Dinsdag 27/10/2020

'Achschat!'

Jasperina de Jong en Chris Lomme, 'pottenstel' in de nieuwe film van Lieven Debrauwer

Chris Lomme en Jasperina de Jong kennen elkaar al twintig jaar. Ze slapen samen, zingen samen, hebben een heftige relatie achter de rug, leiden nog steeds een vrij excentriek leven maar zitten intussen, liefdevol maar toch wat ouwelijk, te trutten bij elkaar. Zo moet het ongeveer in het scenario staan van de nieuwe film Confituur van Lieven Debrauwer, waarin Chris José heet en Jasperina Odette. In het echte leven zijn de rasactrice en -cabaretière ook vriendinnen en de grote bewondering is wederzijds. Maar elkaar echt zoenen, à la Madonna-Britney Spears, hebben ze nog niet gedaan. 'Ik heb nog nooit een vrouw gezoend', zucht Jasperina. 'Maar wie zal het zeggen... misschien ben ik wel vre-se-lijk lesbisch!'

Marijke Libert / Foto's Stephan Vanfleteren

Stephan Vanfleteren: "Mevrouw de Jong, kunt u uw ogen iets meer opendoen?"

Jasperina de Jong: "Nou jongen, ik heb maar kleine kooltjes hoor, niet zulke mooie grote kijkers als Chris." Chris Lomme: "Maar jij hebt een veel mooiere stem, Jasperientje." Jasperina de Jong: "Da's waar."

Dat Debrauwer het 'pottenstel' Lomme-de Jong perfect gecast heeft, is een geweldig understatement. Beide 'diva's' spelen een 'betekenisvolle rol' in de film Confituur, de opvolger van Pauline en Paulette die dezer dagen wordt opgenomen. Op de set zijn ze haast onherkenbaar, zeker als ze in het decor van de nachtclub hun zangact doen, in smetteloos wit pak, met een hoogblonde Mireille Matthieu-pruik tegen de kruin geplakt. De twee zijn vol van de film, waarvan ze vlak voor ons gesprek een paar rushes hebben gezien. "Ik was ontroerd", zegt Jasperina de Jong. "Zoals Marilou Mermans, Rik Van Uffelen en Viviane De Muynck er staan! Groots. Ook Chris is fantastisch. Wat een sfeer ook, echt Debrauwer. Ik kon bijna niet meer ademen. Ik zag die stukjes dan nog op zo'n piepklein scherm. Dat wordt snikken, hoor, in de grote filmzaal."

En wat vond u van uzelf?

De Jong: "Door mezelf ben ik nooit ontroerd (lacht luid). Trouwens, eigenlijk wil ik mezelf niet echt zien. Ik vind het verschrikkelijk."

Lomme: "Ik heb het ook nog steeds lastig om naar me te kijken, maar toch wil ik de opnames controleren om te zien wat ik mogelijk fout deed met mijn gezicht. Een smoel heb je niet altijd onder controle."

Het is niet de eerste keer dat u samen een productie doet. Een paar jaar geleden trad u beiden op in de musical Follies.

De Jong: "We speelden in dezelfde musical maar stonden nooit samen op de scène. In de kleedkamer zaten we soms naast elkaar en we vonden elkaar heel aardig."

Lomme: "Ik heb op de een of andere manier altijd een goed contact met Jasperina gehad, ook in de tijd dat ik haar nog niet echt kende. Zien deden we elkaar niet veel, maar op afstand was er zoiets als een vanzelfsprekend contact. We hebben beiden een lange carrière achter de rug. Ik heb Jasperina in haar shows gezien waarmee ze ook in België rondtoerde en zij is een paar jaar geleden naar Masterclass komen kijken, mijn theatermonoloog over Maria Callas."

De Jong: "Ik heb heel lang geleden met Nand gespeeld (Nand Buyl, levenspartner van Chris Lomme, ML), dat was rond het einde van de jaren zestig, in een soort musical voor de televisie."

