Zaterdag 05/12/2020

'Alles in het leven doe je voor je moeder'

'Non mi piace', zei de vader van boer Beppe en hij spuwde de erwtensoep uit die Mark Coenen (57) hem net had voorgezet. 'Nul op tien gaf hij die soep', zegt Coenen, en direct hield hij van die man. Want zo eerlijk zijn de mensen in San Venanzo en zo graag heeft hij dat. 'Er gebeurt hier niks: dit is de gelukkigste plek ter wereld.'

Het laatste citaat in de inleiding is niet van Mark Coenen zelf. Hij leent het van Tony Judt, overleden Britse historicus, die het in De geheugenhut schreef over het Zwitserse dorpje Mürren. "Maar als iemand me vraagt hoe het in San Venanzo is, zeg ik altijd: 'Lees Judt.' Dit is Limburg, maar met beter weer. Mijn moeder was van Jesseren, een Limburgs dorpje. Als kind kwam ik er vaak. Volgens mij is dat de reden waarom ik hier zo graag ben. Ik ben geen grootstadsmens, maar ook geen landbouwer: ik heb drie linkerhanden. Maar mijn moeder, die overleden is en hier nooit was, zou dit graag gezien hebben. Alles wat je doet in het leven, doe je toch voor je moeder?"

Stilaan zijn we omringd door moeders. Schuifelende mevrouwen uit Penna San Giovanni, het dorp waarvan San Venanzo een door God zelf gegeven verborgen achterkamertje is. Arm in arm naar de bank voor het café van Paolo en Adele. Vermoeide lichamen van zoveel verleden en zoveel werk op het land en in de schuren rond Penna, maar iedere ochtend hier: voor een espresso. Ze zeggen buongiorno tegen Coenen, die in 2010 nog een vreemdeling was maar nu stilaan een local. "Mijn vrouw leerde meteen Italiaans en als ze nu in het dorp komt, wordt ze op handen gedragen. Ik versta veel van de taal, kan al keihard mijn koffie bestellen in het Italiaans, en zo zijn we hier als bij toeval gelukkig. We doen ons best om ons te integreren, en als we uit België naar hier komen, brengen we Godiva, Duvel en Westmalle mee.

"Natuurlijk is het hier niet allemaal rozengeur en maneschijn. Het dak van het huis kan hier net zo goed lekken als in België. En de mentaliteit is behoudsgezind. Alles wat zuidelijker ligt noemen ze stronzo. Ze zijn dan wel weer gewéldige fan van paus Franciscus.En toen ik een paar jaar geleden zei dat Elio Di Rupo, afkomstig van de Abruzzen, hier om de hoek, onze premier was, was er eerst applaus. Tot ik zei dat hij homo is. De blije gezichten sloegen meteen om."

Discussiëren doet Mark Coenen hier niet over. Mensen die al generaties lang op een boerderij wonen, bij wijze van overdrijving allemaal 'Barchetta' heten, wijn tegen kaas ruilen, na veertig jaar werken overleven met een pensioen van 650 euro en schrik hebben dat ze het nieuwe Griekenland worden: die moet je waardig benaderen. Respectvol voor de groeven in gezicht en in de hersenen.

Je mag ook blij zijn: "'s Avonds wordt dit café een pizzeria en de duurste pizza van Paolo kost 6 euro. We hebben een pizza-oven, maar voor die 6 euro kan ik niet een hele dag gaan stoken. Tomas De Soete was hier onlangs een weekje en die heeft dat wel gedaan. Maar hij woont dan ook in Temse." (lacht)

Britse B&B

Het was 2010, dus, toen Mark Coenen en zijn vrouw Isabelle Baele met de kindjes Jules en Billie in deze streek kwamen rondrijden op zoek naar iets. Opnieuw toeval: "Ik was gescheiden, mijn eerste vrouw kocht het huis en ik moest geen nieuw kopen omdat Isabelle er al een had. Met dat geld kon dit."

Dit, deze droom, een huisje in Italië en nog wel áf. "Voor ons zat er een Brits koppel dat er wat bed and breakfast in deed. Het was heel bewoonbaar; we hebben er alleen een nieuw Ikea-keukentje geplaatst. Ik wilde naar hier komen in mijn zwembroek, niet in mijn overall. Maar is dit een vlucht naar iets anders? Neen: het kwam op ons pad.

