Maandag 21/10/2019

Adoptie

Adoptiekinderen die kat de bel aanbonden blijven met wrang gevoel zitten bij onderzoek naar fraude

Adinda Aelvoet ging in Sri Lanka op zoek naar haar biologische ouders. Beeld Tim Dirven

Na getuigenissen over fraude met adopties uit Ethiopië belooft minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) een onderzoek. Adinda Aelvoet en Priyani Libert blijven met een wrang gevoel achter. ‘Omdat het bijna verkiezingen zijn, schieten onze politici nu in gang. Toen wij anderhalf jaar geleden met ons adoptieverhaal naar buiten kwamen, gebeurde er niets.’

Zaterdag getuigde in Het Laatste Nieuws de 17-jarige Thereza De Wannemaeker uit Denderleeuw over haar frauduleuze adoptie uit Ethiopië in 2009. Volgens de officiële documenten was haar biologische moeder verdwenen en haar vader overleden. Later ontdekte Thereza dat van dat verhaal niets klopte. 

De voorbije dagen liepen bij de krant nog vijftien getuigenissen binnen over vermoedelijke adoptiefraude. Spin in het web is het adoptiebureau Ray of Hope (RoH), dat van 1997 tot 2017 samenwerkte met een volgens de getuigenissen volstrekt onbetrouwbare Ethiopische contactpersoon. 

Vlaams Parlementslid Lorin Parys (N-VA) wil nog voor de verkiezingen een extra zitting van het Vlaams Parlement over de mogelijk frauduleuze adopties. Hij pleit voor een “diepgaand en onafhankelijk onderzoek”. Ook Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen is voorstander van zo’n onderzoek naar adoptiepraktijken uit het verleden. 

Babyfarms in Sri Lanka

Die plotse daadkracht bezorgt Adinda Aelvoet en Priyani Libert, adoptiekinderen uit Sri Lanka die anderhalf jaar geleden in deze krant de kat de bel aanbonden, een wrang gevoel. “Nu het bijna verkiezingen zijn, schieten onze politici in gang. Maar toen wij begin vorig jaar met ons adoptieverhaal naar buiten kwamen, gebeurde er helemaal niets.”

Op 27 januari 2018 getuigden Aelvoet en Libert in de weekendbijlage ‘Zeno’ over hun eigen vermoedelijk frauduleus verlopen adoptie uit Sri Lanka in de jaren 80. Bij hun zoektocht naar hun biologische ouders kwamen ze een paar jaar geleden via Kind en Gezin en Steunpunt Adoptie bij RoH’s plaatselijke contactpersoon Sunil Wijewardena terecht. Tussen 1997 en 2011 regelde hij voor RoH alle 49 adopties uit Sri Lanka. 

In de jaren erna schakelde de adoptiedienst hem ook voor de ‘nazorg’ in. Adoptiekinderen die zoals Aelvoet en Libert naar hun biologische ouders op zoek waren, werden aan Wijewardena toevertrouwd. 

Op 27 september 2017 bracht deze krant aan het licht dat Wijewardena in de jaren 80 nauw betrokken was bij grootschalige adoptiefraude van de Nederlandse Stichting FLASH. Van de duizenden Sri Lankaanse baby’s die in de jaren 80 via dat adoptiebureau in Nederland werden geadopteerd, bleken bij 70 procent de papieren vervalst te zijn. Kinderen werden geroofd van hun ouders en voor grof geld doorverkocht. Op babyfarms werden zelfs adoptiekinderen ‘gekweekt’. Wijewardena stond toen in voor het vervoer van de adoptiekinderen van FLASH.

Geen aanleiding voor een onderzoek

Naar aanleiding van onze berichtgeving vroeg Lorin Parys op 10 oktober 2017 in de Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin meer uitleg aan Vandeurzen. De minister antwoordde dat er geen aanwijzing van fraude was en dus geen aanleiding voor een onderzoek.

