Vrijdag 03/12/2021

Als de kanonnen bulderen, stoppen de hersenen

Het idee om een collaborator in Libanon aan de macht te brengen is niet nieuw

Uri Averny

> belicht het echte doel van de Israëlische 'reddingsoperatie'

Het echte doel is een regimewissel in Libanon en de installatie van een marionettenregering. Dat was het doel van Ariel Sharons invasie van Libanon in 1982. Ze mislukte, maar Sharon en zijn leerlingen hebben het nooit echt opgegeven. Net als in 1982 was de huidige operatie gepland en wordt ze uitgevoerd in volledige coördinatie met de VS. Net als toen valt er niet aan te twijfelen dat ze met een gedeelte van de Libanese elite is gecoördineerd. Dat is de hoofdzaak, al de rest is propaganda. Op de vooravond van de invasie van 1982 zei de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Alexander Haig tegen Sharon dat de inval niet kon beginnen zonder een "duidelijke provocatie" die door de wereld zou worden aanvaard. De provocatie kwam er op het juiste moment, toen de terreurbende van Aboe Nidal de Israëlische ambassadeur in Londen probeerde te vermoorden.

Deze keer is de provocatie geleverd door de ontvoering van twee Israëlische soldaten door Hezbollah. Iedereen weet dat zij alleen door een gevangenenruil kunnen worden bevrijd. Maar de militaire campagne die al maanden was voorbereid, werd aan het Israëlische en het internationale publiek als een reddingsoperatie verkocht. Eigenaardig genoeg was twee weken daarvoor hetzelfde gebeurd in de Gazastrook. Hamas en zijn partners namen een soldaat gevangen, wat het excuus opleverde voor een operatie die allang was voorbereid en die de Palestijnse regering moet onderuithalen.

Het officiële doel van de operatie in Libanon is Hezbollah uit het grensgebied te verdrijven, zodat het geen soldaten meer kan ontvoeren en geen raketten meer op Israëlische steden kan afvuren. De invasie van de Gazastrook is ook officieel bedoeld om Ashkelon en Sderot buiten het bereik van de kassamraketten te krijgen. Dat lijkt op "Operatie Vrede voor Gallilea" in 1982. Toen kregen het publiek en de Knesset te horen dat de oorlog bedoeld was om "de katjoesja's 40 kilometer van de grens te verdrijven".

Dat was een opzettelijke leugen. In de elf maanden die aan het begin van de oorlog voorafgingen, was geen enkele katjoesja over de grens geschoten. De operatie was vanaf het begin bedoeld om Beiroet te bereiken en er een collaborerende dictator te installeren. Dat hoorde ik van Sharon zelf, negen maanden voor de oorlog. Ik publiceerde het op dat ogenblik met zijn toestemming, zonder bronvermelding. De huidige operatie heeft ook secundaire doelen, die niets te maken hebben met het bevrijden van de gevangenen. Iedereen begrijpt dat zoiets met militaire middelen onmogelijk is. Maar het is wellicht wel mogelijk om een deel van de raketten te vernietigen die Hezbollah in de loop der jaren heeft verzameld. Met dat doel zijn de generaals bereid de inwoners van Israëlische steden in gevaar te brengen.

Een ander secundair doel is de rehabilitatie van de afschrikkingsmacht van het leger. Dat is een codewoord voor het herstel van de gekwetste trots van het leger, dat diep gekrenkt is door de gedurfde militaire acties van Hamas en Hezbollah. Officieel eist de Israëlische regering dat de Libanese regering Hezbollah ontwapent en uit het grensgebied verwijdert. Dat is onmogelijk onder het huidige Libanese bewind, een delicaat weefsel van etnisch-religieuze gemeenschappen. De geringste schok kan de staat in volslagen anarchie storten, vooral nadat de Amerikanen erin geslaagd zijn het Syrische leger buiten te werken, het enige element dat jarenlang voor stabiliteit heeft gezorgd.

Het idee om een collaborator in Libanon aan de macht te brengen is niet nieuw. In 1955 stelde David Ben-Gurion voor een "christelijke officier" als dictator te installeren. Moshe Sharet legde uit dat het idee op een volstrekte onwetendheid over de Libanese situatie gebaseerd was en schoot het af. Maar 27 jaar later probeerde Sharon het toch. Bashir Gemayel werd als president geïnstalleerd, om niet veel later te worden vermoord. De huidige berekening is dat als de Israëlische luchtmacht de Libanese bevolking hard genoeg bestookt en de zee- en luchthavens verlamt,het publiek woedend zal worden op Hezbollah en de Libanese regering onder druk zal zetten om de Israëlische eisen te aanvaarden. Gezien de huidige regering daar niet eens van kan dromen, zal met de steun van Israël een dictatuur in het zadel worden geholpen.

