Maandag 27/09/2021

NieuwsGezondheid

Acht op de tien Vlamingen doen aan sport, en dat is een record

We sporten meer dan ooit.  Beeld Benny Proot
We sporten meer dan ooit.Beeld Benny Proot

Acht op de tien Vlamingen doen aan sport. Dat klinkt veel, en dat is het ook. Zeker wanneer je dat cijfer vergelijkt met 50 jaar geleden: toen waren amper twee op de tien sporters. Dat blijkt uit onderzoek van de KULeuven.

Er gaat geen dag meer voorbij of je ziet mensen joggen, fietsen en wandelen op straat. De padelclubs schieten als paddenstoelen uit de grond en er is geen pleintje te vinden waar niet elke dag tegen een bal getrapt wordt of waar mensen samenkomen om yoga te doen. Sport is hip, om verschillende redenen. Maar dat is duidelijk niet altijd zo geweest, blijkt uit onderzoek van sportsociologen Jeroen Scheerder en Erik Thibaut. De KU Leuven bevraagt al sinds 1969 de Vlamingen tussen 12 en 75 jaar naar hun sportgedrag en herhaalt dat elke tien jaar.

De grafiek is indrukwekkend: in 1969 zei amper 21,8 procent van de Vlamingen dat ze het afgelopen jaar actief aan sport hadden gedaan, vijftig jaar later is dat 80,3 procent - precies het tegenovergestelde dus: nu zegt amper één op de vijf niét aan sport te doen. “Het concept van sport is opengetrokken”, zegt Scheerder, die benadrukt dat de bevraging dateert van net voor de coronacrisis en dus niet beïnvloed werd door toevallige wandelaars die de bossen van Vlaanderen ontdekten omdat er toch niets anders te doen was. En voor een goed begrip: ‘sporten’ geldt wanneer je daarvoor andere kleding aantrekt. Met de fiets naar het kantoor of de bakker rijden telt niet.

“Vlaanderen pionierde in de jaren 60 en 70 al in de ‘sport voor allen’-beweging. Dat zie je nu tot volle bloei komen: bijna iedereen sport, op eigen ritme, volgens eigen planning, in een discipline die hen boeit. Sport is amusement geworden, met ‘sportivals’ - denk aan dingen als ‘color runs’ of ‘urban trails’ door stadhuizen en langs dj-sets. Dat zie je ook aan de resultaten: maar 32 procent beoefent sport in clubverband. Dat aantal is in vijftig jaar ook toegenomen, maar veel minder uitgesproken dan het individueel recreatief sporten.”

De meest beoefende sporten zijn in al die jaren ook duidelijk veranderd. In 1979 was zwemmen nog veruit de populairste sport, met bijna vier op de tien Vlamingen die weleens in een zwembad baantjes gingen trekken. Nu is dat nog amper één op de tien. Lopen daarentegen was veertig jaar geleden een absoluut marginaal gebeuren, terwijl nu bijna de helft van de sportende Vlamingen de loopschoenen aantrekt.

“Lopen blijft boomen”, zegt Scheerder. “Het is oeroud, maar heel simpel en toegankelijk. Maar wat ook opvalt: van de meer dan 40 procent lopende Vlamingen doet amper 1 procent dat in clubverband. Je ziet dus duidelijk die tendens naar het individuele karakter van recreatiesport: mensen willen hun eigen agenda bepalen en geen vaste engagementen aangaan. De nummer twee in de populairste sporten toont dat ook: bij fitness kies je ook wanneer het jou uitkomt, net als bij sportief wandelen en fietsen. De enige sport in de top tien waar je écht een club voor nodig hebt, is voetbal. De toppers onder de sporten bewijzen ook dat mensen steeds meer waarde hechten aan gezondheid: lopen, fietsen, fitness, yoga en wandelen zijn typische gezondheidssporten, die je voor jezelf doet, meer dan uit verbinding met een club en haar waarden of trots.”

Ons land is met zo’n grote actief sportende bevolking een uitzondering in Europa. “Uit eerder vergelijkend onderzoek is gebleken dat de sportparticipatie daalt in 18 van de 24 Europese landen waar cijfers voorhanden zijn. Enkel in ons land, Litouwen en Slovenië stijgt ze”, stelt Scheerder.

Een evolutie van twee op de tien sportende Vlamingen naar acht op de tien is absoluut een goeie zaak. Maar dat maakt nog altijd dat niet iedereen, zelfs niet één dag per jaar, aan sport doet. “En daar moeten we aandacht aan besteden”, vindt Scheerder. “Want we weten dat wie niet actief is op het gebied van sport meestal ook niet deelneemt aan andere maatschappelijke activiteiten. Ook het opleidingsniveau en inkomen speelt een rol: 30 procent van de lager opgeleiden en 29 procent van de mensen met een laag inkomen nemen niet deel aan sportactiviteiten. Nochtans doet de Vlaamse overheid grote inspanningen om sport zo toegankelijk mogelijk te maken - denk aan de aanleg van Finse looppistes en de zwembaden waar de toegangsprijs niet in verhouding staat tot de werkelijke kostprijs. Maar daar bereik je dus onvoldoende die kwetsbare groepen mee.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234