het is wél zo dat sommigen hun antizionisme als een verdoken vorm van antisemitisme gebruiken. In kringen van Palestijnse supporters bijvoorbeeld."

Is zionisme niet meer dan een joodse variante van het nationalisme? U citeert de joodse schrijfster Carrie van Bruggen.

"Het zionisme is zeker een deel daarvan. Professor Zeev Sternhell heeft de zionistische ideologie van David Ben Gurion grondig onderzocht. Sternhell kwam tot de conclusie dat het zionisme in ieder geval een nationaal project is, en dat men het niet kan begrijpen zonder te kijken naar het negentiende-eeuwse nationalisme in Europa."

Is het zionisme daarom, net als het nationalisme, achterhaald?

"Zonder twijfel. Ik denk dat Israël democratisch kan zijn, maar op dit ogenblik worden de niet-joodse staatsburgers de facto gediscrimineerd."

Is ook de Tweestatenoplossing achterhaald? Sommigen willen Palestijnen en Israëli's onder één dak, anderen willen zelfs een unie tussen Israël, Palestina, Libanon en Jordanië.

"Shimon Perez is een voorstander van die laatste oplossing. Een economische unie zoals de EEG vroeger, waaruit later een politiek concept kan groeien. Ik ben een voorstander van de Tweestatenoplossing omdat die de meest realistische is. Zelfs bij mijn pacifistische joodse vrienden in Israël zijn ze doodsbang voor de zogenoemde demografische bom. Als alles bij elkaar gevoegd wordt, zullen de Arabieren binnen de kortste keren de meerderheid uitmaken, zodat het karakter van Israël een totale verandering zal ondergaan. Progressieve historici in Israël vinden wél dat er een Groot-Israël moet komen waarin plaats is voor alle burgers. Maar omdat ook dat een postzionistisch concept is, stuit dat op veel tegenstand. Ik denk dat er in de eerste plaats een leefbare Palestijnse staat moet komen, een staat die de veiligheid van Israël garandeert. Op termijn kan er een confederatie ontstaan, maar dat zal zeker twee generaties tijd kosten. Laten we eerst de vrede bewerkstelligen, dat is al meer dan moeilijk genoeg."

Waarom neemt u het op voor Gie van den Berghe, die, veel meer dan u, kritiek krijgt vanuit joodse hoek?

"Omdat ik vind dat die kritiek onterecht is. Hij werkt zeer grondig en doet zeer nuttig werk, want hij vult onvolledige informatie over de shoah aan of corrigeert ze. Dat is belangrijk. In het vroegere Yad Vashem in Jeruzalem werd vermeld dat 68.000 joden uit België werden vermoord. Dat klopt niet. Er waren iets meer dan 50.000 joden in België, en de helft daarvan, wat erg genoeg is uiteraard, vond de dood in de vernietigingskampen. Ontkenners van de shoah zoals Siegfried Verbeke misbruiken die verwarring om te beweren dat er helemaal geen systematische uitroeiing geweest is. Van den Berghe probeert zo precies mogelijke cijfers te geven. Dat is dé manier om respect aan de slachtoffers te betonen."

Buit Israël de shoah voor politieke doeleinden uit?

"Soms wel, maar zeker niet systematisch. Als ze ergens antisemitisme ontwaren, sleuren ze er nogal makkelijk de shoah bij. Over België zouden ze niet mogen klagen. Ik vind dat de pers een evenwichtig beeld ophangt. Je hebt natuurlijk aan de ene kant Mia Doornaert in De Standaard en aan de andere kant Frank Schlömer in De Morgen, maar van een vertekend beeld mag je zeker niet spreken."

Is de kerk in de middeleeuwen als systematische en fanatiek jodenhatende instelling een opgeklopt beeld? U schrijft dat anti-joodse gevoelens minder met theologie te maken hadden, maar meer met de geldzucht van de vorsten, met de economische belangen van de burgers en met de sociale naijver van het gewone volk.

"Ik moet eerlijk zeggen dat dit mij verbaasd heeft. Maar in recente lectuur wordt deze stelling naar voren geschoven. De kerkelijke autoriteiten hebben de joden vaak beschermd, soms uit eigenbelang, soms om theologische redenen."

Heeft die lectuur u overtuigd?

