Donderdag 19/09/2019

'Als Bach niet had bestaan, was ik gestopt met muziek'

'Kun je dit vals zingen?' De vraag van Philippe Herreweghe klinkt vreemd, maar Judas wás onbetrouwbaar. En dat wil de dirigent van Collegium Vocale vanavond tijdens de Mattheüspassie in Mechelen horen bij de Duitse bariton.

Ze weet het nog goed. "Ik zat in de auto, we stonden stil in de Kasteelstraat, aan het huis met nummer 23. Toen hoorde ik de hobo-solo uit de Mattheüspassie voor het eerst. 'Als ik groot ben, wil ik dat doen', zei ik aan mama. Ik was vijf jaar." Nele Vertommen is nu zeventien. In haar mailadres zit het nummer 224, dat komt overeen met het Bach-Werke-Verzeichnis (BWV) 224, de Mattheüspassie. Dat mailadres maakte Nele aan toen ze zes was. "Tussen mijn vijfde en mijn elfde luisterde ik er elke dag naar. Elke dag. Anders ging ik niet slapen."

Het was niet die vertaling van 'passie' waar Johann Sebastian Bach aan dacht toen hij zijn compositie in 1727 voor het eerst liet uitvoeren. Vandaag exact 290 jaar geleden, het was 11 april. Maar die avond, in de Thomaskirche in Leipzig, veroorzaakte hij wel wat je in 2017 hoort in de coulissen van de Singel in Antwerpen. Bij cellisten, zangers, hoboïsten: Bach is passie. "Als Bach niet had bestaan, was ik al lang met muziek gestopt", zegt Marcel Ponseele, 60, die al dertig jaar met het Collegium Vocale speelt en dus repeteert voor de korte Europese tournee. "Ooit vroeg een vriend me wat ik het liefst wou horen voor ik zou sterven. Ik kon alleen antwoorden: de Mattheüspassie. Dan duurt mijn leven tenminste nog drie uur langer.' Mozart had voor mij zelfs niet moeten bestaan. Hij maakte fantastische muziek, maar als je naar zijn opera's luistert, kun je net zo goed naar Thuis kijken. Jammer dat hij zich daarmee bezighield. Dat deed Bach niet."

Minstens 200 keer

Tussen het 'Kommt, ihr Töchter, helft mir klagen' waarmee deel 1 begint en het 'Wir setzen uns mit Tränen nieder' van deel 68 zitten drie uur muziek, maar die repeteert dirigent Philippe Herreweghe vandaag niet helemaal. Al zou hij willen en is het een grapje: "Zullen we het voor de koffie nog eens helemaal doen?" Hém zou je er niet mee plagen, Herreweghe ademt de Mattheüspassie. Minstens 200 keer gedirigeerd. Geen woord is hem vreemd, zijn boek uit 1980 met de hele partituur kent hij uit het hoofd, hij heeft het enkel bij zich omdat dat praktisch is. "Zo kan ik mijn mensen zeggen welk stukje we doen." Met een paar violen en cello's en basbariton Thomas Tatzl (Jezus) en bariton Philipp Kaven (Judas) zijn dat voor de middag twaalf stukken. Meteen na de middag met een jong meisjeskoor een uurtje. En dan, van halfvier tot halfzeven, tutti: alle 74 stemmen en muzikanten nemen dan het podium in. En hij leidt die: "Let's try it and let's see what happens."

Herreweghe gebruikt alle talen door elkaar. Nu Duits, met de Oostenrijker die Jezus zingt. Voor één keer, enkel voor het openingsconcert van afgelopen vrijdag. Zaterdag in Sevilla, zondag in Madrid en maandag in München is dat Florian Boesch en ook vanavond in de Mechelse kathedraal is hij dat. "Maar hij kon niet voor dat eerste concert," zegt Tatzl, "en dus werd ik gevraagd. Ik heb de Mattheüspassie nog niet zo vaak gezongen en het is altijd anders. Zeker als je de eerste keer met iemand werkt, zoals ik nu met Philippe. Hij is zeer verbonden met de tekst en dat heb ik graag. De tekst bepaalt de zang bij Philippe."

