Woensdag 27/01/2021

‘Ajax is zeer kwetsbaar als ze onder druk komen’

Tweemaal Anderlecht-Ajax? Wij vinden dat deze derby der lage landen ook maar eens door kenners naast het veld moet worden uitgevochten. Daarom brachten we Aad de Mos (coach van Ajax in ’81 en tussen ’82 en ’85 - twee titels en één bekerzege) en Aimé Anthuenis (hoofdcoach van Anderlecht tussen ’99 en 2002 - twee titels) samen voor een ongezouten babbel over vroeger en nu: ‘In Nederland is de verpakking mooier dan de inhoud.’

Aimé, hoe staat ‘jouw Anderlecht’ er op dit moment voor?

Anthuenis: “Anderlecht is enorm afhankelijk van zijn balvaste spelers Boussoufa en Biglia. Als die twee goed zijn, is ook Anderlecht goed. Maar als zij niét in de match zitten, zijn ze kwetsbaar. Als je Ajax wilt pakken, moet je buitenom komen met snelheid en diepgang. Is Legear fit? Ik zou die opstellen.”

Aad, hoe gaat het met ‘jouw Ajax’?

De Mos: “De eerste drie wedstrijden onder Frank de Boer hebben ze fantastisch gespeeld. Iedereen was in euforie en men dacht dat Ajax het lek had gevonden. Maar dat schijnt nu toch niet zo te zijn, als je de uitwedstrijden bij Utrecht en Roda bekijkt. Ik zag dat Ariel Jacobs aanwezig was op Roda-Ajax vorige zondag. Als hij ook nog eens de dvd van de match tegen Utrecht bekijkt, dan weet hij precies waar Ajax te pakken is. Ze zijn héél kwetsbaar als ze onder druk worden gezet. Ze hebben in deze twee wedstrijden vijf goals tegen gekregen, maar dat hadden er eigenlijk tien moeten zijn.”

Jij hebt in je carrière bij veel clubs gezeten. Mogen we jou een ‘Ajax-man’ noemen?

De Mos: “Natuurlijk. Ik had al met behoorlijk succes gewerkt als trainer op lager niveau, toen Cruijff mij in 1980 bij Ajax vroeg als hoofd van de jeugdopleiding, nadat ik als eerste uit de trainerscursus was gekomen. Toen ik onder die stadionpoort doorreed met die vier letters op, kwam een jongensdroom uit. Ik was 31 jaar en leerde daar het vak.”

Is alles wat Cruijff zegt ook voor jou waarheid, Aimé?

Anthuenis: “Neen, maar hij spreekt bijna altijd de waarheid.” (grijnst)

De Mos: “Van Cruijff leerde ik dat de eisen die op Ajax gesteld worden, misschien wel de hoogste ter wereld zijn.”

Kom nou. Op Anderlecht moet je toch ook elke week winnen met goed voetbal?

De Mos: “Kijk eens naar de prijzen van Ajax: zij hebben drie keer Europacup 1 gewonnen. En elk jaar is er wel een nieuwe speler klaar. Een Bosman, Kieft, Kluivert, Cruijff...”

Anthuenis: “Anderlecht is toch ook speciaal, hoor. Als ze mij in 1980 zouden gezegd hebben dat ik twintig jaar later Anderlecht zou trainen op voorwaarde dat ik te voet naar Scherpenheuvel ging, dan was ik tien keer op en af gegaan. Dat zouden veel jonge trainers nu nóg doen. Als ik vandaag naar Virton of Oostende rij, dan kennen ze me daar als de trainer van Anderlecht.”

Heeft Anderlecht voor jullie minder grandeur nu Constant Vanden Stock er niet meer is?

Anthuenis: “Anderlecht blijft voor mij Anderlecht.”

