Dinsdag 16/08/2022

'Al die miserie is niet bevorderlijk voor mijn gemoedsrust'

Hoe hij het ooit in zijn hoofd heeft kunnen halen om tot het openbaar ministerie toe te treden, daar kan Jan De Man nog altijd niet bij. Gedreven door het principe 'één tegen allen' beslecht hij de ene hopeloze strafzaak na de andere, charmeert hij assisenjury's met zijn dandylook en neemt hij het onvoorwaardelijk op voor zijn cliënten. 'Ik word mijn cliënt, en wie mijn cliënt beledigt, die beledigt mij.'

Sue Somers

Met meer dan vijftig psychiatrische instellingen heeft Jan De Man contact moeten nemen voor er eentje was die zijn cliënte wilde opnemen. "Anja Hermans? Dat is toch die brandstichtster van het ALF? Sorry, die moeten we hier niet. We moeten ook aan de veiligheid van onze bewoners denken." Uiteindelijk was er toch een instelling die toestemde, onder erg strikte voorwaarden. Want de boel moest maar eens in de fik vliegen. Anja Hermans verblijft er nu in afwachting van haar proces, dat maandag begint.

"Ik weet wel dat Anja de media-aandacht vaak zelf heeft opgezocht, maar ze hebben van haar iemand gemaakt die ze niet is", vindt Jan De Man. "Elke keer als ik haar aan de telefoon krijg, is ze doodsbang dat ze naar de gevangenis moet. En geloof me, Anja Hermans hangt vaak aan de telefoon." Uit schuldbesef? "Mm, ik weet het niet", zegt De Man aarzelend. "Anja is iemand die veel aandacht nodig heeft. Waarschijnlijk heeft dat te maken met haar mentale gezondheidsproblemen. Dat is ook de reden waarom ik vind dat Anja Hermans niet naar de gevangenis moet, maar langdurig psychiatrische zorgen nodig heeft. Ik had gedacht dat het na haar plaatsing in die instelling beter zou gaan, maar ze heeft blijkbaar meer tijd nodig."

De tijd die hij in Anja Hermans steekt, reserveert Jan De Man ook voor zijn overige cliënten. Niet zo verwonderlijk, want wie bij De Man aanklopt, zit meestal diep in de ellende. En De Man staat nu eenmaal te boek als een advocaat die ervan uitgaat dat iedereen recht heeft op verdediging. Ook de meest hopeloze gevallen. Zo heeft hij ooit eens een meisje verdedigd dat haar ouders had laten vermoorden. Niemand begreep hoe De Man zich kon inlaten met zo'n geval. Dat was toch op voorhand al een verloren zaak? Niet voor Jan De Man.

"Dat meisje was aan haar lot overgelaten. Ze praatte niet veel wanneer ze op consultatie kwam, zelfs niet over de reden waarom ze het gedaan had. Maar het was alsof ik voelde wat er gebeurd was... Ik heb haar ooit eens op de man af gevraagd of ik juist zat met mijn gevoel. Ze gaf geen antwoord, maar schreef nadien een brief die voor mij alles duidelijk maakte." De Man strijkt met zijn hand over de borst. "Ik heb dat papier heel lang bewaard. Hier, in de borstzak van mijn overhemd."

Het meisje kreeg uiteindelijk 15 jaar. Dat hij voor haar verdediging nooit een ereloon kreeg, kan De Man niets schelen. "Ik wist dat mijn cliënte goed kon tekenen, dus heb ik haar gevraagd of ze in de gevangenis een schilderij voor mijn kantoor wilde maken." De Man wijst naar de muur. Tussen zijn prenten van John F. Kennedy hangt een donkerblauw schilderij met brute, zwarte penseeluithalen. In het midden van de tekening prijkt een krantenkop: 'Dit meisje heeft iets te verbergen'. De Man staart dromerig voor zich uit. Het schilderij is een rustpunt in zijn kantoor, dat uitkijkt over de parking van een winkelcentrum in Schoten. Even verderop, aan de rand van het Kempisch Kanaal, koesteren de eerste terrasgangers zich in de late middagzon.

"Het kan bij iedereen gebeuren", zegt De Man plots. "Stoppen die doorslaan. Miserie. Mensen zijn niet fundamenteel slecht, misdaden hangen soms van de meest bizarre omstandigheden af. Voor je het weet, zit je in een bepaald stramien. Ik heb laatst nog een jonge vrouw verdedigd die haar man had vermoord." De Man huivert. "Afgrijselijk, echt in koelen bloede. Maar toen op het assisenproces haar moraliteitsverslag ter sprake kwam, werd het allemaal duidelijk. Haar moeder was een prostituee en had haar als kind mee in bed doen kruipen met de klanten. Niet dat iedereen plots begrip toonde, maar het maakte de moord begrijpelijker, minder verwerpelijk."

