Woensdag 26/01/2022

ReportageAfghanistan

Afghaanse gezondheidszorg staat op instorten: ‘Zonder hulp moeten alle ziekenhuizen dicht’

Het was nog nooit zo rustig in het Afghan-Japan Covid Hospital in Kaboel. Er is geen geld, geen materiaal en dus blijven de patiënten weg. Beeld Majid Saeedi
Het was nog nooit zo rustig in het Afghan-Japan Covid Hospital in Kaboel. Er is geen geld, geen materiaal en dus blijven de patiënten weg.Beeld Majid Saeedi

In de covidkliniek in Kaboel is het stil. Niet omdat er geen covid is. Wel omdat er geen geld meer is. Sinds de machtsovername van de taliban staat de gezondheidszorg in Afghanistan op instorten.

Rob Vreeken

In het Afghan-Japan Hospital voor besmettelijke ziekten in Kaboel heerst een serene rust. Geen volle wachtkamers. Geen gehaast rennende verpleegkundigen in de gangen. Geen uitpuilende ziekenzalen.

Als enige patiënt op de ic-afdeling voor mannen ligt de 85-jarige Ghulam Ali opgerold onder een rood wollen deken. Alleen zijn grijze baard steekt eronder uit. Hij slaapt. Op zijn neus een kapje voor de beademing, zijn hoofd rust op een smoezelig wit kussen. De met corona besmette Ali is van ver weg gekomen, de noordelijke provincie Badakhshan. Twee dagen geleden door familie gebracht met een busje, want een ambulance rijdt geen 500 kilometer ver.

Waarom is het zo rustig in het covidziekenhuis? Aan het virus kan het niet liggen, dat grijpt ook in Afghanistan om zich heen. De oorzaak is niet medisch. De Afghaanse gezondheidszorg staat op instorten sinds de machtsovername door de taliban, half augustus, en in dit ziekenhuis is dat aan alles te merken.

Geldkraan dichtgedraaid

De publieke zorg in Afghanistan was de afgelopen twintig jaar bijna volledig afhankelijk van buitenlandse fondsen, beheerd door de Wereldbank. Die geldkraan werd na 15 augustus dichtgedraaid. Sindsdien hebben de openbare ziekenhuizen en klinieken in Afghanistan – grotendeels gerund door lokale en internationale ngo’s – geen cent meer.

“Dus kunnen we artsen en ander personeel geen salaris betalen”, zegt directeur Mohammed Naseem van HealthNet, de Nederlandse ngo die in bijna alle Afghaanse provincies gezondheidszorg levert. Ook het covidziekenhuis in Kaboel wordt door HealthNet beheerd.

En dat terwijl er door bureaucratisch gedoe al een achterstand was in de salarisuitbetaling. Sinds juni kreeg niemand in de Afghaanse publieke zorg geld op zijn bankrekening. “De Wereldbank en westerse regeringen zeggen te wachten op ‘gunstige omstandigheden’ voor het hervatten van de hulp”, zegt Naseem. “Wat zijn dat? De mensen lijden. Vóór 15 augustus was een patiënt dezelfde als na 15 augustus. Toch krijgt die geen zorg meer. Maar zorg mag niet afhangen van politieke overwegingen.”

In allerijl zijn in New York wat noodverbanden gelegd. De Wereldbank gaat zich vrijdag beraden. Enkele VN-organisaties hebben zich voor de maanden oktober tot en met januari uit eigen zak garant gesteld. Maar daarna? Artsen en ngo-bestuurders in Afghanistan zijn erg ongerust. Een humanitaire ramp dreigt. “Als de wereld niet bijspringt, zullen alle drieduizend publieke gezondheidscentra in Afghanistan moeten sluiten”, zegt Naseem. “Dan is de catastrofe niet te overzien.”

Een voorproefje daarvan is te zien tijdens een rondgang door het Afghan-Japan Hospital. Arts-manager Freba Azizi wijst dingen aan die er niet zijn. “Kijk, daarboven, de buizen van het zuurstofsysteem”, zegt ze. “Maar zuurstof zit er niet in. Brandstof voor de generator kunnen we niet langer betalen.” Zuurstof krijgen de patiënten uit flessen, gekocht door hun familie en met donaties van het personeel. Voor de maaltijden geldt veelal hetzelfde.

“Daar, de airconditioning”, zegt Azizi. “Doet het niet. Verwarming? Doet het niet, en de winter komt eraan.” Gelaten trekt ze lade na lade open in de medicijnkast. “Leeg. Leeg. Leeg. Het zou vol moeten liggen, maar we kunnen geen geneesmiddelen meer kopen.”

Dat komt ook door wat alle hulpverleners die de Volkskrant in Afghanistan spreekt ‘de acuutste crisis’ noemen: het gebrek aan cashgeld. Het buitenland heeft het land afgesloten van het internationale bankverkeer en de talibanregering heeft de bevolking daarom financieel op rantsoen gezet. Mochten de ngo’s al reserves hebben voor salarissen, dan kunnen ze daar maar beperkt bij. En de groothandel kan amper medicijnen invoeren, nu het geld niet kan worden overgemaakt.

