Dinsdag 27/09/2022

ReportageOost-Polen

Alleen vrijwilligers helpen migranten aan de Poolse grens: ‘Zonder ons waren er misschien al honderden doden’

De Poolse vrijwilliger Judyta houdt in een opvang in Bialystok de Iraakse Zahra (6) vast, die met haar familie vanuit Wit-Rusland de grens is overgestoken.  Beeld Piotr Malecki
De Poolse vrijwilliger Judyta houdt in een opvang in Bialystok de Iraakse Zahra (6) vast, die met haar familie vanuit Wit-Rusland de grens is overgestoken.Beeld Piotr Malecki

De spanning neemt toe langs de Poolse grens met Wit-Rusland, waar duizenden migranten ingesloten zitten in de dichte bossen. Een netwerk van vrijwilligers schiet ze te hulp. ‘Deze mensen moeten we helpen. Ik weet hoe het is, want mijn eigen familie heeft het meegemaakt.’

Arnout le Clercq

Aan nachtrust heeft Aras Palani (49) geen behoefte. “Mijn bijnaam is Aras 24/7", vertelt hij op zijn werkplek diep in de Poolse bossen bij Narewka, als opnieuw een van zijn drie telefoons gaat. Palani – grijze ringbaard en energieke donkere ogen – neemt op, stelt in het Koerdisch enkele korte vragen, tikt instructies op zijn laptop en pakt de draad van zijn verhaal weer op. “Waarom zou ik willen slapen als ik ook iemand kan helpen?”

Palani is vrijwilliger en tolk voor Grupa Granica, een verbond van ngo’s die actief zijn in het grensgebied tussen Polen en Wit-Rusland, waar duizenden migranten de oversteek wagen door dichte bossen en bedrieglijke moerassen. Wit-Russische soldaten en Poolse grenswachten duwen ze dagenlang over en weer, soms met fatale gevolgen. De polyglot Palani – “Ik spreek zeven talen, twaalf als je dialecten meetelt” – is een van de schakels tussen de migranten in het grensgebied en de activisten die hen willen helpen.

Die hulp is hard nodig bij de aanhoudende migratiecrisis in het niemandsland tussen Wit-Rusland en Polen. Het regime van Loekasjenko stuurt migranten uit het Midden-Oosten, Afrika en Azië de grens over om druk te zetten op de EU. Vorige week escaleerde de crisis toen een groep van enkele honderden mensen te voet naar de Poolse grensovergang bij Kuźnica liep. Wit-Russische militairen dreven de migranten het bos in, bij de grenslijn werden ze tegengehouden door de Poolse autoriteiten, soms met geweld.

Sindsdien gaan beelden van de migranten de wereld over. Ingesloten door Poolse en Wit-Russische uniformen stoken de inwoners van het geïmproviseerde kamp ’s nachts vuurtjes tegen de vrieskou. Uit Warschau klinkt politiek wapengekletter over het verdedigen van de grens tegen Wit-Russische agressie en de ‘hybride oorlog’ die Loekasjenko voert. Wat er precies gebeurt langs de grens, is onduidelijk: de Poolse regering riep daar in september de noodtoestand uit, waardoor hulpverleners en journalisten het gebied niet in mogen.

Achter de grens leidt de situatie in Kuźnica tot onrust. Bewoners zijn bang voor escalatie. In de grensplaatsen wemelt het van de legervoertuigen en soldaten met bivakmutsen. Doordat er nauwelijks onafhankelijke verslaggeving is uit het gebied tasten veel Polen in het duister. Tegelijkertijd is sinds het begin van de migratiecrisis een netwerk ontstaan van ngo’s, vrijwilligers, omwonenden en doortastende lokale bestuurders die de migranten de hand reiken. Voor de mensen die vastzitten in het tentenkamp aan de grens kunnen ze weinig betekenen, maar de hulp is van vitaal belang voor wie zich dagenlang zonder voedsel en water langs andere delen van de ongeveer 400 kilometer lange oostgrens bevindt.