Adinda Aelvoet: “Een van de argumenten van Jo Vandeurzen was dat volgens hem alles veranderd was. RoH ging in 1994 van start. Vandeurzen stelde dat op dat moment interlandelijke adoptie veel strikter geregeld was dan in de jaren 80. Dat RoH en Steunpunt Adoptie tot minstens 2017 met een figuur als Wijewardena samenwerkten, vond Vandeurzen geen probleem. 

“‘Er is geen bezwaar tegen dat een Vlaamse dienst samenwerkt met iemand die ook met een Nederlandse vergunde dienst samenwerkt’, stelde hij in de commissie Welzijn. Die ‘Nederlandse vergunde dienst’ was Stichting FLASH, die in de lente van 2017 op de Nederlandse tv ontmaskerd was als grootschalige zwendelaar in adopties. De adoptie van Thereza De Wannemaeker dateert van 2009. In werkelijkheid is er sinds de jaren 80 dus helemaal niets veranderd.”

Priyani Libert werd in de jaren 80 vanuit Sri Lanka geadopteerd. Beeld Tim Dirven

Priyani Libert werd in 1984 in Sri Lanka geadopteerd en wilde in 2015 op zoek gaan naar haar biologische ouders. “Ik vroeg hulp aan Kind en Gezin. Zij stuurden mijn dossier door naar Ray of Hope, want die adoptiedienst had een contactpersoon in Sri Lanka, gespecialiseerd in het traceren van biologische ouders: Sunil Wijewardena.

“In twee weken tijd vond hij mijn vermeende biologische ouders. Kind en Gezin nodigde me uit om Sunils onderzoek te bekijken. Dat bestond uit een paar foto’s waarop mijn zogenaamde biologische ouders samen met hem poseerden. Kopieën van identiteitsbewijzen of andere officiële documenten ontbraken. 

“Sunils rekening bedroeg 450 euro, of twee Sri Lankaanse maandlonen. Die betaalde ik via Kind en Gezin. Eerst beweerde Sunil dat mijn negen nieuwe broers en zussen van mijn bestaan op de hoogte waren. Later zei hij dat ze niet van mijn bestaan afwisten. Een DNA-onderzoek werd afgewimpeld. ‘Money’ was het enige waarin mijn zogenaamde biologische ouders geïnteresseerd leken. Eind 2016 verbrak ik alle contact.”

Adinda Aelvoet: “Ik vind het onbegrijpelijk dat Kind en Gezin én Steunpunt Adoptie minstens tot eind 2017 met Sunil Wijewardena van RoH zijn blijven samenwerken. Misschien werken ze nog steeds samen, want er is nooit een officiële stopzetting aangekondigd. 

“Na mijn bijzonder slechte ervaringen met Sunil in 2013 liet ik weten dat hij totaal ongeschikt was voor het organiseren en begeleiden van rootsreizen. Hij was enkel op geld uit en probeerde ons te manipuleren. De adoptiecoach van Steunpunt Adoptie zei dat ze er niet goed van was. Toch werd niet ingegrepen en bleven ze met hem in zee gaan. Minister Vandeurzen deelde in oktober 2017 mee dat RoH een integriteitsonderzoek naar Wijewardena zou laten uitvoeren. Is dat er ook écht geweest, wat zijn de resultaten en wordt nu nog een beroep op die man gedaan? Ik zou dat graag weten.”

Voorzitster met twee petjes

Een paar dagen na haar getuigenis in deze krant kreeg Aelvoet een mail van de directeur van Steunpunt Adoptie. “Zij bood me nazorggesprekken aan en schreef dat ze werkte aan de opstart van buddywerking voor geadopteerden. ‘Dit komt voor mij veel te laat’, antwoordde ik. Een onderzoek naar mijn eigen dossier kwam er niet: er werd van mij verwacht dat ik zelf eerst de bewijzen voor fraude leverde. Wat de wereld op zijn kop is, want ik wil net een onderzoek om te weten of er fraude gepleegd is.”