Uit de grond gestampt

Gek genoeg is het Afghaanse gezondheidssysteem eigenlijk goed doordacht. Na de Amerikaanse invasie, volgend op 9/11, besloten de buitenlandse donoren vanaf nul een zorgstelsel uit de grond te stampen. In overleg met de Afghaanse regering werd tot in detail vastgelegd wat, waar, hoe en hoeveel aan gezondheidszorg kan worden besteed. Per Afghaan was – en is – per jaar 5 euro (!) beschikbaar.

Het geld kwam van de Wereldbank, de VS en de Europese Unie. De Wereldbank beheerde de gezamenlijke pot, in overleg met de regering in Kaboel. Het werk werd, na openbare uitbesteding, uitgevoerd door hulporganisaties, Afghaans zowel als internationaal.

Dat was de situatie tot aan 15 augustus dit jaar, de dag van de val van Kaboel. Ook sindsdien vervullen de ngo’s een cruciale rol, mogelijk nog meer dan voorheen. Ten eerste omdat zij met kunst- en vliegwerk de zorg proberen op peil te houden. HealthNet, bijvoorbeeld, neemt de lopende kosten van het covidziekenhuis voor zijn rekening. De gevreesde sluiting per 22 november, toen het contract afliep, kon daardoor worden voorkomen.

Bovendien hebben veel organisaties projecten naast het officiële zorgsysteem, met eigen geld. In het plattelandsdistrict Maywand bijvoorbeeld, in de provincie Kandahar, bestaat sinds juni een traumakliniek, betaald door Stichting Vluchteling en gerund door de Italiaanse ngo Intersos.

Aanvankelijk kwamen in de eerstehulppost vooral slachtoffers van de burgeroorlog. Dat stopte na 15 augustus, maar sinds een maand heeft het medisch team, zoals overal geheel bestaand uit Afghanen, zijn handen vol aan de gevolgen van aanslagen door Islamitische Staat.

Geen elektriciteit

Maywand is een eenvoudig oord dat door de moderniteit maar stiefmoederlijk is bedeeld. Voor de kliniek geldt dat ook. Traumachirurg Akhtar Mohammad somt de gebreken op. De generator heeft niet genoeg brandstof voor het röntgenapparaat. De zonnepanelen werken alleen overdag, opslag van stroom is er niet. Speciaal operatielicht zonder schaduw: vergeet het. “Het dorp heeft geen elektriciteit. ’s Nachts opereren we bij het licht van onze telefoons”, zegt Mohammad.

Dat de arts en de verpleegkundigen tijdens hun vijfdaagse dienst matje aan matje overnachten in een piepkleine kamer met kapotte ramen, nemen ze dan maar op de koop toe. Ze krijgen tenminste salaris. Dat gaat al vijf maanden niet op voor de werknemers van het naastgelegen districtsziekenhuis, ook al blijven ze gewoon aan het werk.

Zo stapelt de Afghaanse gezondheidszorg de ene crisis op de andere. Ook het instorten van de economie heeft immers desastreuze gevolgen. De buitenlandse donoren betaalden tot 15 augustus niet alleen de zorg, ook het leger, de politie, het overheidsapparaat en infrastructurele projecten kwamen op hun conto. Bijna alle Afghaanse ambtenaren zijn sindsdien hun werk en hun inkomen kwijt.

Dat geldgebrek sijpelt door de hele samenleving en treft ook de talloze particuliere klinieken en ziekenhuizen. Dat is – of was – een bloeiende branche, zeker in de steden. Ruim 80 procent van de gezondheidsuitgaven gaat (ging) om in de privésector. Menig Afghaan betaalt liever voor goede zorg in een schone omgeving dan gratis te worden behandeld in een pover publiek hospitaal. Voor velen is dat nu echter te duur.

Privéziekenhuis

Ook in het Afghan-Swiss Hospital, een privéziekenhuis in Kaboel, heerst een serene rust. Terwijl voorheen zelfs de hal boven vol stond met bedden, zijn de gangen nu verlaten. Bij een rondleiding door de – glimmend schone – afdelingen is slechts één patiënt te bespeuren, een jongetje op de eerstehulppost met een gespalkte hand. Kleurige posters aan de muren met Goofy, Popeye en Minnie Mouse houden de moed erin.

“We hadden vaak wel tien operaties in een dag”, zegt medisch directeur Mohammed Muslim Akiri. “Nu hooguit één. Vorige week had ik zelf mijn laatste operatie, een ingewikkelde darmingreep. Normaal kost dat ruim 1.800 euro, nu deden we het voor zo’n 270.” Kort daarvoor was er een vrouw van 65 met levensgevaarlijke diabetes. Na de operatie had ze eigenlijk een week moeten blijven, maar ze bleef één nacht. Meer kon ze niet betalen.

En zo raakt de bodem van de spaarpot van het ziekenhuis, dat van Wereldbank noch ngo’s steun krijgt, snel in zicht. De onkosten zijn groter dan de inkomsten. Personeel is nog niet ontslagen, maar dat moment komt. Akiri wijst uit het raam. Hier in de wijk Taimani werden de laatste jaren vier particuliere ziekenhuizen geopend, het totaal stond op zeven. Sinds augustus zijn er al twee gesloten, links en rechts aan de overkant van de weg.

“Als het zo doorgaat,” zegt hij, “zal de hele privésector moeten sluiten. Dan heeft Afghanistan geen gezondheidszorg meer.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234