Maandag 06/12/2021

Almaar meer groene jongens scharen zich achter ggo's

Milieuorganisaties die actie voeren tegen ggo's nemen een moreel onaanvaardbaar standpunt in. Dat zegt de Britse ex-baas van Greenpeace Stephen Tindale in Panorama op BBC. De machtsconcentratie van ggo-bedrijven blijft echt wel een probleem, zeggen zijn tegenstanders.

De discussie rond genetisch gemanipuleerde organismen, ggo's, sleept al jaren aan. De eerste proeven vonden in de jaren 80 plaats, niet veel later stak het eerste protest de kop op. Tot op vandaag spelen drie argumenten in de tegenbeweging: gevaar voor mens en dier, gevaar voor de biodiversiteit en gevaar voor te machtige agrobedrijven. Wetenschap bewijst en ontkracht, waardoor men in een welles-nietesdiscussie verzandt, met steeds vaker spijtoptanten.

Stephen Tindale is er zo een. Hij leidde de Britse afdeling van milieuorganisatie Greenpeace van 2001 tot 2005. Tindale verwijt ngo's dat ze ideologie boven de nood voor humanitaire acties stellen, want een van de voordelen, zeggen voorstanders, is dat ggo-gewassen het voedseltekort mee kunnen inperken.

Een sekte

Ook in eigen land zie je groene jongens de Rubicon oversteken. "Een voor een heb ik de argumenten tegen ggo's moeten schrappen", zegt freelance milieujournalist Bart Coenen. Begin 2000 was hij aan de slag bij Agalev, het vroegere Groen, en later werkte hij voor de Vereniging voor Ecologisch Leven en Tuinieren (Velt). De grote omslag maakte Coenen na de vernieling van het ggo-aardappelveld in Wetteren in 2011. "Dat liet echt een diepe indruk op mij. Ik vond dat ik niet meer aan de zijlijn kon staan."

Coenen knipte de banden met de milieuorganisaties door, en dat werd hem niet in dank afgenomen. "Het leek soms alsof ik uit een sekte stapte. Iemand waarschuwde me dat de groene beweging me in diskrediet zou brengen, en dat is ook gebeurd. Ik stapte hoegenaamd gefrustreerd op, maar bij mij had het echt te maken met een gebrek aan wetenschappelijke argumenten."

Bij het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) ziet men dat het debat gevoelsmatig wordt gevoerd. "Milieuorganisaties gebruiken beelden die inspelen op onze emotie om angst op te wekken," zegt Wim Grunewald van het VIB. "Het beeld van een maïskolf in de vorm van een granaat, of een tomaat met vinnen, het schrikt mensen af, maar geeft ook een compleet fout beeld."

Filosoof Johan Braeckman beargumenteerde onlangs iets gelijkaardigs in het biologische vakblad Trends in Plant Science. Afkeer van gentechnologie komt doordat het niet in ons intuïtieve beeld van de natuur past, en dus tegennatuurlijk overkomt, schreef Braeckman.

"Ze plaatsten ons in de emotionele hoek, ik word daar echt moe van," zuch Hans Van Scharen. Als medewerker van Europees Parlementslid Bart Staes (Groen) is hij een van de vocale tegenstanders van ggo's. Hij noemt het vanzelfsprekend dat politieke partijen een maatschappelijk ideaal nastreven vanuit een bepaalde ideologie. Pertinenter is dat Vlaanderen volgens hem vastzit in de biotechnologische pensée unique. "Onze regio is na de VS de grootste hub van biotech en bovendien een pionier, je gaat niet in je eigen nest spuwen." Waarmee hij de gevoelsmatige pingpongbal weer in het andere kamp slaat.

Machtsconcentratie

Van Scharen ziet een veel groter probleem, de machtsconcentratie in de kleine wereld van spelers actief in de productie van ggo-zaden en pesticiden. Monsanto, Syngenta, Bayer, BASF, DuPont en Dow, de Big Six genoemd. "Veel ggo-gewassen zijn specifiek ontworpen om te gebruiken in combinatie met bepaalde pesticiden", zet Van Scharen.

Daarmee herhaalt hij de kritiek die partijgenoot Petra De Sutter vorige maand in onze krant (DM 2/5) gaf. De senator zie toen: "Het gezondheidsargument overtuigt mij als wetenschapster niet zozeer, maar het economisch misbruik van technologie des te meer."

Het recente bod van het Amerikaanse Monsanto op het Zwitserse Syngenta past in die economische vrees. Monsanto had bijna 40 miljoen euro veil. Voorlopig houdt de Zwitserse agrogigant de boot af, die vindt het bod te laag en vreest dat een njet van de mededingingsautoriteiten beide bedrijven kan beschadigen.

Ook jurist Thijs Etty van de Vrije Universiteit Amsterdam ziet in die concentratie een groter risico dan het pingpongspel van voor- en tegenstanders. "Dan kun je tenminste man en paard noemen. Over de biologische gevaren kan je blijven discussiëren, maar die markconsolidatie is een veel prangender probleem."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234