De Mos: “Toch denk ik dat het echte voetbalverstand er nu iets minder is. Elke speler die Aimé of ik haalde bij Anderlecht, ging eerst door de scanner. En die scanner was Constant. Hij had het voor een speler of niet. Hij was bijvoorbeeld lyrisch over Bruno Versavel; die moest en zou hij hebben. Hij was net zo lyrisch over de kleine Emmers. En hij was helemáál lyrisch over Philippe Albert. Maar als hij het niet voor een speler had, moest je hem overtuigen. Ik heb hemel en aarde moeten bewegen om Rutjes binnen te halen.”

Hoe ging dat dan?

De Mos: “Elke vrijdagmorgen moest ik met mijn assistent Jean Dockx in het bureau van Constant komen. We zaten met vier aan tafel: ikzelf tegenover Constant, links van mij Jean en rechts van mij Verschueren. De vergadering begon telkens met een telefoontje van Verschueren naar Philippe Vercruysse van het restaurant Saint Guidon: (doet Verschueren na) ‘Trois bières et un wodka-orange s’il vous plaît’ - die was dan voor de baas. ‘Monsieur De Mos’, sprak Constant die ene keer, ‘zal Rutjes wel geaccepteerd worden door het publiek?’ (lacht)

“Nadien was Constant zo eerlijk om toe te geven dat Rutjes één van zijn beste aankopen ooit was. Zo zat die man in elkaar: hij opende weliswaar een discussie over voetbal, maar hij aanvaardde dat de waarheid altijd ergens tussenin lag.

“Een ander mooi verhaal voor jullie: op zo’n vrijdag moest Constant steeds de zestien namen weten die op het scheidsrechtersblad zouden komen - hij wou die op een A4’tje. Dan vouwde hij het papier op tot enkel een fijn stukje overbleef waarop je alleen de namen zag. Daarna nam hij zijn potlood en overliep het lijstje. Zo kwam hij een keer op ‘De Sart’. ‘Monsieur De Mos? De Sart?’ Waarop ik mijn keuze uitlegde en dan te horen kreeg: ‘Bon, vous êtes responsable, pas moi.’ Van alle voorzitters die ik had in mijn carrière, heb ik met niemand zó ernstig en diep kunnen praten over voetbal als met Constant Vanden Stock.”

Anthuenis: “Juist.”

Was hij de Cruijff in pak en das?

Anthuenis: “Allebei stellen ze het voetbal voorop. Op Anderlecht leefde zeer lang de filosofie: ‘Techniek, techniek, techniek.’ De club heeft lang moeite gehad om te aanvaarden dat je in het moderne voetbal ook loopvermogen en kracht nodig hebt.”

De Mos: “Niet toevallig wil Cruijff vandaag met Ajax terug naar de basis: altijd willen spelen met drie spitsen en een nummer 10. Zijn idee is: wie sneller denkt, moet niet rap kunnen lopen.”

Anthuenis: “Akkoord, maar welke spelers kunnen dat nog? Barcelona, ja. Maar Ajax en Anderlecht toch niet? Neem nu Anderlecht... die liggen niet ten onrechte uit de Champions League, hé. Ik vind: in een topploeg moet je voor de vuist weg vijf namen kunnen noemen die er bovenuit steken. In Anderlecht kan ik dat niet, met alle respect.”

Kun jij dat bij Ajax, Aad?

Anthuenis: “Vaneigens niet. (De Mos knipoogt: ‘Laat Aimé maar even spreken.’) De tijd dat het Nederlandse voetbal ons domineerde, is gedaan. Zie naar Roda. Die spelen bijna met elf Belgen. Groningen, Utrecht...: als zij naar Waregem komen, die kunnen evengoed verliezen. Ajax en Feyenoord hebben nog hun naam, maar op het veld is hun suprematie voorbij.”

De Mos (knikt): “Aimé heeft helemaal gelijk. In Nederland is de verpakking mooier geworden dan de inhoud. Als ik mag kiezen, speel ik veel liever tegen Ajax dan tegen pakweg Villarreal of Sint-Petersburg.”

Wat is er dan al die jaren misgelopen op Anderlecht en Ajax?

