Vrijdag 18/10/2019

Abattoir Blues / The Lyre Of Orpheus

Papa Cave poetst tegenwoordig zijn tanden maar hij bijt nog steeds

CD VAN DE WEEK l nick cave & the bad seedsHHHH

Verbluffend steekspel tussen licht en donker

Er is een tijd geweest dat je met Nick Cave niet samen in een lift wilde staan. Dat was de tijd dat Cave zich vastklampte aan zijn heroïnenaald en de Australische kraai er zo gevaarlijk uitzag dat je er rekening mee hield dat hij je elk moment een mes in de rug kon ploffen. Die roekeloze levensstijl weerspiegelde zich ook in zijn rauwe, compromisloze platen. Cave maakte zinderende rock-'n-roll die als een hamer op je voorhoofd timmerde en het vertikte zich daar achteraf voor te excuseren. De songs waren in vitriool geschreven, leken voortdurend onder hoogspanning te staan en bulkten van referenties aan de Heilige Schrift.

Die Cave, hoe legendarisch ook, behoort intussen tot het verleden. De demonen zijn bedwongen, de wonden geheeld en de wilde haren door een trendy kapper kortgeknipt. Sinds een jaar of vier is Cave een voorbeeldige vader die elke ochtend naar zijn kantoortje trekt, daar achter de pc kruipt en zich afvraagt waar hij vandaag eens een nummer over zal schrijven. Die gedisciplineerde levensstijl heeft zijn productiviteit geen kwaad gedaan: anderhalf jaar na het wisselvallige Nocturama revancheert Cave zich vrij indrukwekkend met The Lyre Of Orpheus en Abattoir Blues, twee cd's die elk volledig op zich staan, maar in één, overigens erg fraaie, verpakking aan de man worden gebracht.

Een thematisch onderscheid is er niet. De songs werden pas na de opnamen opgeslitst in een helft waarop een jazzdrummer te horen is, en een deel waarop de meer rechttoe-rechtaanaanpak wordt gehuldigd. Cave ziet dit tweeluik als zijn versie van Led Zeppelins Physical Graffiti, met een harde en een experimentele helft.

Vooral die laatste haalt bij momenten een huiveringwekkend niveau, toont Cave als een volleerd crooner die over genoeg maturiteit beschikt om tegen een heel gospelkoor op te zingen, en op de koop toe songs achter de hand heeft om dit verbluffende steekspel tussen licht en donker tot een goed einde te brengen. De zwarte soul van 'O Children' klinkt bijvoorbeeld alsof ze in een kerkje midden in Harlem werd opgenomen, terwijl 'Babe, You Turn Me On' meer weg heeft van ingetogen country en 'Easy Money' zowat zijn beste croonermoment moet zijn sinds 'Into My Arms'.

De rockplaat, het toepasselijk getitelde Abattoir Blues, klinkt aanvankelijk tamelijk ordinair, tot de songs zichzelf bij de tiende beluistering toch plots overstijgen. Ook hier vertolkt het gospelkoor een intrigerende glansrol, met het gechargeerde 'There She Goes, My Beautiful World' en 'Nature Boy' als meest in het oor springende passage, al heeft dat laatste wel heel dicht naast 'Come Up and See Me (Make Me Smile)' van Steve Harley gelegen.

Cave is in topvorm en de Bad Seeds lijken het vertrek van gitarist Blixa Bargeld zonder al te veel omhaal op te vangen. De sound is er iets rechtlijniger op geworden. Een tikje minder rafelig ook. Maar wie ervan uitging dat Cave zich definitief door zijn hervonden privé-geluk had laten kisten, heeft zijn conclusies iets te snel getrokken. Papa Cave poetst tegenwoordig dan wel zijn tanden, maar hij bijt nog steeds. Niets zo gevaarlijk als een rockster met een stropdas.

(Mute/Pias)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234