Dinsdag 12/11/2019

Aanslagen

Abrini geeft details over "het konvooi des doods" voor de aanslagen in Parijs

Mohamad Abrini - of de man met het hoedje - vlak voor de aanslagen op Brussels Airport. Beeld afp

Mohamed Abrini, de man met het hoedje, heeft aan een Belgische rechter details vrijgegeven over de voorbereidingen van de aanslagen in Parijs en Brussel. Hij vertelde hoe hij vanaf 12 november 2015 van schuilplaats naar schuilplaats trok en praatte over de sfeer binnen de groep en het "konvooi des doods" van zijn vrienden.

Het Franse radiostation France Inter kreeg documenten in handen met de vragen die een Belgische rechter stelde voor het dossier over de voorbereidingen van de aanslagen in Brussel en Parijs. Tijdens zijn verhoor op 1 juni 2016 heeft Mohamed Abrini bekend dat hij verschillende reizen met de broers Abdeslam tussen Brussel en Parijs maakte.

Op 12 november 2015 spreken de drie in Charleroi af om de andere leden van de terreurcel te ontmoeten. "Die gasten in dat appartement, dat waren mijn laatste vrienden. Ik wist dat ze hun dood tegemoet gingen. Het voelde alsof ik hen vergezelde naar hun laatste momenten. Het was een konvooi des doods, die drie auto's." 

Het gezelschap rijdt vervolgens naar een schuilplaats in het Franse Bobigny. "Mijn vrienden waren rustig en kalm. Ze maakten eten klaar in de keuken, keken wat televisie. Ze leken helemaal geen stress te hebben", herinnert Abrini zich.

Twee meest gezochte mannen

Vervolgens neemt Abrini afscheid van iedereen en trekt hij richting Brussel, met een taxirit die 365 euro kostte. De dag erna vindt de tragedie van 13 november in Parijs plaats en Abrini's foto wordt overal verspreid. Naast Salah Abdeslam is hij de tweede meest gezochte man. Abrini wordt door de andere leden van dezelfde cel opgehaald en ontmoet Abdeslam in één van de schuilplaatsen. "Hij was bleek en moe. 'Het is gebeurd', zei hij."

Abrini ontmoette Abdeslam na de aanslagen in Parijs in één van de schuilplaatsen van de terreurcel. Beeld Photo News

Gedurende twee maanden leven de mannen ondergedoken; ze trekken van schuilplaats naar schuilplaats. Eerst verblijven ze in Schaarbeek, in een duplex in de Henri Bergéstraat. Abrini herinnert zich een naaimachine, "het meest onschuldige voorwerp van alles wat er in dat appartement stond." Boven staat een pan met poeder en draden die als explosief gebruikt kan worden. 

Muren van karton

De volgende schuilplaats is in de Expositielaan in Jette. "Daar leefden we met zes in een erg kleine ruimte. Het was er ook erg vochtig. Ik zag er geen sporen van explosieven. Daar heb je ruimte voor nodig, een appartement in de hoogte, hoorde ik. Volgens Najim Laachraoui was dat omdat de stank niet te harden is."

Dan gaat Abrini naar de Driesstraat in Vorst: "Ook daar was het vochtig en koud, de muren waren van karton. We konden elke nacht de escapades van het koppel naast ons horen."

In de laatste lijn naar de aanslagen op Brussels Airport en metrostation Maalbeek besluit de groep uit elkaar te gaan. Mohamed Belkaïd, Salah Abdeslam en Sofien Ayari blijven in Vorst. Terwijl Mohamed Abrini, Najim Laachraoui en Ossama Krayem naar een laatste schuilplaats verkassen om het drama van 22 maart voor te bereiden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234