Poolse militairen bij het gebied waar de noodtoestand geldt. Beeld Piotr Malecki
Poolse militairen bij het gebied waar de noodtoestand geldt.Beeld Piotr Malecki

Groen licht

Zoals de migranten die Palani bellen, waarna hij hun locatie doorgeeft aan activisten. Zij kijken of ze kunnen helpen. Helaas komt het merendeel van de meldingen uit Wit-Rusland, waar ze niets kunnen doen. De zone van de noodtoestand binnengaan is in principe verboden, maar daar is een netwerk van lokale bewoners actief. Sommigen laten een groen licht branden, ten teken dat migranten welkom zijn. Bij een melding buiten de zone komen de activisten in actie met medische en juridische hulp. Soms worden ook media ingeseind, in de hoop dat de vreemde ogen van de cameralenzen grenswachten dwingen de asielprocedure serieus te nemen en geen pushback uit te voeren.

Voor de onvermoeibare Palani, die etmalen lijkt te kunnen werken op een dieet van koffie en sigaretten, is het een uitgemaakte zaak: “Deze mensen moeten we helpen. Ik weet hoe het is, want mijn eigen familie heeft het meegemaakt.” Zelf maakte hij 21 jaar geleden de tocht naar Europa vanuit het noorden van Irak. Hij kwam in het Verenigd Koninkrijk terecht en kreeg de Britse nationaliteit. Zijn familie bleef in Irak, in de buurt van Erbil. De laatste jaren woonden ze in een vluchtelingenkamp, opgejaagd door terreurgroep IS.

De bossen bij Siemianowka in Polen aan de grens met Wit-Rusland, vlak bij het noodtoestandgebied waar migranten klem zitten tussen de Poolse en Wit-Russische autoriteiten.  	 Beeld Piotr Malecki
De bossen bij Siemianowka in Polen aan de grens met Wit-Rusland, vlak bij het noodtoestandgebied waar migranten klem zitten tussen de Poolse en Wit-Russische autoriteiten.Beeld Piotr Malecki

Toen ze hoorden van de migratieroute via Wit-Rusland, besloot Palani dat het tijd was om zijn familie naar Europa te halen. Een tocht naar het Verenigd Koninkrijk was in de jaren ervoor voor hen onmogelijk. “We dachten dat de route veilig was.” Ze betaalden de overtocht: “3.500 dollar per persoon, aan een Koerdisch agentschap dat samenwerkt met de Wit-Russische regering. Het is gelegaliseerde mensensmokkel.” Zijn vrouw, zoon, dochter, schoonzoon en kleinzoon vlogen in oktober naar Minsk. Palani mocht Wit-Rusland niet in, dus vloog hij naar Berlijn en reed met de auto naar Hajnówka, vlak bij de grens. Zijn familie kwam naar de andere kant.

Hij vroeg ze de gevaarlijke tocht uit te stellen tot een veilig moment. Toch gingen ze. “Een week lang zwierven ze door de bossen. In één nacht werden ze acht keer teruggeduwd door de Poolse grenswacht.” Palani mocht het gebied waar de noodtoestand geldt niet in, terwijl hij wist dat zijn familie daar was. “Ik huilde, maar de grenswacht was onverbiddelijk.” Hij wist niet wat hij moest doen. Nu is hij weliswaar vrijwilliger bij verschillende groepen activisten, “maar toen kende ik nog niemand”.

Hij verloor dagenlang het contact met zijn familie. Tijdens zijn zoektocht klopte hij aan bij een vluchtelingenopvang in Białystok. Met zijn talenkennis hielp hij communicatieproblemen oplossen en zo rolde hij automatisch in de rol van tolk. Hij kwam bij de vrijwilligers van Grupa Granica terecht. De Poolse ngo’s die zich inzetten aan de grens hadden vooral ervaring met juridische hulp en integratieprojecten. “Nu zijn we een humanitaire hulporganisatie geworden door de crisis aan de grens”, zegt een medewerker van Ocalenie, een andere ngo. “Ik had nooit verwacht dat dit in Polen kon gebeuren.”

