Zondag 01/11/2020

'Afwijken is typerend voor deze band'

Drie 'anormale' verjaardagsconcerten met een rist speciale gasten: ziedaar de taart waarop Zita Swoon zichzelf en haar publiek deze week trakteert. In de Duffelse schuur waar de groep al dagenlang repeteert, toont boegbeeld Stef Kamil Carlens (33) zich een tevreden, zij het nuchter man. 'Tien jaar: een derde van mijn leven zowaar. Dat mocht best wel eens gevierd worden. Maar achter bloemekes vissen we niet.'

Antwerpen

Van onze medewerker

Kurt Blondeel

Zita Swoons platencontract met Warner mag dan afgelopen zijn, aan werklust ontbreekt het Carlens geenszins. In oktober zet hij een nieuwe tentoonstelling met beeldjes, zelfportretten en een installatie op touw. Momenteel bedenkt hij de muziek bij De kus, de eerste langspeelfilm van Hilde van Mieghem, en binnenkort gaat hij ook met Jan Decorte in zee voor het theaterstuk O Death. Voorts dwalen zowel een nieuwe cd met Zita Swoon als een soloplaat door zijn gedachtegangen.

Hoewel veel van die plannen nog volop moeten ontkiemen, staat nu al vast dat Carlens noch Zita Swoon gauw in herhaling zullen vervallen. De kronkelige artistieke levensloop langs enkele prikkelende popplaten, een instrumentale soundtrack (bij F.W. Murnaus stomme film Sunrise) en twee theaterproducties (Plage Tattoo/Circumstances en Carmen) onderstreept dat afdoende.

Een eerste koerswijziging is overigens al een feit: percussionist Kobe Proesmans (ex-Wawadadakwa) is het nieuwe lid van de muzikale familie. "Ik hoop echt dat hij blijft", zegt Carlens zacht, alsof hij nog niet helemaal van de verrassing is bekomen. "Hij heeft zo'n groot ritmisch vocabulaire, daar kunnen wij veel van leren." Net als jaren geleden, toen saxofonist Benjamin Boutreur in de overgang van Moondog Jr. naar Zita Swoon plaats ruimde voor gitarist Bjorn Eriksson, kan Carlens maar één motief voor die personeelswijziging aanhalen. "Tja, af en toe word je gewoon verliefd op een muzikant. Als die dan ook nog tijd en goesting heeft, twijfel je niet." Het moge duidelijk zijn: aan de muziek heeft de eertijds zo stille tiener Stef Kamil Carlens een cruciaal zelfvertrouwen te danken.

'Terug naar de wortels', zo luidt de aankondiging van de drie unieke concerten die u in Cinema Roma in Borgerhout presenteert.

"Ja, al zijn we daar tijdens de repetities alweer van afgeweken. Dat maakt ook deel uit van onze wortels: afwijken is nogal typerend voor deze band. (glimlacht) Het is verder ook de bedoeling dat we het Life = A Sexy Sanctuary-hoofdstuk helemaal afsluiten."

Hoe kijkt u nu terug op A Beatband, die met drummer Aarich Jespers, gitarist Tom Pintens en bassist Tomas de Smet de prilste incarnatie van Zita Swoon vormde?

"Het was superleuk, maar alleszins niet van we-doen-maar-wat. Ik had 150.000 frank geleend om dat ep'tje met vijf nummers (Jintro Travels the Word in a Skirt, inmiddels een collector's item, KuB) te kunnen opnemen en het hoesje te drukken. Dat is veel geld als je zelf geen cent hebt. Toen was dat nog iets, een cd drukken. Nu doet iedereen het thuis, maar zelf had ik toen nog niet eens een cd-speler.

"We waren toen ook nog straatmuzikanten, dat liep allemaal door elkaar. Op straat verdienden we eigenlijk meer dan met optredens. Ik weet het nog goed: we speelden toen voor 7.000 frank per concert. Plus wat pintjes - dat is België, hé. (mijmerend) Ik kan me perfect voorstellen dat de groepjes die nu in dat circuit zitten de tijd van hun leven hebben. Dat is echt... totale vrijheid, geen organisatie. Enkel bier, sigaretjes en meisjes." (lacht)

Was ambitie dan iets wat er pas later bijkwam?