Libert werd door Kind en Gezin uitgenodigd voor een gesprek. “Daar zou ook Vlaams Parlementslid Katrien Schryvers (CD&V) bij aanwezig zijn. Zij is voorzitster van de raad van bestuur van RoH en is ondervoorzitster van de Vlaamse parlementaire Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. Ik vond het vreemd dat zij als RoH-voorzitster bij mijn gesprek met Kind en Gezin wou aanschuiven. Ik kreeg het onbehaaglijke gevoel dat ze me wilden paaien. Daarom liet ik dat gesprek aan mij voorbijgaan.”

Katrien Schryvers (CD&V) is ondervoorzitter van de commissie Welzijn én voorzitter van de raad van bestuur van de gecontesteerde adoptieorganisatie Ray of Hope. Beeld BELGA

“Omdat Schryvers ook voorzitster van RoH is, moest ze op die bewuste commissievergadering van 10 oktober 2017 haar voorzittershamer even doorgeven aan een collega van de N-VA”, weet Aelvoet. “De commissie die het adoptiebeleid uitstippelt, wordt dus mee geleid door iemand die voorzitter is van de raad van bestuur van een adoptiebureau. Dat is toch te gek voor woorden?”

“Kind en Gezin stelde voor mijn dossier te laten uitspitten door de Centrale Adoptieautoriteit in Sri Lanka, maar daar heb ik totaal geen vertrouwen in”, stelt Libert. “Want net daar liep het ooit fout met mijn adoptie: die Centrale Autoriteit was een van de spelers in de fraude. Ik moest mijn adoptiedossier dus laten onderzoeken door een dader. Daar heb ik vriendelijk voor bedankt.”

Niet iedereen telt mee

De problemen met adoptie in Sri Lanka, Congo en Ethiopië zijn volgens Aelvoet en Libert geen op zichzelf staande gevallen. “Net als in Nederland loopt er ook bij ons van ver in de jaren 70 een rode lijn van bedrog”, zegt Aelvoet. “De Nederlandse overheid neemt dat ernstig en heeft een commissie samengesteld die diepgaand onderzoek naar alle vormen van adoptiezwendel voert. Bij ons worden nu na Ethiopië vage beloften gemaakt. Al dat getreuzel is een gevolg van die innige verstrengeling met de politiek.”

“Na onze getuigenissen hoorden we veel gelijksoortige verhalen van kennissen die ook uit Sri Lanka geadopteerd zijn”, zegt Libert. “Maar zij zijn bang voor de impact van de media-aandacht. Na Ethiopië mogen we ervan uit gaan dat er aan nog meer interlandelijke adopties van RoH een reukje zit. Dat moet toch op zijn minst onderzocht worden? 

“Wij vroegen een onderzoek naar alle Sri Lanka-dossiers en kregen van de commissie Welzijn en van minister Vandeurzen nul op het rekest. Dat kwam keihard aan. Twee weken geleden had ik de eer om Michelle Obama te ontmoeten in Amsterdam. Als ik één ding van haar geleerd heb, is het dat iedereen meetelt. Als minister Vandeurzen wél de Ethiopische adoptiedossiers laat onderzoeken, maar de Sri Lankaanse links laat liggen, zal het voor ons zijn alsof niet iedereen hier meetelt.”

Alles staat op losse schroeven

“Toen anderhalf jaar geleden de adoptiefraude in Sri Lanka aan het licht kwam, zakte de grond onder mijn voeten weg”, zegt Aelvoet. “Als adoptiekind weet je weinig over je oorsprong. Als dan ernstig adoptiebedrog aan het licht komt, raak je helemaal gedestabiliseerd. Want plots staat álles op losse schroeven. Je identiteit wordt opnieuw een groot vraagteken. 

“Om mezelf te beschermen, probeerde ik dat verhaal af te sluiten. Maar zolang er geen groot onderzoek naar onze adoptiegeschiedenis komt, is dat moeilijk. Nu is er dat nieuws over Ethiopië, en over een paar maanden gaat het misschien over adoptiefraude uit een ander land. Telkens weer worden wij ermee geconfronteerd. Dat is zeer pijnlijk, en ik wil andere geadopteerden daarvoor behoeden. 