‘De Wit-Russen schopten me’

Sinds de escalatie bij Kuźnica vorige week is het volgens de Poolse autoriteiten elke nacht onrustig aan de grens, met pogingen om door de grenshekken heen te komen en provocaties van Wit-Russische soldaten. Volgens activisten is het in de bossen direct voorbij de grenslijn nu rustiger. Vermoedelijk spelen de verhoogde activiteit van de grenswacht en de inzet van duizenden militairen in het gebied een rol. Maar in de weken ervoor waren veel mensen onderweg in het grensgebied. En nog steeds slagen mensen erin Polen te bereiken. Een tocht vol ontberingen en verschrikkingen, vertellen de migranten.

Zoals Goran Ali, die uit het Irakese Kirkuk komt. Hij betaalde 3.000 dollar voor een overtocht naar Wit-Rusland. De 32-jarige Koerd zit bijna een week in een opvangcentrum voor vluchtelingen in Białystok. “Tien dagen zat ik in het bos”, vertelt hij. Met handen en voeten legt hij uit hoe hij van de struiken at en regenwater dronk. De Wit-Russen brachten Ali naar de grens en mishandelden hem. “Ze pakten mijn geld af, ze trapten mijn telefoon kapot en schopten me. Hier en hier.” Hij wijst naar zijn linkerborst en rechterknie. “Ik kon daarna moeilijk ademen. En mijn been sleepte.” Hij weet niet meer hoeveel keer hij is teruggeduwd door de Poolse grenswacht. “Vaak.” Op het pleintje achter hem spelen twee meisjes die niet ouder dan 6 jaar kunnen zijn.

Aras Palani helpt de migranten non-stop, onder meer als tolk.   Beeld Piotr Malecki
Aras Palani helpt de migranten non-stop, onder meer als tolk.Beeld Piotr Malecki

Ali heeft doden gezien. “Een kleine jongen, gestorven van de kou. En een oudere man, ook dood. Suiker.” Volgens de officiële data van de Poolse grenswacht zijn er tien mensen omgekomen in het gebied. Afgaande op getuigenissen zoals die van Ali moet het werkelijke dodental hoger liggen. Met grote regelmaat vertellen migranten over de lijken die ze in de bossen hebben zien liggen. Op een persconferentie vlak bij de zone hekelt een activist de passieve houding van de Poolse autoriteiten als het om hulpverlening gaat en het gebrek aan toegang tot de zone. Zij, de activisten, grijpen geregeld in bij levensbedreigende situaties. “Zonder onze hulp hadden honderden, misschien wel duizenden het niet overleefd.”

De spanning in het grensgebied neemt toe. Afgelopen week werden drie migranten op gewelddadige wijze beroofd door onbekenden. En in korte tijd zijn twee keer de auto’s van medische hulpverleners beschadigd. Daartegenover puilt de brandweerkazerne van het plaatsje Michałowo uit van de gedoneerde kleding, winterschoenen, schoon drinkwater en voorraden voedsel en medicijnen. Daarvan worden hulppakketten gemaakt. Migranten zijn er welkom, bewoners van de zone en activisten kunnen hier hulpgoederen afhalen.

Michałowo ligt op 22 kilometer van de grens, toch brandt ook hier bij een enkel huis het verwelkomende groene licht. Bel aan en voorzitter van de gemeenteraad Maria Ancipiuk (65) doet open. “Ik vind het belangrijk om het goede voorbeeld te geven.” Ze wordt geregeld gebeld door mensen uit de zone, die doorgeven wat ze nodig hebben. “Iemand belt op en zegt: ‘Ik heb hier dertig mensen. Eentje heeft geen schoenen. Ik heb kleding, dekens, voedsel en water nodig.’ En dan regelen we dat.”