"Ik had dat niet zoveel, ambitie. Wel wou ik goede muziek maken, een goede groep in elkaar steken. Succes nastreven, dat heb ik eigenlijk van Tommy (Tom Barman, KuB) geleerd. Ik zag hem dat doen, en ik dacht: zo moet het. Een demootje naar de Rock Rally sturen, bijvoorbeeld: zoiets zou nooit bij mij zijn opgekomen. Nu nog steeds niet, trouwens. Maar: het werkte wel.

"Het grave aan déze groep is dat het nooit níét marcheert. Als muzikanten kunnen we echt overal spelen voor om het even welk publiek. Bij dEUS lag dat anders: daar moest vooral de sfeer van de avond juist zitten. Hoe groter dEUS werd, hoe minder we gewoon een cafépodium konden opwandelen."

Hoe zit het tegenwoordig? Ligt u onder de slof van uw ambitie of doet u koppig uw eigen zin?

"Hmm. Koppig kan ook dom zijn. We zijn tegenwoordig heel wat beter georganiseerd, en dat is een groot voordeel. In die zin doen we niet louter ons eigen ding op een donker zolderkamertje, maar wel in de openbaarheid. Je moet er rekening mee houden dat er een publiek is, en dat wat je doet een vorm van communicatie is. Wat niet hetzelfde is als conversatie: ik wil gewoon iets vertellen in een gemeenschappelijke taal, en ik hoop dat de luisteraar zin heeft om mij te begrijpen. Dat hij het verhaal kan volgen zoals hij een boek of een artikel leest. Al maak ik natuurlijk wel fictie, en geen documentaires."

Ouderdom en wijsheid worden verondersteld hand in hand te gaan, maar de onbevangenheid van een artiest blijft in die ontwikkeling niet altijd schadevrij. Slaagt u erin die te vrijwaren?

"Ik denk dat de twee perfect naast elkaar kunnen bestaan. Het gaat er mij niet om een publiek gegarandeerd tranen in de ogen te laten krijgen. Ik hou niet van dat extreme Hollywood-gedoe. Kijk naar Jan Decorte: die heeft zo'n lange carrière achter zich, maar heeft nog steeds het kind in zich niet verloren. Vergelijk het maar met sport: om in vorm te blijven, heb je ook training nodig. Alleen hou je die speelsheid veeleer onbewust op peil. Alsof er een gevarendriehoekje opdoemt 'niet te serieus'."

In 1998 verkreeg u van de Vlaamse overheid de titel Culturele Ambassadeur van Vlaanderen, met een structurele subsidie voor vier jaar erbovenop. Klinkt dat officiëler dan het in werkelijkheid was?

"Toch niet: je krijgt geen geld om er mee op café te gaan zitten, hé. Zo'n dossier samenstellen is een hele klus. Je moet het goed kunnen brengen: dit zijn we, dit doen we. We werden toen erkend als muziekensemble, wat uniek was voor een popgroep - allez, ik haat dat woord - maar in principe is er niet echt veel verschil met een kamerorkest. We hebben er wel voor moeten werken, want je moet ineens een structuur hebben die wettelijk klopt, je moet een CAO voor artiesten naleven, alles moet betaald worden, er zijn allerlei regels... Niet dat we die allemaal volgen, maar je moet de zaken in elk geval een stuk serieuzer aanpakken."

Wat is de grootste beperking die u in die tien jaar als songschrijver hebt ervaren?

"Taal. Met Carmen ben ik nog maar net in het Nederlands beginnen te schrijven, en het valt me op dat ik daarvoor nooit een woordenboek moet gebruiken. Poëzie schrijven in een taal die niet je eigen is, is zeker niet vanzelfsprekend. Ik ben niet ontevreden over mijn Engelstalige teksten, al zijn er altijd wel een paar die beter hadden gekund.