"Ik vind ze in ieder geval merkwaardig. Ze strookt immers niet met het beeld dat we van de kerk hebben. We wijten de talloze uitbarstingen van jodenhaat aan de anti-joodse propaganda van de kerk. Maar als je Thomas van Aquino leest, staat daar dat de joden het recht hebben hun godsdienst te kiezen en ze niet te doden als ze voor het jodendom kiezen. De man was natuurlijk geen jodenvriend. Hij vond het normaal dat de joden meer belastingen moesten betalen omdat ze van woeker leefden. De kerk heeft altijd een complexe theologische houding tegenover de joden gehad. Aan de ene kant verwijten ze de joden dat ze nog naar een Messias zoeken, aan de andere kant mag je de joden niet tot een bekering dwingen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft kardinaal Van Roey nog geschreven dat joodse kinderen die bij katholieke gezinnen waren ondergedoken, niet katholiek mochten worden opgevoed."

Was er geen groot verschil tussen wat de kerk preekte en wat ze in de praktijk deed?

"De kerkelijke overheid heeft vaak dubbelzinnige signalen verstuurd. Enerzijds hebben ze haatpreken veroordeeld en mythes over rituele moorden en andere zogenoemde joodse misdaden ontzenuwd, anderzijds hebben ze die misbruiken niet hardhandig aangepakt."

De overgrote meerderheid van de joden is altijd straatarm geweest. Hoe komen we dan bij dat overgeleverde beeld van de rijke jood?

"Stereotypen zijn ongemeen hardnekkig en worden natuurlijk gevoed door degenen die er slechte bedoelingen mee hebben. Het stereotype dat vandaag nog bij uitstek opgeld maakt, is dat joden vreemde eenden in de bijt zijn. Joden passen zich niet aan, en als ze zich aanpassen, is dat omdat ze overal ter wereld de macht willen grijpen. Deze onzin haalt men uit de zogenoemde Protocollen van de Wijzen van Zion (een document dat door de tsaristische geheime politie op het einde van de negentiende eeuw werd opgesteld om de joden in diskrediet te brengen en vervolgingen te rechtvaardigen, JP). Adolf Hitler geloofde wat erin stond, en vandaag wordt die baarlijke nonsens overal in de Arabische wereld verspreid. Bij lezingen krijg ik twee soorten vragen. In de zaal eerst de beleefde, aan de cafétoog minder onschuldige. Een voorbeeld: is het waar dat joden niet-joden mogen bedriegen? Ineens hoor je een dubbel discours. Naar buiten toe een politiek correcte houding, maar in besloten kring een minder fraaie. Er zal wel iets met de joden zijn, hoor je zeggen. Geen rook zonder vuur. Laat ik duidelijk zijn: dergelijke opvattingen stoelen op fabels en fantasie. Dé joden bezitten Hollywood, dé joden bezitten de banken, dé joden bezitten de pers. Dat heeft nooit met de werkelijkheid gestrookt."

Komt alles eigenlijk niet neer op de onwil van de mens om, zoals Julia Kristéva zei, het 'anders-zijn van de anderen' te aanvaarden?

"Eigenlijk wel. Vanaf de middeleeuwen tot in de achttiende eeuw leefden de joden gescheiden. Wanneer ze hun getto verlaten, komen ze aan met gevaarlijke eigenschappen. Ze zijn ten eerste zeer goed in geldzaken. Denk aan de vader van Ludwig Wittgenstein die het hele spoorwegnet van de Oostenrijk-Hongaarse dubbelmonarchie heeft uitgebouwd. Andere joden waren prominente bankiers. In Harlem in New York waren alle huisbazen joods. Niet-joodse werknemers of huurders zagen dat met lede ogen aan. Ze waren naijverig en rancuneus. Ten tweede muntten de joden ineens uit in de cultuur en wetenschappen. Ook dat bracht jaloezie mee. Zo had Joseph Goebbels enkele toneelstukken geschreven die door Ullstein, een joodse uitgever, niet werden gepubliceerd omdat hij ze draken van stukken vond. Voor Goebbels het begin van zijn diepe haat voor de joden."

Waarom windt u er zich over op dat de politieke leiders in de jaren dertig het antisemitisme niet als gevaarlijke laster aan de kaak stelden?

"Ik wil de parallel naar vandaag doortrekken. Leiderschap betekent meer dan verkiezingen winnen. Leiderschap moet je verdienen. Je moet moreel gezag tonen, niet alleen bezig zijn met electorale overwegingen. Zulke leiders ontbraken toen."

Is het niet zo dat de joden veel bewuster in de maatschappij staan, precies omdat ze altijd een minderheid geweest zijn en moesten opkomen voor hun rechten?