De brandweerkazerne van het plaatsje Michałowo puilt uit van de gedoneerde kleding, winterschoenen, schoon drinkwater en voorraden voedsel en medicijnen. Beeld Piotr Malecki
De brandweerkazerne van het plaatsje Michałowo puilt uit van de gedoneerde kleding, winterschoenen, schoon drinkwater en voorraden voedsel en medicijnen.Beeld Piotr Malecki

Anoniem

Wie migranten helpt, blijft liever anoniem, zegt Ancipiuk. “Ze zijn bang voor de autoriteiten, die niet willen dat migranten hulp krijgen. Sommigen durven het groene licht niet meer aan te doen, omdat de grenswacht dan controleert of je migranten op zolder of in de kelder hebt.” Maar mensen niet helpen, dát is de echte misdaad, vindt Ancipiuk. Ze wil wel beklemtonen dat de grenswachten ook getraumatiseerd raken. “De vrouw van een grenswacht vertelde me dat haar man thuiskwam, een halve fles tequila dronk en alleen nog maar kon huilen. Ze dwingen jongens van 20 om kinderen achter te laten in de bossen terwijl het vriest. Als dit voorbij is, moet iedereen in therapie.”

Het einde van de crisis aan de grens lijkt niet in zicht. Het netwerk van hulpverleners gaat stug door, nu de winter nadert. En Aras, die bij toeval bij de activisten terechtkwam, heeft het druk. Behalve zijn talenkennis en tomeloze energie maakt ook zijn goede geheugen hem onmisbaar. “Van iedereen weet ik waarom ze zijn weggegaan uit hun land, hoeveel dagen ze in het bos hebben doorgebracht, hoe vaak ze zijn teruggeduwd door de grenswacht.”

De familie van Aras wist uiteindelijk de grens te bereiken. Zijn vrouw en schoonzoon raakten van elkaar gescheiden en kwamen met behulp van smokkelaars in Zwitserland terecht. Zijn dochter, kleinzoon en zoon werden door de grenswacht opgepakt en naar een detentiecentrum tussen Warschau en Białystok gebracht. Aras probeert hen met een advocaat naar buiten te krijgen, de zaak ligt bij een rechtbank. Hij heeft weer geregeld contact met zijn familie. “Ik hoor van mijn dochter dat zij in het detentiecentrum mensen helpt en dingen voor hen regelt. Ze is echt mijn dochter.” Een van zijn telefoons gaat. “Hallo? Oké. Waar ben je? Wat heb je nodig?”

Migranten mogen niet meer naar Minsk vliegen

Turkije weigert sinds vrijdag passagiers uit Jemen, Syrië en Irak op vluchten naar de Wit-Russische hoofdstad Minsk. Dat hebben de Turkse luchtvaartautoriteiten bekendgemaakt. Daarmee is een van de belangrijkste routes voor migranten en vluchtelingen uit het Midden-Oosten naar Wit-Rusland voorlopig afgesloten. Voor de maatregel werd aangekondigd, vertrokken er vrijdag nog zes lijnvluchten vanuit Istanbul naar Minsk.

Jemenieten, Syriërs en Irakezen mogen geen tickets meer kopen voor vluchten naar Minsk en wie al tickets heeft, mag niet aan boord. De Syrische private luchtvaartmaatschappij Cham Wings heeft zaterdag ook laten weten ‘wegens de kritieke toestand’ niet meer vanuit de Syrische hoofdstad Damascus naar Minsk te vliegen.

Een woordvoerder van de Europese Commissie meldt dat ook Iraqi Airways zijn vluchten naar Wit-Rusland heeft opgeschort. Diplomaten van de Europese Unie onderhandelen met regeringen van landen die grote aantallen ontheemden uit het Midden-Oosten opvangen, over manieren om de uittocht naar Wit-Rusland bij de bron tegen te houden. Die inspanningen beginnen nu vruchten af te werpen, aldus een woordvoerder. Iraqi Airways heeft in september overigens op aandringen van de EU al eerder vluchten naar Minsk opgeschort om een vluchtelingenstroom naar Litouwen en Polen via Wit-Rusland te stoppen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234