"Het is niet de bedoeling om hier fulltime te wonen. We zijn allebei mediamensen, zij het ik op dit moment in bijberoep, en begin hier in Penna maar eens televisie te maken. Het is niet mijn ambitie om te depayseren. Soms vraag ik me zelfs af: waarom is me dit gegund? Maar we komen graag en we komen al lang niet meer voor het mooie weer. Ik ontdek wel steeds nieuwe vergezichten."

Paolo, Adele, Beppe, nonno - de vader van Beppe -, Patricia: het zijn de namen van de mensen in San Venanzo. Op het allereerste kaartje in deze Ronde van Italië stond een fout en Mark Coenen mailde meteen: "Jullie hebben San Venanzo in Umbrië gelegd. Dat bestaat ook, maar wij liggen in Le Marche." Dat is geen detail. "Le Marche is meervoud en dat is niet toevallig. Je hebt hier de zee en de bergen en het cliché van de vier seizoenen in één dag.

"Er is ook nauwelijks toerisme. Pas op, ik ben niet beter: ik ben hier ook een toerist. Maar je moet met Lieven Van Gils eens door een stad als Lucca lopen. Die mens wordt voortdurend herkend en aangesproken. Hier niet. En je moet op een terras niet opletten wat je zegt. De kans dat hier nog Vlamingen zitten, is klein.

"De mensen hebben over alles hun gedacht. Elk jaar koken we Vlaams voor de boer en wat andere mensen. Witloof met kaas en hesp en zo. Maar de eerste keer zetten we ze koude erwtensoep voor en de nonno spuwde ze uit: 'Non mi piace.' Daar is de vriendschap ontstaan, zegt Beppe nog altijd. De nonno gaf 0 op 10 voor het voorgerecht en zei dat ook."

Vorig jaar trouwde Patricia, Beppes dochter. "Ze trouwde met Vicenzo in een hotel in Petritoli, dat begon om 14 uur en duurde tot 22 uur. Op het programma: eten. De welstand wordt er afgemeten aan hoeveel scampi je kunt eten. 40? Oké, dan eet ik er 42. Ik waande me in The Godfather, maar dan met minder budget."

Verkeerde lotje

Tussen het dorpsplein en het huis ligt een wegje dat 30 procent stijgt. Voor Penna San Giovanni was het lachen: ergens in een veld stond een Eiffeltoren, veel reclame verwees naar schoenfabrieken en modewinkels als Calze Cocia en Outlet di Nadege, een restaurant dat Ippodromo heet en een Centro Sportivo dat dan weer Osteria heet.

Het Limburg van Italië dus. De streek van zijn moeder, en daar vertelt hij al snel over. Bij deze laatste etappe in de Ronde van Italië valt het op: bijna iederéén vertelde over zijn of haar moeder. Over haar belang en over de emotionele erfenis. Het is gedaan met lachen.

"Maria Jamaers heette ze en ze is maar 72 geworden. Dat is te jong; mijn vader is nu 87 en bijna al haar broers en zussen leven nog. Maar ons moeder heeft het verkeerde lotje getrokken, en eigenlijk is ze de zelfmoord van mijn zus nooit te boven gekomen. Maar ik weet zeker dat ze dit huis en deze streek zou zien zitten hebben. Mijn vader was hier één keer en zei: 'Maar Mark, hier is toch niks te beleven.' Natuurlijk zou mijn moeder zich zorgen gemaakt hebben. Zo zijn moeders. Maar dit klopt wel met hoe zij was.

"De rol van een vader is niet verwaarloosbaar, maar de band met de aarde en met de natuur en het leven heb je via je moeder. Het overstijgt alles en het is niet dat je dat als vader niet wil, maar ik ben het zelf en zie het. Ze gaan naar hun moeder voor de pijntjes en wij mannen zeggen hooguit: 'Kom, ik zal je zakgeld wel betalen.'"

Dat laatste is wat ironisch en dat is Mark Coenen. "Ik adoreer het leven, maar ik kan het niet zo serieus nemen. Relativeren is heel belangrijk. Al mag je niet alles kapot relativeren." Het warme hart van zijn moeder ("een empathische, warme vrouw"), het verstand van zijn vader. "Hij is het archetype van de jarenvijftigvader. Een ingenieur, zeer rationeel, maar tegelijk diepgelovig. En alle vrouwen die hij graag zag, heeft hij zien sterven: zijn dochter, mijn moeder en dan nadien zijn tweede vrouw.