“Daarom is er meer dan ooit behoefte aan een waarheidscommissie over adoptie, zonder taboes. Zolang die er niet is, stopt het nooit.”

Ray of Hope: hobbyist wordt topspeler

Centraal in de klachtenregen over adoptiedossiers staat de organisatie Ray of Hope. Wie is ze, en hoe zag haar parcours eruit?

De vzw Ray of Hope werd in 1994 als Children’s Welfare Adoption in Berlare opgericht door Guy De Meester en zijn vrouw. Zij importeerden rotanmeubelen uit Azië en adopteerden zelf zes kinderen. De Meester zetelt nog steeds in de raad van bestuur van RoH.

Bij aanvang schreef de inspectie negatieve rapporten, omdat RoH zich vooral toelegde op snelle adopties uit Haïti. Maar Kind en Gezin erkende de organisatie toch. In 2003 gaf Guy De Meester in Knack een verklaring voor de snelle adopties. “Ons eerste kanaal had toevallig meteen veel kinderen ter beschikking.” Dat ‘eerste kanaal’ was Yva Samedy, directrice van de Foyer de la Nouvelle Vie, die honderden adoptiekinderen leverde aan verschillende landen.

In 1997 trok de inspectie op missie naar Haïti. In haar rapport schreef ze dat de samenwerking met Samedy onmiddellijk moest stoppen. Samedy werd beschuldigd van financiële fraude. Kind en Gezin vond dat RoH met haar mocht blijven samenwerken, op voorwaarde dat ze kinderen leverde die écht in de steek gelaten waren.

In 2001 stapten drie families die via RoH een Vietnamees kind geadopteerd hadden naar de rechter. Hun klachten: de documenten waren niet in orde en de contactpersoon was niet bekwaam.

Na een reportage in Telefacts over door RoH geregelde adopties in Vietnam verloor de organisatie in december 2002 haar erkenning. RoH trok naar de Raad van State en kreeg in 2004 gelijk.

Van 2004 tot 2014 was voormalig minister van Welzijn Wivina Demeester (CD&V) voorzitter van de raad van bestuur van RoH. Op 2 januari 2016 nam ze in een opiniestuk in de krant De Standaard afstand van interlandelijke adoptie. Zelf adopteerde ze in 1974 een Indiaas meisje. Buitenlandse adoptie vond ze geen goed idee meer vanwege de wachttijd en de kostprijs. Ze stelde ook dat de drie nog bestaande interlandelijke adoptiediensten (RoH, FIAC-Horizon en Het Kleine Mirakel) het best tot één dienst voor buitenlandse adoptie zouden fusioneren.

Vlaams CD&V-parlementslid Katrien Schryvers nam in 2014 de RoH-voorzittersfakkel van Wivina Demeester over. Schryvers is eveneens ondervoorzitter van de parlementaire Commissie voor Welzijn, Volks- gezondheid en Gezin, die ook adoptie behandelt. In de raad van bestuur van RoH zetelt onder anderen ook Wilfried Verniest. Van 1987 tot aan zijn pensioen in 2012 was hij directielid bij Kind en Gezin. Net als Wivina Demeester pleitte Schryvers voor één eengemaakte gesubsidieerde buitenlandse adoptiedienst.

Begin april van dit jaar besliste de Vlaamse regering dat vanaf 1 januari 2023 de drie adoptiediensten tot één dienst zullen samensmelten. De beschikbare financiële middelen, kennis en expertise moeten vanaf dan gebundeld worden. N-VA-parlementslid Lorin Parys juichte die beslissing toe, maar had in De Standaard van 8 april toch een paar bedenkingen. “Elke adoptiedienst vertegenwoordigt een bepaalde levensbeschouwing”, zei hij. “Het is niet de bedoeling dat een van die overtuigingen aan het stuur gaat zitten, wel dat de eengemaakte dienst pluralistisch is. Het kan ook niet dat een volksvertegenwoordiger er voorzitter van wordt. Want in het parlement controleer je dan het Vlaams centrum voor adoptie, dat op zijn beurt jou controleert als voorzitter van een adoptieorganisatie.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234