Maandag 05/12/2022

Aan de grond in Limerick

Regisseur Alan Parker over zijn verfilming van Frank McCourts roman 'Angela's Ashes'

Drama en tragiek zijn inderdaad overvloedig aanwezig in Angela's Ashes (in het Nederlands vertaald als De as van mijn moeder), waarin Frank McCourt verslag uitbrengt van zijn "ellendige kindertijd" in het Limerick van de jaren dertig en veertig. Het was niet zomaar een ellendige kindertijd, noteert hij al op de eerste pagina: "Erger dan de gewone ellendige kindertijd is de ellendige Ierse kindertijd, en nog erger is de ellendige Ierse katholieke kindertijd." De ironische toon is gezet en tegelijk hoeft het niet echt te verbazen dat regisseur Alan Parker geen toestemming kreeg van de katholieke clerus in Limerick om in haar kerken te filmen.

De jonge Frank wordt in diverse leeftijdscategorieën vertolkt door verschillende jonge acteurs; zijn devote, maar hopeloos vermoeide en vernederde moeder Angela wordt gespeeld door Emily Watson, terwijl Robert Carlyle de rol van de meestal werkloze, veel te vaak dronken, maar wel over veel verteltalent beschikkende vader Malachy McCourt voor zijn rekening neemt.

"In heel wat opzichten heeft het boek een klassieke filmstructuur," merkt regisseur Parker op. "Een jongen wordt met zoveel tegenspoed geconfronteerd en weet daar dan toch bovenuit te stijgen. Dat is erg verheffend. Ik ben zelf ook een kind uit de arbeidersklasse, maar bij ons was de situatie niet zo ellendig als bij Frank, alhoewel de klassenscheiding hier in Engeland toen nog uitdrukkelijk aanwezig was. En aangezien ik uit een protestants milieu kwam, was de katholieke kerk niet relevant in mijn leven, terwijl dat bij Frank McCourt wel het geval was. Ik ben opgegroeid in het noorden van Londen, wat meteen ook verklaart waarom ik een supporter ben van Arsenal. Net als Emily Watson trouwens, want die heeft daar in haar jeugd ook gewoond.

"Maar er was ook nog een andere, persoonlijke reden om deze roman te verfilmen. Zo'n tien jaar geleden heb ik al een film in Ierland gedraaid, The Commitments (naar het boek van Roddy Doyle, JT). Dat is me toen zo bevallen dat ik waarschijnlijk vanuit mijn onderbewustzijn op zoek ben gegaan naar een ander project dat ik opnieuw in Ierland zou kunnen verfilmen. Terug naar de Guinness!"

Sommige filmcritici menen een verband te zien tussen de arbeidersklasse-achtergrond van Alan Parker en zijn voorkeur voor filmverhalen, zoals The Commitments en ook wel de musicals Fame en Evita, met personages die het, ondanks maatschappelijke tegenkanting en/of een onfortuinlijke uitgangspositie, uiteindelijk toch maken in het leven. "Misschien is dat wel zo," reageert Parker voorzichtig. "Maar dat is hoe dan ook iets dat eerder door journalisten moet worden uitgezocht, want zelf hou ik mij daar absoluut niet mee bezig. Ik denk trouwens niet dat er ook maar één filmmaker is die zegt: 'O, dit zal mijn volgende film worden, want het verhaal sluit goed aan bij de thematiek van mijn andere films.' Het gebeurt eerder... per vergissing, zonder dat je het zelf beseft. Je kiest een welbepaald verhaal om te vertellen en automatisch komen daar dan thema's in terecht die ook in je vorige films aan bod zijn gekomen. Zelf let ik niet op mogelijke verbanden, maar misschien moet ik daar toch wat meer over na gaan denken. Elke keer als ik na het beëindigen van een film aan de interviews begin, heb ik het gevoel dat mijn antwoorden saai en banaal zullen klinken. Misschien moet ik maar eens gewoon zo'n gemeenschappelijke thematiek in mijn werk verzinnen (lacht).

"Persoonlijk hou ik er niet van om de thema's die ik in mijn films aan bod wil laten komen, ook nog eens uitdrukkelijk te verklaren. Ik opteer wel bewust voor films die een groot publiek kunnen bereiken maar die daarnaast toch ook enige sociologische of politieke relevantie hebben. Dat is absoluut geen makkelijke combinatie, maar dat evenwicht probeer ik wel iedere keer te bereiken. Soms lukt het, soms niet."

Armoede en misère troef dus in Angela's Ashes, maar op visueel vlak is de film zonder meer prachtig. Veel (erg veel) regen, veel mist, veel groezelige interieurs, veel bleke gezichten en veel grauwe kostuums, maar wel op sublieme wijze gefotografeerd door Michael Seresin, met wie Alan Parker in het verleden al vaak heeft samengewerkt.

