Vrijdag 30/10/2020

48 impressies van de Seine

De vallei van de Seine is minder bekend dan de vallei van de Loire met zijn kastelen. Maar wie kent er de waterlelies van Monet niet? Of de roeiers van Renoir? Tussen Parijs en de Noordzee vereeuwigden de impressionisten de mooiste plekjes langs de Seine. Deze zomer kun je in hun spoor door de vallei van de Seine trekken, met guingettes en déjeuners sur l’ herbe. De Belgische designer Arne Quinze doet ook een duit in het zakje en maakt in Rouen spectaculaire installaties van waterlelies en bruggen.

Voor het eerst wordt deze zomer een Festival Impressioniste georganiseerd in de vallei van de Seine, met als hoogtepunt de tentoonstelling Une ville pour l’Impressionnisme, Monet, Pissarro, Gauguin à Rouen die nu van start gaat in het Musée des Beaux-Arts de Rouen. Achtentwintig van de dertig versies die Monet van de kathedraal van Rouen schilderden zullen voor één keer naast elkaar te zien. De nachten in Rouen gaan met laser- en lichtkunst impressionistisch kleuren, langs de Seine zullen déjeuners sur l'herbe en guingettes de gouden jaren van weleer doen herleven. Alle info vind je op www.impressionnisme-normandie.com.

Op drieënhalf uur rijden van Brussel ligt de vallei van de Seine, ten oosten van Parijs. Ze slingert zich door kleine, pittoreske dorpen als Giverny, waar de tuinen van Monet liggen, en het schilderachtige Les Andelys met zijn witte kliffen die aan Dover doen denken. Steeds breder en statiger wordt de Seine, zo stroomt ze langs kunststad Rouen om uiteindelijk in Le Havre in de zilte Noordzee uit te monden.

Sinds hij vijf jaar was, woonde de kleine Claude Monet in Le Havre. Hij zag er de boten binnenvaren en leerde er Eugène Boudin kennen, een voorloper van de impressionisten die de jonge Monet meenam om in de buitenlucht te schilderen: langs de Seine, in de velden.... De wieg van het impressionisme staat in Le Havre. Het schilderij dat de jonge Monet maakte van de zonsopgang in de haven, Impression soleil levant, zou zijn naam geven aan de nieuwe kunststroming. Monet bedacht de naam Impression, zijn broer stelde voor om er ‘soleil levant’ aan toe te voegen. Het was geen instantsucces toen het tentoongesteld werd in Parijs in 1874. Kunstcriticus Louis Leroy brak het af, en gaf zijn artikel de spottitel ‘L’exposition des Impressionistes’. Die geuzennaam zou algauw alle spot verliezen. Wie in de voorhaven van Le Havre op zoek gaat naar wat Monet gezien moet hebben toen hij zijn Impression schilderde, komt enigszins teleurgesteld uit. Weg zijn de houten kleine bootjes en kranen, wie naar de haven van Le Havre kijkt ziet vandaag een industrieel landschap met grote boten, moderne bruggen en fabrieksloodsen. Het enige wat niet veranderd is, is de weerspiegeling van de zonnestralen op het water. Vele concerten met impressionistische muziek vinden deze zomer plaats (zie www.normandie-impressioniste.com).

Le Havre doet nogal modern aan, van skatepark tot de futuristische Pont de Normandie. De brug oversteken is een goed idee als je terug naar de tijd van de impressionisten wil reizen. In Honfleur, aan de overkant van de Seine, is het verleden zo veel beter bewaard gebleven. De smalle straatjes rond de beroemde Vieux Bassin dompelen je onder in een middeleeuwse sfeer. Maar liefst 37 hectaren van de stad zijn beschermd stadsgezicht. Hier zie je kleine bootjes deinen op de golven in de jachthaven en vind je hoge huizen met blauwgrijze leien dakpannen bij de vleet. Een van de bekendste gevels is die van de Lieutenance, het huis van de gouverneur van Honfleur: zowel William Turner, Claude Monet als Alfred Sisley vereeuwigden het. Enkele jaren geleden openden ze in Honfleur Le jardin des personnalités, een prachtig park waarin hulde wordt gebracht aan de beroemdste zonen van de stad en de streek. Je vindt er de buste terug van dichter Charles Baudelaire, die hier een tijdje bij zijn moeder logeerde terwijl hij aan zijn meesterwerk Les Fleurs du Mal schreef. En natuurlijk de bebaarde kop van Claude Monet en zijn eerste leermeester Eugéne Boudin, maar ook van componist Erik Satie, bekend om zijn Gymnopédies. Terwijl Monet het licht probeerde te vangen, trachtten componisten als Satie en Debussy de dans van de wind en het spel van de wolken weer te geven in hun muziek. Debussy schreef Jeux de vagues tijdens een reis door Normandië, Satie componeerde Sur un bateau. Bezoek Saties rood-witte geboortehuis in Honfleur of trek naar een van de vele concerten deze zomer (zie www.normandie-impressioniste.com).

