Woensdag 20/01/2021

Alain Robbe-Grillet (1922-2008)

Romanvernieuwer en enfant terrible

Een voyeuristische literatuurpaus

De maandag overleden Franse schrijver en cineast Alain Robbe-Grillet ging prat op zijn stekeligheid. Hij was dan ook een verwoed verzamelaar van cactussen. Sartre noemde het opperhoofd van de nouveau roman een burgermannetje, ook al vierde Robbe-Grillet zijn sm-fantasmen openlijk bot.

Door Dirk Leyman

Flamboyant en sarcastisch. Een nooit sputterende publicrelationsmachine voor zichzelf. Een onverzadigbare vrouwengek en een gentilhomme. Een arrivist en een beroepsprovocateur. En niet in de laatste plaats: een door de feiten ingehaalde vernieuwer. Dat zijn zowat de meest voorkomende én niet altijd fraaie epitheta die de Franse pers Alain Robbe-Grillet in paginavullende hommages toewerpt. Niet geheel verbazingwekkend: de op 85-jarige leeftijd na een hartaanval gestorven Robbe-Grillet lag nooit echt op de bovenste plank in literair Parijs en werd altijd meer gefêteerd in het buitenland dan in eigen land. "Ik ben de meest vertaalde Franse auteur in China", zo schamperde hij ooit in een interview met Lire. Ook de laatste literaire wapenfeiten van Robbe-Grillet waren niet van dien aard om de relatie met de Fransen te herstellen. Toen hij in 2004 werd aangezocht om zitting te nemen in de Académie française aanvaardde hij weliswaar het lidmaatschap, maar weigerde hij mordicus de versierselen - een groen habijt en een sabel - te torsen. Hij kwam nooit opdagen op de vergaderingen, wat de Franse intelligentsia maar dubbelhartig vonden.

Vorige herfst poogde Robbe-Grillet een laatste mediastormpje aan te blazen met zijn Un roman sentimental, dat door de uitgever Fayard veiligheidshalve in cellofaan werd gewikkeld, uit vrees voor censuur van de beschreven seksuele onbetamelijkheden. In dat 'sprookje voor volwassenen' bespiedt een oude, stervende man een jonge deerne die haar toilet maakt, wat uitmondt in een opeenhoping van pedofiele en sadistische perversiteiten. Toch onthaalde de Franse kritiek het boek op een lichtjes gegeneerd schouderophalen.

In de jaren vijftig en zestig was dat wel even anders. Toen joeg Alain Robbe-Grillet de literaire goegemeente de gordijnen in met monomane boeken als zijn debuut Les gommes (1953) en Le voyeur (1955). Daarin werd de traditionele en lineaire roman een kopje kleiner gemaakt. Robbe-Grillet excelleerde in ellenlange, haast ziekelijk gedetailleerde beschrijvingen vanuit een facetoog, om zo de realiteit in een nieuw daglicht te stellen. Exit de roman à la Balzac en Zola. Kijken, spieden en registreren tot uit den treure: vooral dat was het adagium van de nieuwlichter. Robbe-Grillet kreeg applaus van Roland Barthes en Maurice Blanchot (en bij ons Ivo Michiels), maar werd door de traditionele kritiek uitgespuwd als een pit.

Robbe-Grillet leek niet voorbestemd voor een rol als voortrekker van een literaire stroming. Hij volgde - net als later trouwens Michel Houellebecq - een opleiding tot landbouwingenieur, specialiseerde zich in zieke bananenbomen en werkte in een centrum voor kunstmatige inseminatie, waar hij vaginale uitstrijkjes van wijfjesratten bestudeerde. Tijdens zijn beroepsreizen naar Marokko, Frans-Guyana, Martinique en Guadeloupe toog hij aan het schrijven. Zijn eerste roman, Un régicide, kreeg van uitgeverij Gallimard een nul op het rekest. Pas met Les gommes vond hij onderdak bij Les Editions de Minuit. Daar kreeg Robbe-Grillet vrij spel om de nouveau roman op de rails te zetten en wist hij auteurs als Nathalie Sarraute, Marguerite Duras, Robert Pinget, Michel Butor en de latere Nobelprijswinnaar Claude Simon om zich heen te scharen. Er ontstonden binnen het kliekje gauw wrijvingen. Met romans als La jalousie (1957) en Dans le labyrinthe (1959) steeg de ster van Robbe-Grillet, al vonden vele critici zijn boeken oeverloos saai, met hun klemtoon op het taalexperiment, het op de schop nemen van de chronologie én de afwezigheid van karakterschets en psychologie.

Tot de laatste snik wentelde Robbe-Grillet zich in zijn rol als venter van de nouveau roman, een heilsleer die hij in theoretische principes vatte in het doorwrochte én invloedrijke manifest Pour un nouveau roman (1963). Maar net als andere Franse schrijverscoryfeeën als Jean Cocteau, Marguerite Duras en Michel Houellebecq stortte Robbe-Grillet zich ook op de film. Zo schreef hij het script van de cultfilm L'Année dernière à Marienbad, in 1961 geregisseerd door Alain Resnais. Dat leverde hem een Oscarnominatie voor beste scenario op. In eigen films zoals L'immortelle (1963) en Glissements progressifs du plaisir (1974) - met zijn fetisjactrice Anicée Alvina - en La belle captive (1983) leefde hij zijn fantasmen uit, telkens met vrouwelijke hoofdrollen. "Zijn seksuele obsessies vormden de carburator van zijn films", schreef Libération. Le Nouvel Observateur spreekt misprijzend van vaak "erotico-ridicule" films. In de zucht naar sadomasochisme vond hij een gedroomde kompane in zijn geraffineerde echtgenote Catherine Rstakian, waarmee hij paren- en sm-clubs afschuimde. Onder de nom de plume Jeanne de Berg schreef zij daarover haar beruchte Cérémonies de femmes (1985).

In de jaren zeventig en tachtig sloop er een grotere toegankelijkheid in zijn oeuvre. Een tijdlang leidde Robbe-Grillet aan de Brusselse ULB het Centre de sociologie de la littérature. Hij schreef ook mee het scenario voor Taxandria (1994) van de Belgische animatiefilmer Raoul Servais. De nouveau roman werd intussen stilaan een reliek uit een afgesloten tijdperk. Robbe-Grillet zelf, ooit een invloedrijke krokodil, werd ingehaald door nieuwe literaire hemelbestormers. Toch verblufte hij de critici in 2001 nog met La reprise, waarmee hij op een haar na de Prix Goncourt miste. Het zou een farce zijn geweest: de avant-gardist die dan toch een traditionele literatuurprijs in de wacht sleept.

Hoe dan ook is het merkteken van Robbe-Grillet in de Franse cultuur niet weg te wissen, net zo min als zijn mefistofelische lach en zijn praatzieke en kwikzilveren hang naar tegendraadsheid. Zijn vriend, de filosoof-schrijver Bernard-Henri Lévy, die zijn laatste (geflopte) film Gradiva produceerde, denkt aan Robbe-Grillet in "zeer fysieke, bijna atletische beelden": "Tijdens het filmen was hij een wonder van energie. Aan tafel dronk hij als een jongeman. En tot op het eind van zijn leven behield hij zijn levendige smaak voor jonge vrouwen, wat hem tot een van de schandaligste figuren van zijn tijd maakte."

Alain Robbe-Grillet lag nooit op de bovenste plank in literair Parijs. Hij werd altijd meer gefêteerd in het buitenland dan in eigen land

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234