"Ik denk wel dat hij zichzelf verwijt dat hij mijn moeder niet altijd even goed heeft kunnen steunen, maar zo ging dat vaak in de jaren 60 en 70. Maar als er nu iets met mijn gezondheid mankeert, belt hij me. 'Mark, heb je hieraan gedacht?'"

Ze waren zeker bezorgd toen Mark, zeventien en naar eigen zeggen "een getroebleerde puber" in het voorlaatste jaar van de humaniora bleef haperen. "Ik was de eerste van de Coenens en de Jamaers die moest blijven zitten", zegt hij. "Maar ook daar is geluk uit voortgekomen. Van het Sint-Michielscollege in Brasschaat moest ik naar Sint-Jan Berchmans en mijn drie beste vrienden tot vandaag heb ik daar leren kennen: een optieker, een sociaal assistent en een dierenvoedingmagnaat.

Diamantslijper

"Zo is veel in het leven dat toevallig kwam en dat later geluk bracht. Na mijn studie woonde ik in een huisje in Schilde, mijn achterbuur was diamantair en hij heeft me twee maanden werk gegeven, als diamantslijper. Dan kon ik toevallig corrector worden bij de Gazet van Antwerpen, en daarna vertelde een vroegere kotgenoot me dat ze bij Studio Brussel een muzieksamensteller zochten."

De twijfel ('kan ik wel iets?') werd weggevaagd: hij mocht beginnen. "Ik vergeet nooit de dag dat ik een parkeerkaart van de VRT kreeg. 'Nu zijn we er', dacht ik. Maar het was een geluk en zo is mijn leven. Er was een nieuwe directeur voor Studio Brussel nodig en toevallig was ik op dat moment op de juiste plaats. Het zal ook wel met talent te maken hebben. Maar als je een goeie spits bent en ze zoeken een verdediger, ben je niks."

Jan Schoukens, oprichter van Studio Brussel, zat de examencommissie voor. Al op de eerste dag stelde hij Coenen aan muzieksamenstellers Jokke Kerkhofs en Ben Crabbé voor: "Mannen, ik heb hier de directeur bij."

"Vanaf dag één is dat mijn bijnaam: de directeur. Dat zeggen ze nog altijd. Schoukens gaf iedereen een bijnaam. Jan Hautekiet was 'de lange', Paul De Wyngaert 'Tintin', Bert Geenen 'den Broeder' en mijn vrouw was 'Poupette'. Lieven Van Gils zegt nooit 'Mark'. Altijd: 'Directeur.' (met een lach) Ik was voorbestemd voor die rol.

"Jan Schoukens is ontzettend belangrijk geweest voor mij. Hij had een hele bredescope, niet alleen voor de radio, ook politiek en zo. En bier. Ik was zelf altijd alleen met muziek bezig geweest, maar ik was 24 en door Jan gingen mijn ogen open: 'Tiens, dat bestaat ook.' Mijn oudste twee kinderen zijn nu ongeveer die leeftijd en zijn veel slimmer dan ik toen was.

"Mijn andere held is Guy Mortier. Mijn enige hoop, toen ik 18 was, was om ooit bij Humo te kunnen werken. Zonder dat hij het toen wist, was Guy, samen met Jan, mijn geestelijke vader. En door hem waren Marc Didden, Johan Anthierens en Marc Mijlemans mijn helden. Toen Mijlemans, 27 pas, stierf, heb ik daar bijna fysiek van afgezien. Terwijl ik hem niet persoonlijk kende. De invloed die Guy Mortier op mijn leven heeft gehad, is met geen pen te beschrijven."

Toevallig kwam Mortier op een dag echt in zijn leven. Samen met Isabelle moest Coenen op een dag naar een congres in Londen. Ook Jens Mortier, zoon van, zou er met zijn partner heen gaan. Maar de trein had vertraging, samen doken ze drie uur lang een café in en: "We kwamen er als vrienden voor het leven uit. Jens is de peter geworden van mijn jongste en zo heb ik nadien Guy leren kennen. Als ik hem nu zie, mag ik hem een kus geven. (lacht) Alles is volbracht."

