Woensdag 08/12/2021

Aagje, reloaded

Niets wees erop dat aan haar bestaan van topgymnaste ook een donkere kant zat. Zestien geworden, de wereld aan haar voeten, de looks van een kleine godin, goed gepresteerd op de Olympische Spelen, wereldberoemd in Vlaanderen, alom geliefd en dan, ineens: de Dip. Tien jaren van labeur - waarvan de helft met weken van dertig uur training - hadden bij Aagje Vanwalleghem hun tol geëist, maar toen ze dreigde te ontsporen stuurde haar gymfederatie haar naar Amerika voor een clean install. 'Net op tijd, ik was onhandelbaar geworden.'

'Ja, laten we naar Starbucks gaan", zegt het meisje enthousiast, maar voegt daar iets later beschroomd aan toe: "Niet dat ik het niet kan betalen, maar het is daar wel duur, hoor." Waarop ze een minuutje gratis mediatraining krijgt. Dat in ruil voor de tijd die atleten afstaan, de media graag een thee en een broodje tonijn betalen. "Oké dan, Starbucks."

Aagje en de eeuwige verwondering, het was niet anders bij een eerste contact toen nog in Gent. Athene zat er aan te komen en na een gesprek van een half uurtje keerde ze de rollen om en vroeg honderduit over de Olympische Spelen. Of het leuk was? En hoe groot was groot? En het olympische dorp, wat moest ze zich daarbij voorstellen? Ze vertrok met hele hoge verwachtingen en die zijn allemaal uitgekomen. Ze zag sterren, leerde Justine Henin persoonlijk kennen, haalde de allroundfinale en van de grandeur van de Spelen was niets gelogen. "Twee weken is niet lang en nu moeten we weer vier jaar wachten. Maar ja, mocht het omgekeerd zijn, dan waren de Spelen niet zo speciaal. Toch?"

Dat was vier maanden geleden en nu zitten we in Plano, Texas, een voorstad van Dallas. Het is vrijwillig gegaan, maar het heeft toch iets weg van een ballingschap, zij het dat goede bedoelingen aan de basis liggen. "Eén vergadering, contact leggen met Evgeny Marchenko in Plano, en een week later zat ze op het vliegtuig", legt turnbaas Dirk Van Esser uit. "Wij doen daar niet moeilijk over."

Aagje Vanwalleghem ook niet. "Ik heb gezegd dat ik zou gaan en hier ben ik. Nog anderhalve week. Niet dat ik echt heimwee heb, maar ik zou mijn zusjes willen terugzien en mijn mama en mijn pony. En bruin brood eten. Dat gastgezin eet alleen maar wit brood en dat lijkt op een spons. Terwijl ze het zouden kunnen betalen, hoor, bruin brood. Op een dag hoorde ik die mijnheer zeggen dat hij 150.000 dollar verdient."

"En dat huis is zo donker, en weet je dat er daar een beer, geschoten natuurlijk, op de grond ligt? En aan de muur hangt een dode koe, allez, het geraamte."

In dat donkere huis van dat gastgezin hebben ze behalve dode beesten ook een dochter van vijftien, maar die zit in Aagjes waardenschaal in de buurt van het brood. Ze zit op dezelfde turnclub en ze rijden samen naar de training, zes dagen per week, maar verder is er geen contact, ook niet thuis. "Ze is niet aardig. Ze is ook niet zo goed, misschien is ze een beetje jaloers. Haar ouders zeggen voortdurend dat ze te dik is. Ik denk dat ze haar niet graag zien. Maar ja, soms denk ik dat ook over mijzelf: mijn mama niet hoor, maar ik weet dat er andere mensen zijn die mij niet graag hebben."

Dat valt wel mee. Terecht of onterecht, laten we dat in het midden, maar nooit is een 23ste plaats op de Olympische Spelen meer opgehemeld dan in augustus laatstleden met Aagje Vanwalleghem, de ontwapenende tiener met het uiterlijk van een prinses en een onbezoedelde logica.