Als twee sterren naast elkaar staan op een set, zoals nu, vibreert het in de omgeving dan niet een beetje, precies omdat twee grote geesten samenkomen?

Lomme: "Stel je daar maar niet te veel bij voor. Het is gewoon plezier maken. Ik moet maar naar Jasperina kijken, naar die pretoogjes, en ik heb het al zitten. Ik ben gek op mensen met humor. Wij zijn zelfs gewoon hondsbrutaal tegen elkaar."

De Jong: "Omdat we weten dat we niet vals zijn. Met iemand humor durven bedrijven heeft alles met vertrouwen te maken. Je kunt dan spelen met die andere persoon en je weet dat je elkaar geen hak zult zetten. Velen kunnen dat niet, en in dat geval leidt humor tot narigheid. Maar niet met Chris, hoor. Zij is een schat."

Lomme: "Ach, ik hou gewoon van Jasperina. Ik moet iemand die ik graag heb ook graag kunnen zien. Houden van betekent dat ik haar er best bij wil als ik alleen op een klein eiland zou zitten."

De Jong: "Nou, ik kom niet af, hoor!" (beiden schateren)

U hebt eerst het werk van elkaar leren kennen. Ligt dat dicht bij de persoon die u erachter vermoedde en die u intussen leerde kennen?

Lomme: "Uit Jasperina's werk bleek inderdaad haar grote persoonlijkheid. Zij bood als zangeres en cabaretière altijd die ruime caleidoscoop aan van wat een mens kan omvatten. Zo is ze, een groot menselijk palet met oneindig veel variaties. Jasperina kun je precies daardoor niet typeren. Ze is gewoon te verschillend en te divers."

U speelt een koppel in de film Confituur.

De Jong: "Volgens mij zijn we lesbisch, inderdaad." (giert het uit)

Hebt u geoefend?

Lomme: "Het is te zeggen... Wij denken er veel aan, overdag en vooral ook 's nachts, elk in zijn eigen bed natuurlijk (lacht)."

De Jong: "Ach, het is gewoon een rol. Ik kan ook een moordenaar spelen zonder het te zijn. (tot Lomme) Ik kan best doen alsof ik jouw vriendin ben in het leven."

Lomme: "Ik ook. En dat ik jou vreselijk haat, kan ik evengoed spelen. Het is de fantasie vrij durven laten."

U bent een oud, wat verstokt maar niettemin excentriek koppel - nou ja - 'potten'.

De Jong: "Héérlijk vind ik het, vooral dat we ouder mogen zijn. Wat zalig om in het script tussen haakjes 'zestig' te lezen achter onze naam. (debiteert) 'Roger zestig heeft een zus José zestig die met Odette zestig een relatie heeft.' (schatert) Enig, ik hoef niet naar de chirurg voor deze rol."

Lomme: "Vroeger moesten we ons soms ouder schminken, nu spelen we onze leeftijd. Pas op, we trachten ons nog wel jonger te schminken in het dagelijkse leven, maar dat lukt niet meer. We zijn oud maar wel nog mooi."

De Jong: "Ik vind het zo leuk dat Lievens werk over oudere mensen gaat. Is jullie dat al opgevallen? Een jonge regisseur die, tegen de stroom van de filmmakers van vandaag in, die leeftijden op de voorgrond zet? Hij heeft dat ook bij Pauline en Paulette gedaan. Enige film overigens."

Wat hebben jullie zelf met de vrouwenliefde?

Lomme: "Ik ben meter van de holebi's."

De Jong: "De wát?"

Lomme: "Ho-le-bi's, Jasperien, homo's, lesbiennes en bi's."

De Jong (theatraal): "Hé, báh, báááh."