Mickey Mouse-geld

Onderweg naar Penna San Giovanni was er een voornemen: dit gesprek moest over het leven gaan. Eventueel over de dood, die loert toch altijd om elke hoek. Maar niét over de VRT. Niet over carrières bij Studio Brussel, bij Donna, dat hij omvormde tot MNM, niet over Canvas. En niet over het vertrek vorig jaar. Is daar ondertussen niet alles over gezegd? De man die vandaag opleidingshoofd journalistiek is aan de Hogeschool PXL in Hasselt en media-advies geeft, stuurt er ook niet op aan.

Ach: natuurlijk is het anders werken met een budget van 60 miljoen euro dan met het budget op zo'n school. "Dat VRT-geld is Mickey Mouse-geld, je mag er mee spelen en het gaat niet van je eigen rekening af. Natuurlijk bedraagt het budget van de Vlaamse overheid voor het onderwijs 10 miljard en voor de VRT 280 miljoen. Maar in onderwijs zit het kapitaal in mensen en kun je voor projecten véél minder uitgeven dan voor een Canvas-reeks die 90.000 euro per aflevering kost.

"Je kunt die twee jobs niet vergelijken. Als ik wél over dat budget zou beschikken, kon ik Rudi Vranckx vragen om een héél jaar les te komen geven. Dat kan niet. Dus ik vraag mensen als Rudi en Björn Soenens en Tim Verheyden voor gastcolleges.

"Niet iedereen in die opleiding zal het maken in de journalistiek, en voor veel Limburgers stopt de wereld aan de grens in Lommel. Je moet ze bijna op Erasmus duwen. Ze hebben een zeldzame vorm van bescheidenheid. Maar er gebeurt ook veel, zeker qua innovatie, op de Corda Campus in Hasselt of in C-Mine in Genk. Je moet eens naar www.smallteaser.com surfen: daar zit een jonge Limburgse tweeling achter. Dat zijn toptalenten.

"Kijk, we gebruiken aan de Hogeschool vaak het woord 'empassie'. Empathie en passie, gebeten zijn om te weten. Als ik geen muziekzot was geweest, dan had ik nooit bij Studio Brussel gewerkt. Aan 25.000 frank per maand, dat is zoveel als de 650 euro pensioen van Beppe. Maar mijn eerste vrouw werkte toen ook bij de VRT en ik bracht haar elke ochtend om 5 uur. Om daarna terug te rijden naar Antwerpen, nog een uurtje in bed te liggen en dan naar mijn diamantair te gaan. Dat hadden we er wel voor over."

Freak of nature

Het huis staat aan het einde van een wegje en dus lijkt het woord rust hier te zijn uitgevonden. Er zijn alleen twee felle hondjes. De ene heet Piccola en kan mee in de toiletzak van de handbagage. De andere heet Filip, genoemd naar de koning, een koninklijke hond die gek wordt van hoe die kleine rond het zwembad sjeest en hem treitert. Af en toe moet het rechterachterpootje van Piccola weer in de kom geduwd worden: Billie en Jules doen dat als volleerde dierenartsen.

Ze zijn negen en elf, Billie en Jules, en alweer voelt dat aan als een geluk bij veel ongeluk. "Tussen Jules en Billie zit Daan, maar na dik vijf maanden is Daan aan een infectie gestorven in de baarmoeder. Hij is wel op natuurlijke wijze geboren en is er dus even 'geweest'. Heel erg, nog veel meer voor mijn vrouw dan voor mij. Maar zonder de dood van Daan hadden we geen prachtige tweede dochter gehad. Zo is het leven dus ook."

Maar Daan is er. Hij heeft weliswaar geen plaats aan tafel, hij wordt benoemd en in Isabelles trouwring zitten niet twee maar drie diamantjes. Eén is voor Daan. "We hebben Daan in Vilvoorde begraven. Wij, Jules, die er toen al was, en Charlotte en Kasper, mijn kinderen uit mijn eerste huwelijk. Er was een kleine witte kist en ik had liedjes uitgezocht van Nick Cave en James Taylor. En ik ben blij dat we dat gedaan hebben."

