Zondag 05/12/2021

Al goed dat Al Qaida is doodverklaard

Oud-VRT-journalist Jef Lambrecht is de auteur van onder meer De Arabische revolutie. Van het offer van Bouazizi tot de val van Kadhafi.

'Syrië heeft stappen ondernomen om het bloedvergieten te stoppen." De woorden van secretaris-generaal al-Arabi van de Arabische Liga zijn door de oppositie en het Westen op ongeloof en verontwaardiging onthaald. En ook op verwondering, want de opvolger van Amr Moussa is een hervormer die de Arabische revolutie genegen is. De plaatselijke coördinatiecomités van het verzet in Syrië zeiden dat er dezelfde dag 26 doden waren. Er wordt nog wel geschoten, gaf al-Arabi toe, maar het is moeilijk te zeggen wie op wie schiet. Voor de opstandelingen zijn de waarnemers van de Liga hetzij blind, hetzij partijdig omdat ze krediet geven aan de versie van Damascus dat een gewapende opstand aan de gang is. Ze voeden de twijfels over de geloofwaardigheid van de oppositie die de buitenwereld bombardeert met dodencijfers en amateurbeelden. Goed getimede zelfmoorden doen de rest.

Als de missie van de Liga een doorgestoken kaart is, is de volgende vraag: door wie? Al kort na de aankomst van de eerste waarnemers vroeg het Arabisch parlement, een obscuur adviserend orgaan van de Liga, hun terugtrekking. Er was ook kritiek op hun leider, de Soedanese luitenant-generaal Mohammed Ahmed al-Dabi, chef van de militaire inlichtingendienst en rechterhand van president Bashir, tegen wie het Internationaal Strafhof bijna vijf jaar geleden een aanhoudingsbevel uitvaardigde wegens genocide in Darfur. Dabi vond de toestand in de rebellerende stad Homs "geruststellend" en hij sprak een van zijn waarnemers tegen die "met eigen ogen" sluipschutters had gezien op de daken van Deraa. De man die wordt beschouwd als de peetvader van de beruchte Soedanese Janjaweed-militie bleef voor al-Arabi "een bekwaam militair met een smetteloze reputatie".

Dabi en Arabi brachten niet de boodschap die van hen was verwacht. Ofwel liegen ze, ofwel is de werkelijkheid niet helemaal zoals de Syrische oppositie beweert. Als ze liegen, is de vraag: waarom? Misschien is het antwoord van het zoveelste mysterie in de Arabische omwenteling andermaal te zoeken in het gasreservoir Qatar. Arabi werd secretaris-generaal van de Liga nadat Qatar de aanvankelijke kandidaat had afgewezen. Dabi was lange tijd ambassadeur in de kleine Golfstaat en een half jaar geleden betrokken bij het akkoord van Doha tussen de Soedanese regering en een rebellencoalitie uit Darfur, een van de vele diplomatieke trofeeën waarmee de emir de architect werd van de regio. Het is niet uitgesloten dat Qatar aanstuurt op een mislukking van de missie om het Syrisch dossier een stap dichter te brengen naar een 'Libische oplossing'.

Jihad-legertje

Het gonst intussen van de geruchten. Een ervan is dat in Antakya, in het zuiden van Turkije, een soennitische interventiemacht zich opmaakt om de Syrische opstand te helpen. De kern ervan zou bestaan uit 1.000 veteranen van de oorlog tegen Kadhafi in Libië en evenveel militanten van de Iraakse Ansar al-Sunna, die zich pas nog onderscheidde met verschillende bomaanslagen en minstens 72 doden in onder meer Bagdad. De vrijwilligers zouden zijn overgevlogen door Qatar.

Ze worden geleid door de 'bevrijder en militair commandant van Tripoli', Abdel Hakim Belhaj, stichter van de Libische Islamitische Gevechtsgroep, aan wie wijlen Bin Laden ooit vroeg om aan te sluiten bij Al Qaida en over wie de Spaanse oud-premier Aznar op 9 december in een opiniestuk op de website van CNBC schreef dat hij betrokken was bij de Al Qaida-aanslagen van 11 maart 2004 op vier treinen in het station van Atocha in Madrid. Belhaj is in november naar Istanbul gereisd om aan de Syrische opstandelingen zijn diensten aan te bieden nadat hij buiten de prijzen was gevallen bij de verdeling van de ministersposten in de nieuwe Libische regering. De berichten over zijn internationaal jihad-legertje zijn een verdere stap in de gevaarlijke regionale escalatie tussen enerzijds soennieten, met steun van de Golfmonarchieën, het Westen en Turkije, waar premier Erdogan zijn krachten meet met het leger, en anderzijds sjiieten, onder leiding van Iran.