Lomme (lacht): "Ja, eigenaardige naam hé, heb ik ook gezegd toen men mij dat meterschap aanbood. Holebi, het doet me denken aan Walibi. Nee, dat is flauw. Ik neem dat meterschap echt wel ter harte, hoor."

Tegenwoordig wordt al eens de stelling geponeerd dat iedereen bi is.

Lomme: "Ik heb het niet op stellingen begrepen, maar ik geloof wel dat elke mens in wezen een dubbelheid in zich draagt. Elke man heeft vrouwelijke aspecten en elke vrouw mannelijke aspecten. Je bent wat je bent, en voor de rest sta ik er niet bij stil."

De Jong: "Ik weet het niet hoe het met mij zit. Ik heb nog nooit een vrouw gekust, maar misschien ben ik wel vre-se-lijk lesbisch." (geschater)

De Jong: "Nee, echt. Kijk, een goede moslim die nooit drinkt, is misschien wel een alcoholist. Dat kan toch?"

Lomme: "Ik heb wel al een vrouw gekust. In een film van Victorine Habets. Ik moest een lesbische vrouw spelen en dat was gewoon aardig."

Moeten jullie elkaar zoenen in de film?

Beiden: "Nee."

Nochtans, u zoent zo graag, mevrouw Lomme, daar hadden we het ooit in een vorig interview over.

Lomme: "Dat is waar, maar ik heb het dan over warmte, vastpakken en zo."

De Jong: "Chris is een beetje tactiel."

Lomme: "Ik heb sinds ik kind was nooit iets kwaads willen zien in koesteren en omarmen."

De Jong: "Het is wel iets Vlaams, hoor, ik merk dat hier op de set. In Nederland haal je elkaar ook wel aan, maar je doet het vooral met iemand die je iets beter kent. Hier is die grens vager. Ik kwam net Marilou (Mermans, hoofdrol in Confituur, ML) tegen en die pakte me ook al zo lekker beet. Maar ik vind het wel gezellig."

Het is een beetje in tegenwoordig, bekende figuren die openlijk willen choqueren. Neem Madonna en Britney Spears.

De Jong: "Ach, het gaat net zo snel weer over."

Lomme: "Wat Janet Jackson deze week met haar borsten deed tijdens die uitreiking, heb je dat gezien, Jasperien?"

De Jong: "Nou, mijn borst lijkt wel op die van Janet. Ik wil die best laten zien, u zult niet teleurgesteld zijn."

U zingt in de film Confituur samen, hoe ging dat?

Lomme: "Het is vooraf opgenomen en apart ingezongen. Uiteindelijk is het natuurlijk vooral Jasperien die in het zingen uitblinkt."

De Jong: "Ach schat, in Follies heb je ook gezongen, heel goed zelfs."

Lomme: "Ik doe het wel erg graag, maar jij bent een rasechte zangeres, ik blijf een actrice die zingt."

De stem is voor u beiden het bekende uithangbord. Je hebt het onmiskenbare Lomme-timbre en de typerende Jasperina-voice. Hoe koestert u die parel?

De Jong: "Een stem, het zingen is niet zozeer een parel. Zingen maakt gewoon gelukkig, het was overigens het allereerste wat de eerste mensen ooit deden, nog voor ze praatten. Ze zongen."

Lomme: "Hoe weet jij dat, was je er bij dan?"

De Jong (lacht): "Ach, schat, misschien wel. Ik wil nog iets zeggen over dat bekende uithangbord. Weet je, de Franstalige geluidstechnicus van Confituur vroeg me de tweede dag ineens, na het beluisteren van mijn lied: 'Hebt u veel gezongen in uw carrière?'. Ik vond die reactie leuk. Dan denk je weer: ach, het is zo relatief allemaal."

Lomme (mijmert): "Mijn mama was een sopraan, ze zong operettes. Ik wou dat ook doen, tot ik besefte wat het inhield, dat oefenen bijvoorbeeld. Ik hoorde mijn moeder vier uur per dag niets anders doen dan toonladders zingen."