Toen De Man tijdens zijn stage als jonge advocaat tot het besluit was gekomen dat hij eigenlijk liever deel wilde uitmaken van het openbaar ministerie, had zijn stagebegeleider, ook een strafpleiter, hem gewaarschuwd. Dat hij spijt zou krijgen van zijn overstap. Dat hij zijn individualiteit te grabbel zou gooien. Tweeënvijftig assisenzaken later is De Man blij dat hij nooit naar het parket is gegaan. "Ik sta op mijn onafhankelijkheid. Als advocaat voel ik me supermachtig. Ik mag alles doen, behalve het koningshuis beledigen en de openbare orde verstoren! Ik herinner me nog dat ik in een zaak stond te pleiten en de woede van het publiek met de minuut voelde groeien. De zaal staat stampvol en achteraf moest ik door het volk naar buiten." De Man kijkt op en houdt zijn adem in, veinst glimlachend verontwaardiging. "Als ze die mensen toen hadden losgelaten... Ik zou gelyncht zijn!"

"Ik drijf op het principe één tegen allen. Om die reden zou ik graag de raadsman van Dutroux geweest zijn. Ik hou van het persoonlijk contact met mijn cliënten, ben gefascineerd door menselijke verhoudingen. Vooral als ze scheeflopen. Je staat versteld van wat er allemaal tussen de vier muren van een huis kan gebeuren. Als ik 's avonds in het donker naar huis rijd en ik zie de lichten in de huizen branden, dan vraag ik me dikwijls af wat daarbinnen echt gebeurt." De Man maakt een hulpeloos gebaar en grijpt naar zijn pakje Marlboro Lights. "Ik weet het, ik trek het me allemaal te veel aan. Al die miserie is niet bevorderlijk voor mijn gemoedsrust. Maar als ik een cliënt voor mij krijg, probeer ik me zo goed mogelijk in te leven om te begrijpen wat er gebeurd is. Ik word mijn cliënt, en wie mijn cliënt beledigt, die beledigt mij."

Heel wat collega's beschouwen Jan De Man als een autoriteit in het strafrecht. De bijna grijze eminentie van het Antwerpse assisenhof. En of dat zijn ego streelt! Maar tegelijkertijd is die reputatie ook een blok aan het been, vindt De Man. "Je moet iedere keer opnieuw bewijzen wat je waard bent. Elk proces is voor mij als een examen. De wetenschap dat je het leven van een cliënt in handen hebt, is enorm stresserend." Bovendien worden de cliënten steeds veeleisender. Ze denken dat een advocaat tot alles bereid is, als ze het geld maar op tafel leggen. De Man maakt zich kwaad, duwt zijn duim op zijn borst. Hij bepaalt wat er gebeurt in een zaak. Cliënten die hem beschouwen als een werkstuk waarmee ze denken te kunnen doen wat ze willen, zijn bij De Man aan het verkeerde adres. "Ik ben de consigliere van de maffia niet!"

De dossiers waarin Jan De Man als raadsman optreedt, blijven ondertussen de actualiteit halen. Volgende week het proces van Anja Hermans, de week daarna de assisenzaak omtrent de vermoorde veekeurder Karel Van Noppen, waarin De Man Carl De Schutter zal verdedigen, de vermoedelijke leverancier van het moordwapen. De Man schuift ongeduldig heen en weer op zijn stoel. "Een assisenproces betekent voor de beschuldigden doorgaans een loutering, het begin van een schuldinzicht. Dat zal op het proces-Van Noppen niet het geval zijn. Daar zal de ene intrige na de andere uit de doeken gedaan worden, wat voor de beschuldigden alleen maar verwarrend is."

Toch kijkt De Man ernaar uit om weer te pleiten. Hij kan enorm genieten van de aandacht die hem dan te beurt valt, vooral in zijn slotpleidooi. Die retoriek! Dat spel met de jury! "Ik schrijf mijn slotpleidooien nooit uit", beweert De Man. "Ik heb een rode draad waar ik geregeld van afwijk. Als ik zie dat een bepaald aspect de jury interesseert, ga ik erop door." De Man wacht meestal op het moment waarop een jurylid voorover leunt, als teken van interesse. "Dat is het moment waarop ik weet dat ik goed zit. Dan sla ik toe."

'Als advocaat voel ik me supermachtig. Ik mag alles doen, behalve het koningshuis beledigen en de openbare orde verstoren!'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234