Vrijdag 14/08/2020

Aanvallen bergop, en dan weer rustig een boekje lezen

Bauke Mollema (29) is bezig aan zijn meesterwerk. Tweede staat hij, op amper 1:47, met nog een dozijn Alpen-cols te gaan. Hij kan de eerste Nederlander in 26 jaar worden die het podium haalt. 'Of dat nu vijf, tien of twintig jaar geleden is: wat maakt het uit? Wat telt, is het heden.'

Bauke - 'Bau' voor de vrienden - Mollema beoefende als kind een veelvoud van sporten. "Voetbal, tennis, hardlopen, zelfs ijshockey: ik deed het allemaal." Sport was zeker een item binnen de familie, maar de wielermicrobe kroop pas later in het bloed. "Eind de jaren 90," herinnert hij zich, "toen ik op tv fanatiek de Tour de France begon te volgen en als leerling aan de middelbare school dagelijks van mijn woonplaats Zuidhorn naar Groningen trapte. Twaalf kilometer heen, twaalf terug. Door weer en wind. Ik reed zo'n beetje mijn eigen Tour, waarin ik de afstanden zo snel mogelijk overbrugde en mijn besttijden dag na dag probeerde te verbeteren."

Het competitiebeest in Mollema brak uit, vanaf dan ging het snel. Op zijn 16de kreeg hij zijn eerste racefiets cadeau. Twee jaar later, in 2004, deed hij als lid van de Noordelijke Wielervereniging Groningen mee aan wedstrijden, waarin zijn onmiskenbare talent en voorliefde voor klimwerk en rittenkoersen al meteen aan de oppervlakte kwamen. Na een korte stage bij Löwik Meubelen brak hij in 2007 door in het Rabobank Development Team. Mollema won onder meer het Circuito Montañes en de Ronde van de Toekomst, vóór Tony Martin. Het leverde hem een profcontract op bij Rabobank, dat hem de volgende vijf jaar liet openbloeien en af en toe al een keer liet schitteren (12de in de Giro 2010, 9de in Parijs-Nice 2011, 5de in de Ronde van Zwitserland 2011, 4de en winnaar op punten in de Vuelta 2011 en uitgeroepen tot Nederlands wielrenner van het jaar in 2011).

Ondertussen haalde hij zijn propedeuse (de eerste fase van de opleiding) economie aan de Rijksuniversiteit Groningen en bleef hij in zijn eerste profjaren een krappe studentenkamer betrekken. Mollema profileerde zich gaandeweg als een buitenbeentje. Saaie piet, vonden sommigen. Eerder een intelligente knul, wat teruggetrokken en introvert van aard, die zich liefst van de wereld afsluit met een goed boek. Een zevental sleurt hij er in deze Tour mee. Mollema leest Herman Koch (Geachte Heer M.), Markus Zusak (De Boekendief), John Grisham en David Baldacci. "Romans, non-fictie en biografieën. De Ronde van Italië, bekeken door de ogen van Dino Buzzati, bijvoorbeeld. Een geromantiseerd verhaal over de Giro van 1949. Lezen geeft me innerlijke rust."

Een atypische coureur, met andere woorden, die er geen ellenlange dvd-reeksen doorjaagt, zich niet suf gamet of zich een breuk tikt op sociale media. Man met brains.

Samen met zijn vriendin Jane Douma en zijn dochtertje Julien (4) en zoontje Thomas (1,5) week Mollema vorig jaar uit naar het mondaine en belastingvriendelijke Monaco. Daar verplaatst hij zich hoofdzakelijk met een omafiets, met kinderzitje voor- en achteraan.

Na drie toptienplaatsen in de Tour wenkt nu het podium en een afspraak met de Nederlandse geschiedenis. Derde? Erik Breukink (1990) achterna. Tweede? In de voetsporen van Steven Rooks (1988). Of krijgt Joop Zoetemelk, voorlopig de laatste Nederlandse Tour-winnaar in 1980, dan tóch een opvolger?

Sterk op de Ventoux

Waarom staat hij tweede? Gemakkelijkheidshalve zou je kunnen stellen: omdat Alberto Contador uit de Tour verdween, Nairo Quintana rondfietst als een mak lammetje, Vincenzo Nibali zijn voorbereiding op de Spelen in Rio laat primeren, Fabio Aru leergeld betaalt, de Fransen bleker voor de dag komen dan vorig jaar en Tejay van Garderen grandioos door het ijs zakt. Maar dat is veel te kort door de bocht.

