Zondag 02/10/2022

Agusta in het kwadraat

Het 'bodemloze vat' Sabena was niet meer. En de publieke opinie, die bleef en blijft men maar voorliegen

Filip Van Rossem

blikt terug op het debacle van Sabena

Dames en heren, beste collega's, sympathisanten. Vandaag zijn we hier op deze symbolische plaats samen om het grootste economische schandaal en daarmee gepaard gaand sociaal bloedbad uit de Belgische geschiedenis te herdenken. Sta me toe even in de tijd terug te keren.

Ik herinner me nog levendig de eerste algemene vergadering van onze pilotenvereniging, de Belgian Cockpit Association (BeCA), na het opstappen van Paul Reutlinger en het begin van het Müllertijdperk. Het Gulden Boek, ter attentie van Reutlinger, waar u mogelijk ook uw handtekening in heeft geplaatst, was nog maar net richting Zürich vertrokken of daar kwam leerling-Müller op de proppen met het bericht dat onze Sabena aan de rand van de afgrond stond, met een opgelopen verlies van 12 miljard Belgische frank (300 miljoen euro), en dat in schril contrast met de euforische berichten over de resultaten en perspectieven die drie weken voordien nog door zijn voorganger werden verspreid. Ik riep dan ook tijdens die vergadering op dat BeCA dat Gulden Boek onmiddellijk diende terug te eisen. Mijnheer Reutlinger was gevlucht, en had het commando over het zwaar gehavende schip aan zijn kameraad Müller overgedragen. Die zou het vuile werk wel afmaken. Hij had dat immers al eens in een vroeger leven gedaan. We zijn aan het einde van de zomer 2000.

Onze vermoedens blijken realiteit. Wat we al een tijdje aan het aanschouwen waren, wordt bevestigd door onze genodigde van die avond, meester Witterwulghe, die zonder enige aarzeling het woord "vermogenstransfer" laat vallen. Onze Sabena werd langzaam leeggezogen en geplunderd. De effecten daarvan werden al een hele tijd zorgvuldig gecamoufleerd, maar nu kon zelfs dat niet meer, omdat het zo flagrant werd. De boekhoudkundige trucs die werden toegepast, werden zorgvuldig ontleed door de curator, de heer Van Buggenhout, samen met onder andere specialisten terzake van de Universiteit Antwerpen. Jullie begrijpen nu wellicht waarom onze CEO, mijnheer Müller, de Zwitserse mol binnen het leugenpaleis genaamd Sabena-House, steeds twee bodyguards had zitten bij de ingang van zijn bureau.

Wat nadien is gebeurd, hebben we allemaal aan den lijve ondervonden. Een vraag die velen zich nog altijd stellen, blijft natuurlijk hoe het is kunnen gebeuren, en waarom niemand heeft ingegrepen.

Eén zaak is duidelijk. Niemand van de zogenaamde verantwoordelijken kan vandaag nog beweren niet op de hoogte geweest te zijn. Van uit de schoot van BeCA zijn de eerste alarmsignalen al in 1997 richting regering vertrokken. De voogdijminister werd ook reeds geruime tijd gewaarschuwd over de verslechterende financiële situatie van Swissair. De laksheid van de raad van bestuur, en in het bijzonder van de Belgische leden van die raad, tart elke verbeelding. Het gerechtelijk onderzoek in die richting is in volle gang en de resultaten daarvan zijn hallucinant. Ik mag daarover vandaag niets méér vertellen. Niemand verbaast er zich nog over waarom Müller koste wat het kost het onderzoek naar de vermogenstransfer, dat er op vraag van BeCA was gekomen, wilde tegenwerken. Binnenshuis werd het management zwijggeld betaald door middel van extralegale beloningen, onder meer in functie van het volume dat werd overgeheveld naar Zwitserland.

En de meerderheidsaandeelhouder keek toe en zag dat het goed was.

Sta me toch toe ook er even aan te herinneren dat ook de vakbonden zich daarop vergaapt hebben en zelfs op het laatste moment de door de piloten gemaakte studie over de plundering hebben weggelachen. Liever dan verenigd een standpunt in te nemen, verkozen zij de historisch gegroeide kloof tussen vliegend en grondpersoneel verder uit te spelen. Bij de vertegenwoordigers van het grondpersoneel was er enkel Maria Vindevoghel die de moed heeft gehad om naar ons verhaal te luisteren, waarvoor mijn oprechte dank.

Maar ik ben ook niet te beroerd om in eigen boezem te kijken. Toen Christoph Müller alle cao's wou opzeggen om de aandacht van wat werkelijk aan het gebeuren was, met name het leegplunderen, af te leiden, sloegen bij ons piloten alle stoppen door, en zijn wijzelf in de val gelopen, met de drieste stakingen tot gevolg. Stakingen die ik vandaag nog altijd betreur.

Ik herinner me ook levendig de vergadering aan de Wetstraat 16, in aanwezigheid van de heer Coene, toenmalig kabinetschef van Verhofstadt, en de heer D'Aremberg, toenmalig kabinetschef van Daems, waarbij men ons uitschold voor criminelen, want "wij hadden er geen benul van hoeveel de Zwitsers al voor Sabena gedaan hadden!" Hoe durfden wij toen beweren wat nu iedereen weet en bevestigd heeft! Maar ondertussen hadden diezelfde politieke 'onverantwoordelijken' in het Astoriahotel de Zwitsers al lang kwijting gegeven voor hun malafide praktijken, en ging het plunderen gewoon door. Want de bedoeling was dat ze de controle volledig zouden overnemen, en naar 85 procent van de aandelen zouden gaan. Welke naïeveling gelooft dat een partner, die al van bij het begin aan zijn verplichtingen verzaakt, die Sabena had opgezadeld met een bijkomende schuld van 80 miljard frank (2 miljard euro), dan ineens alles op zich zou nemen door meerderheidsaandeelhouder te worden ?