"Omdat we elkaar al zo lang kennen, hoeven we niet veel te overleggen, want we weten inmiddels dat we ongeveer dezelfde esthetische smaak hebben," legt Parker uit. "We hebben wel veel zwartwitfoto's uit die periode bekeken, uiteraard omdat die toen meestal in zwart-wit waren. Uitgangspunt was, ook wat de kostuums en de algemene production design betrof, om de kleuren zoveel mogelijk te temperen, zodat we uiteindelijk met een gelimiteerd kleurenpalet aan het werk waren. De belichting zelf was heel eenvoudig, meestal met één enkele lichtbron, zodat er ook snel gewerkt kon worden. En dan hebben we in het laboratorium de beeldband ook nog op een speciale manier bewerkt, met een Technicolor-procédé dat indertijd door Vittorio Storaro ontwikkeld werd en waarbij een hoger zilverpercentage bewaard blijft, waardoor dus ook de densiteit van de kleuren hoger wordt."

Toen Alan Parker in april 1998 voor het eerst een bezoek bracht aan Limerick, was hij al gewapend met een straatplan dat hij op een of andere website van Angela's Ashes-fans had gevonden. Daarop stonden zowat alle locaties van de roman van Frank McCourt heel gedetailleerd aangeduid, van de St. Joseph Church (waar hij zijn eerste communie deed) tot de Lyric Cinema (die in 1964 gesloten werd en nu een parkeergarage blijkt te zijn). In Limerick worden nu trouwens regelmatig literaire wandelingen georganiseerd voor liefhebbers van het boek, de zogenaamde McCourties zoals ze daar genoemd worden. Aan zijn eigen contacten met de plaatselijke bevolking heeft Alan Parker intussen de indruk overgehouden dat de bewoners van Limerick in twee tegengestelde kampen verdeeld kunnen worden: zij die vinden dat die (nu welgestelde) Ierse Amerikaan de ramp- en tegenspoed van zijn jeugd fel overdreven heeft, en zij die beweren dat ze indertijd naast de McCourt-familie gewoond hebben.

Opmerkelijk was wel dat de website waar Alan Parker zijn Limerick-plan gevonden had, van Japanse makelij bleek te zijn. "Ik kan makkelijk begrijpen waarom het boek zo'n groot succes is in de Verenigde Staten, vanwege het gigantische aantal Amerikanen van Ierse origine. En ik kan ook begrijpen dat het boek aanslaat in landen met een overwegend katholieke achtergrond," legt Parker uit. "Maar het blijft voor mij een mysterie waarom de respons zo groot is in een land als Japan, waar de cultuur toch totaal verschillend is. Het verhaal moet dus duidelijk een universele uitstraling hebben, anders kan ik die fascinatie van de Japanners voor Angela's Ashes niet verklaren. Ik heb er al over gesproken met Japanse journalisten, maar ook zij hebben er geen sluitende verklaring voor."

Sinds zijn debuut, de kindermusical Bugsy Malone uit 1975, heeft muziek vaak een belangrijke rol gespeeld in de films van Alan Parker. Toch is Angela's Ashes de eerste film waarin hij gebruikmaakt van een traditionele soundtrack, die in dit geval gecomponeerd werd door John Williams.

"Ik ben zelf geen muzikant - twee van mijn zonen zijn dat vreemd genoeg wél geworden - maar ik kies wel alle stukjes zogenaamde source music, zoals het liedje van Billie Holiday of de 'Dipsy Doodle'-song van Nat Gonella. Maar dit keer heb ik voor het eerst ook een conventionele score gebruikt, waarbij ik dus de afgewerkte film in handen heb gegeven van een componist, John Williams, die dan zijn muziek bij mijn beelden geschreven heeft. Vroeger ging het meestal andersom, in die zin dat ik de film monteerde op de muziek die ik eerder al geselecteerd had. Bij Evita heb ik bij voorbeeld vier maanden gespendeerd aan de muziek, voor we met de eigenlijke filmopnamen begonnen zijn.

"Bij Angela's Ashes wou ik het eens met een gewone score proberen, juist omdat ik het nog nooit eerder gedaan had. Ik weet niet eens of het mij vroeger al dan niet bevallen zou zijn; ik was het eigenlijk altijd uit de weg gegaan. Hier heb ik een voorlopige mix gemaakt, met alle source music en met stukjes John Williams-muziek uit andere films. Op die manier kon ik hem laten zien waar ik welk soort muziek wou. En dan heeft hij dus zijn nieuwe score geschreven, terwijl de source music natuurlijk bewaard bleef, omdat die organisch met het filmverhaal verbonden was.

"Ik kan mij voorstellen dat men hier in Europa vindt dat een dergelijke score soms manipulerend werkt. Neem bijvoorbeeld de scène waarin Frank dat register van mevrouw Finucane met alle schuldbewijzen in de Shannon-rivier gooit: op dat moment zwelt de muziek aan tot een emotioneel hoogtepunt. Toen ik dat zag, dacht ik wel even: 'Oei, dat zullen de critici in Parijs niet leuk vinden' (lacht). Maar de Amerikanen zijn er dol op."