Dat had niks met geloof te maken, zegt hij. "Ik ben jaloers op wie gelooft in het leven na de dood en ik hoop het voor iedereen. Zeker voor mijn moeder. En mijn zus natuurlijk. (lacht) En ik heb niet de pretentie om een statutair atheïst te zijn. Soms surf ik naar de site van de NASA. Waarom leven wij wel en is er 300 miljard lichtjaren verder niet iemand anders? Het is fascinerend. Maar het geloof liet ik op mijn zestiende los, al moest ik daarvoor wel opkomen tegen een dominante vader."

De troost zit elders. Ze zit in rituelen, zegt Mark Coenen. "Ik kan geen kerkje voorbijgaan zonder een kaars aan te steken. Dat hebben we allemaal. We steken een kaars aan voor Daan."

Hij kan, zegt hij, ook geen kerkhof voorbijlopen zonder binnen te gaan. Voor Daan en voor Dominiek, want hij verwees er al naar toen hij heel vroeg deze dag over zijn moeder vertelde.

Dat ze nooit de zelfmoord van haar dochter was te boven gekomen.

En hij? Mark Coenen, de man van veel ironie en die man die met humor (Het leugenpaleis!) altijd probeert de tragiek van het leven goed te maken, kan niet niét over die zus praten. Hij zou dertig worden en een maand voordien reed zij met haar fiets naar de spoorweg. Op het herdenkingsberichtje in een krant uit 2013, vijfentwintig jaar na haar dood, staat het zo: "Voor altijd 22. Voor altijd in onze gedachten."

"Tien jaar lang ben ik echt ongelukkig geweest over haar dood, maar vandaag is het nog altijd een even onoplosbaar mysterie. Ik ben nog altijd niet in het reine met het zinloze van haar dood. Niet dat ik me in de alcohol heb gestort of in een depressie ben beland. Maar als ik eraan denk, kan dat nog altijd niet zonder dat ik tranen in mijn ogen krijg."

Sluier

Dominiek Coenen zat in de eerste licentie economie in Antwerpen. Vierde kind van de Coenens, "het febbekakske", graag gezien door iedereen. "Ze had een hele grote drang naar perfectionisme, wat voor veel mensen een groot probleem is. En dan moet ergens een synaps in haar hersenen gesprongen zijn. Ik kan niks anders bedenken. Een soort 'verstandsbloeding'. Omdat ik me niet kan voorstellen dat iemand van 22 geen énkele andere uitweg zag dan die trein."

Hij was al getrouwd en ja, hij wist: Dominiek had het af en toe moeilijk. Maar hoe gaat dat? Je denkt: komaan kind, los het op. En nu denkt hij: "What a fucking waste was het toch. Waarom? Je laat een familie met een erfzonde achter die twee generaties zal duren. Mijn vader kan de fotoboeken nooit meer herbekijken en Charlotte, mijn dochter, zegt dat er een sluier op ons gezin hangt."

Die hangt er. Zijn er handvatten? Therapie hielp de boosheid kanaliseren en het schuldgevoel wegmasseren: hij hoefde zich niet schuldig te voelen voor Dominieks beslissing. Ze was, zegt hij, "een hele normale goedlachse, warme, onzekere, met haar gewicht sukkelende lieve schat". Ze had een goeie band met haar broer Dirk. Nadien bleek dat ze, in de week voor die dag, bij iedereen was langsgeweest.

"Alsof ze afscheid had genomen. Op zondag belde mijn moeder. Dominiek was gaan fietsen en ze had er een slecht gevoel bij. Ik ben haar gaan zoeken en uiteindelijk kwam ik bij de politie in Brasschaat terecht. Die zeiden: 'Je moet naar Kapellen, je zus is daar.' Ik dacht dat ik goed bezig was, maar ze was dood."

Samen met zijn oudste broer moest Mark haar bij de begrafenisondernemer identificeren. Dat is niet te schrijven. Zoals het verdriet niet te bé-schrijven is: "Leg me dat eens uit."

Dat kan niemand. "Het is goed dat er tijd over gaat, maar het blijft een intens gevoel van verlies. Ze is voor eeuwig 22, maar er is geen troost. Sommigen zeggen: 'Iedereen gaat dood, get over it.' En ik weet dat melancholie zeer self-centered is. Waarom zou mijn zus belangrijker zijn dan de tientallen miljarden mensen die voor haar stierven? Maar ik kan het niet helpen. Het leven is fantastisch, maar je verliest ook heel veel."

