Zondag 22/05/2022

'Als het moet, blijven we een jaar in Drumcree'

De Oranje-mannen zeggen even vastberaden te zijn als meer dan 300 jaar geleden, toen 'hun' Willem van Oranje de katholieke koning James II versloeg

Rond de Oranje-mars in Portadown wordt de toekomst van het vredesproces in Noord-Ierland uitgevochten. 'Als ze er deze keer langs komen, zal het IRA de wapens weer opnemen.'

Van onze verslaggever in Portadown

Met verbeten gezichten en geheven zwaarden stapt de voorhoede van 1.400 Oranje-mannen uit Portadown naar de barricade die Drumcree Road verspert. Ze worden gevolgd door twee fanfares met opzwepend tromgeroffel en huilende accordeonmuziek. Bij de versperring schreeuwen ze zich de longen uit het lijf terwijl ze twee blinkende lemetten symbolisch op de rollen prikkeldraad neerleggen.

"Wij willen een senior officer spreken," roept 'Grootmeester' Harold Gracey van de lokale Oranje-Orde door de smalle doorgang tussen de twee containers aan het begin van Garvaghy Road. De oproerpolitie van de Royal Ulster Constabulary (RUC) en gewapende militairen reageren niet en kijken vanop een tweehonderdtal meter toe. Bewakingscamera's doen hun werk en registreren hoe de parade rechtsomkeer maakt en zich terugtrekt tot aan de kerk van Drumcree, waar even tevoren om half een hun protestantse misviering afliep.

De Union Jack en de Red Hand of Ulster worden neergeplant. "Goed", vervolgt de Grootmeester, "dan blijven we hier tot ze weggaan." De 'broeders' van de Orange Lodge juichen opnieuw. Ze zijn op deze zwaarbewolkte zondag met naar schatting zesduizend uit alle protestantse bolwerken van Noord-Ierland naar hier gekomen. Paraplu en bolhoed bij de hand, ouderen en jongeren. Een meegebrachte baby is getooid met een oranje lint: geschiedenis wordt hier met de papfles meegegeven.

De marcheerders zeggen klaar te zijn voor een beleg van de nationalistische Garvaghy-wijk die ze willen doorkruisen. Ze zeggen even vastberaden te zijn als hun voorvaderen tijdens de Battle of the Boyne, volgende zaterdag meer dan 300 jaar geleden, waar 'hun' Willem van Oranje de katholieke koning James II versloeg. Of zoals in 1996, toen de vastberadenheid van de Oranje-mannen en het straatgeweld van de protestanten in heel Noord-Ierland de RUC op zijn beslissing deed terugkomen en de mars toch liet doorgaan. Alleen zijn de soldaten aan de overzijde deze keer Britten, speciaal gestuurd door de regering in Londen die in enkele korte toespraken als 'verraders van het unionisme' wordt gebrandmerkt. Hier zijn weinig goede woorden over het Noord-Ierse vredesproces te horen.

"We hebben genoeg toegevingen gedaan", zegt Gareth Watson, vandaag de 'Chief Marshall', de veiligheidsverantwoordelijke. "De Oranje-Orde heeft het parlement openlijk gesteund en krijgt nu dit verbod in de plaats. Vroeger hielden we hier jaarlijks negen marsen, nu hebben we er maar één. Deze geven we niet uit handen. Nooit, we will walk. Als het moet blijven we hier een jaar."

Watson, die lid is sinds 1985, zegt dat de Troubles door de anderen zijn uitgelokt. "Pas sinds Sinn Féin/IRA er zich mee bemoeiden draaiden de marsen uit op geweld. Sinn Féin-leider Gerry Adams heeft zelf gezegd dat het protest van de nationalisten hier geen toeval is, maar doelgericht. Dat waren zijn woorden, niet de mijne. Onze organisatie komt gewoon op voor haar burgerrechten."

Het is Watsons taak erop toe te zien dat de demonstratie vreedzaam verloopt. Maar de regels gelden enkel op de weg van de mars, door de Oranje-leden nostalgisch de 'Queen's Highway' genoemd. Wat er naast gebeurt, is niet langer de zaak van de Marshalls. Zij zien niet, of willen niet zien, hoe groepjes jongeren zich verzamelen in de nabijgelegen velden. Hoe ze schichtig en spiedend het prikkeldraad inspecteren, bars snauwen als hen iets wordt gevraagd.

Oranje-lid en gemeenschapswerker Andrew Park, bolhoed in de hand, wees hen eerder op de dag aan als de echte zorgenkinderen van dit vredesproces. "Alle problemen die je hier ziet hebben een sociale en economische oorsprong," zegt hij. "In de Oranje-Orde van Portadown zitten veel misnoegde working-class people uit de arme wijken. In de wijk Broker's Town heerst tot vijfentwintig procent werkloosheid. Ondertussen zien we subsidies van het Peace & Reconciliation Fund van de Europese Unie uitsluitend naar de nationalisten gaan. En als zij vandaag niet eens tolerantie voor ons geloof opbrengen, wat is de vrede dan nog waard?"

De andere zijde, zo wil de ironie, denkt er net zo over. "Wij hebben voorgesteld om vanaf morgen met alle betrokkenen een forum te organiseren om de gemeenschapsrelaties hier in de stad te verbeteren en om de marginalisering en uitsluiting van de katholieke gemeenschap op te heffen. We willen gelijkwaardige toegang tot onderwijs, jobs en alle sociale voorzieningen in het centrum," zegt Breandan Mac Cionnaith, de leider van de Garvaghy Road Residents Coalition, die ervan wordt beschuldigd een instrument van het IRA te zijn.

Velen van de katholieken op Garvaghy Road zeggen dat de discriminatie de voornaamste reden is om de Oranje-mars te verwensen, ook al menen sommigen dat Mac Cionnaith als voormalig IRA-lid misschien wat teveel ineens wil. "Elke keer als ze marcheren laten ze nog eens voelen dat wij onze wijk niet uit mogen. We zijn gevangenen in ons eigen huis," zegt de 29-jarige Peter, een sjerp met de Ierse kleuren om de hals geslagen.

Hij is een van de tientallen bewoners die kamperen op de berm langs Garvaghy Road. De enkele tenten die ze hebben opgeslagen worden het 'justice-camp' genoemd, een eufemisme voor een goed georganiseerde burgerwacht die klaar is voor confrontatie. "De RUC en het leger staan hier wel", zegt Peter, "ze beloven dat ze de marcheerders tegenhouden, maar wij hebben ernstige twijfels. Vorig jaar zijn ze hier uiteindelijk 's nachts de wijk binnengevallen om toch de doorgang te forceren voor de protestanten. They beat the shit out of me. Spreek mij dus niet over bescherming. Als het erop aankomt kiezen ze voor hun eigen mensen."

Geloof in de politici heeft hij na de beslissing van de Parade-commissie, die de doortocht langs Garvaghy Road verbood, wel gekregen. Al gaat dat wel met een dosis scepticisme en een waarschuwing gepaard. "Het is de eerste keer dat ze een beslissing hebben genomen in onze richting. Ze moeten goed beseffen dat als deze nu niet gerespecteerd wordt, de vrede voorgoed verloren is. Ik kan je garanderen dat als er dit jaar marcheerders door Garvaghy Road langskomen, het IRA weer de wapens zal opnemen en harder zal toeslaan dan ooit. Vandaag is een beslissende dag voor Noord-Ierland."

Maarten Rabaey

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234