De Jong: "Heb ik niet gedaan hoor, uren toonladders zitten te kwelen. Hoe ik mijn stem smeer? Gewoon, ik zing de hele tijd. Ik heb ooit een programma gedaan met Louis van Dijk. Ik zong toen klassieke stukken, Schönberg en zo. Dat was erg hoog en daar heb ik wel oefeningen voor moeten doen. Ik ben echt geen klassiek geschoolde zangeres."

Komt u veel naar Vlaanderen, mevrouw de Jong?

De Jong: "Ja hoor, laatst was ik nog in Brugge en in de Antwerpse Arenbergschouwburg met de musical Marlène Dietrich. Ik ken Vlaanderen al sinds de jaren zeventig en ik heb steeds genoten van het Vlaamse publiek. De eerste keer dat ik naar Brugge kwam, in 1972, herinner ik me nog levendig. Ik reed de stad binnen en daar hing ineens in de hoofdstraat een spandoek met 'Welkom Jasperina' erop. Ik schaamde me dood."

Lomme: "Ik ben toen naar die optredens van Jasperina geweest, maar ik heb me niet aan haar voorgesteld, ik durfde het niet. In die tijd bleef ik maar met die stempel van 'Marieken van de schipper' rondlopen en was ik hard bezig me elders te realiseren."

De Jong: "Och schat, het zal best hard geweest zijn, dat vechten, dat moeten bewijzen dat je een grote actrice was. En dat zijt ge hoor."

Lomme (verwonderd): "Kijk eens aan, ze spreekt Vloams."

De Jong: "Wat wil je, lieveling, ik kén je toch allang. Volgens het script van Confituur zo'n twintig jaar."

Marlène Dietrich was uw laatste grote productie, mevrouw de Jong. U bent intussen gestopt.

De Jong: "Met de grote shows en de tournees, ja. Ik doe alleen nog occasionele dingen. Een filmrol of zo, en binnenkort misschien nog een jazzfestival. Maar wat die eigen grote producties betreft: nee, het is genoeg geweest."

Twee jaar geleden zei u in een Nederlandse krant nochtans: 'Ik heb zoveel energie, ik word soms moe van mezelf'. Is de energie inmiddels op?

De Jong: "Nee hoor, maar ik stel wel vast dat de tijd om te recupereren iets langer duurt dan de aanvallen van energie."

Lomme: "Ik herken dat. Zo'n tournee, elke avond alleen op de scène, naar rato van tachtig voorstellingen per jaar. Daar ga je op den duur aan kapot."

De Jong: "Wat mij uiteindelijk de das omdeed, was dat ik mijn eigen producties zelf regelde. Tussen de repetities door moest ik me met de klankman bezighouden of met het programmaboekje. Ik werd zo moe van het gedoe eromheen. Plus het reizen. Ik haatte het. Ik ben allergisch geworden voor schouwburgen, voor de kleedkamers daar. Ik kan geen kleedkamers meer zíén. Die zijn, op een paar uitzonderingen na, allemaal even lelijk en akelig. Oude, kale, vieze plaatsen met de stoelen nog op de tafels. Herken je dat, Chris?"

Lomme: "Of waar de vuilnisbakken nog bovenop het toilet staan. Zwijg me ervan."

De Jong: "Het was een soort respectloosheid waar ik niet meer tegen kon. Maar voor de rest (lacht) heb ik er erg van genoten hoor, van mijn (spuwt het bijna uit) carrièèèère."

In Confituur hebt u samen een nachtclub. Avonden en nachten hebt u beiden op podia en sets gestaan, bent u daardoor ook nachtmensen geworden?

De Jong: "Als ik werk ben ik een nachtmens, maar eigenlijk leef ik liever overdag. Ik vind het fantastisch om 's zomers om zeven uur op te staan, om halfelf weer het bed in te duiken en tijdens de dag buiten te vertoeven. Maak dat maar mee. Enig."