"Ik wil het gewoon ook eens proberen in het Nederlands. Ik ben nu de muziek aan het maken voor die film van Hilde Van Mieghem. Er zat al een hele week een song in mijn hoofd te draaien die het verhaal op een heel poëtische manier samenvat. Om zes uur deze morgen ben ik opgestaan met de bedoeling die af te werken voor mijn zoontje wakker werd. Dus: heel stilletjes op piano, en om zeven uur was ik klaar. Zalig hoe supersnel dat ging. In het Engels is het van: ik wil dit zeggen, maar hoe doe ik dat? Ook Frans gaat me veel beter af, omdat ik dat thuis spreek. Ik heb onlangs al een liedje in het Frans geschreven."

Hoe is het na tien jaar gesteld met de chemie binnen Zita Swoon? Loert het gevaar van de rationalisering niet?

"We zijn vrienden, maar in zekere zin zijn we ook getrouwd. Soms zijn we een stel oude wijven die tegen elkaar zitten te kletsen. (lacht) Nadat we twee jaar geleden die akoestische sessie hadden gedaan in de Jet Studio in Brussel, is de groep weer wakker geworden. We hadden op die manier al wel gespeeld in de keuken - mijn favoriete repetitieomgeving trouwens, zo met een koffie en een koek samen zoeken - maar nog nooit voor een publiek. Het maakte dat we een soort muzikaliteit terugvonden, een vrijheid ook in de muziek. Even was er een periode dat er wat routine dreigde. Dat is normaal: in tien jaar tijd heb ik, met dEUS en al erbij, zo'n 1.200 concerten gespeeld. Nu, wij proberen het altijd wel zo te brengen dat het publiek dat niet merkt. De mensen hebben recht op een mooie avond."

Laten alle liedjes zich makkelijk herarrangeren?

"De meeste wel, ja. Hoe we eraan beginnen? Gewoon zo: one, two three. Ideeën werken we meestal ter plekke uit, doordacht is het allemaal niet. Soms komen we ook bij verwijzingen uit. Voor 'Hot Hotter Hottest' had Tom er een gitaarriff in gegooid die Bjorn ontdubbeld heeft, en dat kan zo op een Robert Palmer-plaat. Soms denk je dus wel: hadden ze dat maar bedacht toen we aan het opnemen waren! Een song moet soms zakken, hé."

Muziek schrijven doet u samen, maar de teksten neemt u alleen voor uw rekening. Wat zeggen die over de mens Stef Kamil Carlens?

"Moeilijke vraag. (denkt na) De laatste tijd schrijf ik minder over mijzelf. Veeleer gaat het nu om dingen die ik nog moest zeggen tegen enkele mensen, en die ik in nummers giet. (grijnst) Dat Frans nummer gaat wel over mij. Het is een soort kritische analyse, maar tegelijk ook een berustende, zo van: don't worry too much."

U speelt op deze feestelijke driedaagse een set die de tien jaar bestrijkt, aangevuld met verrassende covers. Merkt u een algemene gedachte, een evolutie op in uw liedjes?

"Neen, want daar sta ik niet bij stil. Die vraag zou je eigenlijk moeten stellen aan een iets oudere man, die het wel van op een afstand kan bekijken. Ik zit er nog middenin. In die zin is tien jaar niet zo veel. (denkt na) Ik ben gelukkiger dan tien jaar geleden. Hoop ik." (lachje)

Zita Swoon en gasten spelen vanavond en morgenavond (uitverkocht) om 20.30 uur nog het tweede en derde verjaardagsconcert in de Roma, Turnhoutsebaan 286 in Borgerhout. Info: 03/235.04.90 of www.rataplanvzw.be.

'Het grave aan deze groep is dat het nooit níét marcheert'Carlens over de nieuwe percussionist Kobe Proesmans: 'Soms word je gewoon verliefd op een muzikant.'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234