Afgelopen dinsdag. 8 a.m. Plano, Texas, totnogtoe vooral bekend als de plek waar Lance Armstrong opgroeide maar sinds afgelopen zomer staat het te boek als een turnmekka. Op de hoek van Custer en Parker zit de typisch Amerikaanse mall. "De World Olympic Gymnasts Academy (WOGA) is makkelijk te vinden, ga gewoon naar binnen en doe alsof je thuis bent. We vinden het leuk als mensen ons komen bezoeken." Het was schrikken toen twee weken geleden een Russisch-Amerikaanse stem zich door de telefoon voorstelde als 'Evgeny Marchenko, calling from Texas, how are you?' De wereld kent Marchenko als de boomlange coach van de piepkleine Carly Patterson die in Athene tot veler verrassing olympisch goud behaalde in de allround. De beelden van de innige omhelzing van pupil en coach na de spannende finale tegen favoriete Khorkina gingen de wereld rond.

Marchenko, ex-wereldkampioen acrogym, en zijn vennoot Valery Liukin, meervoudig artistiek olympisch goud, zijn dezer dagen hot in de VS. Ooit waren ze dat ook in België en beiden houden ze goede herinneringen over aan de Waregemse mecenas Bernard Devos en zijn gymgala in de Happy-tennisclub. "België is mijn tweede thuis in Europa", zegt Marchenko. "Prachtig land, maar geen turntraditie, anders was ik daar met een zaal begonnen."

Dus werd het de VS, na de implosie van de Sovjet-Unie. De twee gezworen vrienden die elkaar op turnacademie in Kazachstan leerden kennen en samen sportacademie afmaakten, runnen na een moeilijke start een turnfabriek met twee vestigingen. De WOGA verraadt gezonde ambitie: World Olympic Gymnasts Academy. Ze hebben inmiddels twee wereldkampioenen en één olympische kampioen, maar dat was niet de achterliggende gedachte. "Valery en ik wilden onze eigen titels uitspelen. Het leek ons een goede naam. De concurrentie is verschrikkelijk: binnen vijf minuten rijden hebben de kinderen de keuze uit vijftien clubs die allemaal beweren dat ze het beste halen uit uw kind."

Voorlopig spant de WOGA toch de kroon, ondanks het Russische stempel. "Wat wil je? Negen van mijn tien coaches zijn Russen. Waarom? Omdat ze gediplomeerde trainers zijn. Hier heb je moms die drie uur cursus 'safety in the gym' volgen en zichzelf als trainer willen verkopen. Ik weet wat ze over ons zeggen: ga niet naar de Russen, die maken je kind kapot. 'The Russians eat their kids', die onzin. Tot ze ons op de competities zagen omgaan met onze gymnasten. Daarna volgde de mond-aan-mondreclame."

Alleen al in Plano zijn 1.300 leden ingeschreven. Van hen komen er 200 uit in competitie. De toppers betalen 550 dollar per maand lidgeld. Ook kinderen die drie keer per week komen oefenen in de hoop vooral niet aan te komen zoals de helft van de Amerikaanse bevolking, maken hun ouders 180 dollar per maand lichter. Plano, hoeft het uitleg, is een rijke voorstad in de Dallas-Fort Worth-metroplex.

Het is vijf voor acht en alle gymnasten beginnen zonder aanwijzingen aan hun opwarming. Drie en een half uur later zit de training er op. In de namiddag wordt gerust en vervolgens getraind van vier uur tot zeven. Op vrijdag en zaterdag wordt in de namiddag iets vroeger gestopt, wat het totaal aantal trainingsuren op 36 brengt.

Een tiental coaches begeleiden de esbattementen. Later komt Marchenko aanwaaien, onmiskenbaar Russische looks, maar die kop koffie in de hand verraadt hoe zeer hij geamerikaniseerd is na elf jaar in de VS. "Sorry dat het hier zo leeg is. Als je volk wilt zien, vanmiddag zijn hier vijfhonderd turners. Dit zijn alleen de competitiegymnasten die twee keer per dag trainen." En hij verdwijnt in de zaal waar hij elke aanwezige tegen de borst drukt.