Lomme: "Ik ben een ochtendmens én een nachtmens. En ik slaap 's middags."

De Jong: "O jee, ik ook!"

Voor we hier in een gekeuvel onder senioren vervallen... Jasperina de Jong zette een punt achter de carrière, Chris Lomme is nog bezig met theater, televisie en film. Hoe lang nog?

De Jong: "Ik ben ook nog bezig, hoor. Maar vroeger was het soms zes of zeven dagen werken per week en dat is natuurlijk voorbij. Ik wil niets meer met het vak op zich te maken hebben. Ik neem gewoon de krenten uit de pap."

Lomme: "Ik blijf werken zoals ik het al jaren doe, en daar komt voorlopig geen verandering in. Al moet je dat niet gaan overdrijven: ik werk nu even door tot maart en stop dan tot in augustus. Iedereen denkt maar 'Lomme werkt dag en nacht', maar dat is niet waar. Het probleem is dat ik zo zichtbaar ben. Zodra ik iets doe, sta ik in de krant."

De Jong (verontwaardigd): "Erg hé. Zo erg. Hoe komt dat?"

Lomme: "Het heeft ook met die vijftig jaar televisie te maken, alle oude rakkers werden nog eens opgevoerd."

De Jong: "Ach schat, ze voeren jou gewoon op omdat je zo goed bent."

Lomme: "Van jou beschouw ik dat als een ongelooflijk compliment. Je vindt het misschien eigenaardig, maar hoe ik ook in de aandacht ben, een oprechte blijk van waardering kan me nog verschrikkelijk veel deugd doen."

U zei tijdens ons vorige gesprek, mevrouw Lomme, dat u de laatste tijd steeds meer faalangst voelde.

Lomme: "Het is niet zozeer faalangst, het is pretentie. Ik heb het gevoel dat ik niet meer onder mijn maat kan en mag presteren."

De Jong: "O, maar dat is iets wat ik enorm herken. Je gaat op een gegeven ogenblik denken: 'Ik héb het allemaal gedaan', en het is niet genoeg dat je hetzelfde bent of doet, je moet altijd hogerop. Zeer vermoeiend is dat. Ik had een paar jaar geleden het idee dat ik klaar was."

Is het wat men voldoening noemt?

De Jong: "Voldoening én voldoende, beide."

Lomme: "Ik ben daar nog niet. Ik wil ooit de kans krijgen om mijn eigen ultieme ding te doen. Anderzijds is het zo dat ik nog te veel aanbiedingen krijg waarover ik verrukt kan zijn. Zolang ik dat gevoel heb, wil ik niet ophoepelen."

Waar bent u trots op, periodes, momenten, producties?

De Jong: "Het zijn er zoveel (lacht). Eerlijk waar, ik ben heel trots op alles wat ik heb gedaan."

Lomme: "Trots ben je vooral op de mooie momenten, tijdens voorstellingen waar ineens alles klopt, zalige en precieuze ogenblikken die je bewaart. Die moeten je stimuleren voor andere voorstellingen die iets minder vlot lopen. Als ik gedichten voorlees bijvoorbeeld en een klein publiekje voor me zie zitten dat heel gelukkig naar me staart. Hmm. Dat is veel belangrijker als herinnering dan een serie, een rol of een productie. Het gaat 'm om de grootsheid van die kleine onsterfelijke geluksmomenten."

Vanaf welke leeftijd wordt iemand een diva? Het is een term die ik in diverse interviews met u beiden tegenkwam.

