Dinsdag 28/09/2021

Allochtonen: paria's onder de doelgroepen?

Wat opvalt, is dat de minister oog heeft voor zowat elke denkbare doelgroep behalve voor de niet autochtone student

De Vlaamse studenten

vinden dat Frank Vandenbroucke meer inspanningen moet doen voor allochtonen in het hoger onderwijs

Minister Frank Vandenbroucke werkt volop aan een nieuw financieringsmechanisme voor universiteiten en hogescholen. Terwijl de eerste werkteksten van het nieuwe decreet de ronde doen, probeert de onderwijsminister ondertussen die hervorming te verkopen als dé hefboom voor een tweede democratiseringsgolf. Na de eerste golf, die vooral de arbeidersklasse de weg wees naar het hoger onderwijs, mikt de nieuwe democratiseringsbeweging vooral op een hogere in- en doorstroom van de groeiende groep 'allochtonen'. Een groep die tot nu toe zwaar ondervertegenwoordigd is in het hoger onderwijs. Uiteraard staan wij 100 procent achter die doelstelling, maar is het voorgestelde systeem wel in staat om die te verwezenlijken?

Het plan van Vandenbroucke zet zwaar in op outputfinanciering: het instellingsbudget zal niet meer worden berekend op basis van de ingeschreven studenten, maar wel op basis van de geslaagde studenten, al is er een uitzondering voorzien voor het eerste jaar. Verder kent de overheid een bonus toe voor elk behaald diploma. Bovendien rantsoeneert de minister ook het recht op onderwijs. Voortaan krijgt elke student aan de start een rugzakje vol studiepunten mee. Als dat op is, dan is het niet zeker meer dat de student zich kan inschrijven. Krijgt hij wel nog de toestemming, dan moet hij dubbel zoveel studiegeld betalen.

Het bovenstaande maakt duidelijk dat de minister nogal sterk de nadruk legt op prestaties. Ondanks de vele waarschuwingen gaat hij in zijn plan voorbij aan het feit dat de slaagkansen tegenwoordig sterk sociaal vertekend zijn. Allochtone studenten zijn niet alleen zwaar ondervertegenwoordigd in het hoger onderwijs, ze kampen ook met beduidend lagere doorstromingskansen. Het slaagpercentage van de allochtone eerstejaarsstudenten aan de universiteit Hasselt bijvoorbeeld ligt op 27 procent, een schril contrast met de 60 procent slaagkansen voor autochtone medestudenten. Ook in de hogere jaren heeft de student met allochtone roots nog steeds 13,5 procent minder kans op slagen. Aan de universiteit van Antwerpen legt slechts 15 procent van de Belgische jongeren van Turkse of Marokkaanse origine hun eerste jaar met succes af. Dat veel van die jongeren het hoger onderwijs zonder diploma verlaten, mag dan ook niet verbazen.

Moeilijker doorstromende studenten zullen in de toekomst vaker hun studies moeten stopzetten omdat hun rugzakje met studiepunten leeg is. Bovendien worden die studenten ook voor de instellingen financieel heel wat minder aantrekkelijk. Valt een student uit, dan loopt de instelling de diplomabonus mis. Loopt een student een jaartje studievertraging op, dan levert dat de instelling maar één keer financiering op. Kortom, instellingen gedreven door winstmaximalisatie zullen die kostelijke studenten liever kwijt dan rijk zijn. De kans op bewuste en onbewuste discriminatie en sluikse asociale selectiemechanismen neemt in het nieuwe systeem nog toe. Het risico is reëel dat instellingen zich in de toekomst vooral zullen richten naar de gemakkelijke student die zijn opleiding mooi op schema afwerkt. De strijd om de doktersdochters uit sterke a.s.o.-richtingen in witte concentratiescholen zal genadeloos worden opgevoerd. De kans dat allochtone jongeren nog slechter af zijn in het nieuwe systeem is groot. Zeer groot. Het nieuwe financieringsmechanisme van minister Vandenbroucke dreigt zijn doel voorbij te schieten.

Voor ons dient een nieuw bekostigingsmechanisme instellingen niet minder maar net meer te financieren voor groepen met een hoger risico op studievertraging en op uitval. Stimulansen moeten het hoger onderwijs ertoe aanzetten om ondervertegenwoordigde groepen aan te trekken én hun ongelijke startkansen weg te werken. Als het de overheid menens is met diversiteit in het hoger onderwijs, dan kan ze het zich niet langer veroorloven om alle studenten over dezelfde kam te scheren wanneer de universiteiten en hogescholen langs de kassa passeren. Diversiteit vergt een financiering op maat. Een financiering die rekening houdt met studentenkenmerken en hun verschillende onderwijsbehoeften.

