Dinsdag 10/12/2019

Libanon

‘Alle machthebbers moeten weg’: de Libanese geest gaat niet meer in de fles

Mensen gaan de straat op in de Libanese hoofdstad Beiroet. Beeld Rebecca Fertinel

Al ruim een week gaan Libanezen de straat op om de protesteren tegen de regering. Nu pas laat de president zich horen, via een video. Maar het is te laat, vinden de betogers. De hele kliek moet weg. 

Op de achtste dag van de volksopstand, gisteren, spreekt de president van Libanon voor het eerst. Michel Aoun (84) houdt zijn toespraak niet in het centrum van Beiroet, waar de massa al ruim een week roept om revolutie. Hij doet dat ook niet op het balkon van zijn presidentiële paleis. Hij spreekt de natie toe per video, opgenomen in een werkkamer met veel boeken.

De stem van de oude president is zacht en draagt niet ver. Libanon is al ruim een greep in de week van massale protesten. Wegen zijn geblokkeerd. Banken zijn gesloten. Scholen zijn gesloten. De meeste winkels zijn gesloten. Het vliegveld is nauwelijks bereikbaar. Het geld is – letterlijk – op: bankautomaten weigeren steeds vaker dienst. Treedt president Aoun af? Hij maakt geen aanstalten. De president roept op tot ‘dialoog’ en ‘grondwettelijke hervormingen’.

Demonstranten horen het hoofdschuddend aan. Het protest in Libanon is vol dromen, over een einde aan corruptie en vervuiling en ten diepste verzuilde politiek, waarin het geloof van je familie min of meer dicteert op welke partij je stemt. “Verschrikkelijk”, zegt Farah Karam. “Ze blijven proberen om dezelfde mensen op hun plaats te houden. Maar zelfs maar met een man als Aoun praten, betekent dat je hem blijft overwegen. Hij moet weg. Het is klaar.” Zoals bijna alle Libanese politici van naam en invloed is Aoun onderdeel van het Libanese establishment sinds de burgeroorlog, die al dertig jaar voorbij is.

Allen betekent allen

‘Allen betekent allen’ is de strijdkreet van de opstand. Iedereen die een machtspositie bekleedt bij de overheid, moet weg. “We willen dat alle politici weggaan en dat er nieuwe komen”, zegt Jad (25). Tot vorige week had hij een baan in een restaurant. Van de bedrijfsleider kreeg hij te horen: als je gaat demonstreren, hoef je hier niet meer terug te komen. Nu is Jad onderdeel van het enorme leger jeugdwerklozen in Libanon. Veel demonstranten lijken jonger dan dertig. De volksopstand begon met een door de regering aangekondigde belasting op het bellen per WhatsApp.

Terwijl in de rest van de Arabische wereld het leger verzet tegen de zittende macht hard neerslaat, reiken militairen hier de demonstranten vooralsnog de hand. In hoogopgeleid Libanon bedachten de protestanten vorige week, na een hoekig begin met arrestaties en traangas: we gaan het leger omarmen. Je demonstreert niet alleen voor jezelf, maar ook voor de mannen in uniform, die ook lijden onder de graaiers aan de top. En zo zie je militairen lopen met een witte roos, aangeboden door demonstranten.

Het beeld van een Libanese militair die huilt van ontroering. Beeld AP

Een van de beelden van de opstand die viraal zijn gegaan: een Libanese militair die huilt van ontroering.

Maar hoe moet het verder? Libanon is klein. De graaiende elite die weg moet, allen betekent allen, dat kan je familie zijn. De opa van Dala Hido (23) was minister in de vorige regering. “Maar hij is blij dat hij weg is uit de politiek. We bespreken alles op de familie-app. Hij is erg voor veranderingen. Hij is anders dan de anderen.”

Met haar vriendin Reya Baadarani (22) bespreekt ze wat moet veranderen. 24 uur per dag elektriciteit. Een einde aan de vervuiling. Geen sektarisme meer. Haar ouders stemden op de partij van premier Saad Hariri, vertelt Reya. “Ze vonden zijn vader goed. En dan stem je hier automatisch op iemand uit dezelfde familie.” Op school, zegt Dala, leerde ze: “Als je christelijk bent, hoor je bij bepaalde partijen.” Verandering, hopen de jonge vrouwen, zal beginnen “op Instagram, waar je goede anti-corruptie-accounts hebt”.

Bankroet

Terwijl op straat alles nog open ligt, manifesteert zich alvast een mogelijke nieuwe machthebber: Mounir Doumani. De politieke partij waarin hij actief is, vrij vertaald Burgers in de Staat geheten, deed in 2016 mee aan de gemeenteraadsverkiezingen. Sindsdien heeft hij zich op dit moment voorbereid. Want dat dit zou gebeuren, zag hij aankomen. “Dit land is bankroet. De politici zijn het product van de oorlog.”

Laat het aan zijn partij en hij zal het anders doen. Een sterke staat creëren, zonder corruptie. De staatsschuld aanpakken. Makkelijk zal het niet worden, maar vertrouw het hem toe. “Wij zijn er klaar voor om verantwoordelijkheid te nemen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234