Anthuenis: “Ten eerste: jullie, de pers. Chadli speelt één goeie helft met de nationale ploeg en olala, ge schrijft die al in de hemel - die jongens worden veel te snel groot gemaakt. Ten tweede: als onze internationals allemaal in het buitenland spelen, dan is dat goed voor de nationale ploeg, maar ’t is een verlies voor onze clubs. En ten derde: als we 15 jaar geleden nog de betere buitenlanders konden halen, dan zijn we nu verplicht om uit te kijken naar de tweede en zelfs derde keuze.”

De Mos: “Ajax voerde jarenlang een wanbeleid. Er is vaak tot 1,5 miljoen euro betaald voor spelers die het niveau van Ajax niet waard bleken. Een goede scouting lost veel op. Bij Arsenal luistert Arsène Wenger enkel naar zijn hoofdscout, Steve Rowly. Die heeft een kantoortje naast dat van Wenger - korte lijnen! Rowly pakte Van Persie destijds op basis van één reservenwedstrijdje - dat notabene gestaakt werd - op een gure maandag in de regen. Dat heet: goeie ogen hebben. Ajax en Anderlecht moeten hun scouting in handen geven van mensen die onafhankelijk durven werken van makelaars en commissiegeld.”

Anthuenis: “Pfft... En dan komt Manchester United en dan zeggen die tegen een scholier: ‘Hier zie, 500.000 voor jou en 200.000 voor je pa.’ (Anthuenis verwijst naar de 16-jarige Adnan Januzaj van Anderlecht, red.)”

Aad, jij hebt altijd twijfels gehad bij de lofzang op Lukaku. Maar vandaag is de jongen wel 30 miljoen waard...

De Mos: “En dan? Hij mag nog 100 miljoen waard zijn...”

Anthuenis: “Oh oh oh....wacht ne keer, mannekes. Ik heb andere diepe spitsen van Anderlecht gekend, hé. Die Rus (Bulykin, red.) staat tweede in de topschuttersstand in Holland en bij ons mocht hij nog niet uit zijn trainingspak komen. Lukaku is rap, sterk, krachtig... Het enige waar ik bang voor ben, is de concurrentie bij pakweg Chelsea. Als die trainer zegt: ‘Vandaag speel ik maar met één spits’, dan zit Lukaku daar mooi.”

De Mos: “Ik was op Chelsea-Liverpool. Dalglish speelde 5-4-1, en Suarez zat gewoon op de bank.”

Anthuenis: “Voilà...Weet ge nog: die kleine zwarte? Nii Lamptey, wat is dáár niet over geschreven? ’t Heeft lang geduurd.”

De Mos: “Ik heb nog altijd mijn twijfels bij Lukaku. Op vakantie in Italië las ik een interview met hem in Humo. Toen dacht ik: ‘Jongen, doe gewoon op training wat je moét doen en luister naar je vader.’ Maar Mourinho die zijn zegje doet, en Drogba, en al die flauwekul met zijn school...: ik hoef dat kunstmatige sfeertje niet. Dat Arsenal en Barcelona niet genoemd worden om Lukaku te nemen, dàt doet bij mij een lampje branden.”

Is Vertonghen klaar voor Milan?

De Mos: “Alderweireld is slimmer. Die zegt altijd intelligente dingen. Vertonghen gaat vaak over de rooie.”

Anthuenis: “’’k Vind hem beter op het middenveld. Gij, Aad?”

De Mos: “Absoluut. Hij doet me denken aan Kompany - zij willen als verdediger altijd elk duel met hun spits winnen, waardoor ze onnodige overtredingen maken. Ik heb de defensie van het grote Milan - Maldini, Costacurta, Baresi en Tassotti - nooit een duel zien aangaan; zij bleven weg uit de oorlog.”

Anthuenis: “Kompany, da’s een panter, hé. Die springt overal op: boenk links, boenk rechts... De beste verdedigers laten de anderen boenken.”

De Mos (fluistert): “Natuurlijk zijn Lukaku, Vertonghen en Kompany heel goed. Maar met mijn interviews wil ik die jongens iets meegeven waarover ze nadenken.”

Anthuenis: “Gij zijt de slimste.”

(SK/RN)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234