"In de sociologie noemen ze dat de outsider-insider. Je bent wel Duitser of Fransman, maar je hebt dat andere ook nog, zodat je van buitenaf naar binnen kunt kijken. Joden hebben bovendien een fantastisch geheugen. Ze weten wat er allemaal gebeurd is. Vaak is dat mythologie, maar toch, ze weten dat hun plaats in de maatschappij nooit zeker is. Neem Antwerpen. Vandaag zijn we toe aan de vierde golf van joden. Ze weten dat ze verjaagd kunnen worden. Dat heeft bij hen zelfs tot een verkeerde interpretatie van het keppeltje geleid. Onder andere dat hoofddeksel diende in de middeleeuwen om als jood herkend te worden. Toen die herkenning niet meer nodig was, hebben ze dat keppeltje gehouden, in de - foute - veronderstelling dat ze altijd een hoed op moeten hebben om te kunnen vertrekken. Wat wél klopt is dat een orthodoxe jood een hoekje van zijn huis niet afmaakt, omdat de wereld nog niet afgemaakt is."

Vanaf de negentiende eeuw werd ook altijd gezegd dat joden vaterlandslose Gesellen zijn, geen patriotten. Dat blijkt niet te kloppen.

"Je kunt onmogelijk spreken van dé joden. Sommigen werden patriot, anderen pacifist en internationalist. Op het Soldatenfriedhof in Langemark wijs ik mijn studenten op de namen van de joodse vrijwilligers die für den Kaiser gesneuveld zijn. Het percentage joodse gesneuvelden ligt twee keer zo hoog als het niet-joodse. Joden waren superpatriotten. In Nederland waren de meeste joden overtuigde Orangisten nadat de Franse Revolutie uitgebroken was. Slechts enkelen werkten mee met de Fransen en hun idee van vrijheid en emancipatie. In feite zijn joden overal in het politieke spectrum opgedoken. In België had je vrienden van Leopold II, anderen namen het op voor de Kongolezen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog had je zowel joodse flaminganten als belgicisten. Maarten Rudelsheim is wellicht de enige jood die als militante flamingant in 1920 in de gevangenis is gestorven. Een jood uit Riga als Vlaamse martelaar!"

Maar waarom zijn de joden onder elkaar zo verdeeld?

"De tegenstellingen zijn terug te voeren naar hun keuzen tussen de moderniteit en het vasthouden aan religieuze wortels. In Nederland in de zeventiende eeuw had je aan de ene kant de Portugese joden, aan de andere kant de asjkenazische joden uit Duitsland. Die verweten de anderen dat ze verwaterde joden waren, omdat ze te veel meewerkten met de - protestantse - Regenten. In de achttiende eeuw ontbrandt de strijd tussen joden die zich willen emanciperen en degene die dat willen tegengaan. Je krijgt dan een vreemde paradox. De leiders van de joodse gemeenschap zijn vaak niet gelovig of vroom, en toch willen ze dat de joodse leden van de gemeente orthodox blijven. Die orthodoxen laten die leiders doen, want ze vormen de brug naar de overheid. Een pragmatisme dat ik begrijp, maar waar ik het moeilijk mee heb. In de negentiende eeuw deint dat nog verder uit, want dan hebben de meeste joodse leiders nog weinig met de joodse religieuze tradities te maken. Vandaag is die kloof soms nog groter. In Jeruzalem houden orthodoxen je tegen als je op de sabbat met een auto rijdt, in Tel Aviv houden jongeren technofuiven op de sabbat."

Komt die tweespalt ook in de lage landen voor?

"Het aantal religieuze joden in Nederland is miniem. Maar er is een nieuw fenomeen. De Lubavicher. Ze doen me denken aan mijn jeugd toen er pastoors met gitaren de mis opvrolijkten. De Lubavicher zijn supersympathiek en benaderen je alsof ze het allerbeste met je voor hebben. In feite willen ze dat je alle joodse wetten strikt naleeft. Ze zijn bijna agressief aan het herbekeren."

Brussel, niet Antwerpen, is vandaag het centrum van het joodse leven in België. De Antwerpse chassidische joden zullen het er niet mee eens zijn, neem ik aan.

"Brussel bruist van joods cultureel leven. Liberaal leven, wel te verstaan, niet orthodox. Orthodoxe joden zijn het helemaal niet eens met de liberale joden. De Belzer chassidische joden van Antwerpen zeggen dat ze uit het Centrale Consistorie van België zullen stappen als de liberale joden uit Brussel tot het Consistorie toegelaten worden. Toch voelen en vinden die liberalen zich evengoed joods als alle anderen, natuurlijk."

