Zaterdag 19/10/2019

Als de omerta niet meer heilig is

'Wij hebben de poep van de stoep geveegd.' Op het Hells Angels-proces in Nederland herhaalde kroongetuige Angelo Diaz deze week woordelijk wat twee Nomads hem hadden gezegd nadat ze hun drie 'brothers' omgelegd hadden, nu bijna een jaar geleden in Nederlands-Limburg. Bij de slachtoffers was een Belg. Met zijn verklaring doorbrak Diaz als lid van de Carribean Brothers, een zusterclub van de Hells Angels, de omerta onder de bikers. Hij zit nu in een getuigenbeschermingsprogramma en onderhandelt over strafvermindering in zijn eigen rechtszaak.

Sue Somers

Daar was hij deze week dan: Angelo Diaz, 35, dé troef van het Nederlandse openbaar ministerie in het proces tegen de Nomads, de Nederlands-Limburgse Hells Angels. Getooid met een zwarte pruik met krullen en een donkere blazer maakte de stevige Antilliaan zijn opwachting achter glas, in een kamertje waar normaal de gerechtstolken zitten. Voor de gelegenheid was de zitting van de extra beveiligde rechtbank in Amsterdam-Osdorp verplaatst naar een zo mogelijk nog meer beveiligde rechtbank in Rotterdam.

Diaz kon de vijftien Nomads-leden die terechtstaan voor de moord op drie van hun brothers niet zien, maar zij hem wel. Via televisieschermen volgden de bikers beneden wat er zich boven, in het glazen kamertje, afspeelde. Erg onder de indruk van de beschuldigingen van Diaz, die helder en zelfverzekerd zijn verklaringen aflegde en de Nomads Marco Hagger (38) en Jack Schuman (43) aanwees als de uiteindelijke uitvoerders van de broedermoord, waren de verdachten niet. Ze zaten voortdurend naar elkaar te knipogen, ontkenden alle betrokkenheid en weigerden in te gaan op verdere vragen. De intussen haast mythische zwijgplicht, de omerta, is voor de Hells Angels naast hun colours immers het hoogste goed.

Diezelfde omerta zorgde vorige week in Antwerpen, waar voor het assisenhof eveneens een proces werd gevoerd tegen een motorbende wegens moord, voor een tijdelijke opschorting. Omdat de hoofdverdachte zich op zijn zwijgrecht bleef beroepen en alle betrokken partijen tot wanhoop dreef door doodleuk te verklaren dat hij voor het beantwoorden van vragen eerst toestemming moest vragen aan de president van zijn club, gooide zijn advocaat de handdoek in de ring.

In Nederland keek iedereen deze week dan ook verbaasd op toen de huidige president van de Nomads plots het woord nam. De hele zaal hield zijn adem in, maar het enige wat Pé Schuman, de broer van Jack, kwijt wilde, was dat hij de aantijgingen "belachelijk" en "grote onzin" vond. Daarna zakte de kaalgeschoren, bonkige kerel op witte sportsokken en badslippers grijnzend terug in zijn bank.

De drievoudige moord waarvoor de voltallige Nomads-crew uit Oirsbeek in Nederlands-Limburg zich moet verantwoorden, vond bijna een jaar geleden plaats. Op 13 februari werden de lijken van Cor Peijnenburg, oud-president Paul de Vries en de Belg Serge Wagener gevonden in de Geleenbeek in Echt, dertig kilometer van Oirsbeek. De bikers waren afgemaakt met schoten. Volgens de Nederlandse justitie gebeurde dat twee dagen voordien in het clubhuis van de Nomads.

De Belgische Nomad Raymond Schols (45) uit Dilsen-Stokkem zou voor het transport van de lijken een Citroën Jumper hebben gehuurd in Sittard. Schols werd in april vorig jaar in zijn woning opgepakt door Tongerse speurders en uitgeleverd aan Nederland. Hij was vroeger voorzitter van een aan de Nomads gelieerde motorclub in Rekem bij Lanaken, maar werd na de verschillende stages van aspirant-lid en prospect te hebben doorlopen uiteindelijk ingelijfd bij de echt zware jongens.