Mollema is al vanaf de Côte de la Glacerie in Cherbourg-Octeville op dag twee goed bij de zaak. Hij zag Froome dertien seconden wegrijden in de afzink van de Peyresourde, leverde er zes in na de spectaculaire coup met Sagan op weg naar Montpellier, was 21 seconden trager dan de Keniaanse Brit op Arcalis en klokte in de tijdrit in de Ardèche af op 51 seconden. Voeg daar de bonificaties aan toe en je komt uit op 1:47. Peanuts, al bij al.

Belangrijk is dat Mollema op de Mont Ventoux op zijn minst gelijke tred hield met Froome en alleen door een beslissing van de wedstrijdjury geen tijd terugpakte op de lopende geletruidrager. "Het lijkt erop dat iedereen bonussen krijgt, behalve ik", klonk het geïrriteerd op Twitter, nadat hij samen met Froome en Porte op een motor was geknald die op zijn beurt gehinderd werd door de dichte mensenmassa. Het incident is inmiddels verteerd, Mollema vond zijn focus snel terug. "Ik klom met de allerbesten. Zalig gevoel. Het schenkt me veel vertrouwen voor de zware slotfase van deze Tour", sprak hij gisteren op de Amerikaanse ambassade in Bern, gelegenheidsadres voor de persconferentie van zijn team Trek-Segafredo.

Nieuw is de situatie niet voor Mollema. Ook drie jaar geleden stond hij op de tweede rustdag van de Tour in Vaison-la-Romaine tweede, op 4:14 van Froome. "Maar ik werd een beetje ziek, waardoor ik in de resterende zes etappes nog terugviel naar plaats zes. Ik was jong toen en iets te onstuimig in de eerste bergritten van de Tour. Nu weet ik tenminste wat ik mag verwachten. Mijn vorm is ook beter dan drie jaar geleden. Ik rijd veel vlotter bergop. Vorig jaar zette

ik wel mooie resultaten neer in de laatste week. Dat en mijn toenemende regelmaat zijn dingen om op te bouwen. Hopelijk kan ik dit niveau doortrekken tot in Parijs, want enkel de eindpositie die ik bezet op de Champs Elysées telt."

Oorlogsverklaring

Heeft Mollema een stunt in de benen? Froome duidde 'Bau' alvast aan als zijn belangrijkste rivaal. Het bracht de minzame Mollema even aan het glimlachen. "Chris is de topfavoriet, laat daar geen misverstand over bestaan. Alle druk rust op hem en op zijn indrukwekkend Sky-team, de rijkste ploeg van de UCI WorldTour met stuk voor stuk jongens die het elders tot kopman zouden kunnen schoppen. Froome valt aan in de afdaling, roert zich op het vlakke met de neus in de wind, imponeert tegen de klok: hij rijdt bijzonder agressief en tracht elke kans op tijdwinst te benutten. Ik moet realistisch zijn. 1:47 is best wel een grote kloof die ik in de cols of in een klimtijdrit nog nooit heb dichtgereden op Froome in de laatste week van een grote rittenkoers. Dat wordt dus geen simpele opgave."

Maar Froome is ook maar een mens, bedenkt Mollema zich. "Vorig jaar verloor hij tijd op Quintana in de Pyreneeën. Waarom zou dat nu niet in de Alpen kunnen?" Voorzichtig verklaart de stille kopman de geletruidrager de oorlog. "Geef me de benen van de voorbije bergritten, laat Froome tekenen van zwakte vertonen en ik sla toe. Je weet maar nooit."

Pluspunt: de Alpen kennen geen geheimen voor Mollema. Hij verkende de finales van alle etappes. "Finhaut-Emosson is een lastige, steile slotklim. De tweede chronorace dient zich aan als heel interessant. Saint-Gervais Mont Blanc en Morzine worden twee korte maar intense ritten. De Tour krijgt een boeiend slot. Tuurlijk droom ik stiekem van de eindzege, of op zijn minst van een podiumplaats in Parijs. Maar ik bekijk het rustig, van dag tot dag."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234