Picknicken was vanaf 1820 erg in de mode, en vandaag is het nog steeds even leuk om met een goed gevulde mand in een bos het rood-wit geruite laken uit te spreiden en op het gras te lunchen. Trek voor je picknick naar het bos van Fontainebleau in Chailly, en weet dat je in de voetstappen van grote meesters loopt. Le déjeuner sur l’ herbe was een geliefd thema bij de impressionisten. Edouard Manet maakte furore met een blote dame in het gras, Claude Monet maakte in dit bos vele schetsen voor zijn eigen Déjeuner sur l'herbe, al zag dat er wat braver uit: zijn vrouw Camille en zoontje Jean stonden model. Op 20 juni wordt één groot picknickfeest over heel Normandië gehouden, ‘Le grand déjeuner sur l’herbe’. Het is je kans bij uitstek om een eigen remake in scene te zetten van het Déjeuner sur l’herbe van Manet of Monet of, voor de sportievelingen, om na een roeitochtje te lunchen aan de oevers van de Seine, Renoir en zijn Déjeuner des canotiers (Lunch van de roeiers) achterna.

Hou je meer van bewegende beelden dan van schilderijen? Dan zit je goed in de abdij van Jumièges, waar je kan genieten van de eerste filmpjes die gemaakt werden rond de eeuwwisseling. De hoge grijze torens van de abdij steken boven de bomen uit, traditionele hooibergen, zoals op de schilderijen van Monet staan in het warme gras. Je kunt hier picknicken, compleet met geblokte tafelkleedjes en accordeon, terwijl je vanaf 3 juli kijkt naar de eerste zwart-witfilmpjes die het leven in Normandië uit de tijd van toen tonen. De gebroeders Lumière vonden de cinema uit in 1895 en waren tijdgenoten van de impressionisten. In zekere zin wilden beiden hetzelfde: de realiteit niet meer als iets statisch tonen, maar als iets wat altijd in beweging is, een spel van licht en schaduw.

Rouen is het hart van het impressionistische zomerfestival in Normandië. Met lichttheater dat Rouen ’s nachts in een onwerkelijke gloed zet, moderne video-installaties, een overzichtstentoonstelling met de topwerken van Monet, Renoir, Pissarro en Gauguin en als top of the bill Arne Quinze, die met zijn installaties de stad op zijn kop zet, is een bezoek hier een must. Waarom Rouen zo belangrijk was voor de impressionisten? Omdat mecenas François Depeaux hier de grootste kunstenaars van zijn tijd rond zich verzamelde. Zo werd de kathedraal van Rouen vele malen vereeuwigd: door William Turner, Monet en Vincent van Gogh. Stadsgids Jacques Tanguy neemt ons mee naar de kamer waar Monet de kathedraal van Monet in schilderde: “Het is geen kleine zolderkamer, maar een grote ruimte. Dat moest wel, want Monet had hier soms twintig doeken tegelijkertijd staan. Het is een misvatting dat de impressionisten hun ezel ergens neerzetten en in een half uurtje hun schilderij af hadden. Nee, Monet heeft jaren gewerkt aan de kathedraal van Rouen. Veranderde het licht, dan veranderde hij van doek. Zo werkte hij, traag maar zeker, een beetje aan het ene doek, daarna aan het andere. Hij maakte er 30 in het totaal, van ‘soleil levant’ tot ‘brume’, van ‘midi d’été’ tot ‘soirée d’hiver’.”