Dat is de militaire logica. Ik heb mijn twijfels. Men mag veronderstellen dat de meeste Libanezen zullen reageren zoals elk ander volk dat zou doen: met woede en haat tegenover de invaller. Zo is het in 1982 gegaan, toen de sjiieten, die altijd mak waren geweest, in opstand kwamen tegen de Israëlische bezetter en Hezbollah in het leven riepen, dat nu de sterkste macht in het land is. Als de Libanese elite nu met Israël collaboreert, zal ze van de kaart worden geveegd. Tussen haakjes, hebben de kassams en de katjoesja's de Israëlische bevolking ertoe aangespoord om onze regering onder druk te zetten het op te geven? Integendeel.

Het Amerikaanse beleid is vol tegenstrijdigheden. President Bush wil een "regimewissel" in het Midden-Oosten, maar de huidige Libanese regering is nog maar pas onder Amerikaanse druk tot stand gekomen. Inmiddels is Bush er alleen in geslaagd Irak te doen uiteenvallen en een burgeroorlog uit te lokken. Hetzelfde kan in Libanon gebeuren. Bovendien kan een verwoestende aanval op Hezbollah niet alleen in Iran als een rode lap op een stier werken, maar ook bij de sjiieten in Irak die Bush nodig heeft voor al zijn plannen voor een pro-Amerikaans regime. Wat is het antwoord dan? Het is geen toeval dat Hezbollah soldaten ontvoerd heeft op het ogenblik dat de Palestijnen om hulp roepen. De Palestijnse zaak is in heel de Arabische wereld populair. Door te tonen dat het een vriend in nood is, hoopt Hezbollah zijn populariteit te vergroten. Als er op dit ogenblik een Israëlisch-Palestijns akkoord zou zijn, zou Hezbollah een zuiver Libanees fenomeen zijn dat irrelevant was voor onze situatie.

De regering van Olmert en Peretz is erin geslaagd Israël in een oorlog op twee fronten te storten, een oorlog met onrealistische doeleinden en onvoorspelbare resultaten.

Indien Olmert hoopt om als Mister Macho over te komen kan hij een koude douche verwachten. De wanhopige pogingen van Peretz om ernstig te worden genomen als een imposante Mister Security zijn al even nutteloos. Iedereen begrijpt dat deze campagne door het leger is gepland en wordt gedicteerd. De man die nu in Israël de beslissingen neemt is Dan Halutz. Het is geen toeval dat het werk in Libanon aan de luchtmacht wordt toevertrouwd.

Het publiek is niet enthousiast over de oorlog. Het legt zich er met een stoïcijns fatalisme bij neer omdat het te horen krijgt dat er geen alternatief bestaat. Wie kan er tegen zijn? Wie wil de "ontvoerde soldaten" niet bevrijden? Wie wil de katjoesja's niet verbannen? Geen enkele politicus durft kritiek uit te oefenen op de operaties, behalve de Arabische leden van de Knesset, die door het Joodse publiek worden genegeerd. In de media voeren de generaals het hoge woord en niet alleen degenen in uniform. Vrijwel geen enkele gewezen generaal is nog niet door de media gevraagd om de campagne te bespreken, te verklaren en te rechtvaardigen. En allemaal spreken ze met dezelfde stem.

De populairste televisiezender van Israël nodigde mij uit voor een interview over de oorlog, nadat ze hadden gehoord dat ik aan een vredesbetoging had deelgenomen. Een uur voor de uitzending belde een bedremmelde presentator mij op om uit te leggen dat er een vreselijke vergissing was gebeurd: ze hadden eigenlijk professor Shlomo Avineri willen uitnodigen, een gewezen directeur-generaal van het ministerie van Buitenlandse Zaken, die beslist elke daad van de regering in hoogdravende academische taal zou goedpraten.

'Inter arma silent Musae', als de wapens spreken, zwijgen de Muzen. Als de kanonnen bulderen, stoppen de hersenen.

Toen de staat Israël werd gesticht, was overal dezelfde poster te zien: 'Heel het land, één front! Heel het volk, één leger!' We zijn nu 58 jaar verder en dezelfde slogan is nog even geldig als toen. Wat zegt dat over generaties van staatslieden?

Uri Averny

is Israëlisch auteur, activist en leider van de Israëlische vredesbeweging Gush Shalom.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234