De Jong: "Ik kreeg die term al snel opgespeld, veel te vroeg eigenlijk." Lomme: "Ik was op mijn negentiende een van de bekendste Vlamingen, en dat voor een rol waarvan de lijnen zich beperkten tot 'Ja nonkelke' en 'Neen tanteke'. Ik kreeg kilo's post binnen en deelde handtekeningen uit zoals Michael Jackson nu. Het heeft me wat gekost om van die stempel af te geraken. Na jaren knokken bij het theater stond ik er wel zoals ik het wou, met iets om trots op te mogen zijn. Ik kreeg een meer eclectische naam en een carrière die veel breder is uitgewaaierd dan ik ooit verhoopte. En zo krijg je na een tijdje dat etiket van diva. Nu zijn we zelfs iconen geworden, Jasperien, of monumenten, wat vind je daarvan?"

De Jong: "Ach, meid, dat is toch allemaal quatsch."

Lomme: "En toch... De eerste keer dat men mij een monstre sacré noemde na een productie in de KVS met Senne Rouffaer, Nand Buyl en Dries Wieme, was ik behoorlijk onder de indruk. Het zegegevoel, weet je wel. De gedachte: 'Ik hoor erbij!'."

De Jong: "Ik was pas begonnen in 1960 toen Het Parool schreef... (pauzeert) Ik zie nog die foto van mij op de voorpagina en ik vergeet nooit het geluksmoment. Boven die foto dus stond de titel 'Jasperina de Jong, rasartieste'. Ik werd gek. Zo'n gevoel krijg je nadien nooit meer, het is eenmalig. Dan mag men een volgende keer nog met zulke superlatieven over jou tekeergaan, het 'de eerste keer erkend zijn', dat besef komt niet terug."

Hoe gaat u om met bekendheid?

De Jong: "Toen mijn zoontje zeven was, kreeg hij van kinderen op school al eens de vraag: 'Ben jij de zoon van Jasperina de Jong?'. Zijn antwoord was steevast: 'Welnee hoor, mijn moeder is al heel lang dood'. Wij deden daar nooit iets mee thuis, met het vedetteschap. Trouwens, het bekend zijn gaat er snel weer af. Ik kan probleemloos winkelen in de Bijenkorf."

Lomme: "Als je stopt, moet je weten dat alles stopt. Dat is trouwens iets wat ik meteen zou aanvaarden. Je hebt alle aandacht gehad die je maar kunt bedenken, dus hoef je het later niet te missen. Je ziet echter andere figuren in ons milieu, mensen die zich willens nillens aan hun vedetteschap vastklampen. Gruwels zijn het. Dan moet ik altijd zo lachen om Nand. Hij is met die viering van de televisie ook weer een aantal keer opgeschud, aangeklampt en geïnterviewd. De gedachte alleen al, dat het weer móét. Hij kruipt onder de tafel. 'Ik heb mijn hele leven al verteld', zegt hij, 'moet het nu echt opnieuw?'."

Hoe belangrijk was het voor u om controversiële standpunten in te nemen? U hebt beiden als ontvoogde vrouw, vrij anarchistisch zelfs, uw nek uitgestoken. Jasperina de Jong met de cabaretgroep Lurelei en liedjes als 'A bah, abortus', Chris Lomme vanuit haar gehele manier van zijn. Graag aan die kar geduwd?

Lomme: "In de periode waarin ik jong was, was er niet veel nodig om te duwen. Karren genoeg. Vrijgevochten zijn en consequent doorgaan volstond om boven het gemiddelde uit te komen. Nooit huwen, een kleine révolté zijn, en je onderscheidde je reeds."

De Jong: "En ik werd voor feministe verkocht omdat ik met dat abortuslied zogenaamd iets aan het debat toevoegde. Pas op, het was in die tijd fantastisch om dat te doen en ook absoluut noodzakelijk, maar aan de andere kant... Wat betekent het? Ik voel me niet bepaald een heldin. Ik ben een brutaal nest geweest in mijn tijd. Ik stond achter wat ik zong, maar dat vond ik op zich geen kunst. Wat ik kunst vind, zijn artiesten uit de jaren dertig die in Duitsland hun ding bleven doen op het moment dat de bruinhemden binnenvielen. Dat hebben we godzijdank niet meegemaakt. Ik weet niet hoe ik me in zo'n geval gedragen had. Ik was misschien heel laf geweest."

