Maandag 24/01/2022

Advocaat D'Orazio beschuldigt Nijvelse procureur

'Hij wilde bewust niet dat de moorden van de Bende van Nijvel werden opgehelderd'

Nijvel.

Van onze medewerker

Het proces tegen Roberto D'Orazio en twaalf andere vakbondsleiders van het failliete Forges de Clabecq blijft gedomineerd door incidenten en bitse woordenwisselingen. Na de luidruchtige betoging bij het begin van de zaak en de verwijten van partijdigheid aan het adres van de rechter, was nu de Nijvelse procureur des konings Deprêtre kop van Jut. Die zou volgens D'Orazio's advocaat hoogstpersoonlijk het onderzoek naar de Bende van Nijvel onder het zand begraven hebben.

Aanleiding voor dit zoveelste incident was een vrij banale ondervraging van Roberto D'Orazio door Joseph della Faille de Leverghem, voorzitter van de Nijvelse correctionele rechtbank. Onderwerp daarvan waren de vermeende klappen die D'Orazio op 19 juni 1997 verkocht aan een automobilist en een advocaat die tussenbeide kwam in de vechtpartij. Plots opende een ziedende Michel Graindorge, D'Orazio's raadsman, het vuur op procureur des konings Deprêtre. "Hiermee toont hij zijn ware gelaat. De normale procedure is dat bij een vechtpartij tot een confrontatie tussen de betrokken partijen wordt overgegaan én dat een onderzoeksrechter wordt aangesteld. De procureur wilde er geen onderzoeksrechter bij, hij wilde dus zijn werk niet doen zoals het hoort. Net zoals hij bewust niet wilde dat de moorden van de Bende van Nijvel werden opgehelderd. Samen met mij zijn vele magistraten in het hele land daarvan overtuigd." Ook de rechter slaagde er niet in een kokende Graindorge te onderbreken. Dat de openbare aanklager, substituut Daniel Bernard, eiste dat de Nijvelse stafhouder van de Orde van Advocaten werd ontboden, maakte al evenmin indruk op D'Orazio's raadsman. Het was wachten tot Graindorge was uitgeraasd. "Uw verklaringen hebben niks te maken met dit proces", stelde de rechter na de tirade. "Maar ze zijn zo ernstig dat ik er akte van zal laten nemen en ze aan de stafhouder zal voorleggen." "Ga uw gang." De commentaar van Graindorge was laconiek.

Maar er werd gisteren desondanks ook over de grond van de zaak gepraat. D'Orazio beweert dat hij op 19 juni '97, het moment van de vermeende vechtpartij, op geen enkel ogenblik de fabriek verlaten heeft. "Vanaf negen uur 's ochtends was ik in vergadering met de arbeiders en de vakbondsafgevaardigden. Dat duurde tot vier, vijf uur 's avonds. Als dat moet, kan ik er getuigen bijhalen. Ik weet dat de feiten ernstig waren, het zou een bloederige afranseling geweest zijn. Maar ofwel is er sprake van een persoonsverwisseling ofwel van een complot tegen mij." Hoe komt het dat slachtoffers de bestelwagen van D'Orazio's herkend hebben, wilde de openbare aanklager weten. "Geen idee", luidde de repliek. Tijdens de volgende zitting, op 28 maart, komt de gewelddadige clash tussen de bulldozers van Clabecq en de voertuigen van de rijkswacht ter sprake. (JPS)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234