Positief is wel dat de minister dat sinds kort begint in te zien. Hij erkent dat zijn outputfinanciering gevaarlijk kan zijn voor moeizaam doorstromende doelgroepen. Op vraag van studenten heeft hij daarom een extra financiële weging ingevoerd die de gevaren van output moet corrigeren. Studenten met functiebeperkingen, beursstudenten, werkstudenten... zullen in de toekomst aan de instelling anderhalf keer zoveel opleveren als een modale student. Wat opvalt, is dat de minister oog heeft voor zowat elke denkbare doelgroep behalve voor de allochtone student. Terwijl de extra zorg voor de overige doelgroepen structureel wordt ingebouwd in het nieuwe financieringssysteem, verwijst de minister de allochtone studenten door naar een nog op te richten 'aanmoedigingsfonds'. Met veel poeha werd aangekondigd dat dat 'gelijkekansenfonds', van 5 procent van het totale onderwijsbudget, dé hefboom voor de tweede democratiseringsgolf zou vormen. Ondertussen is het echter geslonken tot een magere 1 procent... Dat bedrag is niet van die aard om korte metten te maken met de achterstelling van allochtonen in het hoger onderwijs.

Het nieuwe financieringsplan degradeert jongeren van allochtone origine tot de paria's onder de doelgroepen, de dalits van het systeem. Nochtans worden ze geconfronteerd met een hele resem achterstellingsfactoren die mekaar onderling versterken. De ongezien lage slaagkansen vormen daarvan het overtuigend bewijs. We vragen ons af waarom allochtonen niet op dezelfde manier kunnen worden behandeld als de andere minder goed doorstromende kansengroepen? Het vaak gehoorde argument is dat er geen sluitende definitie bestaat van 'allochtoon' en een objectieve telling niet mogelijk is. Waar een wil is, is een weg, zegt het spreekwoord nochtans. Een aan de VUB ontwikkelde onderzoeksmethode telt het aantal studenten van allochtone afkomst op basis van een combinatie van de nationaliteit van de ouders, de geboorteplaats en familienaamherkenning. Nederland registreert het aantal allochtone studenten al langer via een link met het bevolkingsregister. In het leerplichtonderwijs voerde het decreet op de gelijke onderwijskansen het criterium thuistaal niet-Nederlands in. Ook een bijkomende veralgemeende taalproef die peilt naar de beheersing van het academisch Nederlands behoort tot de mogelijkheden. Aan veel instellingen van het hoger onderwijs bestaat al de praktijk van een etnische registratie. Wegen zijn er dus genoeg, alleen lijkt de politieke wil (nog) te ontbreken.

Allochtonen liggen natuurlijk minder goed in de politieke markt. Wie een extra weging voor allochtone studenten bepleit, wordt al snel verdacht van positieve discriminatie. Nochtans gaat het hier om een financieel voordeel dat naar de instellingen gaat en niet naar de student. Allochtone studenten willen in het nieuwe financieringssysteem op dezelfde manier als werkstudenten, functiebeperkten, beursstudenten... in de balans gelegd worden. Met een eigen indicator die hun achterstelling in het hoger onderwijs erkent én die via een structureel ingebouwde extra financiering verhelpt. Die staat een inclusief beleid niet in de weg. Wel integendeel. De extra financiële weging voor elke allochtone student is een absolute noodzaak, wil de groots aangekondigde tweede democratiseringsgolf van minister Vandenbroucke geen slag in het water worden.

Namens Vlaamse Vereniging van Studenten; Tügök vzw, studentenvereniging Limburg; M!X, studentenvereniging VUB; KifKif vzw; Nasiha, studentenvereniging Erasmushogeschool Brussel; Koeleur Local , studentenvereniging VUB; Ahlan Leuven, vzw; Student Focus, studentenvereniging UA; Jong-Groen!; Studiekring Vrij Onderzoek van de VUB; KU Leuven Werkgroep Allochtone Studenten; Jongeren van Badr, Hasselt; Motief, studentenvereniging aan de Karel de Grote Hogeschool Antwerpen; Hidaya vzw, Sint-Niklaas; Leuvense Overkoepelende KringOrganisatie; Studententijdschrift De Moeial, VUB; Albert Martens, prof. emeritus, KU Leuven; Bambi Ceuppens, onderzoekster, KU Leuven; Machteld de Metsenaere, prof. en voorzitter Diversiteitsforum, VUB; Sabine Vanhuffel, rectoraal adviseur diversiteit en gelijke kansen, KU Leuven; Jo Tollebeek, prof. KU Leuven; Nadia Fadil, onderzoekster KU Leuven; Ludo De Witte, publicist; Nabila Benyaich, lerares; Trees Vande Wiele; Fatma Arikoglu, student, UGent; Joeri Colson, Walid Moustamandi, Mathy Bollen, Laila Higazi, studenten, KU Leuven; Christopher Oliha, voorzitter Minderhedenforum.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234