"Dat vind ik hier nog het leukste", zal Aagje Vanwalleghem toegeven. "Het gaat er hier echt hartelijk aan toe. Ik weet nog toen Evgeny mij van de luchthaven kwam afhalen hoe hij mij een knuffel gaf. Ik dacht: wuk is dat hier? ('wuk' is Kortrijks voor 'wat', HV). Ik mis dat in België. Mijn trainer is niet zo hartelijk. Bij ons is het allemaal harder, kouder. Er wordt in België ook veel meer gezeurd tegen de kleine turnstertjes over hoe ze op hun gewicht moeten letten. Hier hoorde ik de trainer van de elitegroep zijn turnsters belonen met een ijsje. Tijdens de krachttraining mag zelfs gelachen worden. Ook dat is bij ons ondenkbaar. En de naijver is hier ook minder. Raar hé, ik ben echt verrast."

Het verhaal wil dat het andersom is. Dat in de VS de turnclubs heuse kindfabrieken zijn, waar ouders hun geprojecteerde droom herbeleven in hun kinderen. De 'pixies' werden bekend bij het grote publiek toen tien jaar geleden het grote klachtenboek over turnen en ijsschaatsen uitkwam: Little Girls in Pretty Boxes. Georganiseerde kinder(zelf)moord was de conclusie na lezing van het zeer goed gedocumenteerde boek.

Maar tijden zijn veranderd, vooral in de VS. De Roemeen Bela Karolyi en zijn turnkamp in Houston zijn niet meer de norm, hoewel zijn vrouw de hoofdcoach van het Amerikaanse team was in Athene, en het meedogenloze Roemeense model dat Nadia Comaneci en vele anderen produceerde, is vervangen door een lightversie. Een nieuwe generatie turncoaches diende zich aan. Onder hen een legertje Russen, zoals de staf van de WOGA.

De formule van Marchenko en Liukin is redelijk uniek. Bijna corpulente meisjes in glimmende trainingspakjes met niet meer ambitie dan een bestaan als cheerleader op hun highschool bewegen zich 's namiddags tussen olympische toppers die even later de meest halsbrekende toeren uithalen aan de brug met ongelijke leggers.

Als olympisch kampioene Carly Patterson die dag vijf minuten langskomt, stopt het leven even in de turnacademie. Ze meldt dat ze nog een weekje vrijaf neemt omdat ze nog voor vijf shows en optredens is geboekt, waaronder het aansteken van de lichtjes van de kerstboom in Manhattan. Maanden geleden was ze nog ieders vriendin, maar de regels van het instante sterrendom, made in the US, willen dat ze nu naast haar schoenen loopt. "Ik vind ze niet aardig. Ze heeft een dikke nek gekregen", luidt het ongevraagde verdict van Aagje Vanwalleghem. "Maar ze heeft wel 42 shows gedaan en dat bewonder ik dan weer."

Al bij al blijft het een darwinistische omgeving waarin Aagje Vanwalleghem de afgelopen anderhalve maand trainde. Als aan het eind van de ochtendtraining een brugoefening bij een van de jonge meisjes niet wil lukken, mag ze met Liukin een kwartiertje in zijn kantoor. Iets later komt ze huilend naar buiten. "Die kleine, Liukin, dat is een strenge. Evgeny is rustiger", weet Aagje. "Ik ben blij dat ik bij Evgeny zit. Ik heb thuis al een strenge trainer."

Zelfs al traint Patterson niet, dan is de Belgische nummer één nog maar middelmaat in de competitiegroep. Twee van haar trainingsmaatjes misten op een haar de Spelen en aankomende talentjes, zo licht als veertjes, doen nu al dingen die zij nooit meer zal kunnen. "Het kan mij niet schelen wat ze kunnen. Ik weet wat ik weer kan. Ik zal mijn olympische niveau weer aankunnen en daarna wil ik nog iets beter worden."