Die knikt. Het verhaal bepaalt de koraal of de aria en Herreweghe zingt desnoods voor. "In de Johannespassie is Christus Che Guevara", zegt hij. "Hier is het anders. Niet dat hij plots een Don Giovanni is, maar toch..." Met beelden probeert hij de zangers te wekken. "Hoor, dit is zoals Rembrandt: Bach gaf Christus hier licht." Of: "Hier moet je fataliteit in leggen. In één minuut legt Bach drie verschillende gevoelens in de tekst." En de nadruk moet juist: "'In dieser Nacht werdet ihr euch alle ärgern an mir', zegt Jezus. Dat is zo fantastisch. Maar beklemtoon dan ook nácht." Later zegt hij: "Bach is Dostojevski. Hij schreef een verhaal."

Asperges

Je voelt de zangers zweten, maar ze knikken. De maestro kent dit als niemand anders en hij mag zelfs vragen, aan Judas: "Kun je dit vals zingen?" Waarbij iedereen lacht, maar iedereen weet wat hij bedoelt. Judas' karakter moet je horen in hoe Philipp Kaven dit zingt. Herreweghe hoort alles. "Het was perfect, alleen de laatste noot misschien niet", zegt hij aan eerste violiste Christine Busch. Zij knikt. Wij horen dat niet, maar hij wil het niet horen. 'Darf ich fragen?', en "4 en 5" en een cello herneemt een stukje. Herreweghe vraagt het vriendelijk, gebruikt een grapje ("Als je de juiste uitspraak van een woord niet weet, playback dan even"), vraagt nog of Pontifex er is. "Ik dacht even dat we met een pontifexit zaten."

Elf dagen voor Pasen kan zo'n grapje, al is voor directeur Bert Schreurs en tourmanager Peter Van den Borre nu alles wel serieus. 74 musici naar Sevilla, Madrid, München, Mechelen, Parijs, Aix-en-Provence en Zürich krijgen op acht dagen is hectisch. "Er zijn ook aanvragen om de Mattheüspassie na Pasen nog uit te voeren, maar dat kan niet", zegt Schreurs. "Op 15 december eet je ook geen asperges." Dit is een seizoensgerecht. Maar logistiek moeten ze aan alles denken. "Het kon alleen met een chartervlucht. Je verliest anders te veel tijd en je bent afhankelijk van van elke douanier. In enkele instrumenten zit wat ivoor: daar kun je overal mee tegengehouden worden." Zegt Peter, aan alle muzikanten: "Op de trein van Sevilla naar Madrid mag je géén mes bij je hebben. Er is controle." Met messen wordt het riet van een blaasinstrument bijgewerkt. In Spanje moet dat dus opgelost worden. "Je moet aan alles denken."

Kijken naar je eigen lijden

Marcel Ponseele en zijn leerlinge Nele knopen het in hun oren. Zijn hobo maakte hij zelf van buxus van een omgevallen boom in zijn tuin. Voor haar is dit de eerste tournee met Collegium Vocale, maar na zes jaar dagelijks luisteren naar de Mattheüspassie heeft ze geen schrik. Maar wat is het geheim van de universele emotie van Bachs lijdensverhaal van Christus? In Troost in muziek, een fijn boek over de Mattheüspassie dat samengesteld werd door Hendrik Opdebeeck, zegt de Nederlander Ton Koopman: "Schreef Bach (...) zijn eigen verdriet van zich af? Muziek was en is een 'medicina dolorum'." Misschien is het dat. Besluit Ponseele: "Mensen voelen dat aan. Er is het verhaal en je krijgt een formule om naar je eigen lijden te kijken. Zelfs de antikerkelijke Elsschot werd tot tranen toe bewogen door de Mattheüspassie."

Vanavond in de Sint-Romboutskathedraal in Mechelen. Alle info: collegiumvocale.com

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234