Lomme (licht verontwaardigd): "Jasperien, dat weet je niet op voorhand."

De Jong: "Jawel, ik ben een vuilbekje, maar tegelijk een bang mens. Ik weet niet hoe bedreigend een buitenwereld moet zijn om niet door te doen. Al moet ik zeggen: bij ons zat de zedenpolitie ook wel eens in de zaal. Ik zie die man nog voor me. Het was in de periode dat ik Juliana nadeed en een troonrede hield op het podium. Die man kwam nadien bij me en zei: (spreekt bekakt Haags) 'Mevrouw, dat u de koningin ten tonele durft te voeren'. Daar begreep ik toch echt niets van, hoor. Ik antwoordde: 'De koningin is toch Onze-Lieve-Heer niet?'. Hoewel, ik had Onze-Lieve-Heer ook ten tonele gevoerd, want ik heb evenmin iets met de Lieve Heer als met de lieve koningin. Leuk moment, maar nogmaals, heldhaftigheid zou ik het niet noemen."

Wordt u milder met het ouder worden?

De Jong: "Sowieso. Je vindt het ineens veel minder belangrijk allemaal. Ik heb eigenlijk mijn hele leven lang alles gerelativeerd. Ik ben ook vrij mild, hoor."

Zo mild zelfs, mevrouw De Jong, dat u zo'n vijfendertig jaar na uw 'troonrede' voor de koninklijke familie ging zingen. Dat is wel een grote switch.

De Jong: "Waar. Ik heb gezongen voor die familie en het was best gezellig. Ik voelde me een beetje gevleid dat Beatrix uitdrukkelijk wou dat ik dat deed. Ik blijf anti-Oranje hoor, ik blijf roepen: 'Weg met het koningshuis', maar ik heb geen hekel aan die vrouw."

Lomme: "Ik heb eveneens een grote bewondering voor Beatrix, vooral voor haar kapsel. (lacht) Ach, weet je, Jasperina, Nand en ik zijn eens op een tuinfeest aan het hof uitgenodigd en we zijn er uit pure nieuwsgierigheid naartoe gegaan. Zo zijn wij dan ook weer. We hebben het koningspaar even gezien en toen begon het te regenen. Wij zijn direct vertrokken, want we hadden geen paraplu bij."

De Jong: "Alles is relatief, daar ben ik weer. Ik kreeg de vraag om daar in het paleis te zingen en ik deed het gewoon. Ik dacht wel direct: nou zal ik de hele pers over me heen krijgen. En wat dacht je? Niets, enkel Vrij Nederland heeft om een reactie gebeld. Idioot toch? Nu hadden ze mij eens kunnen aanpakken en ze vertikten het. Misschien was men gewoon vergeten dat ik zo anti was, en dat bevestigt dan weer wat ik eerder zei. Je bent er geweest en dan weer weg. We moeten echt niet denken dat we zulke grootheden zijn. Je bent groots en apart op een moment, daarna komt alles weer op zijn pootjes terecht. Zoals het moet. Geen gezeur."

Chris Lomme: 'Ik ben meter van de holebi's' Jasperina de Jong: 'De wát?' Chris Lomme: 'Ho-le-bi's, Jasperien, homo's, lesbiennes en bi's' Jasperina de Jong: 'Hé, báh, báááh' Chris Lomme : 'Ja, eigenaardige naam hé, heb ik ook gezegd toen men mij dat meterschap aanbood'Jasperina de Jong: 'Jawel, ik ben een vuilbekje, maar tegelijk een bang mens'Chris Lomme: 'Ik moet maar naar Jasperina kijken, naar die pretoogjes, en ik heb het al zitten. Ik ben gek op mensen met humor'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234