Peking 2008 halen, dat is nu het doel. Even zag het ernaar uit dat de post-olympische dip onoverkomelijk diep zou zijn. Op de Spelen had ze al last van een stressfractuur in de voet en toen die maar niet wilde genezen en ze alleen maar conditie en brug mocht trainen, zonk de moed haar in de schoenen. "Die eerste maand leefde ik nog in een roes, maar dan komt het besef: het is allemaal achter de rug en wat nu? Mijn voet deed nog pijn en na een uur training had ik al geen zin meer."

Ze kreeg ruzie met haar Nederlandse coach, Gerrit Beltman. Daar heeft ze nu spijt van. "Hij werd boos op mij, terecht, en als gevolg daarvan werd ik boos op hem en toen spraken we niet met elkaar. Terwijl ik goed weet dat Gerrit mij heeft gebracht waar ik nu sta. Maar wat wil je, ik was onhandelbaar geworden. Erg hé? De psychologe van de federatie heeft mij geholpen. Of ik naar Amerika wilde, vroegen ze mij. Ik zei ja. Op het vliegtuig voelde ik al dat het een goede beslissing was. Ik weet dat ik nog vier jaar verder wil doen."

Gemakkelijk wordt het niet. Dit jaar is ze weer gegroeid. Van 1m55,9 naar 1m57,5. In de wereldtop behoort ze daarmee bij de langste turnsters. Hoewel niet dik, zit ze vanwege haar spiermassa ook qua gewicht bij de top. Hoe zwaarder en hoe langer, hoe groter de krachten die op haar lichaam inwerken. Nu de stressfractuur is genezen, houdt ze vooral zware benen over van een flinke training. Het regime van Marchenko en de WOGA mag dan relax lijken, 36 uur training per week blijft een bijna onmenselijke belasting voor lijf en leden.

Ze was vastberaden eergisteren, toen ze aan de rekstok van de mannen samen met haar gelegenheidscoach de Katchev-beweging oefende. Nieuwe elementen uitproberen is een deel van haar upgrade die veel weg heeft van een schone installatie van een nieuw operating system. "Ik was alles vergeten toen ik hier kwam. Je gelooft mij niet? Vraag het Evgeny."

"Ach", minimaliseert de coach, "ze was uit vorm, meer niet, en dan lukt zelfs het simpelste niet." Marchenko weet wat er scheelt: "Aagje moet door een proces dat vele meisjes meemaken. Vroeger stopten ze met hun sport, maar gelukkig is er nu plaats voor jonge vrouwen aan de turntop. Dat is het probleem van Aagje. Ze wordt vrouw. Een, misschien twee jaar zal ze problemen hebben, haar karakter zal veranderen, haar lichaam uiteraard ook, maar dan zal dat metabolisme weer vertragen. Als ze zich door die moeilijke periode kan spartelen, heeft ze nog mooie jaren tot Peking en misschien zelfs daarna voor de boeg."

Het verhaal wil dat Aagje Vanwalleghem - het eerste topproduct van de topsportwerking van de gymfederatie - de hete adem in haar nek voelt van de aankomende talenten. Tot dan hing ze maar wat in de zetel van het koffiehuis, maar nu schieten haar mooie ogen vuur en kromt ze haar rug. "Ah ja, wie zegt dat? Drie meisjes komen er aan, inderdaad. Ik voel geen druk hoor. Ik denk dat onderling tussen hen de competitie veel groter is. Hete adem, pfff. Ik ben zelfs blij dat er eens wat andere meisjes komen, dan kunnen we eindelijk een keer een team maken. En ik moet gewoon zorgen dat ik de beste blijf."

'Ik zou mijn zusjes willen terugzien en mijn mama en mijn pony. En bruin brood. Dat gastgezin eet alleen maar wit en dat lijkt op een spons'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234