Donderdag 24/06/2021

Jeugdhulp

Aantal jongeren in crisissituatie met 20 procent gestegen

null Beeld ANP XTRA
Beeld ANP XTRA

Alsmaar meer jongeren en hun ouders doen een beroep op crisishulp. Vorig jaar waren er 6.527 aanmeldingen bij de crisisnetwerken in de jeugdhulp. Dat is een stijging met zo'n 20 procent tegenover de 5.456 aanmeldingen in 2014.

Een kant-en-klare verklaring voor de stijging is er niet, maar de grotere bekendheid en bereikbaarheid van de crisismeldpunten speelt zeker een rol. Dat heeft Stefaan Van Mulders, leidend ambtenaar van het agentschap Jongerenwelzijn, maandag gezegd bij de voorstelling van het eerste jaarverslag jeugdhulp.

Sinds maart 2014 is er in de sector van de jeugdhulp sprake van een integrale en intersectorale benadering. Nu ligt het eerste gebundelde jaarverslag jeugdhulp op tafel.

Een van de vaststellingen is dat het bereik van de jeugdhulp groot is. Een voorbeeld: zo'n 321.000 kinderen en jongeren klopten in het schooljaar 2014-2015 aan bij de Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB). Dat is een kwart van alle jongeren. Het gaat dan bijvoorbeeld om jongeren met leerproblemen of kinderen die geconfronteerd worden met pestgedrag. Daarnaast zijn er onder meer de centra voor algemeen welzijnswerk (CAW's) die vorig jaar bijna 24.000 jongeren hebben bereikt. "Een bewijs dat jeugdhulp meer is dan enkel gespecialiseerde hulp in instellingen", aldus Katrien Verhegge, administrateur-generaal van Kind & Gezin.

Wat dan die gespecialiseerde hulp betreft, lag het aantal aanmeldingen in 2015 met 14.307 stabiel. Eind 2015 stonden er wel nog 7.347 jongeren op een wachtlijst. Dat is een lichte daling tegenover de 7.427 eind 2014. De noden blijven dus hoog. "Maar dat betekent niet dat er voor hen geen hulp aanwezig is. Vaak hebben zij al een vorm van begeleiding", aldus Stefaan Van Mulders van Jongerenwelzijn.

Op zoek naar verklaring

Uit de cijfers blijkt ook dat 65 procent van de jongeren op relatief korte termijn - binnen de 60 dagen - hulp krijgt. "Maar voor 8 procent is de wachttijd langer dan een jaar", aldus Van Mulders. Een bewijs dat blijvend moet geïnvesteerd worden in de uitbreiding van het aanbod. Dat erkent ook minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V). "De nood aan groei in het aanbod is evident. We moeten daarin blijven investeren. Maar vaak krijgen de jongeren die op de wachtlijst staan al wel hulp, maar dat is niet altijd de meest adequate hulp", aldus de CD&V-minister.

Het aantal meldingen bij de crisisnetwerken steeg vorig jaar met 20 procent naar 6.527. In 2013 lag het aantal aanmeldingen zelfs maar op 3.551. "We gaan op zoek naar een gepaste verklaring", aldus Van Mulders. Maar de stijging zou voor een stuk verklaard kunnen worden door de grotere bekendheid en bereikbaarheid van de zes crisismeldpunten. Zo kunnen (sinds maart 2014) ook jeugdrechters en ouders zelf aanmelden. In het jaarverslag wordt ook verwezen naar "maatschappelijke evoluties". "De samenleving staat onder druk, sommige (eenouder)gezinnen hebben het niet gemakkelijk. Soms is het sociale netwerk van de ouders of de jongere te beperkt om een crisissituatie het hoofd te bieden", luidt het.

Het aantal jongeren dat een delict pleegt, daalt intussen al jaren. Zo waren er vorig jaar 2.326 met een zogenaamde MOF-maatregel (een als Misdrijf Omschreven Feit). Dat is een daling met 8 procent en het gaat om het vijfde jaar op rij met een daling.

Het jaarverslag zet ook de groeiende pleegzorg in de verf. "Pleegzorg is, zeker bij jonge kinderen, de eerste optie bij uithuisplaatsingen", aldus Katrien Verhegge van Kind & Gezin. Eind 2015 waren er 5.657 pleegzorgsituaties. Dat is een stijging met 332 pleegzorgsituaties of 6 procent tegenover 2014.

"Cijfers zijn dramatisch"

"Dramatisch." Zo bestempelt Vlaams parlementslid Freya Van den Bossche (sp.a) de cijfers in het jaarverslag jeugdhulp. "Honderden kinderen en jongeren moeten bijna vier jaar of langer wachten op hulp. Dat zijn dramatische cijfers. Elk kind en elke jongere moet de hulp krijgen die hij of zij nodig heeft. En niet over vier jaar, maar hier en nu", aldus Van den Bossche.

Van den Bossche focust in haar reactie op de jongeren die op de wachtlijst staan voor gespecialiseerde hulp. Dat sommige jongeren jaren moeten wachten op adequate hulp kan voor de sp.a-politica niet door de beugel.

Van den Bossche: "Bijna 800 kinderen en jongeren met een beperking wachten gemiddeld 1.366 dagen op de start van de juiste hulpverlening - dat is bijna vier jaar. Nog eens meer dan 1.600 minderjarigen met een beperking werden in de loop van 2014 op een wachtlijst voor hulp gezet, en stonden daar met nieuwjaar 2016, meer dan een jaar later, nog steeds op. Jongeren met een erg ernstige hulpvraag kunnen een zogenaamde 'prior' krijgen, waarmee zij vooraan op de wachtlijst worden geplaatst. Maar desondanks wacht meer dan de helft van hen negen maanden later ook nog steeds op de start van de hulpverlening."

De sp.a-politica spreekt van "onthutsende" en "dramatische" cijfers. "Het gaat hier stuk voor stuk om erg kwetsbare kinderen en jongeren, en Vlaanderen slaagt er maar niet om hen de hulp te bieden die zij nodig hebben. De wachtlijsten voor hulp krimpen niet, integendeel. Deze Vlaamse regering weigert systematisch om de nodige middelen te investeren om die kinderen en jongeren te helpen. Wij zijn één van de meest welvarende regio's in de wereld, maar de overheid laat die kinderen en jongeren in de steek."

Freya Van den Bossche Beeld BELGA
Freya Van den BosscheBeeld BELGA
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234