Vrijdag 10/07/2020

Reportage

Afgaande op Nederland hoeven we geen stormloop te verwachten: ‘Winkels open, maar veel volk komt er niet, hoor’

In de Bredase winkelstraten lopen wel wat shoppers, maar dat zijn er toch een pak minder dan normaal, vertellen de handelaars. "Onze omzet ligt 30 à 50 procent lager."

Handelaars in ons land prevelen het ene gebedje na het andere, in de hoop dat ze op 11 mei mogen openen. Moeten we dan vrezen voor een stormloop? In Nederland, waar de winkels nooit dicht zijn geweest, blijkt shoppen in coronatijden alvast niet de topprioriteit van de doorsnee Nederlander. ‘Gezellig is dit niet. We kopen wat we nodig hebben en rennen zo snel mogelijk naar huis.’

“Proficiat, jullie zijn aan het winnen met de curve! Jullie, Belgen, hebben de hoogste!” Martijn Gulden (49) lacht hartelijk. Aan de deur van Bonk, de skateshop die hij uitbaat, hangt een briefje dat er maximaal zes personen tegelijk binnen mogen. “Op een oppervlakte van honderd vierkante meter, dus dat is nog ruim gerekend. Aan de kassa heb ik een fles handzeep staan. Veertien euro in de Spar. Fucking duur, man.” Martijn staat buiten te kletsen met enkele skaters die op minder dan anderhalve meter van elkaar hun truukjes tonen. Wie huiswaarts keert, geeft hij bij wijze van afscheid een elleboogje.

Het humeur zit goed in de winkelstraten van Breda. Ja, het coronavirus houdt ook de Nederlanders bezig - er stierven al 4.518 mensen - maar nee, het heeft hen niet in de ban. Het leven gaat er gewoon verder. Terwijl twintig kilometer verderop de Antwerpse Meir akelig leeg is, loopt er in de Bredase Veemarktstraat aardig wat volk. Geen overrompeling - het is dan ook maandag en bovendien Koningsdag - maar het contrast met ons land blijft groot. Logisch, want bij ons mag er al weken geen winkel open. In Nederland hebben de winkels nooit moeten sluiten.

Velen deden het wel vrijwillig, al was het maar voor even. Bij grote ketens als H&M en Footlocker zijn de rolluiken nog steeds naar beneden. Kleine zelfstandigen zijn intussen wel weer allemaal open. “Ik ben zelfs geen enkele dag gesloten geweest”, vertelt Martijn. “Ik heb aan mijn jongens, mijn verkopers, gevraagd of ze het zagen zitten om te werken en niemand heeft geweigerd. Ik begrijp wel dat dat niet voor iedereen even evident is. Mocht ik bij H&M een bescheiden loontje krijgen van een baas die ik zelfs niet ken, zou ik misschien ook eens kuchen en thuisblijven. Maar ik wil overleven. Ik heb deze winkel al 25 jaar en zou dat graag nog even zo houden.”

Handelaars houden vol, maar klanten minder. “Vroeger kreeg ik op een dag veertig mensen over de vloer. Nu zijn er dat nog vijftien. Pas op: die kopen wel alle vijftien iets. Maar mijn omzet ligt nog altijd dertig tot vijftig procent lager dan anders. Dat is niet fijn, maar alles is beter dan nul omzet.”

Amper mondmaskers

Bij een schoenenwinkel tweehonderd meter verder precies hetzelfde geluid. “We verkopen half zoveel als anders”, vertelt een verkoopster. “Het is al enkele weken veel rustiger, al durven er de voorbije dagen toch alsmaar meer mensen naar buiten komen. De rijen voor sommige winkels worden steeds langer.” Wie hier een schoen wil passen, moet bij de ingang eerst zijn handen ontsmetten en is daarna vooral op zichzelf aangewezen. De verkoopsters willen nog wel een schoen aanreiken, maar uw veters strikken of voelen of uw tenen nog genoeg speling hebben: dat doen ze niet. En als u een schoen helemaal beduimelt of onderniest, belandt die in de kelder om nadien gereinigd te worden. “Leuk is het niet, maar eigenlijk went het wel. Het is zelfs relaxter werken. Op een normale dag moet ik de hele tijd de trap op en af, nu kan ik mijn voeten sparen. (lacht)”

Aan de ingang van een sportwinkel staat Mike er werkloos bij, met ontsmettingsmiddel en een mandje met 50 schoenlepels. Iedereen die de winkel in wil, moet er één meenemen, maar zijn mandje ligt nog bomvol.

