Maandag 26/10/2020

Adil & Bilall serveren Vlaamse film in kleur

Tijdens hun studies al liepen ze luid te verkondigen dat zij het hoognodige kleur in de Vlaamse film zouden brengen. Het kan inderdaad allemaal niet snel genoeg gaan voor Adil El Arbi en Bilall Fallah. 'Wij moeten dubbel productief zijn, want we zijn met twee.'

Heel veel jongemannen van hun leeftijd die net van de filmschool af zijn, zijn al blij dat ze stage kunnen lopen op een set van een serie of een kleine film. Maar als je de energie, de drive en het talent hebt van Adil El Arbi en Bilall Fallah, dan hoef je dat geduld niet op te brengen. Na drie kortfilms en een tv-serie (Bergica) draaien ze volgende zomer hun tweede langspeelfilm (Black), terwijl hun eerste, Image, nog moet uitkomen. Dat zal voor het najaar zijn. En wellicht zal dat met veel tromgeroffel gebeuren.

Ze droegen beiden nog een korte broek toen ze al beseften dat ze films wilden maken. Bilall herinnert het zich nog goed: "Toen ik Indiana Jones zag, wou ik archeoloog worden. En zag ik een week later Apollo, dan wou ik astronaut worden. Zodra ik besefte wat voor een impact het medium had, wou ik zelf films gaan maken."

Ze kwamen allebei terecht aan het Sint-Lukas in Brussel. Daar leerden ze mekaar kennen. "Van dag één al", herinnert Bilall zich. "Er was daar één Marokkaan, en voila." "We hadden gewoon dezelfde achtergrond", vult Adil hem aan. En dezelfde interesses.

Aan de filmschool dweepten Adil en Bilall met de films van Spike Lee, Martin Scorsese en Oliver Stone. "Voor ons is dat de heilige drievuldigheid", zegt Bilall. "Amerikaanse auteurscinema die zowel artistiek als commercieel is", voegt Adil eraan toe. Als ze op school een film moesten draaien, stonden ze op elkaars set. "Als we het hadden over hoe we bepaalde shots zagen, dan zagen we die op exact dezelfde manier. Echt wel scary", zegt Adil.

Ook als ze een boek moesten lezen, kwamen ze vaak bij dezelfde titels uit. Zoals Black van Dirk Bracke. Adil vertelt het verhaal: "Het speelt zich af in de quartiers in Brussel en het gaat over een zwart meisje dat deel uitmaakt van een bende in de Matongewijken en verliefd wordt op een Marokkaanse jongen die lid is van een bende uit Molenbeek. Een realistische versie van het Romeo & Julia-verhaal." Ze waren zo onder de indruk van het boek dat ze de filmrechten wilden kopen. Maar Dirk Bracke liet hen weten dat Hans Herbots het zou verfilmen. "We waren megapissed", zegt Bilall.

Een paar jaar later kwam Hans Herbots zelf bij hen aankloppen met de vraag of ze hem konden helpen met het script van Black. Hij had intussen hun derde kortfilm Broeders gezien. Een film waarvoor ze een Wildcard van het Vlaams audiovisueel fonds hadden gewonnen, de meest begeerde filmprijs onder studenten. Goed voor 60.000 euro. Toen Adil en Bilall met Hendrik Verthé en Kobe Vansteenberghe van 'a team productions' aan de praat geraakten, groeide het plan om met dat geld een langspeelfilm te maken. Die film werd Image. En iedereen op de set werkte zowat gratis.

Image moest hun Black worden. Omdat ze Black niet konden krijgen. Maar ze konden wel een indrukwekkende crew krijgen waar anderen met veel geld alleen van kunnen dromen. En dan zwijgen we nog van de acteurs: naast Nabil Mallat verleenden Laura Verlinden, Wouter Hendrickx, Gene Bervoets en Geert Van Rampelberg hun medewerking. "Tegen de acteurs werd gezegd: wil je meespelen in een film met Marokkanen? Je zult nooit nog zo'n kans krijgen", schatert Bilall.

Brussel in elk shot

Het verhaal speelt zich ook af in Brussel, op een nieuwsredactie van een tv-zender, waar de grote patron zijn jonge vrouwelijke reporter uitstuurt om een reportage te gaan draaien in de gevaarlijke wijken van de stad. Daar geraakt ze helemaal in de ban van een stoere Marokkaan die haar door de achterbuurten gidst. Adil en Bilall draaiden op plekken waar nooit voorheen een filmploeg zich waagde. "De zogenaamde fucked-up wijken. Je moet Brussel echt voelen in elk shot", zegt Adil. "Zoals Spike Lee en Scorsese New York tonen: authentiek en ruw. Met liefde voor de stad ook."

De film wil tonen dat mensen met een kleurtje niet altijd netjes behandeld worden door de media. En dat we op tv een beeld te zien krijgen van onze steden dat niet overeenstemt met de werkelijkheid. "Als je naar het nieuws uit Antwerpen, Gent of Brussel kijkt, zou je nog altijd geloven dat die steden grotendeels blank zijn. Terwijl dat al lang niet meer het geval is", aldus Adil.

De eerste beelden van Image waren zo indrukwekkend dat Peter Bouckaert, de producent van Het Vonnis en Marina, meteen ook aan boord sprong. En Kinepolis Film Distribution engageerde zich om de film in het najaar in de grote zalen te verdelen. En het sprookje is daarmee nog niet afgelopen. Hans Herbots zag intussen in dat Adil en Bilall beter geplaatst waren om Black te regisseren en vroeg hen om de regie van hem over te nemen. Hij gaat hen coachen. Niet dat ze nog geen coaches hadden. Jan Verheyen mogen ze Jan noemen, sinds ze de figuratie voor zijn film Los regelden en vervolgens een making-of van zijn film draaiden. Ze leerden Nabil Ben Yadir (Les Barons) kennen op café en ook hij is hen blijven volgen. Michael Roskam was vroeger hun leraar en nu noemen ze hem hun 'grote broer'. Hij is hun mentor gebleven.

De opnamen van Black vinden deze zomer plaats. In Brussel. Ze zijn momenteel straatcastings aan het doen. Daarvoor hebben ze een eigen castingbureau opgericht, Hakuna. Ze plukken de jongens echt van de straat. Franstaligen. "Want in de Brusselse bendes wordt geen Nederlands gesproken. Da's niet cool. Dan ben je een Flamouche", legt Adil uit. "Het moet authentiek zijn", zegt hij. "Fuck yeah", kraait Bilall. Authentiek.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234