De innerlijke mens wil ook wel wat, lekker eten en slapen bijvoorbeeld. Dat kan in Rouen in Villa La Gloriette (www.villalagloriette.com), een b&b met een prachtige stadstuin. Hij ligt op 10 minuten van het oude centrum, waar restaurant La Couronne een bekend adres is. Het zou niet alleen de oudste herberg van Frankrijk zijn, sterren met naam, van Sophia Loren tot Gerard Dépardieu, aten hier en lieten hun handtekening achter op foto’s die hier de muren vullen. Het impressionistische menu dat we hier bestellen valt echter tegen, de wijn is zeer middelmatig. Leuk om te zien, minder goed om te eten. Terug naar Villa La Gloriette dan maar, waar je de nacht kunt doorbrengen in kamers die luisteren naar namen als Monet en Flaubert. Vanaf 130 euro heb je een kamer voor twee. De jonge Flaubert, die wereldberoemd zou worden met zijn roman Madame Bovary, groeide hier op. In een van zijn vroege werken drijft hij de spot met de bekrompen bourgeois van Rouen, wat hem in zijn geboortestad niet zo geliefd maakte. Maar Rouen heeft hem vergeven, want de nieuwe 120 meter hoge brug over de Seine bij Rouen heet vandaag Pont Flaubert. Terwijl in de Monetkamer boeken over de impressionist klaarstaan naast het nachtkastje, vind je Madame Bovary in de Flaubertkamer. Voor families is er een mezzanine te huur. Bij zonnig weer ontbijt je op het terras, met confituur uit de streek: een vrolijk begin van de dag.

Het is een plezier om langs kleine wegen de kronkelende Seine te volgen richting Parijs. Neem de bac bij La Bouille: deze veerpont neemt je met auto en al mee naar de overkant, waar het dorpje tegen de witte rotswand ligt. Hier schilderde de Amerikaanse impressionist Alfred Sisley. Een leuk adresje voor lunch is Le Saint-Pierre, waar een goede eeuw geleden de impressionisten graag kwamen eten. De chef laat zich vandaag door de meesters inspireren, door met kleuren mooie composities op de borden te brengen. Een ander plekje dat bijzonder charmant is, is Neuilly-sur-Seine, waar je in etablissementen als Le Petit Poucet en La guingette de sfeer van toen kan beleven. Daar wordt nog de guingette gedanst, een populair tijdsverdrijf van Monet en Renoir dat vandaag een comeback beleeft. Op dinsdag 13 en woensdag 14 juli zal overal aan de oevers van de Seine, de guinguette uit zijn as verrijzen. Ter ere van de Franse nationale feestdag wordt dan het beste beentje voorgezet op muziek uit de tijd van toen. Een van de leukste moderne versies van de guingette is La guinche: dit vierkoppig orkest verplaatst zich in een retrocaravan, die ze openklappen om ten dans te spelen overal aan de oevers van de Seine. Met een houten dansvloer voor de caravan en wat lampionnen in de bomen, kan het feest beginnen. Kijk op www.laguinche.com om te zien waar je ze deze zomer kan vinden.

Wie in de armen van de Seine in slaap wil vallen, kan dat letterlijk doen in Le Moulin de Connelles (www.moulin-de-connelles.fr). Deze watermolen is gebouwd op een brug over een arm van de Seine en doet vandaag dienst als bijzonder charmant hotel. Wie onder de witte parasols op het terras van het restaurant zit, weet dat onder zijn voeten de Seine naar de zee stroomt. Je eet er heerlijk mals lam uit de streek, met zelfgebakken broodjes en goed gekozen wijn erbij. Chef Benjamin Lechevalier en gastvrouw Carine Petiteau weten wat echt lekker is. De bebouwde brug verbindt de oever met een klein privé-eilandje in de Seine, waar een zwembad, tennisveld en speeltuin voor de kleinsten ligt. De gasten mogen hier vrijelijk gebruik van maken. Een modern, maar klassevol ingerichte kamer voor twee heb je hier vanaf 130 euro. Het ontbijt is niet in de prijs inbegrepen en kost 15 euro. Een beetje prijzig, maar hou de promoties op de site in de gaten, waarbij je als je goed uitkijkt met 30 tot 70 euro korting kan boeken.