Zoals tegenwoordig steeds vaker gebeurt in Hollywood, werd Angela's Ashes door twee grote studio's of zogenaamde majors, Universal en Paramount, samen gefinancierd. "Dat was oorspronkelijk niet de bedoeling," legt Parker uit. "In eerste instantie betrof het een coproductie tussen de Amerikaanse studio Paramount en het Europese filmbedrijf Polygram, waarmee ik een deal had. Bij Polygram, met zijn Europese benadering, was het altijd zo dat, zodra er overeenstemming werd bereikt over het scenario en het budget, de regisseur zijn gang kon gaan. Bij Amerikaanse studio's is er meestal meer sprake van inmenging. Maar toen werd Polygram dus jammer genoeg opgekocht door de multinational Seagram, die al eigenaar was van Universal. En dus was ik plots bezig met een film voor twee grote Hollywood-studio's. Bij een dergelijke constructie is er wel altijd sprake van een 'hoofdstudio', in dit geval dus Paramount. Het is al moeilijk genoeg om met één studio te onderhandelen; met twee zou het pas echt een nachtmerrie worden.

"Maar in dit geval beschikte ik over de final cut en de samenwerking is vlot verlopen. Het budget schommelde rond de 30 miljoen dollar (1,25 miljard frank). Voor Europa is dat een pak geld, maar naar Amerikaanse maatstaven is dat niet eens zoveel. En dus hebben ze mij eigenlijk met rust gelaten. Ze kregen de eerste afdruk toegestuurd en dus konden ze tijdens het draaien wel degelijk volgen waar we mee bezig waren. Indien er iets was om zich zorgen over te maken, hadden ze het wel laten horen. Maar nu zijn ze niet eens op de set geweest."

Misschien kwam dat wel omdat ze wisten dat het in Ierland en zeker in een film als Angela's Ashes zo vaak regent, suggereer ik. Alan Parker schatert het uit: "Ja, ik zie ze daar al rondlopen in de regen en de kou met hun dure Gucci-schoentjes."

Tegelijk beseft Parker, die een tijdlang voorzitter was van het British Film Institute en in augustus vorig jaar aangeduid werd als hoofd van de pas opgerichte Film Council, dat de gespannen verhouding tussen Hollywood en de Europese film niet in zwartwittermen geanalyseerd kan worden. "Er is duidelijk sprake van een veranderde instelling bij het publiek wat die massale voorkeur voor Amerikaanse films betreft. Maar het blijft een probleem van de kip en het ei. Ik weet niet hoe de situatie in België is, maar hier in Groot-Brittannië nemen de Amerikaanse films zo'n negentig procent van het bioscoopaanbod voor hun rekening. Als een publiek eenmaal die gewoonte heeft aangenomen, wil het steeds meer van hetzelfde. In dit land heeft het grootste deel van het bioscooppubliek het totaal verleerd om nog eens naar een anderstalige film te gaan kijken. Dat is een groot cultureel verlies. Toen ik opgroeide, stonden er in Londen altijd wel ergens vijf Franse, een Japanse en twee Duitse films op het programma. Ik denk dat er momenteel meer anderstalige films te zien zijn in New York of in Los Angeles dan in Londen.

"Het bioscooppubliek is toe aan een soort heropvoeding, maar dat is ook een kwestie van distributie en vertoning. Vroeger kreeg een film nog de kans om zijn publiek te vinden, tegenwoordig verdwijnt hij uit de zalen als hij de eerste week niet meteen aanslaat.

"Een bijkomend probleem is dat er hier, van het weinige overheidsgeld, te veel gespendeerd wordt aan filmproductie. Er is een mentaliteitswijziging nodig: meer geld voor filmopvoeding om een nieuw publiek aan te boren en dan komt er op natuurlijke wijze geld ter beschikking voor productie. De laatste drie, vier jaar zijn in dit land te veel films gemaakt waar niemand naar ging kijken. Er was geen publiek voor en vaak hielden de critici er ook al niet van. Wat voor zin heeft het dan? Waarom moeten die films dan nog gemaakt worden?"

TITEL: Angela's Ashes. REGIE: Alan Parker. SCENARIO: Laura Jones en Alan Parker, naar de gelijknamige roman van Frank McCourt. FOTOGRAFIE: Michael Seresin. MUZIEK: John Williams. PRODUCTIE: Scott Rudin, David Brown en Alan Parker. VERTOLKING: Emily Watson, Robert Carlyle, Joe Breen, Ciaran Owens, Michael Legge, Ronnie Masterson, Pauline McLynn, Liam Carney, Eanna Macliam, Shane Murray Corcoran, Devon Murray, Peter Halpin, e.a. VS, 2000, kleur, 148 min. Gedistribueerd door UIP.

Limerick kan in twee kampen worden verdeeld: zij die vinden dat McCourt de rampspoed van zijn jeugd fel overdreven heeft, en zij die beweren dat ze naast de McCourt-familie gewoond hebben

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234