Welke gek kon of kan zoiets geloven?

Toch bleef men volharden in de Wetstraat, want men wist dat dit het einde was. En het moment waarop dit alles gebeurde, kwam nog goed uit ook, want het opofferen van Sabena gaf blijk van moed. Europa vond immers dat er maar plaats was voor drie, vier grote maatschappijen en onze premier wilde graag voorzitter worden van dat Europa. Niet te verbazen dat wij een doorn in het oog van bepaalde politieke hoofdrolspelers waren.

Bij de presentatie van het boek De crash van Sabena vertolkte Herman De Croo het verdwijnen van Sabena als volgt, en ik, die hou van enige beeldspraak, zou het niet beter hebben kunnen verwoorden: "Het was alsof ik de pantoffels van onder mijn voeten heb voelen glijden", vertelde hij, en inderdaad, jarenlang heeft een groot deel van de Belgische politiek zich van Sabena bediend als van een paar pantoffels, waar men zich lekker warm in nestelt.

Tot op het moment dat ze al te fel begonnen te stinken. Dan heeft men ze gewoon gedumpt en door een ander paar vervangen. Na jarenlang te zijn gebruikt als politiek pretpark, hebben ze onze "grote dame" geprostitueerd in het neutrale Zwitserland. Toen men daar dan uiteindelijk zelf eerst aan grootheidswaanzin ten onder ging, hebben ze hier in België dan maar euthanasie gepleegd op het half doodgebloede lichaam. De stekker werd uit het stopcontact gehaald, het overbruggingskrediet, na aftrek van een bedrag dat al snel was overgemaakt aan IATA om de start van SN mogelijk te maken, werd doorgestort op de rekening van DAT, en het concordaat was uiteindelijk slechts de wachtkamer voor de executie, die zich op 7 november, precies vijf jaar geleden, voltrok.

Het failliet was geënsceneerd en dus frauduleus, een "Agustazaak, maar dan in het kwadraat". De uitspraken van de voorzitter van de rechtbank van koophandel, nadien, liegen er niet om. Duizenden mensen verloren hun job, ondanks talrijke productiviteitsverhogingen en financiële inspanningen, maar in de Wetstraat zag men dat het goed was. Men had het aangedurfd!

Er was geen andere uitweg. Want het mocht zogezegd niet van Europa. Niets is minder waar. Vandaag stellen we vast dat Sabena de eerste en laatste nationale maatschappij is geweest die in Europa van het toneel is verdwenen. In de andere landen van de Europese Unie is men zich bewust van het belang daarvan, en is men politiek bereid de nodige investeringen te doen omdat men weet dat ze uiteindelijk een positief resultaat opleveren. Zelfs Reutlinger heeft nadien nog verklaard dat België het belang van een nationale carrier zwaar onderschatte.

Het "bodemloze vat" was niet meer. En de publieke opinie, die bleef en blijft men maar voorliegen. Miljarden zouden we aan de belastingbetaler hebben gekost. Integendeel! Onze Sabena was een melkkoe met gouden spenen, en haar hoofdaandeelhouder, de staat, heeft nooit nagelaten om zich rijkelijk te bedienen. Elke poging om daarin verandering te brengen werd in de kiem gesmoord. Denkt u maar aan het plan om de piloten uit te vlaggen. Minstens viermaal het geïnvesteerde, of ingepompte geld zoals zovelen het nog altijd graag horen, is teruggevloeid naar diezelfde staat. In het jaar 2000 alleen stroomde de volledige investering van de laatste zeven jaar terug in de vorm van belastingen, bijdragen en facturen aan andere overheidsbedrijven. Dat alles werd mogelijk door de toegevoegde waarde die in het bedrijf werd gecreëerd door de inzet van duizenden, door luchtvaart gepassioneerde medewerkers.

Hoe groot was de toegevoegde waarde van onze toenmalige voogdijminister? Zelfs binnen zijn partij noemt men hem "de man die erin slaagt goud in lood te veranderen".

Vandaag zitten de verantwoordelijken voorlopig nog waar ze toen zaten, of in de buurt. Sommigen onder hen al een paar trapjes lager, of niet meer zo dichtbij, maar onaantastbaar, denken ze. Tijdens het parlementaire onderzoek gaven sommigen zichzelf vrijspraak, maar geduld is een deugd, het onderzoek loopt verder.

Laat ons, beste Sabéniens, vandaag ónze Sabena herdenken in alle nederigheid, laat ons fier zijn omdat we er deel van uitmaken; laat ons dit verhaal blijven herhalen opdat men het nooit zou vergeten; laat ons ook even denken aan al diegenen die er toen bij waren maar vandaag, om welke reden dan ook, spijtig genoeg niet meer; laten we diegenen die het vandaag ten gevolge van het failliet nog steeds moeilijk hebben, blijven steunen; en laten we vooral al diegenen die zich vandaag nog steeds, zichtbaar of minder zichtbaar, inzetten voor gerechtigheid, een hart onder de riem steken.

Ik dank u.

Ex-woordvoerder van de Sabenapiloten Filip Van Rossem hield gisteren deze toespraak in de vertrekhal van Brussels Airport.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234