Woensdag 29/01/2020
Beeld Geert Joostens

John John & Missy

Al een paar jaar zegt Missy dat ze liever Nora zou heten

Bart Eeckhout is hoofdredacteur bij De Morgen en papa van John John (9) en Missy (5). Elke week schrijft hij over zijn avonturen met zijn kroost.

“Waarom heet ik Missy?” Zoals het een vijfjarig kind betaamt, stelt je dochter vragen die niet zomaar te beantwoorden vallen. Ze ­interpelleert je op een verontrustend kritische toon.

Het objectieve antwoord bevalt maar matig. Dat haar ouders tijdens de Olympische Spelen (van 2012) in de ban raakten van de jonge zwemkampioene Missy Franklin (4 x goud). Dat jullie dat wel een leuke naam vonden: apart, maar toch eenvoudig. Dat de naam ook mooi spoorde met die van haar broer: ook Angelsaksisch, ook apart, ook geïnspireerd op een olympische atleet (de Belgische hockeytopper John-John Dohmen). Je zwijgt wijselijk over het feit dat jullie zelf amper sport­genen in de benen hebben, en dat dat dus ook een tikje ironisch is.

Missy vindt het sowieso maar niks. “Ik vind zwemmen niet leuk. Behalve op de grote glijbaan.” Ze vindt dus ook haar naam maar niks. Een merkwaardige en hoogst oorspronkelijke gedachte. Nooit van je leven hoorde je een kind kritiek uitoefenen op zijn of haar eigen naam. Geen Heidi of geen Gunther in jouw kindertijd. Geen Wolf of geen Lentl vandaag. Niemand. Behalve jouw dochter.

Heeft ze een argument? Volgens de statistieken zijn er de voorbije tien jaar twee meisjes in Vlaanderen Missy genoemd. Daarvan is zij er dus eentje. Dat maakt haar bijna uniek, een status die kinderen ­begrijpelijkerwijs niet noodzakelijk nastreven.

Even opmerkelijk als de twijfels bij je dochter over haar voornaam, is het totale gebrek aan twijfel bij de ouders. Eens je je kind een naam gegeven hebt, kan je je dat kind enkel nog met die naam voorstellen. Je dochter is ‘een Missy’. Wat dat verder ook moge betekenen (niets, eigenlijk). Dat ze een andere naam zou hebben, is letterlijk onvoorstelbaar.

Missy kan zich die andere ondenkbare realiteit wel indenken. “Ik zou liever Nora heten.”

Het is een naam die consequent door haar hoofd spookt. Al een paar jaar zegt ze dat ze liever Nora zou heten. Waarom is nooit helemaal ­helder gemaakt. Ze heeft geen vriendinnetje met die naam. Geen pop met die naam. Op de hele school is er zelfs geen kind met die naam. En het tekenfilmheldinnetje met die naam is thuis nooit populair geweest.

Toch Nora. In elk toneelspelletje dat ze speelt, over de klas of over een gezin, wil ze Nora zijn, of wil ze dat een denkbeeldig ander kind Nora is. “Het is ook wel een mooie naam”, zeg je naar waarheid. “Maar ik vind Missy mooier.” “Ik niet”, antwoordt je dochter, even hard als ­eerlijk. “En als het niet Nora is, dan Sara.”

Aan de keukentafel zitten jullie samen te tekenen. Jij kopieert een portret van Peppa Pig, je dochter tekent een vrolijk kinderfeest met ­slingers en ballonnen. “Dit ben ik en dit is R.”, verklaart ze trots. “En weet je voor wie het feest is?” Ja, dat kan je wel raden. Ze heeft het feest getekend van Nora, haar troostrijke, ingebeelde alter ego.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234