Mondmaskers dragen de verkoopsters hier niet. In geen enkele winkel. Op straat hoeven we zelfs niet te turven. Op een hele middag shoppen zien we amper drie man met een mondmasker. “Volgens premier Rutte is dat niet nodig. En daarbij: we hebben er geen”, lacht Marga. Ze komt uit shoppingcentrum De Barones gewandeld, met in elke hand een zak kleren. “De overheid vraagt ons om zoveel mogelijk thuis te blijven, maar ik ben 35 kilo afgevallen. Dan kan ik toch moeilijk dezelfde kleren blijven dragen? Normaal gezien ga ik elke zaterdag shoppen en krijgen ze me de winkel niet uit. Maar nu koop ik wat ik nodig heb en ren ik zo snel mogelijk naar huis. Het is hier helemaal niet gezellig, je moet opletten waar je loopt, je kan niet lekker een glaasje drinken... Nee, op deze manier vind ik shoppen maar niks.”

Marga lijkt niet de enige te zijn die er zo over denkt. In de winkelstraten is er best wat passage, maar aan de kassa’s blijft het relatief rustig. Nergens kan je geen anderhalve meter afstand bewaren. Aan de ingang van sportwinkel Perry staat Mike Vogelpoel (18) er werkloos bij. Met een ontsmettingsgoedje boent hij de leuning van de roltrap en enkele schoenlepels. Iedereen die de winkel binnen wil, moet verplicht zo'n schoenlepel meenemen. Er zijn vijftig schoenlepels, precies zo veel als er klanten in de winkel mogen. Mikes mandje ligt nog bomvol.

Vriendinnen Bo en Gigi (beiden 16) vinden het prima dat er nu wat minder volk is in de winkelstraten. “Eindelijk kunnen we lekker rustig shoppen”, zegt Gigi. Ze kocht net een jasje en een trui. Bo gaat met een nieuwe broek naar huis. “Om ervoor te zorgen dat niemand te dicht bij elkaar komt, waren er minder pashokjes beschikbaar. Maar doordat er zo weinig mensen waren, konden we toch meteen alles passen.”

Vriendinnen Bo en Gigi (beiden 16) klagen niet: "We kunnen lekker rustig shoppen en snel alles passen."

Nederlandse cafés en restaurants moeten in tegenstelling tot winkels wel dichtblijven, maar omdat potentiële klanten er blijven voorbijwandelen, doen ze beduidend meer moeite dan in België om een afhaalservice te voorzien. Zo kan je aan het raam van een café op de Grote Markt plots terecht voor naar verluidt de beste nacho’s van heel Nederland. ‘In kannen & kruiken’ brengt dan weer koffie, thee, kaastaart én schilderijtjes aan de man. “Die hebben we teruggevonden in de kelder. Dus wie nu iets bestelt om te eten of drinken, kan meteen ook een schilderij kopen voor een zelfgekozen bedrag”, zegt Rinske Spijkerman (27). Haar koffiebar is vandaag voor de eerste keer sedert het begin van de coronacrisis weer open. “Onze financiële verliezen kunnen we er niet mee goedmaken, dat willen we zelfs niet proberen. Deze take-away is vooral een actie om aan onze klanten te zeggen: ‘Kijk, we zijn er nog, we leven nog!’ Gelukkig zijn veel vaste klanten vandaag al langsgekomen voor een stukje taart.”

Biertje voor de klanten

In skatewinkel Bonk duwt Martijn intussen een koud flesje bier in onze handen. “Geen paniek, het is Jupiler. Geen Heineken.” Ook zijn klanten krijgen er eentje. “Ik ben misschien geen goede ondernemer, maar ik doe alles met heel mijn hart. Een webshop heb ik niet, dus heb ik de voorbije weken af en toe een kledingstuk op Instagram gezet, zodat mensen kunnen reageren als ze iets willen kopen. Dan breng ik het op mijn fiets tot bij hen thuis. Jongens, ik heb daar veel reactie op gekregen! Ze kunnen al die spullen op het internet kopen, maar toch sturen ze een bericht naar mij of komen ze speciaal naar de winkel, omdat ze mij willen steunen. Die loyaliteit, die ‘support’ is crazy. Dat voelt zo goed. Echt.” Martijn steekt zijn arm naar ons uit. Ieder haartje erop staat recht.

-

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234