Toch bent u mild voor de chassidische joden. Het zijn geen reactionairen, maar mensen 'met een remedie tegen de moedeloosheid en het cynisme van zovelen aan het begin van de 21e eeuw'.

"De chassidische joden zijn ontstaan als een soort charismatische beweging. Dat enthousiasme is nu wat weggeëbd. Misschien heb ik het meer voor Brussel omdat ze in Antwerpen, ondanks het feit dat de chassidische joden met velen zijn, toch geen centrum van bijvoorbeeld het kabbalisme hebben uitgebouwd. In Sefad en in Brooklyn is dat wél het geval. In Antwerpen zijn ze sterk conserverend, ze bewaren en herhalen wat de voorvaderen gezegd hebben. Zo munten ze uit in Talmoedische spitsvondigheden. Dat kan moeilijk anders, want de chassidische joden hebben niet alleen hun 613 geboden en verboden, maar voorzien ook een aantal hekken die de wetten moeten beschermen. Op de sabbat mogen de chassidische joden niets dragen. Daarom naaien ze hun zakdoek vast aan hun broekzak, want dan is de wet niet geschonden."

In de zeventiende eeuw was de Nederlandse overheid liberaler dan de joden. U vraagt zich af wat je dan moet doen met 'allerlei vormen van autoritaire controle' binnen de joodse gemeenschap.

"In die tijd kon het de Regenten niet schelen hoe de joden onderling hun zaken beredderden. Als ze maar brave burgers bleven. Vandaag gaat zo'n pragmatisme niet meer op. Neem de gelijkheid van man en vrouw. Als een chassidische vrouw zich over haar ongelijkheid zou beklagen, heeft de overheid de plicht om ervoor te zorgen dat de chassidische joden de Belgische wetten gehoorzamen."

Komt u terug van de Verlichting? Misschien is die zelfs op de shoah uitgedraaid, schrijft u. Een vreemde gedachte van een overtuigd vrijzinnige zoals u.

"Het is zo dat de Verlichting de zaden van haar eigen ontsporing draagt. Een bepaald soort Verlichting gelooft zodanig in de rationele maakbaarheid van mens en maatschappij dat je soms komt tot regimes zoals het nazisme of het communisme, die duidelijk hun inspiratie bij die Aufklärung gevonden hebben. Stalin noemde zichzelf de opvolger ervan. En het nazisme was ongelooflijk logisch opgebouwd. Toch geloof ik niet dat er een rechtstreekse weg loopt van de Verlichting naar de judeocide. Ik denk dat het wél tijd wordt om in vrijzinnige kringen de vergeten aspecten van de Verlichting te tonen. Theodor Adorno zei dat je zowel Voltaire als markies De Sade moet lezen om de Verlichting te kunnen begrijpen."

Joden streven net als christenen en moslims naar een betere wereld. Gebruiken de drie godsdiensten dezelfde middelen om dat doel te bereiken?

"Het jodendom wacht nog op een Messias, terwijl de christenen er al een hebben en de moslims hun Profeet hebben. Dat betekent dat christenen en moslims volop bezig zijn om te bekeren, terwijl de joden pas aan de bekering zullen beginnen wanneer hun Messias verschijnt. Bovendien is de joden altijd onrecht aangedaan. Dan kun je op twee manieren reageren. Of je wordt hard, of je besluit elkaar te helpen. De joden hebben voor dat laatste gekozen. In het Hebreeuws is liefdadigheid hetzelfde woord voor rechtvaardigheid. Dat is ontzettend belangrijk. Als ik, zoals de vorst van de Chazaren, mocht kiezen tussen jodendom, christendom en islam, zou ik net als hij voor het jodendom kiezen. Die vorst deed dat natuurlijk uit politiek eigenbelang, want zijn staat zat gewurmd tussen christenen en moslims. Maar ik zou het jodendom kiezen om het Talmoedische denken. Het besef dat waarheden door de eeuwen heen veranderen. Daarom heeft niemand de waarheid in pacht. Een Talmoedische uitspraak begint bovendien altijd met het rapport van de minderheid. Dat is erg volwassen en wijs. Het besef dat de minderheid toch gelijk kan hebben. Die vrijheid van denken trekt me erg aan. Er is niets zo ergs als een discussie tussen mensen die het allemaal eens zijn met elkaar. Het denken gaat alleen vooruit wanneer standpunten op hun waarde worden getoetst."

Joseph Pearce

'Er zal wel iets met de joden zijn, hoor je zeggen. Geen rook zonder vuur. Laat ik duidelijk zijn: dergelijke opvattingen stoelen op fabels en fantasie'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234