Zondag 17/01/2021

Achter de schermen van de vrede in Baskenland

Drie maanden zwijgen de wapens al in Baskenland. Deze zomer nog wil Zapatero met de ETA naar de onderhandelingstafel. Achter de schermen proberen een Zwitsers centrum, een Franse kardinaal, een Ierse priester en Zuid-Afrikaanse adviseurs de vrede in Euskadi op de sporen te helpen.

Door Rudy Pieters

Het was 12 april 2005. We zaten aan een tafeltje in de ontvangstzaal van het gemeentehuis. Sopela, een Baskisch stadje niet ver van Bilbao. Batasuna, buiten de wet gesteld, had er een stevige aanhang. Wanneer ik mijn bandje herbeluister hoor ik hoe radicale nationalisten zich op het plein voor de deur al stonden op te warmen voor een meeting, het was de vooravond van de verkiezingen in Euskadi, Arnaldo Otegi, boegbeeld van Batasuna, zou de linkse abertzale ('patriotten' in het Baskisch, nationalisten) toespreken. Maar eerst wilde hij nog wel even de Belgische pers te woord staan. Een routine-interview leek het, tussen twee meetings door, het had nogal wat telefoontjes gekost om hem te pakken te krijgen. Otegi dreunde zijn verhaal op, liet zich door geen vraag in de hoek drummen, zei dat er geen contacten waren met de regering. En dan, plotseling, bijna terloops, liet hij zich ontvallen: "Er is wel een officieus contact tussen leiders van Batasuna en leiders van de socialistische partij in Baskenland."

De Morgen publiceerde de woorden. De Spaanse media reageerden meteen en signaleerden dat Otegi in een Belgische krant van contacten met de Baskische socialisten had gewaagd. Een doorbraak? Het socialistische kabinet-Zapatero ontkende ogenblikkelijk staalhard. Maar kort nadien bracht het Spaanse tijdschrift Tiempo het verhaal over geregelde ontmoetingen tussen drie Batasunaleiders en evenveel socialistische kopstukken in een Baskisch gehucht.

Bijna een jaar later, op 22 maart 2006, verschenen drie personen op de televisie met een witte kap over het hoofd. "Euskadi Ta Askatasuna heeft beslist een permanent staakt-het-vuren af te kondigen vanaf 24 maart 2006", zeiden ze. Na meer dan achthonderd doden had de ETA beslist de wapens neer te leggen. De voorbije week verklaarde José Luis Rodríguez Zapatero aan het parlement dat hij de gesprekken met de terreurgroep nog deze zomer gaat beginnen. Het is niet de eerste wapenstilstand die de ETA aankondigt maar de meeste waarnemers zijn het erover dat de kaarten nog nooit zo goed hebben gelegen.

De eerste troef werd al in 2004 op tafel gelegd, toen de PSOE de verkiezingen won en Zapatero aankondigde alles te zullen doen voor een definitieve oplossing in Baskenland. Hij hield zich ver van de oorlogstaal die zijn voorganger Aznar placht te hanteren telkens als het Baskische nationalisme ter sprake kwam. In Euskadi kon hij meteen na verkiezingszege al rekenen op het voorbereidende werk van zijn partijgenoten en de Batasunatop, de contacten die pas vorig jaar bekend raakten maar al een tijdje bezig waren. "We zijn zo al vijf jaar op niet-officiële wijze aan het praten. Het gaat om officieuze contacten in het raam van het politieke debat hier in Euskal Herria", bevestigde Batasunawoordvoerder Juan José Petrikorena deze week nog eens aan De Morgen. Over ontmoetingen en namen houdt Batasuna ook nu de lippen stijf op elkaar.

In mei 2004 vond de eerste echte toenadering plaats tussen de ETA en Madrid. Via tussenpersonen liet de terreurorganisatie mondeling weten dat ze wilde praten. Zapatero wilde dat eerst zwart op wit zien. Op 23 augustus 2004 ontving de premier een brief die ondertekend was door, of op zijn minst de zegen had van ETA-veteraan en hardliner José Antonio Urrutikoetxea alias Josu Ternera. Ternera, die nog voor Batasuna in het regioparlement heeft gezeten en in 2002 is ondergedoken, is een van de laatste ETA-kopstukken die nog op vrije voeten is.