De Japanse brug met waterlelies, wie kent ze niet? Monet maakte er een dozijn schilderijen van. Jaarlijks zakt een half miljoen toeristen af naar het dorpje Giverny, waar Monets huis en zijn beroemde tuinen liggen. Tuinman Gilbert Vahy waakt erover dat de roze en witte lelies die Monet liet planten nog steeds elke lente bloeien. “Zelf schilder ik ook graag”, zegt Vahy, “niet impressionistisch, maar realistisch.”

De brug met de lelies was niet alleen een van de favoriete onderwerpen van Monet, ook de toeristen toeven er graag. “Velen willen de brug zelf schilderen, maar overdag is het te druk om ezels op de wandelpaden te zetten. Zij mogen van mij ’s avonds na het sluitingsuur een paar uurtjes schilderen”, zegt Laurent Echaubaud van de Fondation Claude Monet. “Soms zie je op de brug iemand een pot opendoen en in de rivier leegstrooien. Ze vervullen de laatste wens van hun man of vader: dat hun as eeuwig mag rusten onder de brug van Monet.” Naast de tuinen kun je ook het huis van de schilder bezoeken, waar het interieur van keukenpot tot sterfbed bewaard bleef. “Het verhaal wil dat Monets beste vriend Clemenceau net te laat aan zijn sterfbed kwam: zijn lichaam was al bedekt met een zwarte doek. Zijn vriend wist dat hij een hekel aan zwart had, nam het doek weg en bedekte Monet met een gebloemd gordijn. Zo is Monet naar het kerkhof van Giverny gebracht.”

Door een labyrint met monochrome bloementuinen (wit, zwart, roze, rood...) wandel je naar het Musée des Impressionistes (www.museedesimpressionnismesgiverny.com), vlakbij Monets huis. Hier wordt in een originele expo het belang van de Seine in de verf gezet. In Hotel Baudy, een kilometer verder, vind je de ateliers waar Renoir en Matisse logeerden en schilderden.

Een vreemde combinatie, denkt u? Monet was niet alleen een begenadigd schilder, maar ook een groot gastronoom die een eigen boek met recepten schreef, waaronder dat voor pistachetaart met groene spinazieglazuur. Ook als het om eten ging, mocht er wat kleur op zijn bord liggen. Wie zijn recepten - schrik niet van de gulle porties room en boter - wil proeven, kan workshops ‘koken met Monet’ volgen (inschrijven via commercial1@rouentourisme.com). Doe je het liever zelf, koop je dan het receptenboek La cuisine de Monet, en ga thuis aan de slag.

Arne Quinze maakt hangende tuinen in Rouen

Rouen verrast met een moderne twist: de Belgische designer Arne Quinze zal vanaf begin juli de Pont Boieldieu over de Seine impalmen met een enorme houtsculptuur en hangende tuinen. De installatie zal Camille heten, naar de eerste vrouw van Monet en naar Camille Pissarro, een impressionistische schilder die in Rouen werkte. Quinze creëert ook Les Jardins, een reeks andere werken, gebaseerd op zijn interpretatie van Monets beroemde waterlelies. Les Jardins zal te zien zijn in L’Abbatiale Saint Ouen, een kerk op loopafstand van de kathedraal van Rouen.

Toen Quinze door de stad Rouen gevraagd werd om te werken rond de impressionisten, was zijn keuze vlug gemaakt. Monet is zijn favoriete impressionist, niet het minst omdat bij het begin van diens carrière zijn werken op hoongelach en minachting werden onthaald. Quinze voelt zich daardoor verbonden met de schilder. Hij koos als locatie voor zijn hangende tuinen de Pont Boieldieu over de Seine. “We gaan eind juni aan de sculptuur beginnen” zegt Quinze. “Een ploeg van 20 man zal in twee weken lang werken. Ze zullen ‘s morgens vroeg aan de slag gaan, wanneer de stad nog stil is. Alleen boren en hamers zal je horen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234