Dominiek Coenen liet geen brief achter. Mark en zijn broers gingen nog op zoek naar wie haar misschien had gezien. Fietsend naar die spoorweg. Ze vonden niemand. Pas twee jaar geleden dook uit het niets iets op. "Elke vijf jaar zet ik een herinnering aan haar in de kranten. Ik heb nooit meer cadeaus kunnen kopen voor haar verjaardag, dan doe ik dit. En twee jaar geleden, toen ik voor Canvas met Geert Noels bezig was aan Econoshock 2.0, belde Geert me plots op: 'Ben jij de broer van Dominiek?' Hij vertelde me toen dat hij de zaterdagavond voor haar dood nog bijles aan haar had gegeven. Hij had niks gemerkt aan Dominiek. Helemaal niks. Hij was de laatste die haar zag."

Even nadien ging Mark Coenen in de archieven van Studio Brussel zoeken. Dominiek was om half twaalf thuis vertrokken, hij wist hoe lang het fietsen was. Op het moment dat de trein haar vatte, moet 'The Tears of a Clown' van Smokey Robinson & The Miracles gespeeld hebben. Dat vond hij op de playlist. Het was 4 juni 1988, twintig voor 12. "Als ik in de auto zit en dat liedje speelt, schiet ik vol."

Ligt Dominiek op elk kerkhof dat hij nu bezoekt? Hij knikt. "Dat is mooi gezegd. Ze is echt begraven op het kerkhof van Brasschaat. Bij mijn moeder, en twintig meter verder ligt de tweede vrouw van mijn vader. Maar het klopt wat je zegt. Op elk kerkhof waar ik kom, ligt mijn zus."

Oma Flits

Er stopt een auto en daaruit stapt 'de lange', Hallo Hautekiet in Italië. Vorige week was Rudi Vranckx op bezoek en Tomas De Soete met Siska Schoeters dus. De Casa dei Fiamminghi brengt veel zoete inval. Isabelle schenkt de wijn uit de eigen wijngaard die boer Beppe uit de druiven perst. 'Limonadewijn', noemen ze dat hier. Er ligt een fototoestel op tafel, van zijn moeder ("haar kleinkinderen noemden haar 'Oma Flits' omdat ze voortdurend foto's maakte") erfde hij de liefde voor de fotografie. "Die lens schept afstand tussen de werkelijkheid en mijzelf. Ik sta graag aan de zijlijn. Liever dan Messi ben ik Guardiola."

En als 'de lange' komt, komen de verhalen over Jan Schoukens en over brainstorms in hotel-restaurant Ter Zaele in Knokke-Heist en vragen over hoe het nog met Jan Leyers zou zijn, en wat interne keuken van de VRT. Het is niet zo slecht in San Venanzo met die gasten van Studio Brussel die nu 60 en bijna 58 zijn.

Daar had Mark eerder dit over gezegd: "Mick Jagger is 72, máár vijftien jaar ouder dan ik. Het is toch wat als ik die '(57)' achter mijn naam zie staan. Terwijl ik me mentaal misschien maar 17 voel. Natuurlijk ben ik daar mee bezig, al heel lang. Maar nu ik in de indian summer van mijn leven zit, zie ik ook dat de winter al voor de deur staat. Alleen wil ik niet met mijn dood bezig zijn. Ik ben, echt waar, gelukkig. Ik heb een fantastisch gezin en Isabelle is het geluk van mijn leven. Wij zijn yin en yang en zij heeft me echt veel beter gemaakt. (lacht) De schrik is dan nu dat er iets te gebeuren staat dat al dat geluk verstoort."

De vlucht naar Charleroi wacht op niemand, en dus moeten we weg. Maar in de luchthaven van Ancona valt om 19.10 uur een mail van Mark Coenen binnen. In de onderwerpbalk staat alleen: 'Dit somt het ongeveer op.' In het bericht alleen dit: www.youtube.com/watch?v=6jN96ZEJxXU

Zo mag deze Ronde van Italië best eindigen.

Met dank aan management- en redactieassistente Roos Van Acker, onmisbare hulp bij de organisatie van de Ronde van Italië.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234