Meteen na de eerste toenadering is het Henry Dunant Centre for Humanitarian Dialogue aan de kar beginnen te trekken. Het centrum, in 1999 opgericht in in Genève, noemt zichzelf een onafhankelijk instituut, wordt vooral gefinancierd door Zwitserland en Noorwegen, en staat onder leiding van Martin Griffiths, een Britse diplomaat met een uitgebreid VN-curriculum. Het bouwde een grote ervaring op als bemiddelaar in gewapende conflicten in onder meer Nepal, de Filippijnen, Congo en Oeganda, en lag aan de basis van wapenstilstanden in Soedan en de Indonesische provincie Atjeh. "De eerste stap is een gedetailleerde analyse van de context en oorzaken van het conflict, zijn bijzonderheden en het karakter van de leidende figuren", legt het centrum uit. Vervolgens gaat het de situatie op het terrein uitgebreid verkennen en praat het met de belangrijkste betrokkenen, alles in de grootste discretie. Pas als het centrum vindt dat het aanvaard wordt door alle partijen en een bemiddelingspoging opportuun is, treedt het in actie.

Officieel wordt niets gezegd over de rol van het Henry Dunant Centre in Euskadi. Het zou een minister van de Zwitserse regering geweest zijn die er het centrum introduceerde, ook Tony Blair zou er een hand in hebben gehad. Griffiths' team organiseerde verscheidene ontmoetingen tussen beide kampen in Genève, Zürich en Oslo, en regelde daarbij ook het geheime transport van de betrokkenen, onder meer van Josu Ternera. Noorwegen, dat geen lid is van de EU, kondigde eind 2005 aan dat het niet langer de EU-lijst met terroristische organisaties erkende omdat het zijn bemiddelende rol kon bemoeilijken: dat wekt geen verbazing want op die lijst staan de ETA en Batasuna.

Door de minutieuze voorbereiding van het bemiddelingscentrum verschilt deze wapenstilstand grondig van de vorige, die van 1998, toen de regering-Aznar en de ETA niet precies wisten wat ze van elkaar konden verwachten. "Het feit dat men de wapenstilstand heeft aangekondigd, wil zeggen dat er een akkoord is, bijvoorbeeld over de gevangenen", zei de Ierse priester Alec Reid over het staakt-het-vuren van dit jaar.

Reid heeft een belangrijke rol gespeeld in het Noord-Ierse vredesproces en verbleef de voorbije vier jaar bijna voortdurend in Bilbao om ook het Baskische proces op de sporen te helpen. Hij werkt nauw samen met de plaatselijke priester Joseba Segura, een vertrouwensman van de Baskische bisschop Juan María Uriarte. Uriarte, oom van een voormalig Batasunaparlementslid, was in 1998 al bij de ETA-onderhandelingen betrokken.

Zeker in de periode die aan 22 maart voorafging, speelde de katholieke kerk een belangrijke rol. Niet alleen is er de bemiddeling door Reid en Segura, de Franse kardinaal Roger Etxegaray leverde in augustus 2004 de ETA-brief af in La Moncloa. Etxegaray is geboren in Frans Baskenland en was al pauselijk gezant in andere gewapende conflicten, onder meer in Kosovo en Irak.

Al vallen beide regio's moeilijk te vergelijken, Noord-Ierland is het grote voorbeeld. Op aangeven van Tony Blair stuurde Zapatero experts naar Groot-Brittannië om er het Noord-Ierse vredesproces te bestuderen. Sinn Féinleider Gerry Adams kwam in Spanje al meermaals met nationalisten en socialisten praten. Via Sinn Féin leerde Batasuna dat de Zuid-Afrikaanse ervaring in Noord-Ierland van doorslaggevend belang was geweest. Batasunaleiders gaan daarom al sinds eind 2003 regelmatig naar Zuid-Afrika, waar ze les krijgen van ANC-experts over hoe je moet onderhandelen, wat haalbaar is en wat niet, hoe je de thema's aanpakt van de gevangenen, amnestie en de legalisering van partijen. "We hebben gezien", zegt Batasuna-kopstuk Joseba Álvarez, "hoe Zuid-Afrika erin geslaagd is het conflict op te lossen in veel extremere en moeilijker omstandigheden dan de onze."

Via Sinn Féin leerden Batasunaleiders dat de Zuid-Afrikaanse ervaring in Noord-Ierland van doorslaggevend belang was geweest. Ze krijgen nu regelmatig les van ANC-experts over hoe je moet onderhandelen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234