Woensdag 01/12/2021

Afghaanse agenten ook 's nachts in levensgevaar

Afghaanse politieagenten vertrouwen elkaar voor geen haar, en vaak terecht. In de afgelopen 10 dagen werden 17 politieagenten uitgemoord tijdens hun slaap - verraden door hun collega's.

Donderdag in de vroege ochtend ontgrendelde een Afghaanse politieagent de deur van de politiepost in de provincie Uruzgan waar hij gelegerd was. Hij liet talibanrebellen binnen, die samen met hem zijn slapende collega's met messen en pistolen aanvielen. Vier agenten kwamen om, acht anderen raakten gewond.

Vorige zondag schoot een lokale politiecommandant in de afgelegen noordelijke provincie Jawzjan vijf van zijn ondergeschikten in hun bedden dood, en liep daarna over naar de taliban. En op 18 december drogeerde een tiener die door een politiecommandant in Zuid-Kandahar als seksueel speeltje werd gevangengehouden de commandant en de andere tien politieagenten in een grenspost. Toen ze bewusteloos waren, schoot hij ze een voor een neer - acht van hen overleefden het niet.

Gedrogeerd

Afghaanse veiligheidstroepen keerden zich het afgelopen jaar almaar vaker tegen hun westerse bondgenoten in zogenaamde 'insider killings', maar Afghanen betaalden veruit de grootste tol. Volgens The New York Times werden dit jaar 86 Afghaanse agenten gedood, tegenover 62 Amerikanen en andere NAVO-bondgenoten. In tegenstelling tot de meeste insideraanvallen op buitenlandse militairen, zijn de meeste moordpartijen tussen Afghanen onderling duidelijk het gevolg van geïnfiltreerde talibanstrijders, ofwel militairen die naar de vijand overliepen.

Meestal gaat het om politie-eenheden, en doorgaans volgen ze hetzelfde patroon: de taliban infiltreren, of halen iemand over die al als politieagent werkt, die dan zijn collega's in hun slaap vermoordt. Vaak zijn de slachtoffers eerst gedrogeerd of vergiftigd tijdens het avondmaal.

"Ik draag mijn kok op geen politieagenten in de keuken toe te laten", zegt Taaj Mohammad, commandant van een grenspolitiepost vlakbij die in Kandahar waar acht agenten gedood werden. "Dit soort incidenten wakkert het wantrouwen tussen mijn manschappen aan, en dat is heel slecht. We vertrouwen nu niemand meer, zelfs niet diegenen die hier al jaren werken."

Het jongste bloedbad vond plaats in Tarin Kot, de hoofdstad van de provincie Uruzgan in Zuid-Afghanistan, om een uur of drie 's nachts. Volgens de lokale politiewoordvoerder wachtte de agent Hayat Khan tot de collega's in zijn checkpoint een na een in slaap vielen. Daarna belde hij met zijn gsm naar een paar lokale talibanstrijders en liet hen binnen. De aanvallers staken eerst de agent neer die van wacht was, maar die sloeg nog net op tijd alarm om een paar van de andere agenten te wekken. In het daaropvolgende vuurgevecht kwamen vier agenten om. Acht raakten gewond, terwijl de taliban erin slaagden te ontkomen.

Jongensharems

In sommige bloedbaden hebben de daders persoonlijke redenen om hun lot in handen van de taliban te leggen. Dat lijkt het geval te zijn bij het bloedbad in Spinbaldak, de belangrijkste grensovergang tussen Kandahar en Pakistan op 18 december. De leeftijd van de dader, Noor Agha, is niet exact gekend, maar bronnen bij de lokale politie beschrijven hem als "nog zonder baardgroei". Agha is jarenlang gedwongen de metgezel geweest van de commandant van de grenspost, Agha Amire. Andere politiecommandanten die het tweetal kenden, zeiden dat er duidelijke een "ongehoorde relatie" tussen de twee bestond.

Hoewel ze het niet expliciet zo noemen, suggereren ze daarmee dat Amire Agha gebruikte voor de lokale praktijk 'bacha baazi', waarbij machtige Afghaanse krijgsheren jonge jongens gevangen houden om ze te gebruiken als persoonlijke bedienden, dansers en seksslaven. Deze praktijk is verboden door de Taliban, maar nooit helemaal verdwenen. Er zijn zelfs provinciegouverneurs die er tot op de dag van vandaag openlijk bacha baazi-harems op nahouden. Dat werd gesignaleerd in het jongste mensenrechtenjaarverslag van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, maar volgens het rapport zijn accurate cijfers "moeilijk te verkrijgen, omdat het gebruik een bron van schande is".

Op de bewuste avond bood Noor Agha de agenten van de checkpoint aan om een speciale maaltijd voor hen klaar te maken. Hij nodigde ook twee vrienden uit. Agha en zijn kompanen deden drugs in het eten en schoten daarna iedereen neer. De drie jongens vluchtten vervolgens over de grens om de taliban in Pakistan te vervoegen.

Door de golf van aanslagen kijken Afghaanse politieagenten tegenwoordig goed uit als ze te eten krijgen. Ze slapen ook onrustig. "We letten er goed op dat niemand een kans krijgt ons te vergiftigen", zei Sharif Agha (26), een politiesergeant die het bevel voert over een kleine buitenpost in Khost, in Oost-Afghanistan. De tien agenten onder zijn bevel wisselen elkaar af om bij het koken te helpen, en zorgen er op die manier voor dat er altijd ten minste twee mensen in de keuken aanwezig zijn. 's Nachts wordt een derde wachter aangesteld. "Ik weet niet hoe het met de rest van de jongens zit", zegt Agha, "maar ik heb al een paar maanden echt niet goed geslapen."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234