Ook de Duitstalige Belgen Sven Servais, die in een andere zaak van moord wordt verdacht, en Pille 'Spike' Götsch zijn lid van de Nomads. Götsch werd nog maar pas bevorderd van prospect naar full member en had naast de functie van secretaris vooral de status van manusje-van-alles. Zo knapte hij eigenhandig de vergaderzaal van de Nomads op. Hij schilderde de muren, legde laminaat op de vloer en schroefde op alle leren fauteuils netjes een naamplaatje.

Na de moorden werd de hele vergaderzaal weer leeggehaald, het laminaat verbrand en de muren opnieuw gestuct. De Nederlandse justitie ziet daarin duidelijk een aanwijzing dat de Nomads sporen hebben willen uitwissen. Alleen wil niemand dat bevestigen. De enige die klikt, is spijtoptant Angelo Diaz, en hij kent de interne keuken van de Nomads niet. Hij beweert alleen dat Jack Schuman en Marco Hagger hem na de moorden hebben verteld dat ze "de poep van de stoep hebben geveegd, want wij tolereren geen ripdeals", en dat de opdracht daartoe uit Amsterdam kwam.

Met de ripdeal wordt de diefstal bedoeld van een lading cocaïne van 293 kilo. "De theorie van Diaz, en ook die van Justitie, is dat de drie vermoorde Nomads een deal hebben opgezet met Colombianen uit Cartagena om 293 kilo coke via Portugal naar Maastricht te brengen", zegt journalist Paul Vugts, die in Nederland samen met twee coauteurs het boek Hells Angels in opmars. Motorclub of misdaadbende? schreef. Vugts volgt eveneens voor de krant Het Parool het proces in Amsterdam. "De coke werd vervoerd in een generator, die bij aankomst helemaal uit elkaar is gehaald. Om geen geldstroom op gang te brengen, zouden de Colombianen als tegenprestatie de helft van de partij krijgen, maar de drie Nomads gingen met de hele buit aan de haal."

Angelo Diaz fungeerde als tussenpersoon voor de cokehandel. Als lid van de motorclub Carribean Brothers onderhield hij op de Nederlandse Antillen contacten met de Colombianen en zette hij het transport op. Hoewel de Hells Angels de Carribean Brothers slechts als prospects beschouwen, zijn ze hun enige lijn met Colombiaanse drugsmaffia. "Diaz wordt nu zelf aangeklaagd voor het transport", zegt Vugts. "Door te verklaren dat de Nomads schoon schip hebben willen maken door hun brothers te vermoorden en zo een strafexpeditie van de Colombianen voor te zijn, wil hij zijn eigen vel redden. Hij heeft zich laten arresteren en onderhandelt nu met Justitie over strafvermindering."

Op het proces verklaarde Diaz het beu te zijn en daarom de omerta te hebben doorbroken. "Ik was zat van alle geouwehoer hier. Ik wilde niets met ripdeals te maken hebben." Diaz was door de Colombianen naar Nederland gestuurd om opheldering te vragen over de cokediefstal. Hij moest bij de Nomads verhaal gaan halen, maar Diaz beweert dat hij tijdens zijn verblijf in Nederland voortdurend bedreigd en bijna geliquideerd werd. Bovendien beschuldigden de Nomads hem ervan de coke zelf te hebben gestolen. Toen de Colombianen hem begonnen te verdenken, zou Diaz volgens de Nomads naar de politie zijn gestapt. Maar zo snel liet Diaz zich niet van zijn stuk brengen. "De Colombianen weten waar ik woon. Ze zijn bij mij thuis en mijn ouders geweest. Als zij dachten ik erbij betrokken was geweest, zat ik hier niet meer."

Nochtans hoefde Diaz de gevangenis niet bepaald te vrezen. Hells Angels en zij die ermee in contact staan, hebben het in de nor niet zelden voor het zeggen. Bovendien kunnen ze er hun zaakjes vaak gewoon verder zetten. Hells Angels-watcher Paul Vugts reageert voorzichtig. "Diaz heeft nog veel meer verklaringen afgelegd, die pas later tijdens het proces aan bod zullen komen. Misschien komt er dan meer opheldering over zijn motieven. Wat mij vooral bezighoudt is waarom twee Hells Angels een Caribbean Brother inwijden in hun geheimen. Tegenover niet-members heerst er anders nooit openheid, waarom nu dan wel?"