Al weken wordt gezegd dat Qatar de Syrische rebellen bewapent en financiert. Dat deed het ook in Libië. Een ander signaal van de assertieve politiek van de gasstaat is de aankondiging dat de Afghaanse taliban in Doha een gezantschap openen voor contacten met onder meer de Amerikanen die wanhopig op zoek zijn naar de uitgang in Afghanistan. In de pas verschenen lijst van het Jordaanse Royal Islamic Strategic Studies Centre met de 500 invloedrijkste moslims van het afgelopen jaar staat de emir van de kleine Golfstaat op de zesde plaats. Men zou Hamad bin Khalifa al-Thani in de top drie verwachten wanneer men in het rapport leest dat hij "de Arabische lente grotendeels heeft aangedreven via de verslaggeving van al-Jazeera, zijn financiële steun aan de opstand en zijn politieke steun in Libië. Hij heeft als geen ander de Arabische lente mogelijk gemaakt".

Intussen is de zogeheten lente sinds de instelling van het vliegverbod boven Libië in maart steeds minder een aangelegenheid van het volk alleen. Machtige en minder machtige mogendheden zijn partij en proberen de conflicten in hun voordeel te beslechten hetzij via diplomatie, discrete contacten en pressie, hetzij rechtstreeks, met geld en militaire middelen. Andere kwesties raken vervlochten met de revoluties. De stijgende spanning rond het Iraans atoomdossier staat niet los van de oplaaiende animositeit tussen de sjiitische meerderheid en de gemarginaliseerde soennieten in Irak. Ze is ook vervlochten met de gebeurtenissen in Syrië, de enige bondgenoot van Iran in de Arabische wereld en levenslijn van Teheran naar Hezbollah in Libanon en Hamas in Gaza.

Sjiieten versus soennieten

Onderliggend broedt een veel breder conflict tussen sjiieten en soennieten, Arabieren en 'Perzen'. Dinsdag dreigde Teheran met actie als het Amerikaanse vliegdekschip USS Stennis naar de Golf zou terugkeren. Op oudejaarsavond toonde Iran met militaire manoeuvres dat het de straat van Hormuz, de toegang tot de Golf, kan blokkeren. Eveneens op oudejaar kondigde president Obama strafmaatregelen aan tegen financiële instellingen die zaken doen met de Iraanse centrale bank, voor de ayatollahs "een oorlogsdaad". De olieprijs volgt de oplopende temperatuur.

Dat de Iraniërs het ergste vrezen blijkt uit de val van de rial en de spectaculair stijgende consumptieprijzen. Het volk mort. Er wordt gedacht dat de ayatollahs in extremis zullen kiezen voor de vlucht vooruit. Er wordt gezegd dat het verkieslijker is om nu een oorlog te voeren met Iran dan te wachten tot het een kernbom heeft. In elk geval zou een sluiting van Hormuz leiden tot een westerse interventie. Het laatste rapport van het Atoomagentschap over de nucleaire plannen van Iran en de toestand in Syrië, waar de regionale positie van Iran op het spel staat, stellen de zenuwen op de proef. Als de confrontatie verder escaleert kan Teheran, dat de Arabische omwentelingen had toegejuicht als een wederuitgave van de eigen islamitische revolutie van 1979, het ultieme slachtoffer worden. Het regime is verdeeld. President Ahmadinejad en het establishment rond geestelijk leider Khamenei staan met getrokken messen tegenover elkaar. De arrestatie van de hervormingsgezinde dochter van oud-president Rafsanjani is daarvan het jongste teken. Voor beide clans zijn de parlementsverkiezingen van 2 maart cruciaal en allebei weten ze dat ze het laatste vertrouwen van de bevolking kwijt zijn sinds de presidentsverkiezing van 2009.

Vanuit westers oogpunt is de naderende machtsovername van de Arabische republieken door de Moslimbroederschap een nachtmerrie zolang de theocratie in Iran bestaat en blijft aansporen tot extremisme. De Arabische lente zal die naam pas verdienen wanneer de broeders indommelen, zodra ze aan de macht komen. Of ze met privileges of geld kunnen worden gewiegd hangt af van hoe heet de adem blijft van ultra's die altijd zullen kunnen rekenen op steun en inspiratie van de radicale ayatollahs.

Niets wijst erop dat de revolutionaire landen spoedig weer zullen inslapen. In Jemen heerst een gevaarlijke chaos. In Libië weigeren de milities die Tripoli hebben 'bevrijd' te vertrekken of te ontwapenen. Ze vechten om de oorlogsbuit tot in de drukste straten van de hoofdstad. Voorzitter Jalil van de Overgangsraad waarschuwt voor een burgeroorlog. De populistische moslimbroeders zijn in opmars op alle fronten. Egypte, Arabisch gidsland, ziet de antidemocratische salafisten minstens een vijfde van de stemmen binnenrijven. Ze zijn machtiger en talrijker dan de jeugd die de revolutie maakte en vandaag wanhopig probeert te redden wat te redden valt. Al goed dat Al Qaida doodverklaard is.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234