Zondag 25/10/2020

Afrikamuseum Tervuren helpt bij oplossen van grensconflict

In het Afrikamuseum van Tervuren werden de voorbije twee dagen koloniale kaarten opgediept om duidelijkheid te scheppen in een grensgeschil tussen Congo en Angola.

door maarten rabaey

Tervuren l Experts van beide landen en hun vroegere koloniale heersers België en Portugal bogen zich over een fractie van de 2.511 kilometer lange grens.

Aan de juiste sfeer ontbrak het de voorbije twee dagen niet in het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (KMMA) van Tervuren. Zelfs de conferentiezaal werd voor de gelegenheid opgedeeld volgens de oude koloniale scheidslijnen. Aan de ene kant zaten de Congolese en Belgische delegatie achter hun vlaggen; aan de overzijde vatten de Angolezen en hun vroegere koloniale heerser Portugal post. Tussen de tafels in prijkte een oude Portugese grenspaal, een padrão. Het stenen kruis werd al in de vijftiende eeuw door de ontdekkingsreizigers neergepoot in Angola.

Inzet van de gesprekken was een betwiste grensafbakening tussen de Democratische Republiek Congo en de Republiek Angola tussen het Congolese gebied Kahemba en de Angolese provincie Lunda Norte. Eerder dit jaar ontstond in Congo ophef toen enkele parlementariërs uit de streek het feit aanklaagden dat "elf Congolese dorpen Angolees grondgebied waren geworden". Omdat ook de militaire trom werd geroerd, besloot België alle betrokken partijen samen te brengen in Tervuren, waar ze de koloniale kaarten konden inkijken die de huidige staatsgrenzen vastleggen.

Dat heeft zijn vruchten afgeworpen, zegt conferentievoorzitter en KMMA-directeur Guido Gryseels. "De Angolese en Congolese delegaties herbevestigden dat de twee landen een gemeenschappelijke grens hebben van 2.511 kilometer en dat enkel in een recent verleden vragen werden gesteld over de bewegingen van bevolkingen over het grensgebied van Kahemba en Lunda Norte. De twee regeringen hebben besloten dat de grenzen uit de koloniale tijd tot vandaag geen wijzigingen ondergingen."

De oudste kaart waar ze naar teruggrepen uit het 20.000 kaarten tellende archief van het KMMA dateert volgens Gryseels uit 1885, toen Congo door de Conferentie van Berlijn werd toegewezen aan Belgische koning Leopold II, de recentste uit 1959 - net voor de onafhankelijkheid van België.

Toch is met het herbevestigen van de grens de kous nog niet af. Volgens de Congolese viceminister van Binnenlandse Zaken Mpango Okundo Joseph Dovel blijven er ook nu nog "misverstanden" bestaan over de ligging van drie dorpen. Volgens Mpango is het te vroeg om de gevolgen in te schatten voor de lokale bevolking, een tweeduizendtal mensen die niet weten of ze in Congo dan wel in Angola wonen. Toch maakt hij zich sterk dat er binnenkort een vergelijk zal worden gevonden nu iedereen over dezelfde informatie beschikt, een cd-rom met de correcte kaarten.

De Angolese regeringswoordvoerder sluit zich daarbij aan. Belgische diplomaten benadrukken dat Brussel en Lissabon niet bemiddelen in het dossier, "dat exclusief valt onder de bevoegdheid van twee onafhankelijke en soevereine staten".

Ook de wetenschappers hoeden zich om een oordeel uit te spreken. "Op de oude koloniale kaarten staan de dorpen nog op Congolees grondgebied, maar of dat vandaag zo is, is van hieruit moeilijk uit te maken", zegt Johan Lavreau, die als hoofd geologie van het Afrika Instituut bij de gesprekken betrokken was. "We weten dat dorpen er van plaats veranderen als hun chef verhuist, of als ze verderop betere grond of water vinden. De grens ligt officieel op de zevende breedtegraad maar de methode om die aan te duiden in de jaren twintig was nog iets minder precies dan vandaag. Het kan een paar honderd meter schelen. Welk dorp waar komt te liggen, zal dus een politieke beslissing moeten zijn."

De politici moeten in de coulissen ook rekening houden met de onderhuidse inzet van het grensconflict, de diamant, die er uit de lokale rivierbeddingen wordt gewonnen. "Een grens wordt pas belangrijk als de economische activiteit van een streek aan belang wint," zegt Gryseels. "De lokale bevolking steekt er al eeuwenlang de grens over maar pas na de vondst van de diamant ontstonden twisten." Hij koppelt daar ook een waarschuwing aan vast. "Persoonlijk denk ik dat in de provincie Bas-Congo momenteel een risico bestaat op een veel groter grensconflict. Onder de monding van de Congorivier, ook op de grens met Angola, liggen enorme oliereserves."

Het KMMA merkt de afgelopen jaren een verhoogde interesse voor zijn archief, die niet toevallig samenvalt met de nieuwe scramble naar bodemrijkdommen. "We worden voortdurend geraadpleegd over de geologie van Congo. Vroeger kregen we één verzoek per maand, nu meerdere per dag", zegt Gryseels. "Er is een enorme belangstelling voor onze bodemkaarten, -monsters en -concessies vanwege multinationals uit Zuid-Afrika, maar ook vanuit China."

Volgens Gryseels bewijst het KMMA met de voorbije conferentie dat het een rol kan spelen in het vermijden van conflicten over grondstoffen. "Het samenbrengen van onze archieven en historische kennis, onze interdisciplinaire wetenschappelijke aanpak met onder meer cartografen en geologen, kan helpen om hedendaagse conflicten op te lossen. Minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht (Open Vld) sloot zich daarbij aan. "België blijft bereid zijn documenten en expertise ter beschikking te stellen", kondigde hij aan.

Directeur Guido Gryseels:

Enorme belangstelling voor onze bodemkaarten, ook vanuit China

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234