Waar Vugts alvast niet aan twijfelt, is dat de opdracht voor de moord uit Amsterdam kwam. "De afdeling daar wordt nog altijd beschouwd als het moederchapter in West-Europa, omdat het buiten Amerika het oudste is. In die zin is het nog altijd het aanspreekpunt van de Hells Angels in Amerika, maar zijn ze wel redelijk autonoom. Toen de bendeoorlogen in Scandinavië enkele jaren geleden op hun hoogtepunt woedden, werden ze allemaal bij Big Willem in Amsterdam ontboden, waar hen werd opgedragen vrede te sluiten."

Net zoals dat bij andere chapters het geval is, is de geschiedenis van de Amsterdamse Hells Angels nauw verweven met criminaliteit. "Het is eigenlijk een hypocriete organisatie", zegt Vugts. "Aan de ene kant hangen ze graag het beeld op van de grote weldoener. Politieonderzoekers zeggen dat te veel overheden daar te lang zijn ingetrapt, en dat zo met succes de aandacht van hun criminele kant is afgeleid. Dat is zeker waar voor Amsterdam, waar de gemeente de club zelfs een lokaal cadeau heeft gedaan dat nu een oninneembaar bolwerk is geworden. Zelfs de politie durft er niet meer binnen. In het begin zijn er wel twee invallen geweest, maar veel bewijs voor criminele activiteiten is er nooit gevonden."

Wat meteen de these ondersteunt dat de Hells Angels een wijde periferie rond zich hebben uitgezet die hun macht consolideert. Politiecontacten, criminelen, zelfs familieleden die bij een telefoonmaatschappij werken kunnen soms van nut zijn. "Maar de band met de criminaliteit wordt toch het duidelijkst aangehaald", zegt Vugts. "Onder Big Willem bijvoorbeeld hebben de Angels Sam Klepper, de Amsterdamse topcrimineel die voor zijn dood nog aspirant-lid was, postuum tot full member uitgeroepen. Ze hebben het dode lichaam nog van de clubtatoeages voorzien en hem daarna naar zijn graf begeleid."

Het geld dat uit de criminaliteit, en dan vooral de handel in verdovende middelen, wordt gewonnen, hebben de Angels dan weer broodnodig om hun eigen reputatie in stand te houden. "Als Hells Angel zijn ze natuurlijk een bepaalde levensstijl gewoon geworden", meent Vugts. "Bovendien wordt hier in het klein gedaan wat in Amerika in het groot gebeurt. Investeren in vastgoed, aanschaf van horeca-ondernemingen, de ontwikkeling van belangen in de motorhandel." De Angels hebben zelfs belangen in de advocatuur. "In Amsterdam is de huisadvocaat Vincent Kraal, maar als je ziet dat er op het Nomads-proces zestien advocaten zitten voor vijftien verdachten, en dat het daarbij niet om de minste strafpleiters gaat, dan weet je het wel."

Het Nomads-proces duurt nog tot eind februari. Minstens tot die tijd is het Limburgse Hells Angels-chapter van de nationale site verwijderd en prijken de Carribean Brothers er met hun hyperlink als aspirant-lid. Angelo Diaz geniet momenteel van een getuigenbeschermingsprogramma, al is genieten veel gezegd. Sinds 14 januari krijgt hij van de Nederlandse justitie onderdak en wordt hij beschermd. Een pretje vindt hij het niet: geen bezoek, zelfs geen telefoon.

Over de deal die er is gesloten betreffende zijn strafvermindering, wil de landelijke parketwoordvoerder in Nederland niets kwijt. Volgens de huidige, informele regeling kan een officier van justitie een getuige alleen beloven dat hij maximaal een derde minder celstraf zal eisen, maar aan spijtoptant Angelo Diaz zou naar verluidt veel meer zijn beloofd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234